Uitleenwoordenbank van het Nederlands

Zoekresultaten: 1152 Nederlandse woorden gevonden (beginnend met P)

Gebruikte filters:

Sorteer: Alfabetisch op vreemd woord - Alfabetisch op taal - Per continent - Per taalfamilie - Chronologisch -

A| B| C| D| E| F| G| H| I| J| K| L| M| N| O| P| Q| R| S| T| U| V| W| X| Y| Z| Alles| Toon/Verberg alle informatie in de uitklapmenu's
Visualiseer de resultaten
Toon op de kaart
één cirkeltje per uitleenwoord
Toon op de kaart
één cirkeltje per taal
Toon op een tijdslijn

  • ▾ p.s. [post scriptum]
  • ▾ pa, paatje [vader]
  • ▾ paaien [tevredenstellen]
  • ▾ paaien [harpuizen, met pek e.d. bestrijken]
  • ▾ paal [stuk hout]
  • ▾ paal [ovenschieter, paal waarmee brood in en uit de oven gehaald wordt]
  • ▾ Paalhuis [gebouw in Amsterdam waar schippers havengeld betaalden]
  • ▾ paalsteek [soort lusknoop]
  • ▾ paan [(Vlaams) kweekgras]
  • ▾ paander [mand voor eetwaren]
  • ▾ paapje [cocon van de zijderups]
  • ▾ paar [stel, koppel]
  • ▾ paar [enkele]
  • ▾ paard [hoefdier, overdrachtelijk voor iets dat ondersteunt of vasthoudt]
  • ▾ paardengeld [belasting op paarden]
  • ▾ paardenlijn [jaaglijn]
  • ▾ paardenwagen [rijtuig]
  • ▾ paardenziekte [ziekte waaraan paarden lijden]
  • ▾ paarderij [(Surinaams-Nederlands) circus]
  • ▾ paarlemoer [zilverkleurige binnenkant van oesters]
  • ▾ paars [kleurnaam]
  • ▾ paartijd [periode waarin dieren zich voortplanten]
  • ▾ paasbloem [benaming voor verschillende planten die rond Pasen bloeien]
  • ▾ paasbrood [krentenbrood gebakken op Pasen]
  • ▾ paasei [gekleurd gekookt ei dat met Pasen gegeten wordt]
  • ▾ paaslam [het lam dat op het Joodse Paasfeest geofferd en gegeten wordt]
  • ▾ paatschip [soort vrachtschip]
  • ▾ pacht [huur]
  • ▾ pachten [in pacht nemen]
  • ▾ pachter [huurder]
  • ▾ pacificatie [vredesluiting]
  • ▾ pacifist [voorstander van de (wereld)vrede]
  • ▾ pact [overeenkomst]
  • ▾ pad [weg]
  • ▾ pad [kikvorsachtige]
  • ▾ padkost [proviand]
  • ▾ padvinder [lid van de padvinderij (jeugdbeweging)]
  • ▾ paf [tussenwerpsel: nabootsing van geluid]
  • ▾ pagaai [roeispaan]
  • ▾ pagaaien [roeien met een pagaai]
  • ▾ pagaal [(Surinaams-Nederlands) gevlochten mand met deksel]
  • ▾ pagina [bladzijde]
  • ▾ pagode [boeddhistische tempel]
  • ▾ paillette [versiering van kleding]
  • ▾ pais, peis [vrede]
  • ▾ pak [bundel]
  • ▾ pak [kostuum]
  • ▾ pak vast [uitroep: houd, pak de dief]
  • ▾ pakhuis [opslagplaats voor koopwaren]
  • ▾ pakhuismeester [toezichthouder van een pakhuis]
  • ▾ pakken [inpakken; grijpen]
  • ▾ pakket [klein pak]
  • ▾ pakketboot [veerboot]
  • ▾ pakking [het inpakken; materiaal tot water- of stoomdichte afsluiting van pompassen, zuigerstangen e.d.]
  • ▾ pakkist [kist voor goederen]
  • ▾ paklaken [(verouderd) soort Engels laken gebruikt als verpakking]
  • ▾ pakstok [(verouderd) stok die gebruikt wordt om het paktouw stijf aan te trekken]
  • ▾ pal [pennetje, stuitpin]
  • ▾ pal staan [stevig staan, standhouden]
  • ▾ palankijn [draagstoel]
  • ▾ palataal [het gehemelte betreffende]
  • ▾ palaver [bespreking, onderhandeling]
  • ▾ paleantropologie [leer van uitgestorven mensenrassen]
  • ▾ palei [katrol, onderdeel van het weefgetouw]
  • ▾ paleis [vorstelijk verblijf]
  • ▾ paleobiologie [wetenschap die uitgestorven dieren bestudeert]
  • ▾ paleobotanie [wetenschap die fossiele planten bestudeert]
  • ▾ paleografie [studie van het oude schrift]
  • ▾ paleolithicum [oude steentijd]
  • ▾ paleontologie [bestudering van fossielen]
  • ▾ paleozoölogie [wetenschap die fossiele dieren bestudeert]
  • ▾ paler, paalder [iemand die de grenzen van een terrein met palen vaststelt]
  • ▾ palet [verfplankje]
  • ▾ palijfje [(Surinaams-Nederlands) klein rond cakeje]
  • ▾ palindroom [woord dat achterstevoren kan worden gelezen]
  • ▾ paling [beenvis]
  • ▾ palingman [palinghandelaar]
  • ▾ palissade [omheining]
  • ▾ palissander [houtsoort]
  • ▾ paljas [hansworst, acrobaat, clown, zot]
  • ▾ palladium [chemisch element]
  • ▾ palliatief [verzachtend middel]
  • ▾ palm [binnenkant van de hand]
  • ▾ palm [boomsoort]
  • ▾ palm [maat]
  • ▾ palmen [iets omvatten en door hand over hand te grijpen naar zich toehalen]
  • ▾ palmiet [palmkool]
  • ▾ palmsjaal [palmendoek]
  • ▾ palster [(verouderd) pelgrimsstaf]
  • ▾ palt [(gewestelijk) lap, vod]
  • ▾ paltsgraaf [adellijke titel]
  • ▾ paltsgravin [adellijke titel]
  • ▾ palynologie [leer der pollen]
  • ▾ pamflet [geschrift]
  • ▾ pamperen [overvoeden]
  • ▾ pampoesje [muiltje]
  • ▾ pan [ketel]
  • ▾ pancreas [alvleesklier]
  • ▾ pand [onderpand]
  • ▾ pand [gebouw]
  • ▾ pandemie [overal verspreide ziekte]
  • ▾ pandhuis [bank van lening]
  • ▾ panding [(verouderd) beslaglegging]
  • ▾ pandverbeuren [spel waarbij winnaar een waarborg eist]
  • ▾ paneel [beschot]
  • ▾ paneeldeur [deur met vlakke houten plaat]
  • ▾ paneer(meel) [beschuit- of broodkruimels voor het paneren]
  • ▾ panel [groep die discussie leidt]
  • ▾ pang [tussenwerpsel: nabootsing van geluid]
  • ▾ paniek [schrik]
  • ▾ pannenkoek [in pan gebakken plat meelproduct]
  • ▾ pannetje [kleine pan]
  • ▾ panorama [vergezicht]
  • ▾ pantalon [lange broek]
  • ▾ panter [katachtige]
  • ▾ pantheïst [die gelooft dat de wereld (de stof) en God identiek zijn]
  • ▾ pantheon [eregebouw voor overleden beroemdheden]
  • ▾ pantoffel [huisschoen]
  • ▾ pantomime [gebarenspel]
  • ▾ pantser [harnas]
  • ▾ pantserwagen [tankwagen]
  • ▾ pap [halfvloeibaar voedsel]
  • ▾ papa [vader]
  • ▾ papa-oom [broer van iemands vader]
  • ▾ papaïne [gedroogd melksap uit de papaja]
  • ▾ papaja [vrucht]
  • ▾ papegaai [bont gekleurde tropische vogel]
  • ▾ papegaaistok [boegsprieg die aan de achterzijde hangt over het hek]
  • ▾ papier, pampier [beschrijfbaar materiaal]
  • ▾ papieren [van papier]
  • ▾ papil [verhevenheid op de tong]
  • ▾ papillot [papiertje om haar te krullen]
  • ▾ Papoea [bewoner van Nieuw-Guinea]
  • ▾ pappen [tot pap maken]
  • ▾ pappie [vader]
  • ▾ paprika [plant, specerij]
  • ▾ papyrus [papierplant]
  • ▾ para [paratroeper, met parachute uitgeruste militair]
  • ▾ paraaf [handtekening uit beginletters van naam]
  • ▾ paraat [klaar]
  • ▾ parabel [gelijkenis]
  • ▾ parabellum [soort pistool]
  • ▾ parabool [kegelsnede]
  • ▾ parachute [valscherm]
  • ▾ parade [ceremoniële inspectie]
  • ▾ parademars [mars die gebruikt wordt bij parades]
  • ▾ paradigma [voorbeeld]
  • ▾ paradijs [lusthof]
  • ▾ paradox [schijnbare tegenstrijdigheid]
  • ▾ paraffine [wasachtige stof]
  • ▾ parafrase [omschrijving met eigen woorden]
  • ▾ paragnost [helderziende]
  • ▾ paragoge [achtervoeging van klanken]
  • ▾ paragraaf [onderverdeling van geschreven tekst]
  • ▾ parallel [evenwijdig]
  • ▾ parallellogram [meetkundige figuur]
  • ▾ paramedisch [met de geneeskunde samenhangend]
  • ▾ parament [priester- en altaartooi]
  • ▾ parameter [onbepaalde of veranderlijke grootheid]
  • ▾ paranoia [geestesziekte]
  • ▾ paranoot [soort noot]
  • ▾ paranormaal [helderziend; telepathisch]
  • ▾ paraplegie [verlamming van beide armen of benen]
  • ▾ paraplu [regenscherm]
  • ▾ parapsycholoog [psycholoog die gespecialiseerd is in paranormale verschijnselen]
  • ▾ parasiet [die ten koste van andere(n) leeft]
  • ▾ parasol [zonnescherm]
  • ▾ parataxis [nevenschikking]
  • ▾ paratyfus [benaming van verschillende op buiktyfus lijkende ziekten]
  • ▾ pardoen [staand touw voor het stutten van de stengen]
  • ▾ pardoes [opeens]
  • ▾ pardon [vergiffenis]
  • ▾ pardon [tussenwerpsel: excuseer!]
  • ▾ pardonneren [vergeven, vergiffenis schenken]
  • ▾ parel [klompje parelmoerstof in oester]
  • ▾ parenchym [plantaardig celweefsel]
  • ▾ parfum [(vloeistof met) aangename geur]
  • ▾ paria [verstoteling, iemand van de laagste kaste]
  • ▾ pariteit [gelijkheid]
  • ▾ park [publieke wandeltuin]
  • ▾ parkeermeter [paal met klok die na muntinworp de toegestane parkeertijd aangeeft]
  • ▾ parkeren [een voertuig stallen]