Voornaam
populariteitslijsten
Rosa
ook Rosà , Rosá , Ròsa en Rósa
Verklaring
In het algemeen van Latijns rosa 'roos', maar het kan ook een verkorting zijn van een Germaanse naam met als eerste element Rod-, Hrôth- 'roem' (en niet, zoals veelal wordt aangenomen, van *ross, Oudhoogduits (h)ros, Middelnederlands ors, Nederlands ros, Engels horse 'ros, paard'). Onder invloed van de Middeleeuwse lyriek werden dergelijke namen 'angeglichen' aan Lat. rosa. Heiligennaam: 1) Rosa van Viterbo, geboren 1235, gestorven 1252; kerkelijke feestdag: 4 september; 2) Rosa van Lima, de eerste heilige van Zuid-Amerika (1586-1617). Zij heette eigenlijk Isabella, maar werd Rosa of Rosita genoemd wegens de bloemen die zij verkocht voor de armen. Kerkelijke feestdag: 30 augustus. Zie ook Rosalia en Roselina. Wat betreft het in gebruik komen van de naam in deze streken het volgende. Bij Rozekin, 2e helft 12e eeuw, Rozo, Gent 1240 en andere (Tavernier-Vereecken 120), evenals Hollands Rose, Rosekin, 14e eeuw, hebben we zeker nog met Germaanse naamvormen te maken. Vormen als Rosalia, Rosalie, Rosette komen in het zuiden sinds de 16e eeuw, in het noorden sinds de 17e voor.