Voornaam
populariteitslijsten
Paulús
ook Paulus en Paulüs
Verklaring
Van Lat. paul(l)us 'klein, gering'. Reeds een Romeinse familienaam in de gens (familie, geslacht) Aemilia. Het is de naam van de apostel, die hij als Romeins burger had; in Handelingen, in de Bijbel, verschijnt de naam Paulus voor het eerst bij het bezoek van Paulus en Barnabas aan Cyprus. Voordien vinden we de naam Saulus (zie Saul). De figuur van Paulus kennen we goed door de beschrijving van zijn zendingsreizen (Handelingen) en door zijn brieven (zie ook Romeinen 15, 24 en 28). Verschillende katholieke feestdagen zijn aan hem gewijd: 25 januari: bekering van Paulus; 29 juni: Petrus en Paulus; 30 juni. Er zijn nog verschillende andere heiligen met deze naam, bijvoorbeeld Paulus van Thebe, kluizenaar in de Thebaïsche woestijn; gestorven 341; kerkelijke feestdag: 15 januari. Hij wordt beschouwd als de eerste monnik. Verder Paulinus, bisschop van Trier in 349; gestorven 358; kerkelijke feestdag: 31 augustus. Relikwieën bevinden zich in de St.-Paulinuskerk in Trier. De naam kwam al vroeg in gebruik: bij Socin al in de 9e eeuw; Rheinland (Littger) Paulus 765 (West-Frankisch), Paulus Diaconus, vóór 880, Langobard aan het hof van Karel de Grote; in Vlaanderen sinds de 12e eeuw (Leys, Substitution 7); oudste voorbeeld in Holland: 1228, in Dordt 1284-1287 zes maal Pauels (SRD). Vr. vormen: in Kortrijk omstreeks 1400 (Debrabandere): Pauwelijnne, Pauwelijnkin; Paweline, Zeeland 1333; Paulyne, Breda 1532 (Ned. L. 1966, 382), Paulina, 1661 (Ned. L. 1955, 177). Zie ook Paula.