Leenders, de Graaff & van Koppen

Drs. Gijs Leenders, Prof. Dr. Rick de Graaff en Prof. Dr. Marjo van Koppen
UiL-OTS, universiteit Utrecht

Linguïstische concepten ter verrijking van het grammaticaonderwijs in de alfavakken op middelbare scholen

Momenteel worden de curricula van Nederlands en de moderne vreemde talen in het Nederlandse voortgezet onderwijs inhoudelijk herzien vanuit de volgende visie:“[Het talenonderwijs] heeft te weinig aandacht voor het bewuste gebruik van kennis over taal (…) de balans [moet] verschuiven van feitelijke kennis naar inzicht, begrip en toepassing (….) Het moet focussen op de ontwikkeling van taalbewustzijn. “ (Neijt et al., 2015).

Ondanks het feit dat grammatica in de Kerndoelen al werd beschreven als ondersteunende vaardigheid voor andere taalvaardigheden en voor de verwerving van moderne vreemde talen, laat de praktijk te wensen over. Het grammaticale inzicht van middelbare scholieren gaat niet veel verder dan het kunnen benoemen van een zinsdeel of woordsoort (Coppen, 2011) en er bestaat geen empirisch bewijs om de geclaimde transfereffecten te ondersteunen (Bonset, 2011). De huidige invulling van het grammaticaonderwijs is dan ook onderhevig aan sterke (inter-)nationale kritiek (Fontich & Camps, 2014; Van Rijt, 2017).

De moderne taalkunde kan helpen het traditionele grammaticaonderwijs te verrijken: veel van de bestaande begrippen kunnen misschien beter begrepen worden aan de hand van de achterliggende of overkoepelende taalkundige concepten. Ook kan de bewuste taalvaardigheid van een leerling wellicht verbeteren door middel van contrastieve bestudering van concepten in verschillende talen. Welke concepten lenen zich voor dergelijk onderwijs?

Van Rijt en Coppen stelden vast dat taalkundigen zeven van de drieëntwintig in hun onderzoek bevraagde taalkundige concepten nuttig achten voor het schoolvak Nederlands (2017). Hoe denken docenten Nederlands hierover en zijn er verschillen met docenten Duits en Engels? Zijn het dezelfde grammaticale concepten die relevant zijn voor het moedertaalonderwijs en het vreemdetalenonderwijs? Of juist niet? Ter beantwoording van deze vragen heb ik een digitale vragenlijst met een selectie van taalkundige concepten (Van Rijt & Coppen, 2017) bij docenten Nederlands, Engels en Duits afgenomen. Tijdens de presentatie ga ik in op de dataverzameling, de uitkomsten en de ontwerpprincipes die op basis van de vragenlijst zijn geformuleerd. Mede op grond van deze data zal een grammaticadidactiek ontwikkeld worden ter verbetering van de bewuste taalvaardigheid van leerlingen.

 

Referenties

Bonset, H. (2011). Taalkundeonderwijs: veel geloof, weinig empirie. Levende Talen Magazine, 98(2), 12- 16.

Coppen, P.A. (2011). Emancipatie van het grammaticaonderwijs. Tijdschrift Taal, 2(3), 30-33.

Fontich, X., & Camps, A. (2014). Towards a rationale for research into grammar teaching at schools.

Research Papers in Education, 29(5), 598–625.

Neijt, A., Mantingh, E., Coppen, P.A., Oosterholt, J., de Glopper, K. de & Witte, T. (2015) ‘Bewuste geletterdheid als nieuwe koers voor het schoolvak Nederlands’. Verslag van het overleg negenentwintigste conferentie Het Schoolvak Nederlands. Tilburg: 13 november 2015.

Rijt, J. van, & Coppen, P.A. (2017). Bridging the gap between linguistic theory and L1 grammar education – experts’ views on essential linguistic concepts. In: Language Awareness 26(4), 360-380.

Keywords

(Traditionele) grammatica

Taalkunde

Voortgezet onderwijs

Taalbewustzijn

Transfer

Linguïstische concepten

middelbaar onderwijs

de schooltalen Nederlands, Engels en Duits

 

Topics

Syntax, Applied Linguistics, L1 acquisition