elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: alteratie

alteratie , alteroatsie , ontroering, ontsteltenis; tautologie: deur schrik en alteroatsie = door schrik en daardoor teweeggebrachte ontsteltenis en verwarring. Zuid-Nederlandsch alteratie = ontsteltenis door schrik; bij v. Dale = ontsteltenis, schrik, ontroering. Latijn altereratio = verandering, verwisseling, verbloeming; Fransch altération = ontroering.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
alteratie , alterasie , ’t is daar een hille alterasie (opschudding, drukte)
Bron: Spek, J. van der (1981), Zoetermeers woordenboek, Zoetermeer.
alteratie , alderasie , zelfstandig naamwoord de , Alteratie, opschudding. Uit Frans altération.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
alteratie , alterasie , alteraosie, altenasie, alteraatsie, atterasie , zelfstandig naamwoord , (KRS: Wijk, Lang, Werk, Bunn, Hout, Scha; LPW: IJss, Mont, Bens, Lop, Cab, Pols) altenasie (LPW: Bens), alteraatsie (LPW: IJss), atterasie (LPW: Pols) (zn) ontsteltenis, drukte, verwarring Ook (in de vorm alterasie ) in de Vechtstreek (Van Veen 1989, p. 29) en Gouda (Lafeber 1967, p. 57). Afkomstig van het Franse altération , dat onder andere ‘onsteltenis’ betekent.
Bron: Scholtmeijer, H. (1993), Zuidutrechts Woordenboek – Dialecten en volksleven in Kromme-Rijnstreek en Lopikerwaard, Utrecht
alteratie , alderaosie , alteraosie, alleraosie, allernaosie , (Midden-Drenthe, Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe, Veenkoloniën). Ook alteraosie (Zuidwest Drenthe, noord, alderaosie (Veenkoloniën), alleraosie (Midden-Drenthe, Zuidwest Drenthe, noord), allernaosie (Zuidwest Drenthe, noord, Veenkoloniën) = schrik, verwarring Ik heb het in mien alderaosie hielemaole vergeten (Zdw), Wat gaf dat een alderaosie, die zigeuners in het darp (Sle), Ik leut van alderaosie de panne mit bonen vallen (Noo), Het was een geweldige aldernaosie, toen de auto over de kop vleug (Ros)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
alteratie , alderaosie , alleraosie, alteraosie, allerasie , zelfstandig naamwoord , de; alteratie, ontsteltenis, bijzondere drukte, verbouwereerdheid
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
alteratie , alteraosie , alteraozie, alternaozie , zelfstandig naamwoord , alteraosies , alteraosietjie , [Fra, altération] verwarring, paniek Deur de alteraosie bin’k ’t glad vergeete Door de paniek ben ik het helemaal vergeten; Deur die hêêle alternaozie wazzik de klus kwijt Door de totale verwarring was ik de kluts kwijt
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
alteratie , alteraosie , (zelfstandig naamwoord) , opwinding. Zie ook: veralteraosie.
Bron: Kraijer, M., H. Mulder, D. Visscher en Ph. Bloemhoff (2009), Op zien Zwols: Woordenboek van de Zwolse Taal, Kampen: IJsselacademie
alteratie , alteratie , alteraosie, veralteraosie, veraltereerd , opschudding, verwarring, verbouwereerdheid, schrik; veraltereerd, van zijn stuk gebracht.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
alteratie , alterazzie , zelfstandig naamwoord , verwarring (Helmond en Peelland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
alteratie , alterasie , (vrouwelijk) , ophef, opwinding , Waat ein alterasie óm niks.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut