Ik heb een foto uit 1948 met een ontbijtkoek op m'n arm, ik denk dat je dat kreeg als je jarig was. Kunt u mij daar iets meer over vertellen? T.J.C. van Veen-van den Berg.


Het antwoord wordt gegeven door Marianne van Zuijlen.

Het gebruik om een klein kind dat jarig is een stuk koek op de arm te binden is, gezien de vermeldingen in de documentatie van het Meertens Instituut, in het begin van de twintigste eeuw in vrijwel heel Nederland bekend geweest. Hoe algemeen het “binden” of “(be)strikken” is geweest is niet onderzocht, evenmin als de herkomst.

 

Het geboortebinden


In zijn werk Uit Friesland's volksleven van vroeger en later (1892) vermeldt Waling Dykstra in het lemma Het geboortebinden dat het (vast)binden op de geboortedag alleen nog maar voorkomt bij kinderen, en niet meer zo gangbaar is. Niet alleen koek, maar ook een doek of iets anders om mee te pronken, werd op de arm gebonden. Vroeger werden ook volwassenen vastgebonden op hun verjaardag. Het geschenk werd vastgemaakt aan een touw, en de jarige werd met dat touw zó op een stoel vastgebonden, dat men alleen met hulp én een traktatie los kon komen.

Een nog eerdere vermelding van vastbinden van kinderen op hun verjaardag komt voor in de optekeningen (Handschrift 225 uit 1869) van de Friese predikant-schrijver Joost Hiddes Halbertsma. Hij meldt dat kinderen worden vastgebonden, en dat ze ook een geschenk met een rood lintje om de arm krijgen gebonden.
 

Soort koek


Een in 1889 in een koopmansgezin in Amsterdam-Zuid geboren meisje vertelt dat de kinderen in het gezin op verjaardagen dubbeltjeskoek met twee rode linten om de arm krijgen gestrikt. Eén van de herinneringen van een vrouw aan haar jeugd - in een arm gezin - rond 1928 in de Nieuwmarktbuurt in Amsterdam is, dat ze op haar eerste verjaardag op de bewaarschool een koek, een soort ontbijtkoek, met rood lint op haar arm krijgt gebonden. Die koek blijft de hele dag op de arm gebonden, zodat iedereen kan zien dat ze jarig is.

Wat voor soort koek er om de arm werd gebonden is meestal niet duidelijk. Uitzonderingen zijn de herinneringen van twee geboren Enschedeërs, die zich beiden herinneren dat ze als kleine jongen rond 1910, een “krekkel”, een krakeling, met een lint op de linkerarm krijgen gebonden. De krakeling wordt beschouwd als een typisch Enschedese specialiteit. Eén man herinnert zich dat de krakeling zo hoog op zijn arm werd gebonden dat hij er met mond en rechterarm net niet bij kon komen. Zo bleef de hele dag duidelijk dat hij jarig was! In de Betuwe wordt een kind dat nog niet naar school gaat, op de verjaardag “gebonden”. Het krijgt een lint of koord om de rechterarm gebonden, met daartussen evenveel krakelingen of kransjes als het kind oud is. Een zegsman uit Deventer spreekt heel specifiek van Deventer (Elle) koek.

Foto onder: De rechthoekige krekkel of krakeling. Fotocollectie Nederlands Bakkerijmuseum.

Klik hier voor een pdf van het lemma Het Geboortebinden,  Uit Friesland's volksleven van vroeger en later (p. 223).

________________________________________

Ook een vraag voor de nieuwsbrief van het Meertens Instituut? Mail de redactie.

Dit artikel is verschenen in de digitale nieuwsbrief van het Meertens Instituut (september 2013). Ook abonnee worden? Klik hier