De vraag van de maand wordt deze keer beantwoord door etnoloog Peter Jan Margry.

Welke bedevaartplaatsen bieden soelaas in tijden van corona?
 
Bedevaartplaatsen zijn plekken die door gelovigen voor heiliger, sacraler worden gehouden dan de omgeving waarin men dagelijks verkeert. Dat heeft vaak te maken met een wonderbaarlijke gebeurtenis die er ooit plaatsvond of omdat er een heilig persoon wordt vereerd. Daarom meent men daar de bovennatuur (god) beter in te kunnen roepen tegen onheil en ziekten of, als hen dat al is overkomen, om er weer bovenop te geraken. 
 
In het verleden was het in de regel een vanzelfsprekendheid om bij ziekte of onheil naar zulke plaatsen toe te gaan, maar in de geseculariseerde samenleving van vandaag de dag veel minder. Immers de meeste mensen zien een virus niet als meer een God-gestuurde strafmaatregel, maar als een biologisch fenomeen. Niettemin zijn er nog altijd velen die in tijden van de crisis hun hoop in het geloof vinden of bescherming willen afsmeken bij God, Maria of een beschermheilige. 
 
In de afgelopen jaren zagen we dat met name bij epidemieën die voor dieren gevaarlijk waren: zoals bij de varkenspest van 1999, de langdurige BSE of ‘gekkekoeienziekte’ of de mond- en klauwzeerepidemie van 2001. Die stimuleerden bedevaarten, met name van boeren, naar plaatsen waar beschermheiligen van het vee: Antonius Abt, Cornelius of Nicolaas van Tolentino, terwijl Sint Gerlach in Houthem-St. Gerlach weer populair was vanwege het ‘beschermende’ mergelpoeder dat in zijn heiligdom kon worden afgehaald ter vermenging in het veevoer.
 
Nu in 2020, in tijden van corona, gaat het niet om dieren, maar is er een epidemie die de mens bedreigt. Immers er bestaat vaccin noch medicijn. Dat is een situatie die we nauwelijks meer kenden. En waar de natuur rücksichtlos zijn gang gaat, gaan mensen een beroep doen op de bovennatuur. Men gaat bidden of roept heiligen in. Vorige week werd daartoe in Maastricht de zogenaamde Noodkist van Sint Servaas uit de schatkamer gehaald en publiek in de basiliek geplaatst. Deze wordt alleen in tijden van grote nood tevoorschijn gehaald, zoals voor het laatst tijdens de golfcrisis in 1991. De gelovigen kunnen dan hun gebeden effectiever tot hem richten. Al eeuwen wordt Servaas, de heilige van Neerlands oudste bedevaartplaats (6e eeuw), ingeroepen bij besmettelijke ziekten.

Maar hij was lang niet de enige. Er bestond en bestaat een variëteit aan heiligen en bedevaartplaatsen in Nederland. Men ging ernaar toe bij pokkenepidemieën, pest, cholera, de Spaanse Griep of voor welke ziekte dan ook. Ze staan allemaal in de Bedevaartbank. Maar eigenlijk was de heilige Rochus, de klassieke pestheilige, de speciale beschermheilige tegen besmettelijke ziekten. In het zuiden van Nederland werd hij in het verleden op diverse plaatsen vereerd. In de meeste plaatsen bestaat er echter nu geen actieve cultus meer of is de kerk vanwege de ontkerkelijking gesloten.
 
 
Hoe specifiek Rochus ook moge zijn geweest, binnen de katholieke gemeenschap, maar ook voor menigeen daarbuiten, blijft Maria een soort universele heilige, van een buitencategorie, die eigenlijk voor alles kan worden ingeroepen; een moeder die iedereen probeert te beschermen of te helpen. Zij wordt als moeder van Jezus Christus beschouwd als de machtigste voorspreker in de hemel. 
 
Hoewel er maar één H. Maagd Maria is, manifesteerde zij zich veelal op verschillende, cultuurspecifieke wijzen. In haar verbeeldingen en bij haar verschijningen ziet zij er telkens weer anders uit en ook krijgt ze dan vaak een lokale naam, zoals O.L. Vrouw van… De populairste onder hen heten ‘natuurlijk’ ook weer het effectiefst te zijn. In tijden van corona gaat men nu bijvoorbeeld graag O.L. Vrouw Sterre der Zee in Maastricht aangeroepen, naar de Zoete Lieve Moeder in Den Bosch, of natuurlijk O./L. Vrouw ter Nood in Heiloo. Maar het probleem is dat de kerken vaak zijn gesloten en zelfs Lourdes (en menig ander drukbezocht heiligdom) voor het eerst in zijn geschiedenis op slot werd gedaan. We zien hier in feite een botsing tussen geloof en de moderniteit met zijn biologisch-natuurkundige inzichten. Wie zich tot Maria wil wenden zal dat vooralsnog thuis moeten doen, of moeten zoeken op de Bedevaartbank waar een heiligdom vooralsnog is te bezoeken, zoals Heiloo.
 
Dat het inroepen van bovennatuurlijke steun in heiligdommen, natuurlijk niet louter een katholiek verschijnsel is, moge blijken uit berichten uit het buitenland waar bijvoorbeeld in Iran de heilige steden Mashhad en Qom vanwege het corona en het besmettingsgevaar (aanraken en kussen van de heilige graftombes door de pelgrims) werden gesloten. Ze werden daarop bestormd door radicale sjiitische moslims die in de sluiting ervan een miskenning van het geloof en Allah zagen.