SAND-data Oosterzele (O030p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03327) vertaling: Jan kent da verhaal nog
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03327) vertaling: M&P zien mallekander in de kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03327) vertaling: T wast hem
opm.: reflexief: hem
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03327) vertaling: den temmerman ee zijn nagels vergeten
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03327) vertaling: F ee 'n slange nevenst hem gezien
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03327) vertaling: E liet mij voor hem werken
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03327) vertaling: J liet eur meedrijven op de golven
opm.: reflexief: haar
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03327) vertaling: Toon bekeek zeen eigen in de spiegele
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03327) vertaling: Jan ee op twie minuten 'n pinte gedronken
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03327) vertaling: dat zeen gemakkelijke schoenen
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03327) vertaling: E kent zijn eigen
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03327) vertaling: W ee guord dan d'r foto's van em veur de vijster liggen
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03327) vertaling: die petoaters 'n schellen nie gemakkelijk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03327) vertaling: da glas breekt as 't op de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03327) vertaling: meneer den dokteur, leve kik wel gezond genoeg
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03327) vertaling: ei leeft al joaren van de fortune van zen vader
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03327) vertaling: van de weke leeft ei van water en brood
opm.: mannelijk i.p.v. vrouwelijk
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03327) vertaling: leve 't nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03327) vertaling: oe lange leven gulder nou al van die fortune
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03327) vertaling: in Bretagne leven ze van 't vissen
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03327) vertaling: as 'k geten ei goa 'k slapen
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03327) vertaling: zo kik da keunen
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03327) vertaling: ei ee zijn uis laten afbreken
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat Jan ert moe keunen werken
komt voor: j
gebr.: 4
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat Jan ert moe keunen werken
komt voor: j
gebr.: 4
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat Jan ert moe keunen werken
komt voor: j
gebr.: 4
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03327) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03327) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03327) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03327) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03327) gebr.: 3
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 03327) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 03327) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03327) komt voor: n
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 03327) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 03327) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03327) komt voor: j
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03327) komt voor: j
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 03327) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 03327) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 03327) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 03327) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03327) komt voor: n
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 03327) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03327) komt voor: n
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 03327) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 3
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 03327) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03327) vertaling: Jan ee genen boek ne meer
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03327) vertaling: Jan 'n ee genen boek ne mee
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03327) vertaling: Jan en ee geen boeken
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03327) vertaling: Jan en ee nie veel geld ne meer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03327) vertaling: niemand mag over da probleem spreken
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03327) vertaling: 't en mag niemand over da probleem spreken
opm.: negatiepartikel
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03327) vertaling: niemand zegt dat ij komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03327) vertaling: zitten er ier ievers muizen
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03327) vertaling: 'k en geve niets aan nen anderen
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03327) vertaling: 'n eis geen enen die wil werken
opm.: twijfelgeval meervoudige negatie en negatiepartikel
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03327) vertaling: worre wisten nie dat ij tuis was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03327) vertaling: ikke wistent ook nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03327) vertaling: ij mag mee niemand over da geval spreken
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03327) vertaling: Jan wee dat ij voor ten drijen den oto moe gemaakt ein
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03327) komt voor: n
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03327) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03327) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 1
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03327) vertaling: zie b
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03327) vertaling: Marie euren oto eis kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03327) vertaling: zie d
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03327) vertaling: Piet zenen oto eis kapot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03327) vertaling: zie f
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03327) vertaling: diene mens zenen oto eis kapot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03327) vertaling: dienen oto eis nie van mij maar van hem
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03327) vertaling: de gazette van gisteren ligt op den TV
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03327) vertaling: Jan eis 't broerken van Jan en Kar.
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03327) vertaling: die jongens oldere velo eis gepakt
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03327) vertaling: de gezusters older moeder zis ne keer gekoume
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03327) vertaling: dienen oto eis van Wim
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03327) vertaling: diene velo eis van mij
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03327) vertaling: ei mag mee niemand over da geval spreken
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03327) vertaling: ei en wil niemand te kort doen
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03327) vertaling: 't eis spijtig da me nie en meugen komen
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03327) vertaling: dadde gao kik niet doen
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03327) vertaling: 'k en ei nie gewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03327) vertaling: ei en oot nog maor zuust gezeid of Marie begost t' uilen
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03327) vertaling: gao dat paksken nou maar alen
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03327) vertaling: ei en werkt nie
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03327) vertaling: 'k verbie au om ier te komen
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03327) vertaling: Jan belettegen da me naar Marie telefoneren
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03327) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03327) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03327) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03327) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03327) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03327) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03327) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03327) fragment: om (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03327) fragment: om (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03327) fragment: - (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03327) fragment: - (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03327) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03327) fragment: als (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03327) fragment: - (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03327) fragment: - (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03327) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03327) fragment: te (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03327) fragment: als (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03327) fragment: of (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03327) fragment: of (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03327) fragment: als (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03327) fragment: of (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03327) fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03327) fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03327) fragment: of (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03327) fragment: of we (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03327) fragment: of (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03327) fragment: ovve (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03327) fragment: of te (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03327) fragment: of te (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03327) fragment: ovve (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03327) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03327) fragment: - (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03327) fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03327) fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03327) fragment: of dat (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03327) vertaling: 'k wee da de golder op niemand nie kwaad zijn
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03327) vertaling: 'k wee da z' op niets pront eis
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03327) vertaling: Els peist da 't nie gemakkelijk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03327) vertaling: 'k wee da 'k te late ben, gij niet he
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03327) vertaling: 'k wee da de gij moet werken en ik niet
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03327) vertaling: alleman weet da me naar huis gaan en dan ze zij nog meugen blijven
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03327) vertaling: 't is spijtig dat ij komt en dan ze zulder weggaan
opm.: mv. i.p.v. ev.vrouw.
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03327) vertaling: 'k peize da Lisa ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03327) vertaling: 'k peize dat P&L gaan trouwen
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03327) komt voor: j
betekenis: ontkennend
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03327) komt voor: j
betekenis: ontkennend
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03327) komt voor: j
betekenis: bevestigend
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03327) komt voor: j
betekenis: bevestigend
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03327) komt voor: j
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03327) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03327) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03327) komt voor: j
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 03327) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03327) komt voor: j
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03327) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03327) komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03327) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03327) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03327) vertaling: snijd ne keer dat brood
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03327) fragment: wiens (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03327) fragment: waarop (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03327) fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03327) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03327) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03327) fragment: - (2)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03327) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03327) fragment: wat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03327) fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03327) fragment: waar (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03327) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03327) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03327) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03327) fragment: die (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03327) vertaling: wie peis de da 'k in de stad tegengekomen ei
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03327) vertaling: wa peis de oe dan ze da ein opgelost
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03327) vertaling: idem
opm.: idem aan 3b of opgave?
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03327) vertaling: Magda en weet nie wien da me willen telefoneren
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03327) vertaling: weet er iemand wien dat er op mij geroepen ee
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03327) vertaling: wie peis de da 'k in de stad en tegengekomen
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03327) vertaling: idem
opm.: idem aan f of opgave?
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03327) vertaling: ij ee zeen anden gewassen
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03327) vertaling: ij ee zeen ende gewassen
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03327) vertaling: ij ee nen oed aup een uufd
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03327) vertaling: ij ee 'n plekke op zeen ende
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03327) vertaling: ij ee zijn been gebroken
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03327) vertaling: z' ee heur zeer gedaan
opm.: reflexief: haar
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03327) vertaling: Marie trok 't laken naar eur
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03327) vertaling: Luc wee dat er portretten hem te kope zijn
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03327) vertaling: ge weet toch da me deur da bod zeen gelopen
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03327) vertaling: ik wee dat den oto van Marie kapoot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03327) vertaling: k wee dat ij gekijk e verken zat t' eten
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03327) vertaling: we weten da Jan zeen boeken gepakt zeen maar zulder weten da ne meer
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03327) vertaling: weete golder nog da me Jan op de mart gezien een
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03327) vertaling: ij ee hem verongelukt mee werken
opm.: reflexief: hem
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03327) vertaling: ij gevoeldege dat ij deur ijs zaktegen
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03327) vertaling: zout ij da keunen doen ein
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03327) fragment: gekeunen (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03327) fragment: gedaan (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03327) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03327) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03327) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03327) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03327) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03327) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03327) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03327) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03327) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03327) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03327) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03327) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03327) vertaling: we moen naar de schure en de koeien eten geven
komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03327) vertaling: we moen naar de schure en de koeien eten geven
komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03327) vertaling: ze kwomen daar gegaan
komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03327) vertaling: ze kwomen daar gegaan
komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03327) vertaling: 'k peize dat ij wig eis
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03327) vertaling: idem
komt voor: j
opm.: idem aan opgave of aan c-zin? In het laatste (m.i. zeer waarschijnlijke geval) is dit een dav
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03327) vertaling: idem
komt voor: j
opm.: idem aan opgave of aan c-zin? In het laatste (m.i. zeer waarschijnlijke geval) is dit een dav
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat ei wig is
komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat ei wig is
komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03327) vertaling: idem
komt voor: j
opm.: idem opgave of e-zin. In het laatste geval is er een dav
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03327) vertaling: idem
komt voor: j
opm.: idem opgave of e-zin. In het laatste geval is er een dav
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03327) vertaling: de champetter zou bij hem komen en hem meepakken
komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03327) vertaling: de champetter zou bij hem komen en hem meepakken
komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03327) vertaling: Marie al heur koeien zijn verdroonken door d' overstroming
komt voor: j
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03327) vertaling: Marie al heur koeien zijn verdroonken door d' overstroming
komt voor: j
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03327) vertaling: van kaas maken en kenne kik niets
komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03327) vertaling: van kaas maken en kenne kik niets
komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03327) vertaling: 'k bein mee Jan naar de mort geweest
komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03327) vertaling: 'k bein mee Jan naar de mort geweest
komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03327) vertaling: 'k ei d' eeste drij sommen gemaakt. Wak une ei te gij gemaakt
komt voor: j
opm.: dav: er staat waarschijnlijk 'welk ene'
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03327) vertaling: 'k ei d' eeste drij sommen gemaakt. Wak une ei te gij gemaakt
komt voor: j
opm.: dav: er staat waarschijnlijk 'welk ene'
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03327) vertaling: wak ene ei te gij weg gedaan
komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03327) vertaling: wak ene ei te gij weg gedaan
komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03327) vertaling: zok ene zou kik nie turven opeten
komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03327) vertaling: zok ene zou kik nie turven opeten
komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03327) vertaling: de die zou kik nie turven opeten
komt voor: j
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03327) vertaling: de die zou kik nie turven opeten
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat Jan naar de mart geweest ee
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03327) vertaling: os 'k liepe kwam 'k en tegen
komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03327) vertaling: os 'k liepe kwam 'k en tegen
komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03327) vertaling: 'k ei wa afgelopen
komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03327) vertaling: 'k ei wa afgelopen
komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03327) vertaling: 'k werre moe. 'k go der mee stoppen
komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03327) vertaling: 'k werre moe. 'k go der mee stoppen
komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03327) vertaling: ei gebordegen da ij just uit zeen bedde kwam
komt voor: j
opm.: dav
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03327) vertaling: ei gebordegen da ij just uit zeen bedde kwam
komt voor: j
opm.: dav
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03327) vertaling: de ververe eis ier komen verven
komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03327) vertaling: de ververe eis ier komen verven
komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03327) vertaling: peis de da de naar uis gaat
komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03327) vertaling: peis de da de naar uis gaat
komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03327) vertaling: in diene tijd ei kikkke wat uitgestoken
opm.: dav
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03327) vertaling: 'k ei vroeger gelijk 'n bieste geleefd
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03327) vertaling: w' ein der geleefd gelijk God in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03327) vertaling: dad en mag niemand nie zien, gij ook niet
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03327) vertaling: 't eis gebeurd ase gij wig gingt
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03327) vertaling: 'k wee waar da de gij geboren zeet
opm.: waar dat - ja
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03327) vertaling: az e gereed zeet, meug de gaan
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03327) vertaling: deur da Marie doo was eet ij Anna nie meer keunen elpen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat ij gaan zwemmen eis
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03327) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03327) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03327) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03327) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03327) komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03327) vertaling: jos
komt voor: n
opm.: dav
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03327) vertaling: jos
komt voor: n
opm.: dav
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03327) vertaling: jos
komt voor: n
opm.: dav
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03327) vertaling: jos
komt voor: n
opm.: dav
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03327) vertaling: jot
komt voor: n
opm.: dav
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03327) vertaling: jot
komt voor: n
opm.: dav
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03327) vertaling: wien dadde
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03327) vertaling: wien dadde
komt voor: j
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03327) vertaling: mee e zuu e were keun de nie vele doen
komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03327) vertaling: mee e zuu e were keun de nie vele doen
komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03327) vertaling: mee de kermesse kaumen de mensen buiten
komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03327) vertaling: mee de kermesse kaumen de mensen buiten
komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03327) vertaling: 'k en wil em noot ne meer zien. ij ee mij bedrogen
komt voor: j
opm.: dav
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03327) vertaling: 'k en wil em noot ne meer zien. ij ee mij bedrogen
komt voor: j
opm.: dav
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03327) vertaling: 'k en wil em noot ne meer zien omdat ij mij bedrogen eet
komt voor: j
opm.: dav
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03327) vertaling: 'k en wil em noot ne meer zien omdat ij mij bedrogen eet
komt voor: j
opm.: dav
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03327) vertaling: go de gij mee mij naar de voetbal kijken
komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03327) vertaling: go de gij mee mij naar de voetbal kijken
komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03327) vertaling: ij eis dood
komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03327) vertaling: ij eis dood
komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03327) vertaling: eist ij dood
komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03327) vertaling: eist ij dood
komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03327) vertaling: zij 's ziek
komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03327) vertaling: zij 's ziek
komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03327) vertaling: eis ze zij ziek
komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03327) vertaling: eis ze zij ziek
komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03327) vertaling: omdat jij geel den dag moest werken, moest ze zij geel den dag tuis blijven
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03327) vertaling: omdat 't sneedegen koste me nie weg uit de stad
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03327) fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03327) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03327) fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03327) fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03327) fragment: die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03327) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03327) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03327) fragment: waarvan (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03327) fragment: waarvan (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03327) fragment: die (2)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03327) fragment: die (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03327) fragment: wie (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03327) fragment: - (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03327) fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03327) fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03327) fragment: - (2)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03327) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03327) fragment: die (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03327) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03327) fragment: die (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: wiens (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: wiens (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: die haar (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: die haar (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: die haar (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: die (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: die (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: die (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03327) fragment: wiens (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03327) vertaling: Piet peist dat Jan en Marie op niemand kwaad zijn
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03327) vertaling: Piet peist dat Jan en Marie op niemand kwaad zijn
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03327) vertaling: Wim peist dat we nooit niemand ne prijs geven
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03327) vertaling: Wim peist dat we nooit niemand ne prijs geven
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03327) vertaling: 't eis just da ze mee Marie niet mogen praten
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03327) vertaling: 't eis just da ze mee Marie niet mogen praten
betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03327) vertaling: nieverands niet
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03327) vertaling: niemand
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03327) vertaling: nuuis nie
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03327) vertaling: niets
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03327) vertaling: geen deene
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03327) vertaling: zeg het hem nie da 'k buiten geweest bijn
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03327) vertaling: niet zeggen da 'k em ne kado gekocht ei
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03327) vertaling: weete gij niet dat ij gevallen eis
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03327) vertaling: Wendy he getracht van niemand zere te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03327) vertaling: 't schijnt dat ze niets en mag eten
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03327) vertaling: ze scheent niets te meugen eten
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03327) vertaling: ze trachten al geel den dag naar een te bellen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03327) vertaling: 't belooft were ne schonen dag te werren
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03327) vertaling: 't eis misschiens beter van nog 'n beetjen te wachten
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03327) vertaling: we ouden sonje van hem subiet were te vinden
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03327) vertaling: as de kiekens 'n valke zien zijn ze schau
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03327) vertaling: ao we petaoters nie keunen verkuipen ei me miserie
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03327) vertaling: as hem niet mee en pak, bein 'k kaad
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03327) vertaling: ij wistent
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03327) vertaling: op die feeste word er vele gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03327) vertaling: nouven verkuipen ze allene nog brood in diene winkele
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03327) vertaling: aos ij mee te velo komt zal 'l late zijn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03327) vertaling: aze ne keer tijd eet, kom ne keer
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03327) vertaling: aos ik rijke bein, koop ek nen dieren oto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03327) komt voor: j
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03327) vertaling: misschien zal 't ikke wel krijgen
komt voor: j
opm.: twijfelgeval subjectdubbeling
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03327) vertaling: misschien zal 't ikke wel krijgen
komt voor: j
opm.: twijfelgeval subjectdubbeling
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03327) vertaling: durf de gije daar op douen
komt voor: j
opm.: dav
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03327) vertaling: durf de gije daar op douen
komt voor: j
opm.: dav
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03327) vertaling: durf de gij hem vragen
komt voor: j
opm.: dav
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03327) vertaling: durf de gij hem vragen
komt voor: j
opm.: dav
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03327) vertaling: durf de gij haar vragen
komt voor: j
opm.: dav + foute interpretatie (als vrouw.enk.)
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03327) vertaling: durf de gij haar vragen
komt voor: j
opm.: dav + foute interpretatie (als vrouw.enk.)
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03327) vertaling: eis Pol hier geweest
komt voor: j
opm.: dav
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03327) vertaling: eis Pol hier geweest
komt voor: j
opm.: dav
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03327) vertaling: oe ee Pol da opgelost
komt voor: j
opm.: dav
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03327) vertaling: oe ee Pol da opgelost
komt voor: j
opm.: dav
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03327) vertaling: et te gij mij dienen brief gezonden
komt voor: j
opm.: dav
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03327) vertaling: et te gij mij dienen brief gezonden
komt voor: j
opm.: dav
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03327) vertaling: 'k ei 't em gegeven
komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03327) vertaling: 'k ei 't em gegeven
komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03327) vertaling: ze leeft van water en brood van de weke
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03327) vertaling: Marie ee gezeit da de gij geprobeerd heit om e liedje te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03327) vertaling: Marie ee gezeit da de gij geprobeerd heit om e liedje te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03327) vertaling: Marie ee gezeit da de gij geprobeerd eid om een liedje te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03327) vertaling: Marie ee gezeit da de gij geprobeerd eid om een liedje te zingen
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03327) vertaling: Marie ee gezeit da de gij geprobeerd eit om heur nen boek te geven
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03327) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03327) komt voor: j
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03327) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03327) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03327) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03327) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03327) komt voor: j
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03327) vertaling: de die uit de stad ein ier veel uizen gezet
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03327) vertaling: aan de niee vaart is gene mens meer te zien
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03327) vertaling: gisteren eis Jan ier geweest
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03327) vertaling: as Jan gebeld ee, was ekik nie tuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03327) vertaling: Jef, den dienen zou 'k noot nie vragen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03327) vertaling: e zo iets, dat en zou Marie noot nie doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03327) vertaling: Bert, den dienen drinkt wel ne keer enen te vele
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03327) vertaling: Martha de die zou 'k wel ne keer willen vragen
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03327) vertaling: da uis da zo kik noot nie willen kope
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03327) vertaling: da uis staat daar al 't fiftig jaar
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03327) komt voor: n
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03327) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03327) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03327) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03327) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03327) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03327) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03327) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03327) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03327) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03327) vertaling: ee Gunther getelefoneerd
473 (z11b) En pas op! (inf. 03327) vertaling: pas op
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03327) vertaling: 't was juust goe genoeg
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03327) vertaling: Marjo ee nou meer koeien dan vroeger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03327) vertaling: o Susanne gekeunen, ze was wel gekomen
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03327) vertaling: z' eis den besten dokteur die 'k kenne
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03327) vertaling: eer da de iets wig smijt moet te ne keer telefoneren
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03327) vertaling: ier eis 't al da 'k gekregen ei
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03327) vertaling: Jan eis te biest om e wat o zen kinders te geven
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03327) vertaling: precies of dat hij iets van voetballen kent
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03327) vertaling: legt dienen boek nere
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03327) vertaling: oz e echt nie en kunt wachten, komt tuuns
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03327) vertaling: 'k wee da Jan den dokteur oo keune vragen
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03327) vertaling: 'k wee dat Jan den dokteur o keunen vragen
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03327) vertaling: ij zei da kik da o moeten doen
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03327) vertaling: ij zei da kik da maar moest gedaan ein
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03327) vertaling: verlee weke eis ei van den dokteur Mertens gopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03327) vertaling: Morgen word ij van den dokteur Mertens gopereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03327) vertaling: ik peize da de vele zul moeten wigsmijten
positie: 3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03327) vertaling: ik peize da de vele zul moeten wigsmijten
positie: 3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03327) vertaling: 't eis dom om zokken diere ding wig te smijten
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03327) vertaling: 't eis dom om zokken diere ding wig te smijten
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03327) vertaling: ij eis alle kapotte dingen aan wegsmijten
positie: 2
opm.: 'te' vergeten?
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03327) vertaling: ij eis alle kapotte dingen aan wegsmijten
positie: 2
opm.: 'te' vergeten?
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03327) vertaling: 'k vinde da meer de gazette zou moeten lezen
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03327) vertaling: 'k vinde da meer de gazette zou moeten lezen
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03327) vertaling: 't eis stoum om in den dounker de gazette te lezen
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03327) vertaling: 't eis stoum om in den dounker de gazette te lezen
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03327) vertaling: ij eis geel den dag de gazette aan 't lezen
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03327) vertaling: ij eis geel den dag de gazette aan 't lezen
positie: 1
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03327) fragment: door (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03327) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03327) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03327) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03327) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03327) vertaling: R ee iene groenen appel wiggegeven en nou eet ij nog twee rooie
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03327) vertaling: t'r was veel volk op de feeste
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03327) vertaling: was t'r veel volk op de feeste
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03327) vertaling: wa (voo) boeken ei te gekocht
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03327) vertaling: ij weunt bij Marietjen
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03327) vertaling: ij weunt bij Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03327) vertaling: ga ne kier bij de bakker Wim
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03327) vertaling: wie ei te gezien
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03327) vertaling: wien ee t'r ou gezien
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03327) vertaling: aus 'k da geweten au, 'k en zou 't nie gedaan ein
opm.: elders nochtans wel: Z11e
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03327) vertaling: 't zo beter zeen om nog e wa te wachten
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03327) vertaling: 't was 'n sjanse dat Jan naar den dokteur getelefoneerd oo. Hij was t'r rap
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03327) vertaling: loop op, ambetante jongens
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 4
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03327) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 2
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 2
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03327) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 2
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03327) komt voor: j
gebr.: 2
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03327) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03327) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03327) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Oosterzele

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Oosterzele