SAND-data Roermond (L329p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03563) vertaling: Jan herinnert zich det verhaol waal
opm.: reflexief: zich
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03243) vertaling: Jan herinnert zich det verhaol waal
opm.: reflexief: zich
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03563) vertaling: M en P zeen zich veur de kirk
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03243) vertaling: M en P zeeen zich veur de kirk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03563) vertaling: Toon wes zich
opm.: reflexief: zich
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03243) vertaling: Toon wast zich
opm.: reflexief: zich
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03563) vertaling: de timmerman haet gein naegel biej zich
opm.: reflexief: zich
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03243) vertaling: de timmerman haet naegel biej zich
opm.: reflexief: zich
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03563) vertaling: F zoog ein sjlang naeve zich
opm.: reflexief: zich
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03243) vertaling: F zoog eine sjlang naeve zich
opm.: reflexief: zich
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03563) vertaling: E loot mich veur zich wirke
opm.: reflexief: zich
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03243) vertaling: E leet mich veur hem wirke
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03563) vertaling: J loot zich mitdrieven op de golve
opm.: reflexief: zich
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03243) vertaling: J leet zich mitdrieve op de golve
opm.: reflexief: zich
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03563) vertaling: T bekeek zichzelf ins good in de sjpegel
opm.: reflexief: zichzelf
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03243) vertaling: T zoog zichzelf ins goed aan in de sjpiegel
opm.: reflexief: zichzelf
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03243) vertaling: T bekeek zichzelf ins goed in de sjpiegel
opm.: reflexief: zichzelf
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03243) vertaling: T bekeek zichzelf ins goed in de sjpiegel
opm.: reflexief: zichzelf
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03243) vertaling: T zoog zichzelf ins goed aan in de sjpiegel
opm.: reflexief: zichzelf
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03563) vertaling: Jan haet in twee mienute ein beerke gedronke
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03243) vertaling: Jan heet in twee menuute ein beerke gedronke
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03563) vertaling: dees sjoon loupe gemekkelik
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03243) vertaling: dees sjoon loupe gemekkelik
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03563) vertaling: E kint zichzelf good
opm.: reflexief: zichzelf
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03243) vertaling: E kint zichzelf good
opm.: reflexief: zichzelf
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03563) vertaling: W haet geheurd det der foto's van zichzelf in de ittelaasj ...
opm.: zin niet volledig reflexief: zichzelf
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03243) vertaling: W haet geheurd det d'r fotoos van 'mzelf in de etalaasj sjtaon
opm.: reflexief: hemzelf
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03563) vertaling: die aerpele sjelle neet gemekkelik
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03243) vertaling: die aerpele sjelle neet gemekkelik
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03563) vertaling: dit glaas brik es't op de grondj velt
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03243) vertaling: dit glaas brik as 't oppe grondj velt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03243) vertaling: dokter, laef ich waal gezonjd genog
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03563) vertaling: dokter, laef ich waal gezondj genog
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03243) vertaling: al jaore leef hae van de erfenis van ziene pap
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03563) vertaling: al jaore laef hae van de erfenis van zien vader
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03243) vertaling: dees waek laef ziej op water en brood
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03563) vertaling: dees waek laef ziej op water en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03243) vertaling: leef het nog
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03563) vertaling: laef't nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03243) vertaling: wiej langk laef geer noe al van die erfenis
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03563) vertaling: hoelang laef ger noe al van die erfenis
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03243) vertaling: in B laeve ze veural van de vesvangs
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03563) vertaling: in B laeve ze veural van de vesvang
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03243) vertaling: nao ut ate gaon ich sjlaope
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03563) vertaling: no 't aete gaon ich sjlaope
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03243) vertaling: zol ich det waal kinne doon
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03563) vertaling: zol ich det waal kinne doon
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03243) vertaling: hae leet zien hoes aafbraeke
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03563) vertaling: hae leut zien hoes afbraeke
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03243) vertaling: ich weit det Jan het mot kinne wirke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03243) vertaling: ich weit det Jan het mot kinne wirke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03563) vertaling: ich weit det Jan hel mot kinne wirke
komt voor: j
gebr.: 2
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03563) vertaling: ich weit det Jan hel mot kinne wirke
komt voor: j
gebr.: 2
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03243) vertaling: ich weit det Jan het mot kinne wirke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03563) vertaling: ich weit det Jan hel mot kinne wirke
komt voor: j
gebr.: 2
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03243) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03243) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03243) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03243) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03243) komt voor: n
000 (x03opm) (inf. 03563) opm. inf.: vult consequent enkel ja in
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03563) gebr.: 2
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03243) komt voor: n
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 03243) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 03243) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03243) komt voor: n
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03563) gebr.: 2
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03243) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 03243) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03563) gebr.: 2
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03243) komt voor: n
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03243) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 03243) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 4
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 4
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03563) gebr.: 2
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 03243) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 03243) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 4
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 4
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03563) gebr.: 2
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 03243) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 03243) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03563) gebr.: 2
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 03243) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 03243) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03243) komt voor: n
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03563) gebr.: 2
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03243) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 03243) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03563) gebr.: 2
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03243) komt voor: n
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 03243) komt voor: n
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 03243) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03563) gebr.: 2
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03243) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 03243) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03563) vertaling: Jan haet gein ein book meer
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03243) vertaling: Jan haet need ein book meer
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03243) vertaling: Jan haet gein book meer
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03243) vertaling: beuk haet Jan gein
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03563) vertaling: beuk haet Jan neet
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03563) vertaling: Jan haet neet väöl geldj meer
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03243) vertaling: Jan haet neet vöäl geldj meer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03243) vertaling: d'r moog neemes sjpraeke euver dit probleem
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03563) vertaling: der moog nemes spraeke euver dit probleem
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03243) vertaling: d'r moog neemes sjpraeke euver dit probleem
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03243) vertaling: neemes zaet dat d'r kump
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03563) vertaling: nemes zaet det hae kump
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03243) vertaling: zeen hiej örges muus
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03563) vertaling: zitte hiej nörges muus
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03243) vertaling: ich gaef nieks aan eine anjere
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03563) vertaling: ich gaef nieks aan eine angere
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03243) vertaling: neemes wil wirke
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03563) vertaling: nemes wilt wirke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03243) vertaling: veer wiste neet det hae toes waes
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03563) vertaling: veer wiste neet det hae toes waar
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03243) vertaling: ich wis ut ouch neet
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03563) vertaling: ich wis 't auch neet
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03243) vertaling: hae moog mit neemes sjpraeke euver dit probleem
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03563) vertaling: hae moog mit nemes spraeke euver dit probleem
000 (x05opm) (inf. 03243) opm. inf.: de zinnen zoals ze niet in het ABN voorkomen, worden ook in ons dialect niet gebruikt
000 (x05opm) (inf. 03563) opm. inf.: het komt veel overeen met het ABN
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03243) vertaling: Jan wit det hae veur driej oere de waage mot höbbe gemaak
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03563) vertaling: Jan wit det hae veur drie oer de wage mot höbbe gemaak
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03243) vertaling: Jan wit det hae veur driej oere de waage mot höbbe gemaak
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03243) vertaling: ... de waage vaerdig mot höbbe
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03243) vertaling: ... de waage vaerdig mot höbbe
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 4
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 4
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 2
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 2
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03243) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03243) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03563) komt voor: j
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 4
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 4
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03563) gebr.: 3
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03243) komt voor: n
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03563) vertaling: Marie ziene auto is kepot
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03243) vertaling: Maries auto is kepot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03563) vertaling: Marie ziene auto is kepot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03243) vertaling: Marie ziene auto is kepot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03243) vertaling: Piets auto is kepot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03563) vertaling: Piet ziene auto is kepot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03563) vertaling: Piet ziene auto is kepot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03243) vertaling: Piet ziene auto is kepot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03563) vertaling: dae man ziene auto is kepot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03243) vertaling: dae man ziene auto is kepot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03243) vertaling: dae man ziene auto is kepot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03563) vertaling: dae man ziene auto is kepot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03563) vertaling: dae auto is neet van mich maar van hem
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03243) vertaling: dae auto is need van mich mer van hem
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03243) vertaling: de gezet van giester ligt onger de tilleviesie
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03563) vertaling: de gezet van giester onger de TV
opm.: zin niet volledig
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03243) vertaling: Jan is Karoliens en Kristiens breurke
opm.: genitief -'s
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03243) vertaling: Jan is Karoliens en Kristiens breurke
opm.: genitief -'s
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03243) vertaling: Jan is K en K häor breurke
opm.: genitief -'s
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03243) vertaling: Jan is K en K häor breurke
opm.: genitief -'s
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03563) vertaling: Jan is Karolien en Kristiens breurke
opm.: genitief -'s
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03563) vertaling: diej jonges häör fietse seen gesjtaola
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03243) vertaling: die jongen häor fietse zeen gesjtoale
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03243) vertaling: mooders zösse zeen op bezeuk
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03243) vertaling: mooder häor zösters...
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03243) vertaling: mooder häor zösters...
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03563) vertaling: die zösters häör moder is op bezeuk
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03243) vertaling: mooders zösse zeen op bezeuk
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03243) vertaling: det is Wims auto
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03563) vertaling: Wim ziene auto
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03243) vertaling: det is Wims auto
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03243) vertaling: det is Wim zien auto
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03563) vertaling: dae auto is van Wim
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03243) vertaling: det is Wim zien auto
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03563) vertaling: dae auto is van Wim
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03563) vertaling: Wim ziene auto
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03563) vertaling: dae fiets is van mich
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03563) vertaling: dae fiets is van mich
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03563) vertaling: miene fiets
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03563) vertaling: miene fiets
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03243) vertaling: dae fiets is van mich
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03563) vertaling: hae moog mit nemes spraeke euver dit probleem
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03243) vertaling: hae moog mit neemes sjpraeke euver dit probleem
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03243) vertaling: ich wil neemes pien doen
opm.: kwetsen niet gebruikelijk
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03563) vertaling: ich wil nemes kwetse
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03243) vertaling: ut is jaomer det veer neet mooge komme
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03243) vertaling: ut is jaomer det veer neet mooge komme
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03243) vertaling: duit mich leid det ...
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03243) vertaling: duit mich leid det ...
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03563) vertaling: 't is jaomer det veer neet mooge komme
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03563) vertaling: det gaon ich neet doon
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03243) vertaling: daet gaon ich neet doon
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03243) vertaling: ich höb neet gewirk
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03563) vertaling: ich höb neet gewirk
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03243) vertaling: hae had 't nog mer net verteld wiej M begos te janke
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03563) vertaling: nog maar net had hae't verteld of M begos te janke
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03563) vertaling: gank die besjtelling noew maar ophaole
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03243) vertaling: gank die besjtelling noe mer op haole
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03243) vertaling: hae wirkt neet
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03563) vertaling: hae wirk neet
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03243) vertaling: ich verbeej dich om hiej te komme
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03563) vertaling: ich verbeej dich om hiej te komme
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03563) vertaling: Jan verhinjerde det veer Marie belde
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03243) vertaling: Jan verhinjerde det veer M belde
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03243) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03563) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03243) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03563) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03243) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03563) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03243) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03563) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03563) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03563) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03563) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03563) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03243) fragment: (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03563) fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03243) fragment: om te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03563) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03563) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03563) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03563) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03243) fragment: dan (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03563) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03563) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: det veer (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: det veer (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03563) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: det veer (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03563) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03243) fragment: det veer (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03563) fragment: als (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03243) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03243) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03563) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03243) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03563) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03243) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03243) fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03243) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03243) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03243) fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03563) fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03243) fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03243) fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03243) fragment: es (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03243) fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03243) fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03563) fragment: als (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03243) fragment: es (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03563) fragment: maar te (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03243) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03563) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03243) fragment: te (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03243) fragment: (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03563) fragment: (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03563) fragment: dat (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03243) fragment: det (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03563) fragment: (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03243) fragment: (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03243) fragment: of (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03243) fragment: of det (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03243) fragment: of det (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03563) fragment: of (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03243) fragment: of (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03243) vertaling: ich weit det geer op neemes kwaod zeet
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03563) vertaling: ich weit det geer op nemes kwaod zeet
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03243) vertaling: ich weit det ziej nörges sjtols op is
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03563) vertaling: ich weit det ziej op nieks greujts is
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03243) vertaling: ich weit det ziej nörges sjtols op is
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03243) vertaling: ich weit det ziej nörges greujts op is
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03243) vertaling: ich weit det ziej nörges greujts op is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03243) vertaling: Els dink det 't neet gemekkelik is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03563) vertaling: Els dink det 't neet gemekkelik is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03243) vertaling: ich weit det ich te laat bön en doe neets
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03563) vertaling: ich weit det ich te laat bön en doew neet
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03243) vertaling: doe wits toch dets doe mös wirke en ich neet
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03563) vertaling: doew wits toch dets doew mos wirke en ich neet
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03243) vertaling: eederein dink det veer nao hoes gaon en det ziej nog mooge blieve
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03563) vertaling: ederein dink det veer nao hoes gaon en det ziej nog mooge blieve
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03243) vertaling: 't is jaomer det hae kump en det ziej vertrek
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03563) vertaling: 't is jaomer det hae kump en det zioej weggaon
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03243) vertaling: ich dink det L krank is
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03563) vertaling: ich dink det L krank is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03243) vertaling: ich dink det P en L gaon trouwe
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03563) vertaling: ich dink det P en L gaon trouwe
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03243) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03243) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03243) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03243) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03243) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03243) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03243) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03563) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03243) komt voor: j
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 03243) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03243) komt voor: j
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03563) komt voor: n
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03243) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03243) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 03243) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03243) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 03243) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03243) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03243) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03243) vertaling: die lamp duid neet meer branje
komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03243) vertaling: die lamp duid neet meer branje
komt voor: j
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03243) vertaling: duit Marie eederen aovend danse
komt voor: j
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03243) vertaling: duit Marie eederen aovend danse
komt voor: j
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03243) vertaling: doot doe de mik effe sjnieje
komt voor: j
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03243) vertaling: doot doe de mik effe sjnieje
komt voor: j
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03563) fragment: va wie de (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03243) fragment: womit (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03243) fragment: mit waem (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03243) fragment: mit waem (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03243) fragment: womit (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03243) fragment: wo det (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03563) fragment: waar (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03243) fragment: wo det (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03243) fragment: wo (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03243) fragment: wo (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03243) komt voor: n
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03563) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03563) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03243) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03563) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03243) fragment: waet (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03243) fragment: dae (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03563) fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03243) fragment: wo (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03563) fragment: waar (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03243) fragment: wo (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03243) fragment: wo det (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03243) fragment: wo det (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03563) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03563) fragment: wat (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03563) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03563) fragment: wie (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03243) fragment: waem (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03563) vertaling: waem dink se det ich in de sjtad bön taegegekomme
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03243) vertaling: waen dinks doe det ich in de sjtad höb ontmoet
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03243) vertaling: wie dink geer det ziej det höbbe opgelos
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03243) vertaling: wie dink se det ze det höbbe opgelos
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03243) vertaling: M wit neet waem det veer wille belle
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03243) vertaling: wit eemes waem of det veer geroepe höbbe
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03243) vertaling: waem dinks doe waem ich in de sjtad ontmoet höb
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03243) vertaling: waem dinks doe det ich in de sjtad ontmoet höb
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03243) vertaling: hae haet zien henj gewasse
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03563) vertaling: hae haet zien henj gewassen
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03563) vertaling: hae haet zien hemp gewassen
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03243) vertaling: hae haet zien hemp gewasse
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03243) vertaling: hae haet ein hood oppe kop
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03563) vertaling: hae haet eine hood op de kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03243) vertaling: hae haet ein vlek op zien hemp
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03563) vertaling: hae haet ein plek op zien hemp
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03243) vertaling: hae haet zich t bein gebraoke
opm.: reflexief: zich
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03563) vertaling: hae haet zien bein gebroke
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03243) vertaling: hae haet zich t bein gebraoke
opm.: reflexief: zich
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03243) vertaling: hae haet zien bein gebraoke
opm.: reflexief: zich
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03243) vertaling: hae haet zien bein gebraoke
opm.: reflexief: zich
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03243) vertaling: het haet zich pien gedaon
opm.: reflexief: zich
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03243) vertaling: het haet zich pien gedaon
opm.: reflexief: zich
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03243) vertaling: ziej haet zich pien gedaon
opm.: reflexief: zich
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03563) vertaling: het haet zich piengedaon
opm.: reflexief: zich
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03243) vertaling: ziej haet zich pien gedaon
opm.: reflexief: zich
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03243) vertaling: Marie trok de daeke nao zich haen
opm.: reflexief: zich
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03563) vertaling: M trok de daeke nao zich toe
opm.: reflexief: zich
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03243) vertaling: Luc wit det d't fotoos van hemzellef te keup zoen
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03563) vertaling: L wet det der foto's van hemzelf te koup zeen
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03243) vertaling: doe herinnert dich toch wel det veer toen door det bos zeen geloupe
opm.: dich reflexief: dich
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03563) vertaling: doe herinners dich toch waal det veer door det bos haer zeen geloupe
opm.: dich reflexief: dich
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03243) vertaling: ich herinner mich det de auto van Marie kepot waas
opm.: reflexief: mich
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03563) vertaling: ich herinner mich det de oto van M kepot waas
opm.: reflexief: mich
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03243) vertaling: ziej herinnert zich det hae wiej ein verke zoot te aete
opm.: reflexief: zich
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03563) vertaling: het herinnert zich det hae es ein verke zoot te aete
opm.: reflexief: zich
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03243) vertaling: veer herinnere os waal det alle beuk van Jan gesjtoale waare, mer ziej herinnere t zich neet
opm.: reflexief: ons reflexief: zich
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03563) vertaling: veer herinnere os waal det al Jan zien beuk gestaole ware maar ziej herinnere 't zich neet
opm.: reflexief: ons reflexief: zich
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03243) vertaling: herinnert geer uch nog det veer J oppe mert gezeen höbbe
opm.: reflexief: je of reflexief: julllie
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03563) vertaling: herinnert geer uch nog det veer Jan op de mert höbbe gezeen
opm.: reflexief: je of reflexief: jullie
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03243) vertaling: hae heet zich ein ongelök gewirk
opm.: reflexief: zich
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03563) vertaling: hae haet zich ein ongelök gewirk
opm.: reflexief: zich
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03243) vertaling: hae veulde zich door 't ies zakke
opm.: reflexief: zich
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03563) vertaling: hae veulde zich door t ies zakke
opm.: reflexief: zich
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03243) vertaling: zol hae det gedaon kinne höbbe
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03563) vertaling: zol hae det gedaon hobbe
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03243) vertaling: zol hae det höbbe kinne doon
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03243) vertaling: zol hae det höbbe kinne doon
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03243) vertaling: zol hae det gedaon kinne höbbe
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03243) fragment: gekind (1)
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03563) fragment: gekind (1)
opm. inf.: vult consequent enkel ja in
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03243) fragment: gekind (1)
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03243) fragment: gekos (1)
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03563) fragment: gekind (1)
opm. inf.: vult consequent enkel ja in
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03243) fragment: gekos (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03563) fragment: gedaon (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03243) fragment: gedaon (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03563) komt voor: j
opm.: ik denk dat de informant in feite overal 'nee' wou antwoorden, maar hij/zij heeft alle nee's doorstreept
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03243) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03563) komt voor: j
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03243) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03243) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03563) komt voor: j
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03563) komt voor: j
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03243) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03563) komt voor: j
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03243) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03243) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03563) komt voor: j
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03563) komt voor: j
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03243) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03243) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03563) komt voor: j
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03243) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03563) komt voor: j
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03563) komt voor: j
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03243) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03243) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03563) komt voor: j
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03243) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03563) komt voor: j
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03563) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03243) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03563) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03243) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03243) vertaling: ich dink det hae eweg is
komt voor: j
opm.: dav
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03243) vertaling: ich dink det hae eweg is
komt voor: j
opm.: dav
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03563) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03563) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03243) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03563) vertaling: ich weit det hae weg is
komt voor: j
opm.: dav
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03563) vertaling: ich weit det hae weg is
komt voor: j
opm.: dav
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03243) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03563) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03243) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03563) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03243) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03243) vertaling: Marie al häor kuuj zeen verdronke biej de euversjtruiming
komt voor: j
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03563) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03243) vertaling: Marie al häor kuuj zeen verdronke biej de euversjtruiming
komt voor: j
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03563) komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03243) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03563) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03243) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03243) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03563) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03563) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03243) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03563) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03243) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03243) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03563) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03563) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03243) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03243) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03563) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03243) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03563) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03243) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03563) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03243) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03563) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03243) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03563) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03243) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03563) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03563) vertaling: in dae tied laefde ich d'rop los
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03243) vertaling: in dae tied laefde ich d'r op los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03563) vertaling: vreuger laefde hae es ein bees
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03243) vertaling: vreuger laefde hae wiej ein bees
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03563) vertaling: dao leafde veer es G in F
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03243) vertaling: dao laefde veer es God in Frankriek
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03243) vertaling: neemes moog 't zeen, dus ich vinj dets doe 't ouch neet moogs zeen
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03563) vertaling: nemes moog 't zeen dus ich vinj dets doe 't aug neet moogs zeen
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03563) vertaling: 't gebeurde toens doe weggings
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03243) vertaling: 't gebeurde wiejs de weggings
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03563) vertaling: ich weit woste gebaoore bös
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03243) vertaling: ich weit wo dets doe gebaore bös
opm.: waar dat - ja
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03243) vertaling: noese vaerdig bös moogse gaon
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging 2.ev.
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03563) vertaling: noese klaor bös moogse gaon
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03563) vertaling: doordet M gesjtorve waar, haet häöre miens A neet meer kinne helpe
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03243) vertaling: doordet M gesjtorve waas haet ziene man A neet meer kinne helpe
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03243) vertaling: ich weit det hae is gaon zjwumme
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03563) vertaling: ich weit det hae is gaon zwemme
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03243) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03243) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 2
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 2
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03243) komt voor: n
000 (y09opm) (inf. 03563) opm. inf.: consequent enkel 'ja' aangeduid
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03243) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03243) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03243) komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03243) komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03243) komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03243) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03243) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03243) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03243) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03243) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03243) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03243) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03243) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03243) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03243) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03243) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03243) fragment: dae (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03243) fragment: dae (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03243) fragment: waem det (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03243) fragment: waem det (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03563) fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03563) fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: dae (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: van waem (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: wovan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: van waem (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03563) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: van waem (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: wovan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03563) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03563) fragment: die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: wovan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: van waem (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: det hae (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03243) fragment: wovan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03563) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03563) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03563) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03243) komt voor: n
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03563) fragment: die (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03563) fragment: die (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03563) fragment: die (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03243) fragment: wo (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03243) fragment: waem (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03563) fragment: wie (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03243) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03563) fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03563) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03243) fragment: wo (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03563) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03243) fragment: wo (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03243) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03563) fragment: waar (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03563) fragment: waarin (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03243) fragment: waet (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03243) fragment: waet (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03563) fragment: die (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03563) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03243) fragment: det (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03243) fragment: waat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03243) fragment: waem (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03243) fragment: dae (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03563) fragment: wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03243) fragment: dae (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03243) fragment: waem (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03243) fragment: wovan de (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03243) fragment: wovan de (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03243) fragment: van waem de (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03563) fragment: van wie (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03243) fragment: van waem de (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03243) vertaling: P dink det Jan en Merie op neemes neet kwaad zeen
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03563) vertaling: Piet dink det J enM op nemes kwaod zeen
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03243) vertaling: P dink det Jan en Merie op neemes neet kwaad zeen
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03563) vertaling: Piet dink det J enM op nemes kwaod zeen
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03243) vertaling: W dink det veer nooit neemes eine pries gaeve
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03563) vertaling: Wim dink det veer nemes ooit eine pries gaeve
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03243) vertaling: W dink det veer nooit neemes eine pries gaeve
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03563) vertaling: Wim dink det veer nemes ooit eine pries gaeve
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03243) vertaling: 't is waor det ze neet mit Marie mooge praote
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03563) vertaling: 't is waor det 't neet toegesjtaon is det se mit M sjpraeke
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03243) vertaling: 't is waor det ze neet mit Marie mooge praote
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03563) vertaling: 't is waor det 't neet toegesjtaon is det se mit M sjpraeke
betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03563) vertaling: nörges
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03243) vertaling: nörges
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03563) vertaling: nemes
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03243) vertaling: neemes
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03243) vertaling: nooit
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03563) vertaling: noojt
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03563) vertaling: niets
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03243) vertaling: nieks
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03563) vertaling: geinein
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03243) vertaling: gein
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03243) vertaling: zegk um neet det ich nao boete bön gewaes
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03563) vertaling: zek hem neet det ich nao boete bön gewaes
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03243) vertaling: neet vertelle dets doe ein kedo veur hem höbs gekoch, heur!
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03563) vertaling: neet vertelle det se ein kedo veur hem höb gekoch, heur
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03563) vertaling: neet vertelle destoew ein kedo veur hem höb gekoch, heur
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03563) vertaling: neet vertelle destoew ein kedo veur hem höb gekoch, heur
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03563) vertaling: neet vertelle det se ein kedo veur hem höb gekoch, heur
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03243) vertaling: wits doe neet det hae gevallen is
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03563) vertaling: witse neet det hae gevalle is
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03243) vertaling: Wendy probeerde om neemes pien te doen
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03563) vertaling: W probeerde om nemes pien te doon
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03243) vertaling: 't sjient det het nieks moog aete
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03563) vertaling: 't sjent det s nieks moog aete
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03563) vertaling: het sjent niks te mooge aete
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03243) vertaling: het sjient nieks te mooge aete
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03243) vertaling: ziej probeerden al de gansen daag om elkaar op te belle
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03563) vertaling: siej proberen al den helen daag om zich op te bellen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03243) vertaling: 't beloof weer ein sjoone daag te waere
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03563) vertaling: 't belaof weer eine sjoone daag te waere
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03563) vertaling: 't es mesjien baeter om nog aeve te wachte
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03243) vertaling: 't is mesjiens baeter om nog efkes te wachte
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03243) vertaling: veer hadden 't gelök om um metein truugk te vinje
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03243) vertaling: veer haajen 't gelök om um metein truugk te vinje
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03243) vertaling: veer haajen 't gelök om um metein truugk te vinje
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03563) vertaling: veer hadde 't gelök om hem drek terök te vinje
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03243) vertaling: veer hadden 't gelök om um metein truugk te vinje
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03243) vertaling: as de hoonder eine valk zeen, zeen ze bang
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03563) vertaling: es de kippe ein valk zeen, zeen ziej bang
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03243) vertaling: as veer de aerpele neet kinne verkoupe zitte veur in de probleme
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03563) vertaling: es ver de aerpele neet kinne verkoupe zitte veer in de probleme
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03243) vertaling: as geer m neet mitnaemp waer ich kwaod
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03563) vertaling: es geer hem neet mitnaeme waer ich kwaod
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03243) vertaling: hae wis ut
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03563) vertaling: hae wis't
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03243) vertaling: op dit fees waerd väol gedans
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03563) vertaling: op dit fees waert ter väöl gedans
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03243) vertaling: noe woerd er allein nog mer mik verkoch in dae winkel
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03563) vertaling: noew waert ter allein nog maar brood verkoch in dae winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03563) vertaling: es hae mit de fiets kump, zal hae waal laat zeen
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03243) vertaling: as hae mit de fiets kump, zal hae waal te laat zeen
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03243) vertaling: asse tied höbs kom dan ins eine keer aan
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03563) vertaling: es se tied höbs, kom dan ins ein keer langs
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03243) vertaling: as ich riek bön koup ich eine duure auto
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03563) vertaling: es ich riek bön koup ich eine dure auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03563) komt voor: n
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03243) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03563) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03243) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03563) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03243) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03563) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03243) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03563) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03243) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03563) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03243) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03243) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03563) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03563) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03243) vertaling: höbs doe mich dae brief gesjtuurd
komt voor: j
opm.: dav
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03243) vertaling: höbs doe mich dae brief gesjtuurd
komt voor: j
opm.: dav
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03243) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03563) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03243) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03563) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03563) vertaling: M haet gezag destoe höbs geprobeerd ein leedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03243) vertaling: Marie hae gezag dets doe höbs geprobeerd ein leedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03563) vertaling: M haet gezag destoe höbs geprobeerd ein leedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03243) vertaling: Marie haet gezag dets doe geprobeerd höbs ein leedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03563) vertaling: M haet gezag des doe geprobeerd höbs ein leedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03243) vertaling: Marie haet gezag dets doe geprobeerd höbs ein leedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03563) vertaling: M haet gezag des doe geprobeerd höbs ein leedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03243) vertaling: Marie hae gezag dets doe höbs geprobeerd ein leedje te zinge
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03563) vertaling: M haet gezag destoe geprobeerd höbs häör ein book te gaeve
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03563) vertaling: M haet gezag destoe häör höbs geprobeerd ein book te gaeve
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03243) vertaling: Marie haet gezag dets doe höbs geprobeerd häor ein book te gaeve
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03563) vertaling: M haet gezag destoe häör höbs geprobeerd ein book te gaeve
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03563) vertaling: M haet gezag destoe geprobeerd höbs häör ein book te gaeve
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03243) komt voor: n
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03243) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03243) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03243) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03243) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03243) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 4
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 4
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03243) vertaling: die van de sjtad die höbbe hiej väol hoezer geboewd
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03563) vertaling: die van de sjtad die höbben hiej väöl hoezer geboed
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03243) vertaling: aan die nuuj vaart dao zuusse gein miens meer
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03563) vertaling: aan die nuuj vaert dao zuus se geine miens
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03563) vertaling: giester is Jan hiej gewaes
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03243) vertaling: giester is Jan hiej gewaes
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03243) vertaling: de daag det Jan belde waar ich neet toes
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03563) vertaling: dae daag det Jan belde waas ich neet toes
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03243) vertaling: Jef, dae zol ich nooit oetneudige
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03563) vertaling: Jef, dae zol ich nooit oetneudige
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03563) vertaling: Marie, det zol zoget nooit doon
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03243) vertaling: Marie, det zol zo get nooit doon
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03243) vertaling: Bert, dae drink wael ins ein glaas te väol
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03563) vertaling: Bert, dae drink waal ins ein glaas te väol
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03243) vertaling: Martha, det zol ich wael ins biej mich toes wille oetneudige
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03563) vertaling: Martha, dem zol ich waal ins biej mich toes wille oetneudige
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03563) vertaling: det hoes, det zol ich nooit wille koupe
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03243) vertaling: det hoes det zol ich nooit wille koupe
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03243) vertaling: det hoes det sjteit dao al fieftig jaor
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03563) vertaling: det hoes, det sjtet dao al feftig jaor
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03243) komt voor: n
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03243) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03243) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 4
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 4
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03243) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03243) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03243) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03243) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03243) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03243) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03243) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03563) vertaling: haet G gebeld
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03243) vertaling: haet G gebeld
473 (z11b) En pas op! (inf. 03243) vertaling: kiek oet
473 (z11b) En pas op! (inf. 03563) vertaling: pas op
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03243) vertaling: 't waas mer net good genog
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03563) vertaling: 't waas maar net good genog
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03563) vertaling: M haet noew meer kuuj dan het vreuger had
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03243) vertaling: Marjo haet noe meer kuuj den ziej vreuger had
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03243) vertaling: as S had kinne komme dan had ziej det gedaon
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03563) vertaling: es S had kinne komme dan had het det gedaon
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03243) vertaling: ziej is de beste dokter die ich kin
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03563) vertaling: ziej is de beste dokter die ich kin
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03563) vertaling: veurse get weggoois mos se aeve belle
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03243) vertaling: veur dets doe get wegsjmiets mosse efkes belle
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03563) vertaling: hiej is alles waat ich höb gekrege
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03243) vertaling: hiej is alles waat ich gekreege höb
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03563) vertaling: hiej is alles waat ich höb gekrege
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03563) vertaling: hiej is alles waat ich gekrege höb
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03563) vertaling: hiej is alles waat ich gekrege höb
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03243) vertaling: Jan is te gierig om get aan zien kienjer te gaeve
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03563) vertaling: Jan is te gietzig om get aan zien kinjer te gaeve
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03243) vertaling: asof s doe get van foetballe wits
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging?
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03563) vertaling: ezzof doe get van voetballe wits
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03243) vertaling: ligk det book neer
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03563) vertaling: lik det book neer
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03243) vertaling: asse ech neet kins wachte dan kom maar
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging na 'als' 2.ev.
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03563) vertaling: es se ech neet kins wachte kom dan maar
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03243) vertaling: ich weit det Jan de dokter had kinne roope
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03563) vertaling: ich weit det Jan de dokter had kinne rope
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03243) vertaling: ich weit det Jan de dokter kos höbbe geroope
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03563) vertaling: ich weit det Jan de dokter geroope kos höbbe
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03563) vertaling: hae zag det ich 't had motte doon
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03243) vertaling: hae zag det ich ut had motte doon
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03243) vertaling: hae zag det ich ut gedaon mos höbbe
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03563) vertaling: hae zag det ich 't gedaon mos höbbe
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03563) vertaling: hae is veurige waek door dokter M geoppereerd
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03243) vertaling: hae is veurige waek door dokter M geopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03563) vertaling: hae waert morge door dokter M geoppereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03243) vertaling: hae waerd morgen door dokter M geopereerd
000 (z12opm) (inf. 03243) opm. inf.: b en d komen niet in deze volgorde voor
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03563) vertaling: ich dink desse väöl zols motte weggooie
positie: 3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03243) vertaling: ich dink dets doe väol zols motte wegsjmiete
positie: 1,3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03563) vertaling: ich dink desse väöl zols motte weggooie
positie: 3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03243) vertaling: ich dink dets doe väol zols motte wegsjmiete
positie: 1,3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03563) vertaling: 't dom om zon duur dinger weg te gooie
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03243) vertaling: ut is sjtom om zon duur dinger weg te sjmiete
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03563) vertaling: 't dom om zon duur dinger weg te gooie
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03243) vertaling: ut is sjtom om zon duur dinger weg te sjmiete
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03243) vertaling: hae is alle kepotte sjpulle aan ut wegsjmiete
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03563) vertaling: hae is alle kepotte dinger aan't weggooien
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03243) vertaling: hae is alle kepotte sjpulle aan ut wegsjmiete
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03563) vertaling: hae is alle kepotte dinger aan't weggooien
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03563) vertaling: ich vinj desse dökker de gezet zols motte laeze
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03243) vertaling: ich vinj dets doe dökker de gezet zols motte laeze
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03563) vertaling: ich vinj desse dökker de gezet zols motte laeze
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03243) vertaling: ich vinj dets doe dökker de gezet zols motte laeze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03243) vertaling: ut is sjtom om in ut duuster de gezet te laeze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03563) vertaling: 't is dom im in't duuster de gezet te laeze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03243) vertaling: ut is sjtom om in ut duuster de gezet te laeze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03563) vertaling: 't is dom im in't duuster de gezet te laeze
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03243) vertaling: hae is de ganse daag de gezet aan ut laeze
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03563) vertaling: hae is den helen daag de gezet aan't laeze
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03243) vertaling: hae is de ganse daag de gezet aan ut laeze
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03563) vertaling: hae is den helen daag de gezet aan't laeze
positie: 1
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03243) fragment: door (1)
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03563) fragment: door (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03243) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03243) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03243) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03243) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03563) vertaling: R haet eine greune appel weggegaeve en noe haet ter der nog twee roje
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03243) vertaling: R haet eine greune appel weggegaeve en noe haet hae d'r nog twee rooje
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03243) vertaling: d'r waare väol miense op ut fees
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03563) vertaling: der ware väöl miense op 't fees
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03243) vertaling: waare d'r väol miense op ut fees
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03563) vertaling: ware der väöl miense op 't fees
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03243) vertaling: waat höbs doe veur beuk gekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03563) vertaling: waet veur beuk höbs se gekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03563) vertaling: waat höbs se veur beuk gekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03243) vertaling: waat veur beuk höbs doe gekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03563) vertaling: waat höbs se veur beuk gekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03243) vertaling: waat veur beuk höbs doe gekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03243) vertaling: waat höbs doe veur beuk gekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03563) vertaling: waet veur beuk höbs se gekoch
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03243) vertaling: hae woont biej M.
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03563) vertaling: hae woont biej Marietje
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03243) vertaling: hae woont biej Wim
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03563) vertaling: hae woont biej Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03563) vertaling: loup aeve nao de bekker, Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03243) vertaling: loup effe nao de bekker Wim
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03243) vertaling: waem höbs doe gezeen
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03563) vertaling: waem höbs se gezeen
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03243) vertaling: waem haet dich gezeen
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03563) vertaling: waem haet dich gezeen
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03563) vertaling: had ich det geweten dan had ich 't neet gedaon
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03243) vertaling: had ich det geweete dan had ich ut neet gedaon
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03243) vertaling: 't zol baeter zeen om nog efkes te wachte
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03563) vertaling: 't zol baeter zeen om nog aeve te wachte
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03563) vertaling: gelökkig hae Jan de dokter gebeld en dae waar der al heel gauw
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03243) vertaling: gelukkig haet Jan de dokter gebeld en dae waas d'r al gans sjnel
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03563) vertaling: loup noe toch door, vervaelende jonges
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03243) vertaling: loup nee toch door, vervaelende jonge
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 5
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03243) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03243) komt voor: j
gebr.: 3
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03563) komt voor: j
gebr.: 3
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03243) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03243) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03243) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03243) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03243) komt voor: n
000 (z17opm) (inf. 03563) opm. inf.: consequent enkel 'ja' aangeduid

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Roermond

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Roermond