SAND-data Valkenswaard (L260p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03324) vertaling: Jan kent de verhaal wel
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03324) vertaling: M en P zien mekaar vur de kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03324) vertaling: T waast z'n eigen
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03324) vertaling: den timmerman hi gin spijkers bij
opm.: reflexief: geen
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03324) vertaling: F zag een slang langs 'm
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03324) vertaling: E liet mij vur hum werken
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03324) vertaling: J liet z'n eigen meegaon op de golven
opm.: reflexief: z'n eigen
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03324) vertaling: T keek 's goed in de spiegel
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03324) vertaling: Jan hi in twee minute n pilske gedronke
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03324) vertaling: dees schoen loupe hendig
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03324) vertaling: E kent z'n eige goed
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03324) vertaling: W hi gehurd det'r foto's van hum in de etalage ston
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03324) vertaling: die erpel schelle nie hendig
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03324) vertaling: di glas brekt as't op de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03324) vertaling: dokter, leef ik wel gezond genoeg
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03324) vertaling: al jaore teert ie op vadders cente
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03324) vertaling: dees week leeft ze op watter en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03324) vertaling: leeft't nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03324) vertaling: hoelang leefde gullie nouw al van die erfenis
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03324) vertaling: in B leve ze voral van de vis
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03324) vertaling: noa t eete goj 'k sloape
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03324) vertaling: zou'k de wel kenne doen
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03324) vertaling: hij liet z'n huis plat goje
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03324) vertaling: ik weet de Jan hard kan werke
komt voor: j
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03324) vertaling: ik weet de Jan hard kan werke
komt voor: j
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03324) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03324) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03324) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03324) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03324) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03324) vertaling: Jan hi ginin boek mir
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03324) vertaling: Jan hi gin boek mir
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03324) vertaling: boeke hi Jan ni
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03324) vertaling: Jan hi nie veul cente mer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03324) vertaling: er mag niemes praote over di probleem
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03324) vertaling: er wordt nie over geprot
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03324) vertaling: niemes zi det ie kumt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03324) vertaling: zitte hier nerges gin muize
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03324) vertaling: ik geef niks en 'n aander
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03324) vertaling: niemes wil werke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03324) vertaling: wij wissen nie dettie thuis waar
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03324) vertaling: ik wis't ok nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03324) vertaling: hij mag mi niemes over di probleem proate
000 (x05opm) (inf. 03324) opm. inf.: in plaats van niemes zeggen we vaak gin mens
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03324) vertaling: Jan wit det ie vur drie ure de waoge gemakt moot hebbe
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03324) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03324) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03324) komt voor: n
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03324) vertaling: Meries auto is kepot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03324) vertaling: Maries zunnen auto is kepot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03324) vertaling: piets auto is kepot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03324) vertaling: Piet zunnen auto is kepot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03324) vertaling: den auto van die mens is kepot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03324) vertaling: dieje mens zunnen auto is kepot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03324) vertaling: dien auto is nie van mij mer van hum
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03324) vertaling: de krant van gistere li onder de TV
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03324) vertaling: Jan is de bruur van K en K
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03324) vertaling: die jong z'n fietse zijn gestole
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03324) vertaling: die zussen hun moeder is op bezoek
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03324) vertaling: die auto is van Wimme
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03324) vertaling: de is Wim zunnen auto
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03324) vertaling: de is Wim zunnen auto
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03324) vertaling: die auto is van Wimme
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: de is menne fiets
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: de is menne fiets
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: de is menne fiets
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: die fiets is van mij
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: die fiets is van mij
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: die fiets is van mij
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: die fiets is de menne
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: die fiets is de menne
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03324) vertaling: die fiets is de menne
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03324) vertaling: hij mag mi niemes praote over de probleem
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03324) vertaling: ik wil niemes zeer doen
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03324) vertaling: 't is zund de wij nie mogge komme
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03324) vertaling: de goj ik nie doen
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03324) vertaling: ik he nie gewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03324) vertaling: haij hag't amper gezeed of M begon te schreuwe
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03324) vertaling: goa die bestelling naw mer ophale
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03324) vertaling: hij duu niks
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03324) vertaling: ge komt hier nie mir
opm.: pleonastische negatie bij negatief werkwoord: n.v.t.
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03324) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03324) fragment: um (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03324) fragment: um (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03324) fragment: te (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03324) fragment: is nie te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03324) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03324) fragment: as (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03324) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03324) fragment: dan (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03324) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03324) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03324) fragment: um (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03324) fragment: um (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03324) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03324) fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03324) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03324) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03324) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03324) fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03324) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03324) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03324) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03324) fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03324) fragment: as (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03324) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03324) fragment: (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03324) komt voor: j
fragment: (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03324) komt voor: j
fragment: (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03324) fragment: det (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03324) fragment: det (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03324) fragment: of (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03324) vertaling: ik weet de gellie op niemes kwaad bent
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03324) vertaling: ik weet de ze nerges freet op is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03324) vertaling: E denkt de t nie hendig is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03324) vertaling: ik weet de 'k te laat ben en gij nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03324) vertaling: ik weet toch de gij moet werke en ikke nie
opm.: subjectdubbeling 1.ev.
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03324) vertaling: iedereen denkt de wij nor huis goan en de zij nog mogge bleve
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03324) vertaling: 't is zund det hij kumt en de zij weggi
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03324) vertaling: ik denk de L ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03324) vertaling: volges mij gon P en L tröwen
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03324) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03324) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03324) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03324) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03324) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03324) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03324) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03324) komt voor: j
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 03324) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03324) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03324) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03324) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 03324) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03324) komt voor: n
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 03324) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03324) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03324) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03324) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03324) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03324) komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03324) fragment: waarvan de (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03324) fragment: waarop (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03324) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03324) fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03324) fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03324) fragment: waar (1)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03324) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03324) fragment: de (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03324) fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03324) fragment: waar (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03324) fragment: de (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03324) fragment: wa (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03324) fragment: de (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03324) komt voor: n
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03324) vertaling: wie denkte gij de ik in de stad gezien heb
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03324) vertaling: hoe denkte gellie de ze 't opgelost hebbe
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03324) vertaling: hoe denkte gij de ze 't opgelost hebbe
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03324) vertaling: M wit nie wie wij wille belle
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03324) vertaling: wit iemes wie we geroepe hebbe
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03324) vertaling: wie denkte gij de ik in de stad gezien heb
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03324) vertaling: wie denkte d'k in de stad tegegekomme ben
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03324) vertaling: hij hi z'n haand gewase
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03324) vertaling: hij hi z'n hemd gewase
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03324) vertaling: hij hi unnen hoed op zenne kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03324) vertaling: hij hi 'n vuil hemd aan
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03324) vertaling: hij hi z'n been gebroke
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03324) vertaling: ze hi z'n eige gestoote
opm.: reflexief: z'n eigen
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03324) vertaling: M trok de deke noa z'n eige toe
opm.: reflexief: z'n eigen
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03324) vertaling: L wit det 'r foto's van hum te koop zin
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03324) vertaling: ge wet toch nog wel de we toen dur de bos zen geloope
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03324) vertaling: ik wet nog de den auto van M kepot waar
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03324) vertaling: ze wet nog dettie as 'n verke zat te eete
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03324) vertaling: wij wete nog wel de van Jan al z'n boeke gestole waren mar zij wete 'r niks mer van
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03324) vertaling: witte gullienog de we Jan op de mert gezien hebbe
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03324) vertaling: hij hi z'n eige 'n ongeluk gewerkt
opm.: reflexief: z'n eigen
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03324) vertaling: hij vuulde det ie dur 't ijs zakte
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03324) vertaling: zou ie de gedon hebbe
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03324) fragment: gekund (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03324) fragment: gedon (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03324) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03324) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03324) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03324) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03324) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03324) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03324) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03324) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03324) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03324) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03324) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03324) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03324) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03324) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03324) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03324) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03324) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03324) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03324) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03324) vertaling: Merie s'r koeie zen verdronke...
komt voor: j
opm.: zin niet volledig
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03324) vertaling: Merie s'r koeie zen verdronke...
komt voor: j
opm.: zin niet volledig
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03324) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03324) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03324) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03324) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03324) vertaling: die zou'k nie dörve opeete
komt voor: j
opm.: dav
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03324) vertaling: die zou'k nie dörve opeete
komt voor: j
opm.: dav
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03324) vertaling: de die zou'k nie dörve opeete
komt voor: j
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03324) vertaling: de die zou'k nie dörve opeete
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03324) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03324) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03324) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03324) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03324) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03324) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03324) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03324) vertaling: toenterteed leefde ik 'r op los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03324) vertaling: vruger leefde ie as 'n bist
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03324) vertaling: doar leefde wij as g in F
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03324) vertaling: niemes mag 't zien dus ik veen de gij 't ok nie mogt zien
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03324) vertaling: 't gebeurde toe gij weggingt
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03324) vertaling: ik weet wor gij geborre bent
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03324) vertaling: noa ge kloar bent magde gon
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03324) vertaling: umde M dood waar, hi hurre mens Anna nie mer kenne helpe
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03324) vertaling: ik weet det ie is gon zwemme
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03324) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03324) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03324) komt voor: n
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03324) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03324) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03324) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03324) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03324) komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03324) komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03324) komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03324) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03324) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03324) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03324) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03324) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03324) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03324) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03324) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03324) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03324) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03324) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03324) fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03324) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03324) fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03324) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03324) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03324) fragment: dat hij (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03324) fragment: die (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03324) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03324) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03324) fragment: die (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03324) fragment: wor (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03324) fragment: wie (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03324) fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03324) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03324) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03324) fragment: waar (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03324) fragment: de (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03324) fragment: die (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03324) fragment: de (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03324) fragment: wa (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03324) fragment: wa (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03324) fragment: de (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03324) fragment: wie (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03324) fragment: waarvan de (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03324) fragment: wier (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03324) fragment: wier (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03324) fragment: waarvan de (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03324) vertaling: P denkt de J en M op niemes nie kwaad zijn
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03324) vertaling: P denkt de J en M op niemes nie kwaad zijn
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03324) betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03324) vertaling: nergend
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03324) vertaling: niemes
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03324) vertaling: nooit van ze leve
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03324) vertaling: niks
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03324) vertaling: gin
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03324) vertaling: nie tege hum zegge de ik noar buite waar
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03324) vertaling: nie vertelle de ge n cadeau vur hum het gekocht hurre
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03324) vertaling: witte nie det ie gevallen is
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03324) vertaling: W probeerde niemes zeer te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03324) vertaling: 't lijkt 'r op de ze niks mag eete
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03324) vertaling: ze schijnt niks te mogge ete
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03324) vertaling: ze prebeeren al den hillen dag um mekaar te belle
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03324) vertaling: 't belooft wir unne schonen dag te worre
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03324) vertaling: 't is misschien beter um nog efkes te wochte
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03324) vertaling: we hadde mazzel um 'm meteen terug te veene
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03324) vertaling: as de kiepe unne valk zien zen ze bang
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03324) vertaling: as we de erpel nie kanne verkoope zen we'r mee an
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03324) vertaling: as gullie hum nnie meeneemt wor ik kaod
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03324) vertaling: hij wis't
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03324) vertaling: op deez fist wordt 'r veul gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03324) vertaling: nou wodrt 't alleen nog mer brood verkocht in dieje winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03324) vertaling: as ie met de fiets kumt zal ie wel laot zen
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03324) vertaling: as ge teed het kom dan is ne keer langs
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03324) vertaling: as ik rijk ben koop 'k 'nnen duren auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03324) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03324) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03324) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03324) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03324) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03324) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03324) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03324) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03324) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03324) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03324) vertaling: M hi gezeed de gij het geprobeerd un liedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03324) vertaling: M hi gezeed de gij het geprobeerd un liedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03324) vertaling: M hi gezeed de gij geprebeert het 'n liedje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03324) vertaling: M hi gezeed de gij geprebeert het 'n liedje te zinge
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03324) vertaling: M hi gezeed de gij geprebeerd het heur nnen boek te geeve
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03324) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03324) komt voor: n
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03324) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03324) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03324) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03324) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03324) komt voor: j
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03324) vertaling: die stadse lui hebbe hier veul huis gebaawd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03324) vertaling: an die neej vaart ziede gin mens mir
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03324) vertaling: gistere waar Jan nog hier
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03324) vertaling: op d'n dag de Jan belde waar ik nie thuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03324) vertaling: Jef zou'k nooit vraoge
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03324) vertaling: M zou zoiet nooit doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03324) vertaling: Bert drinkt wel 's 'n glas te veul
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03324) vertaling: M zou'k wel 's bij mij thuis wille vraoge
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03324) vertaling: de huis zou'k nooit wille koope
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03324) vertaling: de huis stit ter al 50 jaor
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03324) komt voor: n
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03324) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03324) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03324) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03324) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03324) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03324) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03324) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03324) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03324) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03324) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03324) vertaling: hi G gebeld
473 (z11b) En pas op! (inf. 03324) vertaling: bent vurzichtig
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03324) vertaling: 't waar amper goed genoeg
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03324) vertaling: M hi nouw meer koeie dan vruger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03324) vertaling: as S ha kanne komme da ha ze de gedon
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03324) vertaling: zij is de beste dokter die ik ken
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03324) vertaling: vurde ge iets weggoid moete efkens belle
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03324) vertaling: de heb ik amel gekrege
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03324) vertaling: Jan is te veul om z'n cente um iets an z'n keinder te geeve
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03324) vertaling: asof gij iets van voetballe wit
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03324) vertaling: leg neer de boek
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03324) vertaling: as ge echt nie kant wachte kom dan mar
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03324) vertaling: ik weet de Jan d'n dokter ha kanne roepe
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03324) vertaling: ik weet de Jan d'n dokter geroepe kon hebbe
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03324) vertaling: hij zeej de ik 't ha moete doen
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03324) vertaling: hij zeej de ik 't gedon moes hebbe
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03324) vertaling: vurrige week ie ie dur dr Mertens geoppereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03324) vertaling: merge wordt ie dur dr Mertens geoppereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03324) positie: 3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03324) positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03324) positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03324) positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03324) positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03324) positie: 1
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03324) fragment: door (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03324) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03324) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03324) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03324) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03324) vertaling: R hi inne gruune appel weggegeve en nouw hit ie nog twee rooj
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03324) vertaling: 'r waar veul vollek op 't fist
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03324) vertaling: waren 'r veul mense op 't fist
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03324) vertaling: wa vur boeke hedde gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03324) vertaling: wa hedde vur boeke gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03324) vertaling: wa hedde vur boeke gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03324) vertaling: wa vur boeke hedde gekocht
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03324) vertaling: hij wont bij Merietjes
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03324) vertaling: hij wont bij Wimme
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03324) vertaling: go efkes nor d'n bakker
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03324) vertaling: wie hedde gezien
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03324) vertaling: wie hi jou gezien
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03324) vertaling: ak de gewete ha ha'k 't nie gedon
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03324) vertaling: ge kont beter nog efkes wochte
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03324) vertaling: gelukkig ha Jan d'n dokter geneld en die waar d'r al hil gaaw
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03324) vertaling: lop nou toch dur, vervelende jong
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03324) komt voor: j
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03324) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03324) komt voor: n
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03324) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03324) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03324) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03324) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03324) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Valkenswaard

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Valkenswaard