SAND-data Ommel (L243a)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03233) vertaling: Jan denkt detie 't nog wel wèt
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03233) vertaling: Toon wést z'n eige
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03233) vertaling: den timmerman hé gen nage bijj
opm.: reflexief: geen
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03233) vertaling: Erik liet mijj vur hum werreke
opm.: reflexief: hem
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03233) vertaling: Toon keek es goe in de spiegel
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03233) vertaling: Jan he in e par menutte z'n biejes op
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03233) vertaling: de zijn hendigge schoewn
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03233) vertaling: Die erpel schelle nie hendig
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03233) vertaling: dè glas brekt as 't op de grond vèlt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03233) vertaling: Dokter lèf ik we gezond genog
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03233) vertaling: hijj tért al jaore op 't geld van ze vadder
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03233) vertaling: Dees wék léft ze op watter en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03233) vertaling: léf 't nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03233) vertaling: hoelaang lif de gellie al van die erfenis
opm.: twijfelgeval: subjectdubbeling inversie.
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03233) vertaling: No't ete gò ik nen nonteren doew
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03233) vertaling: Zook de wel kanne
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03233) vertaling: hijj liejt z'n hus afbréke
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie hard gewerkt he
komt voor: j
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie hard moet kanne werreke
komt voor: j
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie hard gewerkt he
komt voor: j
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie hard gewerkt he
komt voor: j
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie hard moet kanne werreke
komt voor: j
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie hard moet kanne werreke
komt voor: j
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03233) komt voor: j
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03233) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03233) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03233) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03233) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03233) komt voor: j
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03233) komt voor: j
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 03233) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 03233) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03233) komt voor: j
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03233) komt voor: j
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03233) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 03233) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03233) komt voor: j
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03233) komt voor: j
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03233) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 03233) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03233) komt voor: j
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03233) komt voor: j
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 03233) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 03233) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03233) komt voor: j
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03233) komt voor: j
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 03233) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 03233) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03233) komt voor: j
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03233) komt voor: j
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 03233) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 03233) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03233) komt voor: j
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03233) komt voor: j
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03233) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 03233) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03233) komt voor: j
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03233) komt voor: n
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 03233) komt voor: n
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 03233) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03233) komt voor: j
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03233) komt voor: j
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03233) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 03233) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03233) vertaling: Jan he gen boewk mer (buujk mer)
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03233) vertaling: buujk he Jan e gén (of hettie nie)
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03233) vertaling: Jan he nie veul geld mer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03233) vertaling: d'r mag nie over gepraot worre
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03233) vertaling: niemes ze dettie nie kumpt
opm.: interpretatiegeval
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03233) vertaling: Zitte hijes nog meus
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03233) vertaling: ik gif nemmeze niks
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03233) vertaling: d'r is nemes die nog wil werreke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03233) vertaling: we wisse nie dettie thuis waes
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03233) vertaling: ik wis 't ok nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03233) vertaling: Hijj mug me niemezze praote over de geval
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03233) vertaling: Jan wet dettie vur driej ure zinnen auto gemakt moet hebbe
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03233) komt voor: j
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03233) komt voor: j
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03233) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03233) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03233) komt voor: j
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03233) komt voor: j
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03233) vertaling: Meriggen auto is kepot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03233) vertaling: Pieten auto is keppot (mallemoere)
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03233) vertaling: die mens zinne auto is kepot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03233) vertaling: dien auto is nie van mijj mer van hum
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03233) vertaling: de krant van gistere lé onder den tellevizie
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03233) vertaling: z'n bruurke
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03233) vertaling: de fiets van die joong hebbe ze weggehált
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03233) vertaling: die zusters z'n moeder is t'r
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03233) vertaling: des Wimmen auto
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03233) vertaling: des minne fiets
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03233) vertaling: hijj mug me niemezze over de geval praote
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03233) vertaling: ik wil niemezze (kò doew)
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03233) vertaling: t is jommer de wijj nie meuge komme
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03233) vertaling: de doen ik nie
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03233) vertaling: ik heb nie gewerrekt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03233) vertaling: hijj ze kuk de meriej begos te schreeuwe
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03233) vertaling: gao de naw mer hále
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03233) vertaling: hijj werkt nie
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03233) vertaling: ik zeg uw degge hier nie mut komme
opm.: pleonastische negatie bij negatief werkwoord: n.v.t.
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03233) vertaling: Jan wo nie de we Merrigge belde
opm.: pleonastische negatie bij negatief werkwoord: n.v.t.
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03233) fragment: af te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03233) fragment: um (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03233) fragment: um (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03233) fragment: af te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03233) fragment: um te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03233) fragment: komme werreke (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03233) fragment: komme werreke (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03233) fragment: um te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03233) fragment: um te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03233) fragment: moete we (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03233) fragment: as ge (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03233) fragment: as ge (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03233) fragment: moete we (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03233) fragment: de we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03233) fragment: zulle (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03233) fragment: zulle (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03233) fragment: de we (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03233) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03233) fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03233) fragment: as (gellie het meer tijd as wijj) (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03233) fragment: as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: issie evenawd as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: issie evenawd as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: issie evenawd as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: is ie evenaawd as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: is ie evenaawd as gijj (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03233) fragment: is ie evenaawd as gijj (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03233) fragment: zo mer wa te (zevere) (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03233) fragment: (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03233) fragment: régenden 't (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03233) fragment: hij wo nee gao (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03233) fragment: ie er nie zag (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03233) fragment: of (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03233) vertaling: ik wit degge op niemezze kó bínt
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging 'dat' + 2.mv.
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03233) vertaling: ik wit dezze nie gruts is op uw
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging 'dat' + 3.ev.vrouw.
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03233) vertaling: Els denkt det nie hendig is
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging 'dat' + 3.ev.onz.
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03233) vertaling: ik weet dèk te laot ben en gijj nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03233) vertaling: ge wet toch degge moet werreke
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging 'dat' + 2.ev.
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03233) vertaling: t is jommer as hijj kumpt de zijj da gé
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03233) vertaling: ik denk de Lisa ziejk is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03233) vertaling: ik denk desse gaon trawwe
opm.: twijfelgeval voegwoordvervoeging 'dat' + 3.mv.
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03233) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03233) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03233) komt voor: n
229 (y01(ii)) A: Hij zal niet komen B: Hij/'t (en) doet (inf. 03233) vertaling: duttie of duttie 't nie
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03233) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03233) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03233) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03233) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03233) komt voor: n
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 03233) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03233) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03233) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03233) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03233) komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03233) vertaling: de lamp brand nie mer
komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03233) vertaling: de lamp brand nie mer
komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03233) vertaling: Mariej dans elken (iederen) aovend
komt voor: j
opm.: dav
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03233) vertaling: Mariej dans elken (iederen) aovend
komt voor: j
opm.: dav
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03233) vertaling: snijde gij 't brood efkes
opm.: 2e vert?????
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03233) vertaling: snijde gij 't brood efkes
opm.: 2e vert?????
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03233) vertaling: mik snijje en boegent zijje duu den bàs zelef
opm.: 2e vert?????
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03233) vertaling: mik snijje en boegent zijje duu den bàs zelef
opm.: 2e vert?????
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03233) fragment: wor (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03233) fragment: wor (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03233) fragment: zaate (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03233) fragment: wor ze (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03233) fragment: wor ze (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03233) fragment: zaate (2)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03233) fragment: de (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03233) fragment: dee gé (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03233) fragment: wor ik woon (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03233) fragment: de we daor kwamme (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03233) fragment: de we (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03233) fragment: de we (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03233) fragment: de we daor kwamme (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03233) fragment: wa'k (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03233) fragment: wa (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03233) fragment: de (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03233) fragment: de (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03233) fragment: wa (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03233) fragment: die (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03233) vertaling: Wa denkte dek in de stad geziej heb
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03233) vertaling: Wa denkte dek in de stad geziej heb
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03233) vertaling: Wa denkte wie 'k in de stad geziej heb
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03233) vertaling: Wa denkte wie 'k in de stad geziej heb
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03233) vertaling: Hoe denkte gellie des 't op gelost hebbe
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03233) vertaling: Ze we nie wie wij wille opbelle
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03233) vertaling: Wit iemes de waj geroewpe hebbe
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03233) vertaling: Wie denkte ge dew in de stad tegekwaame
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03233) vertaling: Wee denktege dèk dor geziej heb (ha)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord, twijfelgeval voegwoordvervoeging na 'die'
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03233) vertaling: hettie zn hánd gewasse
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03233) vertaling: hijj he zun hempt (hemp) gewasse
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03233) vertaling: Hijj he nen hoewd (hoe) op
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03233) vertaling: Hijj he ne plek op zin hánd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03233) vertaling: Hijj he zin been (of schenke) gebrooke
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03233) vertaling: Zijj he veul pijn
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: Zo hijj de gekanne hebbe of zuukt ie 't nie
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: Zo hijj de gekanne hebbe of zuukt ie 't nie
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: Zo hijj de gekanne hebbe of zuukt ie 't nie
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: Zó hijj de gekanne hebbe
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: Zó hijj de gekanne hebbe
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: Zó hijj de gekanne hebbe
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: kannie le op 't kerkhof en doew nie di nève
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: kannie le op 't kerkhof en doew nie di nève
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03233) vertaling: kannie le op 't kerkhof en doew nie di nève
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03233) fragment: gekanne (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03233) fragment: hijj duu nojt (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03233) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03233) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03233) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03233) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03233) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03233) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03233) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03233) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03233) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03233) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03233) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03233) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03233) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03233) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03233) vertaling: ik denk dettie weg is
komt voor: j
opm.: dav
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03233) vertaling: ik denk dettie weg is
komt voor: j
opm.: dav
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03233) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie weg is
komt voor: j
opm.: dav
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie weg is
komt voor: j
opm.: dav
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03233) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03233) vertaling: de peliessie zó komme en um me neme
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03233) komt voor: j
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03233) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03233) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03233) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03233) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03233) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03233) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03233) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03233) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03233) vertaling: ik heb hèl wa afgeloope
komt voor: j
opm.: dav
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03233) vertaling: ik heb hèl wa afgeloope
komt voor: j
opm.: dav
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03233) vertaling: ik wor muug en haaw er me op
komt voor: j
opm.: dav
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03233) vertaling: ik wor muug en haaw er me op
komt voor: j
opm.: dav
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03233) vertaling: hij hik krek of ie krek uit zinne nést kwamp
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03233) vertaling: de verever was heejes
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03233) vertaling: Denktege de ge no huis got
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03233) vertaling: toe dennew zo mer wa
opm.: dav
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03233) vertaling: 't gink nevare de bèsten af (bistegtig)
opm.: dav
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03233) vertaling: Dor lèfde wijj as God in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03233) vertaling: niemmes mug 't hiej de gijj ok nie
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03233) vertaling: de was toe gijj gingt
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03233) vertaling: ik wet wor gijj bent geborre
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03233) vertaling: as ge verrig zit mudde ge gao
opm.: als ipv nu
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03233) vertaling: ik wet dettie is gaon zwemme
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03233) komt voor: j
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03233) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03233) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03233) komt voor: n
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03233) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03233) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03233) vertaling: moete ge nog koffie
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03233) vertaling: Ja ze gé danse
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03233) vertaling: Ja ze gé danse
komt voor: j
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03233) vertaling: Ja ze hebbe géte
komt voor: j
opm.: dav
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03233) vertaling: Ja ze hebbe géte
komt voor: j
opm.: dav
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03233) vertaling: ja de huis is te koop
komt voor: j
opm.: dav
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03233) vertaling: ja de huis is te koop
komt voor: j
opm.: dav
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03233) vertaling: meregge kumpt 'tr iemes
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03233) vertaling: mé zò wér kande nie veel doew
komt voor: j
opm.: dav
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03233) vertaling: mé zò wér kande nie veel doew
komt voor: j
opm.: dav
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03233) vertaling: as 't kermis komme de mens uit z gaot
komt voor: j
opm.: dav
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03233) vertaling: as 't kermis komme de mens uit z gaot
komt voor: j
opm.: dav
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03233) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03233) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03233) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03233) vertaling: hijj is dó
komt voor: j
opm.: dav
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03233) vertaling: hijj is dó
komt voor: j
opm.: dav
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03233) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03233) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03233) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03233) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03233) vertaling: mi di gesnuw kosse we nie buyte komme
komt voor: j
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03233) vertaling: mi di gesnuw kosse we nie buyte komme
komt voor: j
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03233) fragment: die ze (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03233) fragment: die 't (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03233) fragment: die ik (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03233) fragment: die 't (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03233) fragment: die 't (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03233) fragment: die ik (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03233) fragment: die (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03233) fragment: die (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03233) fragment: de (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03233) fragment: de (2)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03233) fragment: wor (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03233) fragment: wie (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03233) fragment: wor ik (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03233) fragment: wor ik (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03233) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03233) fragment: (2)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03233) fragment: de 'k (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03233) fragment: die 't (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03233) fragment: dè 'k (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03233) fragment: Wie (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03233) fragment: wor de (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03233) vertaling: --op niemes ko zijn
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03233) vertaling: -- de we noot niks e weggeve
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03233) vertaling: ze mugge dr nie me praote
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03233) vertaling: nerges
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03233) vertaling: die em noddig he (ha)
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03233) vertaling: as ze verge
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03233) vertaling: niks
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03233) vertaling: alle moal
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03233) vertaling: zeg nie de'k buute geweest ben
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03233) vertaling: nie zegge degge iets vur um gekocht het
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03233) vertaling: hoe moet ik de wete
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03233) vertaling: ze prebeerde niemmes zer te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03233) vertaling: 't schijnt deze niks mug ete
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03233) vertaling: ze mug niks ete
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03233) vertaling: Ze prebere al den hellen dag um t belle
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03233) vertaling: t schijnt we ne mojen dag te worre
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03233) vertaling: 't is better um nog efkes te waagte
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03233) vertaling: We han geluk de we um trug vonne
opm.: finiete bijzin ipv infinitief
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03233) vertaling: As de henne ne valk zien hebbe ze schrik (verschijte ze)
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03233) vertaling: As we de erpel nie kwijt worre zitte wer me
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03233) vertaling: As gem nie meenemt ben ik ko (kwa)
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03233) vertaling: hij wis t
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03233) vertaling: op de fest word veul gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03233) vertaling: now verkope ze alleen nog mer brood
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03233) vertaling: as ae me de fiets kumt zal ie wel te laat zijn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03233) vertaling: as ge tijd het komde mer es nève
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03233) vertaling: as 'k rijk ben kop ik nen auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03233) vertaling: ik wèt de ge t gedao het
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03233) vertaling: meskien gao ik 't wel krijjge
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03233) vertaling: durfde gijj 'm te verzuuyke
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03233) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03233) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03233) komt voor: j
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03233) komt voor: j
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03233) vertaling: ze léft op wàtter en brood dezze week
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03233) vertaling: Meriej ze de gijj het geprebeerd wa te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03233) vertaling: Merije he geze de gijj 'n lietje wot zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03233) vertaling: Meriej ze de gijj het geprebeerd wa te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03233) vertaling: Merije he geze de gijj 'n lietje wot zinge
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03233) vertaling: Merij ze de ik ze 'n bowk wo geve
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03233) komt voor: j
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03233) komt voor: j
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03233) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03233) komt voor: n
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03233) vertaling: Die uit de stad die hebbe hier veul huis gezet
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03233) vertaling: an die vart ziede ge mens mer
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03233) vertaling: Jan is gistere hier gewist
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03233) vertaling: toe Jan belde was ik nie thuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03233) vertaling: die zo'k nie verzuujke
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03233) vertaling: Mery die zò zouts nie doéw
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03233) vertaling: Martha's zo'k we es wille verzuujke
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03233) vertaling: de huus de zo'k nie wille kope
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03233) vertaling: de huus de stetter al fijftig jaor
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03233) komt voor: j
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03233) komt voor: n
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03233) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03233) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03233) komt voor: j
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03233) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03233) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03233) komt voor: j
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03233) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03233) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03233) komt voor: j
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03233) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03233) komt voor: j
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03233) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03233) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03233) vertaling: he tie gebelt
473 (z11b) En pas op! (inf. 03233) vertaling: verzichtig
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03233) vertaling: t was mer krek goe genog
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03233) vertaling: Marjo he meer koej as vrùgger
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03233) vertaling: zis den besten dokter dieken
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03233) vertaling: vur ge t e weg gojt moete erst efkes belle
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03233) vertaling: hier is alles wa'k krig
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03233) vertaling: hijj is te gierrig um iets an z'n keinder/jong te geve
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03233) vertaling: of gijj iets van voetballe wèt
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03233) vertaling: de boewk de létten
opm.: infinitief als imperatief
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03233) vertaling: as ge nie kaant wacht dan kom mer
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03233) vertaling: ik wet de Jan den dokter ha kanne roewpe
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03233) vertaling: hij ze de ik te ha moete doew
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03233) vertaling: Hijje word merege gopereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03233) positie: 3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03233) positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03233) positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03233) vertaling: ik vijn de ge dikker de krant zot moete léze
opm.: met lidwoord in de vertaling niet ingevuld
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03233) vertaling: 't is lomp um in den donkerre gaon zitte leze
opm.: niet ingevuld krant niet in vertaling
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03233) vertaling: Hijj zit den ellendag te léze
opm.: niet ingevuld krant niet in vertaling
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03233) fragment: laote (1)
507 (z14b) Ze hebben aan hem laten lachen (inf. 03233) fragment: hum (1)
508 (z14c) Ze hebben aan hem laten vallen omdat hij zijn werk niet goed deed (inf. 03233) fragment: hum (1)
506 (z14d) Heb jij aan Jan gezien? (inf. 03233) fragment: hedde gij (1)
510 (z14e) Heb jij aan mijn portefeuille gezien? (inf. 03233) fragment: hedde gijj (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03233) vertaling: Zo'n ding heb ik nog nojt gezie
komt voor: j
opm.: dav
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03233) vertaling: Zo'n ding heb ik nog nojt gezie
komt voor: j
opm.: dav
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03233) vertaling: Zo'n vrouw kande mer better nie tegsprieke
komt voor: j
opm.: dav
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03233) vertaling: Zo'n vrouw kande mer better nie tegsprieke
komt voor: j
opm.: dav
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03233) vertaling: Zo enne hi altijd wa um er over te klage
komt voor: j
opm.: dav
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03233) vertaling: Zo enne hi altijd wa um er over te klage
komt voor: j
opm.: dav
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03233) vertaling: ge bint me dr ok enne
komt voor: j
opm.: dav
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03233) vertaling: ge bint me dr ok enne
komt voor: j
opm.: dav
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03233) vertaling: d'r waare veul mense op t fèst
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03233) vertaling: warre d'r veul mense op t fest
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03233) vertaling: [niet beantwoord]
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03233) vertaling: Wa vur buujk hedde ge gekócht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03233) vertaling: Wa vur buujk hedde ge gekócht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03233) vertaling: [niet beantwoord]
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03233) vertaling: hijj wont bijj merrieje
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03233) vertaling: hij wont bijj Wimme
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03233) vertaling: lopt efkes no den bakker Wim
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03233) vertaling: Wies hedde geziej
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03233) vertaling: Wie he aw gezieje
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03233) vertaling: As 'k de gewet ha haak 't nie gedao
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03233) vertaling: 't zo better zijn as ge nog efkes waagte
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03233) vertaling: Lop toch dur vervélend jong
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03233) komt voor: j
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03233) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03233) komt voor: j
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03233) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03233) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03233) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03233) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03233) komt voor: n
000 (z17opm) (inf. 03233) opm. inf.: te mendje nen monterre smiddes 'n oefenvint en s'aoves/tovend bulling
000 (z17opm) (inf. 03233) opm. inf.: as t nie gé zo as 't moet, moet t mer gao lik't gé is dit u bekend?
000 (z17opm) (inf. 03233) opm. inf.: as t nie gé zo as 't moet, moet t mer gao lik't gé is dit u bekend?
000 (z17opm) (inf. 03233) opm. inf.: te mendje nen monterre smiddes 'n oefenvint en s'aoves/tovend bulling

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Ommel

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Ommel