SAND-data Koningshooikt (K294p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03208) vertaling: Jan kent da verhaal nog wel
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03208) vertaling: M en P zien mekander vui de kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03208) vertaling: T wast z'n age
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03208) vertaling: de schraanwerkerr hee gieen nogels ba
opm.: reflexief: geen
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03208) vertaling: F zag n slang neefen 'm
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03208) vertaling: E liet ma vui heum werke
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03208) vertaling: J liet huir age meidrave oep de golve
opm.: reflexief: haar eigen
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03208) vertaling: T bekeik z'n age ns goe in de spiegel
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03208) vertaling: Jan hee in twie minute e birke oatgedroenke
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03208) vertaling: die schoene loeepe gemakkelek
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03208) vertaling: E kent z'n age goe
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03208) vertaling: W hee gehoeërd dat er fotous van heum in d'etalaasj steun
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03208) vertaling: die patatte schelle nie gemakkelek
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03208) vertaling: da glas brekt as t oep de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03208) vertaling: doktour, leeve 'e kik wel gezond genoeg
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03208) vertaling: al jore leeft'em van d'erfenis van z'n vader
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03208) vertaling: deis week leeft z'oep woter en broet
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03208) vertaling: leev'et nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03208) vertaling: hoelang leev'de gellie na al van die erfenis
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03208) vertaling: in Bretagne leve ze veral van de visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03208) vertaling: no 't eite geunekik slope
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03208) vertaling: za'k da wel kunne doen
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03208) vertaling: ha liet z'n hoas afbreike
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03208) vertaling: 'k weit da Jan het mut kunne werke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03208) vertaling: 'k weit da Jan het mut kunne werke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03208) vertaling: 'k weit da Jan het mut kunne werke
komt voor: j
gebr.: 5
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03208) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03208) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03208) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03208) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03208) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03208) komt voor: n
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 03208) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 03208) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03208) komt voor: n
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03208) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 03208) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03208) komt voor: n
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03208) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 03208) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03208) komt voor: n
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 03208) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 03208) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03208) komt voor: n
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 03208) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 03208) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03208) komt voor: n
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 03208) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 03208) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03208) komt voor: n
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03208) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 03208) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03208) komt voor: n
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 03208) komt voor: n
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 03208) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03208) komt voor: n
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03208) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 03208) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03208) vertaling: Jan hee gieënieënen boek ne mieë
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03208) vertaling: Jan hee gieënieënen boek ne mieë
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03208) vertaling: boeke hee Jan nie
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03208) vertaling: Jan hee nie veul geld ne mieë
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03208) vertaling: d'r mag niemand ouver da probleim klappe
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03208) vertaling: d'r mag niemand ouver da probleim klappe
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03208) vertaling: d'r zee niemand dat'm komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03208) vertaling: zitten hier nieverans gieën moaze
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03208) vertaling: k geif niks oan n ander
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03208) vertaling: d'r wilt niemand nie werke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03208) vertaling: welle wisten nie dat'm toas was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03208) vertaling: k wist t oeëk nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03208) vertaling: ha mag me niemand nie ouver da probleim klappe
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03208) vertaling: Jan wet dat'm vui dra uur de woge gemokt mut hemme
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03208) komt voor: n
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03208) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03208) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03208) komt voor: n
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03208) vertaling: Maries ottou is kapot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03208) vertaling: Marie huiren ottou is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03208) vertaling: Piets ottou is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03208) vertaling: Piet zenen ottou is kapot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03208) vertaling: den ottou van diee vent is kapot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03208) vertaling: diee vent zenen ottou is kapot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03208) vertaling: dieën ottou is nie van ma mo van heum
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03208) vertaling: de gazet van gistere ligt onder de teivei
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03208) vertaling: Jan is t bruureke van K en K
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03208) vertaling: die jonges heulle vlous zen gestole
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03208) vertaling: de moeder van die gezusters is oep bezuuk
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03208) vertaling: dieën ottou is van Wim
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03208) vertaling: dieë vlou is van ma
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03208) vertaling: ha mag me niemand nie klappe ouver da probleim
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03208) vertaling: k wil niemand nie kwetse
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03208) vertaling: 't is spateg da welle ni muige koume
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03208) vertaling: da geunekik nie doen
opm.: subjectdubbeling
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03208) vertaling: k heim nie gewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03208) vertaling: ha haag't nog mo pas verteld of M begon te schrieëve
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03208) vertaling: gaat die bestelling na mo afhole
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03208) vertaling: ha werkt ni
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03208) vertaling: k verbied e hie te koume
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03208) vertaling: Jan verhinderde da we Marie zaan bellen
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: voor (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: voor (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: voor (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: voor (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03208) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03208) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03208) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03208) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03208) fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03208) fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03208) fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03208) fragment: om (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03208) fragment: om (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03208) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: van (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: van (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: van (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: van (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: van (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: van (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03208) fragment: te (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03208) fragment: als (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03208) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03208) fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03208) fragment: dan (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03208) fragment: als (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03208) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03208) fragment: (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03208) fragment: dat (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03208) fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03208) fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: of (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: of (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: of (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: of dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: of dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03208) fragment: of dat (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03208) vertaling: k weit da gelle oep niemand nie ko zet
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03208) vertaling: k weit da za oep niks (nie) fier is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03208) vertaling: Els denkt da't nie gemakkelek es
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03208) vertaling: k weit da'k te loat zen en ga nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03208) vertaling: ge wet toch da ga mut werke en ikke nie
opm.: subjectdubbeling 1.ev.
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03208) vertaling: iederieën denkt da welle nor oas geun en da zelle nog muige blave
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03208) vertaling: 't is spateg dad'a komt en da sa weggo
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03208) vertaling: k denk da Liza ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03208) vertaling: k denk da Pieter en Liezeke geun trouwe
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03208) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03208) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03208) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03208) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03208) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03208) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03208) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03208) komt voor: n
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 03208) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03208) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03208) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03208) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 03208) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03208) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 03208) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03208) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03208) komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03208) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03208) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03208) komt voor: n
000 (y01opm) (inf. 03208) opm. inf.: de vorm "toetoet" wordt enkel gebruikt in geval van sterke tegenspraak
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03208) fragment: wiens (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03208) fragment: waar dat (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03208) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03208) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03208) fragment: wat dat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03208) fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03208) fragment: waar dat (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03208) fragment: dat (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03208) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03208) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03208) fragment: die (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03208) fragment: wie (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03208) fragment: wie (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03208) fragment: die (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03208) vertaling: wie denkte gij dakik in t stad tegengekomen ben
opm.: subjectdubbeling
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03208) vertaling: wa denkte gijlie hoe da ze da opgelost hemme
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03208) vertaling: wa denkte gijlie hoe da ze da opgelost hemme
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03208) vertaling: hoe denkte gijlie da ze da opgelost hemme
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03208) vertaling: hoe denkte gijlie da ze da opgelost hemme
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03208) vertaling: hoe denkte gij da ze da opgelost hemme
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03208) vertaling: Magda weet nie wie da we willen bellen
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03208) vertaling: weet iemand wie da wijlie geroepen hemme
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03208) vertaling: wie denkte gij da kik in t stad tegengekomen ben
opm.: subjectdubbeling
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03208) vertaling: wie denkte gij da kik in t stad tegengekomen ben
opm.: subjectdubbeling
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03208) vertaling: en he zen hanne gewasse
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03208) vertaling: en he zen hem gewasse
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03208) vertaling: en he nen hut up sene kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03208) vertaling: en he en plek up sen hem
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03208) vertaling: en he zen bien gebrouke
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03208) vertaling: en he zen age zier gedoan
opm.: mannelijk i.p.v. vrouwelijk reflexief: z'n eigen
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03208) vertaling: Marie trog de soze ner heur tu
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03208) vertaling: Luk wet tat er fotous van hemzelf te kuep zen
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03208) vertaling: ga wet toch nog da we toen doe da bos gelupen zen
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03208) vertaling: k weit nog dat ten ottou van Marie kapot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03208) vertaling: ze wet nog dat em az en verke zat te eite
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03208) vertaling: welle weite nog da we Jan al zen boeke gestoule wore, me zolle weiten et ne mie
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03208) vertaling: wete gelle nog da we Jan up de met gezien hemme
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03208) vertaling: en he zen agen en ongeluk gewerkt
opm.: reflexief: z'n eigen
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03208) vertaling: ha vulde zen age doe taas zakke
opm.: reflexief: z'n eigen
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03208) vertaling: zou em da kunne gedaan hemme
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03208) vertaling: zou em da kunne gedaan hemme
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03208) vertaling: zou em da gedoan kunnen hemme
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03208) vertaling: zou em da gedoan kunnen hemme
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03208) fragment: gekunnen (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03208) fragment: gedoan (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03208) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03208) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03208) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03208) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03208) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03208) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03208) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03208) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03208) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03208) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03208) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03208) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03208) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03208) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03208) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03208) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03208) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03208) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03208) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03208) vertaling: Marie al heur koeien zijn bij de overstroming verdronken
komt voor: j
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03208) vertaling: Marie al heur koeien zijn bij de overstroming verdronken
komt voor: j
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03208) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03208) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03208) vertaling: k hem al de eerste drie soumen gemaakt. Welke hedde gij gemaakt?
komt voor: j
opm.: dav
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03208) vertaling: k hem al de eerste drie soumen gemaakt. Welke hedde gij gemaakt?
komt voor: j
opm.: dav
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03208) vertaling: waffer hedde gij al weggebracht
komt voor: j
opm.: dav
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03208) vertaling: waffer hedde gij al weggebracht
komt voor: j
opm.: dav
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03208) vertaling: zo'n zou'k nie durven opeten
komt voor: j
opm.: dav
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03208) vertaling: zo'n zou'k nie durven opeten
komt voor: j
opm.: dav
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03208) vertaling: de die zou'k nie durven opeten
komt voor: j
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03208) vertaling: de die zou'k nie durven opeten
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03208) vertaling: k weet dat Jan naar de markt geweest heeft
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03208) vertaling: k weet dat Jan naar de markt geweest is
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03208) vertaling: k weet dat Jan naar de markt geweest is
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03208) vertaling: k weet dat Jan naar de markt geweest heeft
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03208) vertaling: k weet dat Jan naar de markt geweest is
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03208) vertaling: k weet dat Jan naar de markt geweest heeft
komt voor: j
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03208) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03208) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03208) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03208) vertaling: hij deed alsof m pas uit zijn bed kwam
komt voor: j
opm.: dav
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03208) vertaling: hij deed alsof m pas uit zijn bed kwam
komt voor: j
opm.: dav
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03208) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03208) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03208) vertaling: in dien taat levde kik er up los
opm.: subjectdubbeling
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03208) vertaling: vrugger leevde nem as en biest
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03208) vertaling: do leevde wellen as G in F
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03208) vertaling: niemant mag et zien, kvan da gaa tuuk ni moegt zien
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03208) vertaling: t gebeurde tuun dage weggingt
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03208) vertaling: k weit wo da ge gebore zet
opm.: waar dat - ja
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03208) vertaling: na dage kleir zet, moegde goan
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03208) vertaling: umda M gestorve was, hee hoere man A nemie kunne helpe
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03208) vertaling: k weit da em goan zwemmen is
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03208) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03208) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03208) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03208) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03208) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03208) vertaling: ja ze
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03208) vertaling: jaat
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03208) vertaling: jaat
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03208) vertaling: ja ze
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03208) vertaling: jaat
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03208) vertaling: ja ze
komt voor: j
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03208) vertaling: jaze
komt voor: j
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03208) vertaling: jaze
komt voor: j
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03208) vertaling: jaat
komt voor: j
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03208) vertaling: jaat
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03208) vertaling: wieda
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03208) vertaling: wieda
komt voor: j
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03208) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03208) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03208) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03208) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03208) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03208) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03208) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03208) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03208) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03208) vertaling: me hee te werke must ze den hielen dag tois blave
komt voor: j
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03208) vertaling: me hee te werke must ze den hielen dag tois blave
komt voor: j
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03208) vertaling: me te snieve koste we t stad ni uit
komt voor: j
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03208) vertaling: me te snieve koste we t stad ni uit
komt voor: j
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03208) fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: da (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: da (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: da (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: da (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03208) fragment: dat m (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03208) fragment: da (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03208) fragment: da (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03208) fragment: da (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03208) fragment: da (2)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03208) fragment: wor da (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03208) fragment: wie da (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03208) fragment: da (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03208) fragment: da (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03208) fragment: wor (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03208) fragment: wor (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03208) fragment: da (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03208) fragment: die (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03208) fragment: da (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03208) fragment: wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03208) fragment: wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03208) fragment: wie da (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03208) fragment: wie da (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03208) fragment: van wie de (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03208) vertaling: Piet denkt da Jan en Marie oep niemand nie ko zen
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03208) vertaling: Piet denkt da Jan en Marie oep niemand nie ko zen
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03208) vertaling: Wim denkt da we noeit niemand ne praas geive
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03208) vertaling: Wim denkt da we noeit niemand ne praas geive
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03208) vertaling: 't is wo da ze nie me M muige spreike
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03208) vertaling: 't is wo da ze nie me M muige spreike
betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03208) vertaling: nievers
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03208) vertaling: nievers
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03208) vertaling: nieverans nie
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03208) vertaling: nieverans nie
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03208) vertaling: niemand nie
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03208) vertaling: niemand
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03208) vertaling: niemand
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03208) vertaling: niemand nie
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03208) vertaling: noeit
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03208) vertaling: noeit nie
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03208) vertaling: noeit nie
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03208) vertaling: noeit
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03208) vertaling: niks nie
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03208) vertaling: niks
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03208) vertaling: niks
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03208) vertaling: niks nie
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03208) vertaling: gieën
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03208) vertaling: gieënieën
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03208) vertaling: gieënieën
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03208) vertaling: gieën
000 (z03opm) (inf. 03208) opm. inf.: de ontkenning wordt vaak verterkt door "nie" toe te voegen
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03208) vertaling: zegt'm nie da'k no boate ben geweist
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03208) vertaling: nie vertelle da ge ne kadou vui hem gekocht het, zenne
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03208) vertaling: wet-e ga nie da 'm gevallen is
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03208) vertaling: W probeirde oem niemand gieën paan te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03208) vertaling: t schijnt da ze niks mag eite
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03208) vertaling: ze schijnt niks (nie) te muigen eite
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03208) vertaling: ze probeirden al den hielen dag makander oep te belle
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03208) vertaling: t belouft wei ne schoeënen dag te weurre
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03208) vertaling: t is misschien beter nog wa te wachte
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03208) vertaling: we hadde t geluk da we m direkt terugvonne
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03208) vertaling: as de kiekes ne valk zien hemme ze schrik
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03208) vertaling: as we de patatte nie kunne verkoeëpe zitte w'in de probleime
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03208) vertaling: as g'em nie meinemt weur'k ko
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03208) vertaling: ha wist't
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03208) vertaling: oep deis fjest weurt vuil gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03208) vertaling: na weurt er allieën nog mo broeëd in dieë winkel verkocht
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03208) vertaling: as'm met de vlou komt, zal'm wel loat zaan
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03208) vertaling: as ge taad het, komt dan es ne kieë langs
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03208) vertaling: as k raak zen, koeëp k nen duren ottou
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03208) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03208) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03208) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03208) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03208) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03208) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03208) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03208) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03208) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03208) vertaling: ze leeft za oep water en broeëd deis week
komt voor: j
opm.: door het onderwerp te herhalen maakt de spreker zijn houding tegenover het feit duidelijk (spot, afkeuring,...)
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03208) vertaling: ze leeft za oep water en broeëd deis week
komt voor: j
opm.: door het onderwerp te herhalen maakt de spreker zijn houding tegenover het feit duidelijk (spot, afkeuring,...)
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03208) vertaling: Marie hee gezee da ge n lieke probeire te zingen het
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03208) vertaling: Marie hee gezee da ge een lieke probeire te zingen het
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03208) vertaling: Marie hee gezee da ge n lieke probeire te zingen het
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03208) vertaling: Marie hee gezee da ge een lieke probeire te zingen het
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03208) vertaling: Marie hee gezee da ge huir nen boek probeire te geiven het
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03208) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03208) komt voor: n
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03208) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03208) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03208) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03208) vertaling: dei van t stad dei hemmen hie vuil hoaze gebouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03208) vertaling: oon die nief voot do ziede gieën mans ne mieë
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03208) vertaling: gisteren is Jan hie geweist
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03208) vertaling: dan dag da Jan belde was'k nie toas
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03208) vertaling: Jef, dieë za'k noeët oatnoeëdege
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03208) vertaling: Marie, die za zoeiet noeët doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03208) vertaling: Bert, dieë drinkt s e glas te vuil
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03208) vertaling: Martha, die za'k wel 's ba ma toas willen oatnoeëdege
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03208) vertaling: dat hoos, da za'k noeët wille verkoeëpe
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03208) vertaling: dat hoos, da stoot do al fefteg joor
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 2
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 2
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03208) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03208) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03208) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03208) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03208) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03208) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03208) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03208) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03208) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03208) vertaling: hee Gunther gebeld
473 (z11b) En pas op! (inf. 03208) vertaling: pas oep
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03208) vertaling: t was mor zjeust goe genoeg
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03208) vertaling: M hee na mieër keuje dan da ze vruger haa
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03208) vertaling: As S kunne koume was, dan ha ze da gedoan
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03208) vertaling: z'is den besten doktour dieë k ken
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03208) vertaling: vui da g'iet wegsmet, mut efkes belle
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03208) vertaling: hie is al wa da'k gekreigen hem
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03208) vertaling: Jan is te gierig oem iet oon z'n kindere te geive
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03208) vertaling: azof da ga iet van voetballen afwet
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03208) vertaling: lee da boek nee
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03208) vertaling: as ge echt nie kunt wachte, komt dan mo
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03208) vertaling: k weit da Jan den doktour kuune roepe ha
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03208) vertaling: k weit da Jan den doktour geroepe kon hemme
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03208) vertaling: ha za da'k t mutten doen ha
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03208) vertaling: ha za da'k t gedoan moest hemme
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03208) vertaling: ha is verleie week dui doktour Mertes gopereid
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03208) vertaling: merge weurt m dui doktour Mertes gopereid
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03208) vertaling: k denk da ge vuil za mutte wegsmate
positie: 3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03208) vertaling: k denk da ge vuil za mutte wegsmate
positie: 3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03208) vertaling: 't is stoem zoeën dier dinge wag te smate
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03208) vertaling: 't is stoem zoeën dier dinge wag te smate
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03208) vertaling: ha is alle kapotte spulle oon't wegsmate
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03208) vertaling: ha is alle kapotte spulle oon't wegsmate
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03208) vertaling: k faan da ge mieër de gazet za mutte leze
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03208) vertaling: k faan da ge mieër de gazet za mutte leze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03208) vertaling: 't is stoem oem in den doenkere de gazet te leize
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03208) vertaling: 't is stoem oem in den doenkere de gazet te leize
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03208) vertaling: ha is den hielen dag de gazet oon't leize
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03208) vertaling: ha is den hielen dag de gazet oon't leize
positie: 1
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03208) fragment: dui (1)
506 (z14d) Heb jij aan Jan gezien? (inf. 03208) fragment: de (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03208) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03208) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03208) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03208) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03208) vertaling: Rober hee ieëne grunen appel weggegeive en na heet m nog twieë roeë
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03208) vertaling: Rober hee ieëne grunen appel weggegeive en na heet m er nog twieë roeë
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03208) vertaling: Rober hee ieëne grunen appel weggegeive en na heet m er nog twieë roeë
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03208) vertaling: Rober hee ieëne grunen appel weggegeive en na heet m nog twieë roeë
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03208) vertaling: d'r wore vuil mensen oep t fjest
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03208) vertaling: wore d'r vuil mensen oep t fjest
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03208) vertaling: wa hedde vui boeken gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03208) vertaling: wa hedde vui boeken gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03208) vertaling: wa vui boeke hedde gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03208) vertaling: wa vui boeke hedde gekocht
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03208) vertaling: ha weunt ba Marieke
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03208) vertaling: ha weunt ba Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03208) vertaling: leupt efkes no den bakker, Wim
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03208) vertaling: wie heede gezien
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03208) vertaling: wie hee a gezien
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03208) vertaling: ha'k da geweite, dan ha'k da nie gedoon
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03208) vertaling: 't za beter zaan van nog efkes te wachte
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03208) vertaling: gelukkig ha de Jan den doktour gebeld en dieë was er al hieël rap
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03208) vertaling: loept na toch ns veut verveilende joeng
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03208) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 3
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03208) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03208) komt voor: j
gebr.: 5
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03208) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03208) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03208) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Koningshooikt

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Koningshooikt