SAND-data Lage Zwaluwe (K125p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03171) vertaling: Jan ken z'n eige da verhaol nog wel herinnere
opm.: reflexief: z'n eigen
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03171) vertaling: Murie en Piet zien mekaore vor de kerruk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03171) vertaling: Toon was z'n eige
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03171) vertaling: De timmerman hè gèn spijkers bij 'm
opm.: reflexief: hem
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03171) vertaling: Fons zaag 'n slang neffun 'm
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03171) vertaling: Erik liet mijn vor 'm werrukke
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03171) vertaling: Johanne liet 'r eige meedrijve op de golleve
opm.: reflexief: haar eigen
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03171) vertaling: Toon bekeek z'n eige is goed in de spiegel
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03171) vertaling: In twee minuute he Jan een bierke gedronke
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03171) vertaling: Dees schoene lope makkelek
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03171) vertaling: Eduard ken z'n eige goed
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03171) vertaling: Ward he gehwoord dat 'r foto's van z'n eige in de etelaozje staon
opm.: reflexief: z'n eigen
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03171) vertaling: Die aerepul schelle niet makkelijk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03171) vertaling: Dees glas brekt as 't op de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03171) vertaling: Dokter, leef ik wel gezond genog?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03171) vertaling: Hij leeft al jaore van vaoders errefenis
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03171) vertaling: Vandeweek leef ze op waoter en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03171) vertaling: Leeft ie nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03171) vertaling: Hoelang leve jullie nou al van die errefenis?
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03171) vertaling: In Bretagne leve ze voral van de visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03171) vertaling: Nao 't ete gaoij ik slaope
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03171) vertaling: Zou ik da wel kenne doen
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03171) vertaling: Hij liet z'n huis aafbreke
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03171) vertaling: Ik weet da Jan mot kenne werrukke
komt voor: j
gebr.: 4
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03171) vertaling: Ik weet da Jan mot kenne werrukke
komt voor: j
gebr.: 4
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03171) vertaling: Ik weet da Jan mot kenne werrukke
komt voor: j
gebr.: 4
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03171) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03171) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03171) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03171) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03171) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03171) komt voor: j
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03171) komt voor: n
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 03171) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 03171) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03171) komt voor: n
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03171) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 03171) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03171) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 03171) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 03171) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 03171) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 03171) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 03171) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 03171) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 03171) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03171) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 03171) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03171) komt voor: n
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 03171) komt voor: n
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 03171) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03171) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 03171) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03171) vertaling: Jan he geeneejn boek mjéér
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03171) vertaling: Jan he gen boek mjéér
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03171) vertaling: Jan hè gèn boeke
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03171) vertaling: Jan he nie veul geld mjéér
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03171) vertaling: D'r maag gen mees over dees probleem praote
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03171) vertaling: D'r maag gen mees praote over dees probleem
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03171) vertaling: Gen mees zeet dat ie komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03171) vertaling: Zitten hier nerregeraas muize
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03171) vertaling: Ik geef niks aon 'n ander
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03171) vertaling: Gen mees wil werrukke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03171) vertaling: We wiese nie dat ie thuis was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03171) vertaling: Ik wies 't òk nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03171) vertaling: Hij mag over dees probleem mee gen mees praote
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03171) vertaling: Jan wet dat ie vor drie ure de waoge gemaokt mot hebbe
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03171) komt voor: n
gebr.: 3
opm.: dav
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03171) komt voor: n
gebr.: 3
opm.: dav
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03171) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03171) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03171) komt voor: n
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03171) vertaling: Maries auto is kupot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03171) vertaling: De auto van Murieje is kepot
opm.: prenominale genitief possessief pronomen: n.v.t.
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03171) vertaling: Piete auto is kepot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03171) vertaling: De auto van Piete is kepot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03171) vertaling: De auto van dieje man is kepot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03171) vertaling: Dieje man z'n auto is kepot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03171) vertaling: Die auto is nie van mijn mar van hum
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03171) vertaling: De kraant van giesterus leet onder de T.V.
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03171) vertaling: Jan is 't broertje van Karolien en Kristien
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03171) vertaling: De fietse van de jonge's zen gejat
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03171) vertaling: De moeder van die zusters is op bezoek
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03171) vertaling: Die auto is van Wimmu
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03171) vertaling: Die fiets is van mijn
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03171) vertaling: Hij maag mee gè mees over dees probleem praote
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03171) vertaling: Ik wil gen man zjéér doen
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03171) vertaling: 't Is zonde da wij nie mage komme
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03171) vertaling: Da gaoij ik nie doen
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03171) vertaling: Ik heb nie gewerrukt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03171) vertaling: Hij had't nog mar net verteld toen Mutie begon te jaanke
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03171) vertaling: Gaot die bestelling nou mar is haole
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03171) vertaling: Hij doe niks
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03171) vertaling: Ik wil nie hebbe da ge hier komt
opm.: pleonastische negatie bij negatief werkwoord: n.v.t.
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03171) vertaling: Jan verhinderde da we Murieje belde
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: willen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: willen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: willen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: kunnen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: kunnen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: kunnen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: kunnen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: kunnen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: willen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: kunnen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: kunnen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: willen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: willen (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: willen (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat hij kon (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat hij kon (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat hij kon (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat hij kon (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat hij kon (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat hij kon (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat hij kon (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: haast niet te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: haast niet te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: haast niet te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: haast niet te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te zullen (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03171) komt voor: j
fragment: te zullen (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dan (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03171) komt voor: j
fragment: als (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: flink (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: flink (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: flink (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: flink (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: maar te (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: maar te (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: maar te (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: maar te (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: steeds te (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: steeds te (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: steeds te (1)
opm.: twijfel positie leeg
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03171) komt voor: j
fragment: steeds te (1)
opm.: twijfel positie leeg
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03171) komt voor: n
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03171) komt voor: n
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03171) komt voor: n
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: hoe (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: vanwaar (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: vanwaar (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: vanwaar (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: vanwaar (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: hoe (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: hoe (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03171) komt voor: j
fragment: hoe (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03171) vertaling: Ik weet da jullie op gen mees bwóós zijn
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03171) vertaling: Ze is hgélemaol niet grootsig
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03171) vertaling: Els denkt dat 't best wel moeilijk zal zijn
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03171) vertaling: Ik weet wel da'k te laot ben en gij nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03171) vertaling: Ge wet toch dat gij mot werrukke en ikke nie
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03171) vertaling: Iedereejn denkt da zullie nog mage blijve as wij naor huis gaon
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03171) vertaling: 't Is zonde da zij weggaot as hij komt
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03171) vertaling: Ik denk da Lisa ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03171) vertaling: Ik denk da Piet en Lieske gaon trouwe
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03171) komt voor: j
betekenis: bevestigend
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03171) komt voor: j
betekenis: bevestigend
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03171) komt voor: j
betekenis: bevestigend
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03171) komt voor: j
betekenis: bevestigend
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03171) komt voor: j
betekenis: bevestigend
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03171) komt voor: j
betekenis: bevestigend
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03171) komt voor: j
opm.: betekenis niet ingevuld
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03171) komt voor: j
opm.: betekenis niet ingevuld
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03171) komt voor: j
opm.: betekenis niet ingevuld
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03171) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03171) komt voor: n
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03171) komt voor: j
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03171) komt voor: j
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 03171) komt voor: j
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03171) komt voor: n
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 03171) komt voor: j
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03171) komt voor: j
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03171) komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03171) vertaling: De laamp braandt nie mjéér
komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03171) vertaling: De laamp braandt nie mjéér
komt voor: j
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03171) vertaling: Daas Murie iederen aovend
komt voor: j
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03171) vertaling: Daas Murie iederen aovend
komt voor: j
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03171) vertaling: Snij 't brood is effe
komt voor: j
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03171) vertaling: Snij 't brood is effe
komt voor: j
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wiens (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wiens (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wiens (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wiens (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: daar (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: daar (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: daar (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03171) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: welke (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: welke (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03171) komt voor: j
fragment: welke (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03171) komt voor: j
fragment: daar (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03171) komt voor: j
fragment: daar (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waar (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03171) komt voor: j
fragment: daar (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03171) komt voor: j
fragment: toen (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03171) komt voor: j
fragment: toen (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03171) komt voor: j
fragment: toen (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: welk (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: welk (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: welk (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: welk (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03171) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03171) vertaling: Wie denkte nou da'k in de stad ontmoet heb
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03171) vertaling: Hoe hebbe ze 't opgelost denke jullie
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03171) vertaling: Hoe denkte da ze 't opgelost hebbe
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03171) vertaling: Magda wet nie wie wij wille opbelle
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03171) vertaling: Wet 'r iemand wie wij geroepe hebbe
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03171) vertaling: Wie denkte dat ik in de stad tege gekomme ben
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03171) vertaling: Hij hè z'n haande gewasse
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03171) vertaling: Hij hè z'n hem gewasse
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03171) vertaling: Hij hed in'nen hoed op z'ne kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03171) vertaling: Hij hed 'n plek op z'n hem
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03171) vertaling: Hij he z'n bjéén gebroke
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03171) vertaling: Ze het d'r eige zjéér gedaon
opm.: reflexief: haar eigen
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03171) vertaling: Murie trok de deke naor d'r toe
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03171) vertaling: Luc wet dat 'r foto's van z'n eige te kwoop zen
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03171) vertaling: Ge wet toch wel da we toen deur 't bos gelope zijn
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03171) vertaling: Ik weet nog dat de auto van Murieje kepot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03171) vertaling: Ze wies nog wel dat ie as 'n verrukke zaat te fraete
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03171) vertaling: Wij wete nog wel da alle boeke van Janne gestole ware mar hullie wete daor niks mjéér van.
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03171) vertaling: Wete jullie nog da we Janne op de mart hebbe gezien
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03171) vertaling: Hij he zich te barste gewerrukt
opm.: reflexief: zich
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03171) vertaling: Hij voelde z'n eige deur 't ijs zakke
opm.: reflexief: z'n eigen
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03171) vertaling: Zout ie da gedaon kenne hebbe?
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03171) fragment: gekenne (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03171) fragment: gedaon (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03171) komt voor: n
opm.: informant omcirkelt weliswaar 'ja' maar uit de rest van zijn antwoorden op deze vraag blijkt dat hij 'nee' bedoelde
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03171) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03171) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03171) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03171) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03171) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03171) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03171) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03171) komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03171) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03171) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03171) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03171) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03171) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03171) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03171) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03171) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03171) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03171) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03171) vertaling: Hij deej net of ie net uit bed kwaam
komt voor: j
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03171) vertaling: Hij deej net of ie net uit bed kwaam
komt voor: j
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03171) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03171) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03171) vertaling: In die tijd leefde ik er op los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03171) vertaling: Hij leefde vroeger als een beest
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03171) vertaling: Daar leefde wij als God in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03171) vertaling: Niemand maag 't zien dus gij òk nie
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03171) vertaling: Toende gij wegging gebeurde 't
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03171) vertaling: Ik weet waor gij gebore zijt
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03171) vertaling: Nou ge klaor zijt maagde gaon
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03171) vertaling: Omda Murie dood gegaon was het d're man Anna's nie mjeer kenne hellupe
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03171) vertaling: Ik weet dat ie is gaon zwemme
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03171) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03171) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03171) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03171) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03171) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03171) vertaling: Wéjao
komt voor: j
opm.: Ja ze: niet ingevuld Jaat: ja dav
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03171) vertaling: Wéjao
komt voor: j
opm.: Ja ze: niet ingevuld Jaat: ja dav
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03171) vertaling: Wejao
komt voor: n
opm.: dav??
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03171) vertaling: Wejao
komt voor: n
opm.: dav??
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03171) komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03171) komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03171) vertaling: Mee zukke weer kende nie veul doen
komt voor: j
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03171) vertaling: Mee zukke weer kende nie veul doen
komt voor: j
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03171) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03171) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03171) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03171) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03171) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03171) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03171) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03171) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03171) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03171) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: naor wie (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: naor wie (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: naor wie (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor ze naor geroepen hebben (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor ze naor geroepen hebben (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor ze naor geroepen hebben (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor ze naor geroepen hebben (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: naor wie (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die oos (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die oos (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die oos (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat dieje vent da verhail he verteld (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat dieje vent da verhail he verteld (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man geloo'k die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat dieje vent da verhail he verteld (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man geloo'k die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat dieje vent da verhail he verteld (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man geloo'k die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man geloo'k die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man geloo'k die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man geloo'k die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man geloo'k die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat dieje vent da verhail he verteld (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die het verhaal... (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat dieje vent da verhail he verteld (1)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat dieje vent da verhail he verteld (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die ze geroepen hebben (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat da dieje vent is die ze geroepe hebbe (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die ze geroepen hebben (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat da dieje vent is die ze geroepe hebbe (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die ze geroepen hebben (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat da dieje vent is die ze geroepe hebbe (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die ze geroepen hebben (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat da dieje vent is die ze geroepe hebbe (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: ...de man denk ik die ze geroepen hebben (1)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Ik denk, dat da dieje vent is die ze geroepe hebbe (1)
opm.: dav
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: De manne waor ik mee gepraot heb zitte daor (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: De manne waor ik mee gepraot heb zitte daor (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: De manne waor ik mee gepraot heb zitte daor (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: De manne waor ik mee heb gepraot zitte daor (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: De manne waor ik mee heb gepraot zitte daor (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: De manne waor ik mee heb gepraot zitte daor (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: de mannen waor ik mee gesproken heb (1)
opm.: dav
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: de mannen waor ik mee gesproken heb (1)
opm.: dav
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: de mannen waor ik mee gesproken heb (1)
opm.: dav
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03171) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: dav
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wad (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wad (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wad (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wad (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis zou ik wel wille hebbe (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis zou ik wel wille hebbe (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis zou ik wel wille hebbe (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis zou ik wel wille hebbe (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Die lgéraores hegge't gedaon (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Die lgéraores hegge't gedaon (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Die lgéraores hegge't gedaon (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: da (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wa (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wa (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wa (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wa (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis he'k gekocht (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis he'k gekocht (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis he'k gekocht (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03171) komt voor: j
fragment: Da huis he'k gekocht (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: al die te laat komen (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: al die te laat komen (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: al die te laat komen (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: al die te laat komen (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03171) komt voor: j
fragment: die (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor tur vader vorig jaar (van) gestorven is (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor tur vader vorig jaar (van) gestorven is (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor tur vader vorig jaar (van) gestorven is (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: waor tur vader vorig jaar (van) gestorven is (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie dur (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie dur (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie dur (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: van wie dur (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie's (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie's (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie's (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03171) komt voor: j
fragment: wie's (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03171) vertaling: Piet denkt da Jan en Murie op geen man bwóós zen
betekenis: geen negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03171) vertaling: Piet denkt da Jan en Murie op geen man bwóós zen
betekenis: geen negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03171) vertaling: Wim denkt da we gen man ne prijs zalle geve
betekenis: geen negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03171) vertaling: Wim denkt da we gen man ne prijs zalle geve
betekenis: geen negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03171) vertaling: Das wel waor da ze nie meej Murieje mage praote
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03171) vertaling: Das wel waor da ze nie meej Murieje mage praote
betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03171) vertaling: Nerruguraas
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03171) vertaling: Weet ik da nou
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03171) vertaling: As Passe en Pinksturre op ééjnen dag valt
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03171) vertaling: Da weet ik nie
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03171) vertaling: Allemaol
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03171) vertaling: Zéé mar niej tegen 'm da 'k naor buitene ben gewiesd
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03171) vertaling: Nie zége da ge wa vor 'm gekocht het hor
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03171) vertaling: Wette nie dat ie is gevallen
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03171) vertaling: Wendij prebeerde om gen man zjéér te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03171) vertaling: 't Lijkend wel of ze niks maag ete
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03171) vertaling: Ze maag hemaol niks hebbe
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03171) vertaling: d'n hjélen dag zen ze al aon't prebére om mekaore te belle
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03171) vertaling: 't Lijkend 'r op dat nu mooien dag zal worre
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03171) vertaling: Ik zou nog effe waachte a'k jou was, da's veul beter
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03171) vertaling: We hadde geluk da w'm zo gauw gevonde hadde
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03171) vertaling: Me kippe zen wel bang as ze ne valluk zien
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03171) vertaling: We komme in zwaor weer as we de aerupuls nie kenne verkope
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03171) vertaling: As g'm nie meenemt wor ik bwóós
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03171) vertaling: Hij wies 't
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03171) vertaling: Daor wor nogal wa aafgedáse op dees fjéést
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03171) vertaling: Ze verkwópe alleen nog mar brood in dieje winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03171) vertaling: Hij zal wel laot zijn as ie met de fiets mot komme
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03171) vertaling: Komt is 'n kjéérke maast jo agge tijd het
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03171) vertaling: A'k gel dzat heb schaf ik 'n dure aoto aon
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03171) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03171) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03171) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03171) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03171) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03171) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03171) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03171) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03171) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03171) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03171) vertaling: Murie he gezééd da gij geprubeerd het om 'n lied te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03171) vertaling: Murie he gezééd da gij geprubeerd het om 'n lied te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03171) vertaling: Murie he gezeed da gij he geprubeerd het een deuntje te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03171) vertaling: Murie he gezeed da gij he geprubeerd het een deuntje te zinge
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03171) vertaling: Murie he gezeed da gij geprubeert het om heur 'n boek te geve
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03171) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03171) komt voor: n
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03171) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03171) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03171) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03171) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 5
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03171) vertaling: Die stadse hebbe hier nogal wa huize gebouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03171) vertaling: Ge zie gen man mjéér aon dieje nieuwe vliet
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03171) vertaling: Giestere is Jan hier gewiest
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03171) vertaling: Ik was nie thuis op d'n dag da Jan belde
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03171) vertaling: Sjeffe zou ik nooit nooije
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03171) vertaling: Murie zou zoiets nooit doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03171) vertaling: Bert kik wel is wa te diep in 't glaske
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03171) vertaling: Marthas zou ik wel is thuis uit wille nodige
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03171) vertaling: Da huis zou ik nog nie kwope al was 't nog zo
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03171) vertaling: Da huis staot 'r al vijftig joar
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03171) komt voor: n
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03171) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03171) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03171) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03171) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03171) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03171) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03171) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03171) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03171) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03171) vertaling: Het Gunther nog gebeld
473 (z11b) En pas op! (inf. 03171) vertaling: Kikt uit
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03171) vertaling: 't Was mar aamper genog
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03171) vertaling: Marjo he nou veul mjéér koeie es vroeger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03171) vertaling: As Suzanne ha kenne komme ha ze 't heus wel gedaon
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03171) vertaling: Ik ken gennen beteren dokter dan zij
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03171) vertaling: Ge mot effutjes belle vorda ge iets weggooit
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03171) vertaling: Da's alles wa'k g'ad heb
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03171) vertaling: Jan is te gierig om wa aon de jong te geve
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03171) vertaling: Net of gij verstaand het van voetballe
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03171) vertaling: Léég weg da boek
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03171) vertaling: Kom mar op agge toch nie ken waachte
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03171) vertaling: Ik weet da Jan d'n dokter ha kenne roepe
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03171) opm.: De informant heeft deze vraag niet ingevuld "omdat zulke kromme taal bij ons niet voorkomt".
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03171) vertaling: Hij zééj dat ik 't ha motte doen
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03171) opm.: De informant heeft deze vraag niet ingevuld "omdat zulke kromme taal bij ons niet voorkomt".
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03171) vertaling: Hij is fléje week deur dokter Mertus geopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03171) vertaling: Hij wor morrege door dokter Mertus geopereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03171) vertaling: Ik denk da ge veul weg zou motte gooie
positie: 1
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03171) vertaling: Ik denk da ge veul weg zou motte gooie
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03171) vertaling: 't is nie wijs om zukke dure dinge weg te gooie (mietere)
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03171) vertaling: 't is nie wijs om zukke dure dinge weg te gooie (mietere)
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03171) vertaling: Hij is alle kupotte spulle aon 't weggooie
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03171) vertaling: Hij is alle kupotte spulle aon 't weggooie
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03171) vertaling: Ik vin da ge wa mjéér de kraant zou motte leze
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03171) vertaling: Ik vin da ge wa mjéér de kraant zou motte leze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03171) vertaling: 't is nie wijs om in 't duster de kraant te leze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03171) vertaling: 't is nie wijs om in 't duster de kraant te leze
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03171) vertaling: Hij zit d'n hjélen dag de kraant te leze
positie: 1
opm.: dav
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03171) vertaling: Hij zit d'n hjélen dag de kraant te leze
positie: 1
opm.: dav
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03171) fragment: door (1)
506 (z14d) Heb jij aan Jan gezien? (inf. 03171) fragment: oze (1)
506 (z14d) Heb jij aan Jan gezien? (inf. 03171) fragment: onze (1)
506 (z14d) Heb jij aan Jan gezien? (inf. 03171) fragment: onze (1)
506 (z14d) Heb jij aan Jan gezien? (inf. 03171) fragment: oze (1)
510 (z14e) Heb jij aan mijn portefeuille gezien? (inf. 03171) fragment: soms (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03171) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03171) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03171) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03171) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03171) vertaling: Robert hed ééjne groenen appel weggegeve en nou het ie nog twee rooije óver
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03171) vertaling: d'r ware n'n hoop mese op 't fjéést
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03171) vertaling: Waren 'r veul mese op 't fjéést
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03171) vertaling: Wa hedde gij vor boeke gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03171) vertaling: Wa vor boeke hedde gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03171) vertaling: Wa vor boeke hedde gekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03171) vertaling: Wa hedde gij vor boeke gekocht
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03171) vertaling: Hij wont bij Murieke's
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03171) vertaling: Hij wont bij Wimme
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03171) vertaling: Loopt es effutjes naor d'n bakker, Wim!
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03171) vertaling: Wie hedde gezien
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03171) vertaling: Wie he ou gezien
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03171) vertaling: A'k da ha gewete, dan ha'k 't nie gedaon
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03171) vertaling: Effutjes waachte zou beter zijn
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03171) vertaling: Gelukkig ha Jan d'n dokter gebeld, die wast 'r toen zo
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03171) vertaling: Vervelende jong, loopt toch 'n bietje deur
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet ingevuld
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet ingevuld
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03171) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet ingevuld
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03171) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet ingevuld
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03171) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03171) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03171) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03171) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03171) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Lage Zwaluwe

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Lage Zwaluwe