SAND-data s-Gravendeel (K093p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03164) vertaling: Jan kan zn aaige dat verhaal wel herinneren
opm.: reflexief: z'n eigen
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03164) vertaling: Marie en Piet zien mekaar voor de kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03164) vertaling: Toon is zn aaige an 't wasse
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03164) vertaling: Den timmerman het zn spijkers vergete
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03164) vertaling: Fons zag een slang naest 'm
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03164) vertaling: Erik liet me voor hum werreke
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03164) vertaling: Johanna liet dr aaige op de golven meedrijven
opm.: reflexief: haar eigen
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03164) vertaling: Toon bekeek zn aaige is goed in de spiegel
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03164) vertaling: Jan heb in twêê menute een biertie gedronke
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03164) vertaling: Deuze schoene lôôpe makkelijk
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03164) vertaling: Eduard kent zn aaige goed
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03164) vertaling: Ward hoorde datter foto's van hum in de etalage staan
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03164) vertaling: Die aerepels schille niet makkelijk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03164) vertaling: Dat glas breekt as het op de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03164) vertaling: Dokter, leef ik wel gezond genocht?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03164) vertaling: Al jaere leeftie van de erfenis van zn vader
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03164) vertaling: Deuze week leef ze op water en brôôd
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03164) vertaling: Leeftie nog?
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03164) vertaling: Hoelang leve jullie nou al van die erfenis?
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03164) vertaling: In Bretagne leve ze vural van de visserij
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03164) vertaling: Nae het ete ga ik slaepe
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03164) vertaling: Zou ik dat wel kenne doen?
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03164) vertaling: Hij liet zn huis afbreke
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03164) vertaling: Ik weet dat Jan hard mot kenne werreke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03164) vertaling: Ik weet dat Jan hard mot kenne werreke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03164) vertaling: Ik weet dat Jan hard mot kenne werreke
komt voor: j
gebr.: 5
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03164) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03164) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03164) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03164) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03164) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03164) komt voor: n
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 03164) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 03164) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03164) komt voor: n
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03164) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 03164) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03164) komt voor: n
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03164) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 03164) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03164) komt voor: n
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 03164) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 03164) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03164) komt voor: j
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03164) komt voor: n
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 03164) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 03164) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 03164) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 03164) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03164) komt voor: n
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03164) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 03164) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03164) komt voor: n
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03164) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 03164) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03164) vertaling: Jan heb gêên êên boek meer
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03164) vertaling: Jan heb gêên êên boek meer
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03164) vertaling: Boeke heb Jan niet
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03164) vertaling: Veul geld heb Jan niet
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03164) vertaling: Dr mag niemand prate over dat probleem
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03164) vertaling: Dr mag niemand prate over dat probleem
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03164) vertaling: Niemand zegt dattie komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03164) vertaling: Zitten dr hier muize?
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03164) vertaling: Ik geef niks an een ander
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03164) vertaling: Niemand wil werreke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03164) vertaling: We wissen het niet dattie thuis was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03164) vertaling: Ik wis het ôk niet
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03164) vertaling: Hij mag met niemand over dat probleem prate
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03164) vertaling: Jan weet dattie voor drie uur de wagen gemaakt mot hebbe
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 4
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 4
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03164) komt voor: n
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03164) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03164) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03164) komt voor: n
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03164) vertaling: Mrie-ë auto is kepot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03164) vertaling: Mrie dr auto is kepot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03164) vertaling: Piet zn auto is kepot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03164) vertaling: Piet zn auto is kepot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03164) vertaling: Die man zn auto is kepot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03164) vertaling: Die man zn auto is kepot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03164) vertaling: Dien auto is niet van mijn maar van hum
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03164) vertaling: De krant van gistere leg onder de T.V.
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03164) vertaling: Die jonges dr fietsen zijn gestole
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03164) vertaling: Die zusse dr moeder is op bezoek
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03164) vertaling: Die auto is van Wimme
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03164) vertaling: Die fiets is van mijn
000 (x07opm) (inf. 03164) opm. inf.: zin i niet begrepen
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03164) vertaling: Hij mag mee niemand over dat probleem prate
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03164) vertaling: Ik wil niemand wat an doen
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03164) vertaling: Het is jammer dat wij niet magge komme
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03164) vertaling: Dat ga 'k niet doen
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03164) vertaling: Ik heb niet gewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03164) vertaling: Hij han het nog maar net verteld of Mrie begon te janke
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03164) vertaling: Gaat die bestelling nou maar is ophale
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03164) vertaling: Hij werkt niet
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03164) vertaling: Ik verbied je om hier te komme
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03164) vertaling: Jan verhinderde dat we Mrie belden
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: om te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: Als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: Als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: Als (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03164) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03164) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03164) komt voor: j
fragment: te (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03164) komt voor: j
fragment: als (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03164) komt voor: j
fragment: als (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: nodig dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: nodig dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: nodig dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dan (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: als (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03164) komt voor: j
fragment: als (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03164) komt voor: j
fragment: aanhoudend (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03164) komt voor: j
fragment: aanhoudend (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03164) komt voor: n
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03164) komt voor: n
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03164) komt voor: j
fragment: alsof (ipv of) (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03164) komt voor: j
fragment: alsof (ipv of) (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03164) komt voor: j
fragment: of (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03164) komt voor: j
fragment: of (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03164) vertaling: Ik weet dat jullie op niemand kwaad zijn
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03164) vertaling: Ik weet dasse narges grôôs op is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03164) vertaling: Els denkt dat het niet makkelijk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03164) vertaling: Ik weet dat ik te laet bin en jij niet
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03164) vertaling: Je weet toch dat jij mot werreke en ik niet
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03164) vertaling: Iederêên denkt dat wij nog naer huis gaan en dat heulie nog magge blijve
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03164) vertaling: 't Is jammer dat hij komt en zij weggaat
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03164) vertaling: Ik denk dat Lisa ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03164) vertaling: Ik denk dat Pieter en Liesie zelle gaan trouwe
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03164) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03164) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03164) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03164) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03164) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03164) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03164) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03164) komt voor: j
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 03164) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03164) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03164) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03164) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 03164) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03164) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 03164) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03164) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03164) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03164) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03164) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03164) komt voor: n
000 (y01opm) (inf. 03164) opm. inf.: Alleen kinderen tot +- 5 jaar gebruiken: "doet" De trein doet rije De veugel doet vliege Het paerd doet raaike
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wiens (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wie zijn (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wie zijn (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wiens (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wie zijn (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wiens (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: - (2)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waerop (1)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waerop (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wa'k (ipv ik) (1)
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wa'k (ipv ik) (1)
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wa'k (ipv ik) (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03164) komt voor: j
fragment: Wie veul (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03164) komt voor: j
fragment: Wie veul (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03164) vertaling: Wie denk ie dat ik in de stad bin tegegekomme?
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03164) vertaling: Hoe denke jullie dasse het hebbe opgelost?
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03164) vertaling: Hoe denk ie dasse het hebbe opgelost?
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03164) vertaling: Magda weet niet wie wij wille belle
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03164) vertaling: Weet iemand wie of wij geroepe hebbe?
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03164) vertaling: Wie denk ie dat ik in de stad bin tege-gekomme?
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03164) vertaling: Wie denk ie dat ik in de stad bin tege-gekomme?
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03164) vertaling: Hij heb zn hande gewasse
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03164) vertaling: Hij heb zn hemd gewasse
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03164) vertaling: Hij heb een hoed op zn hôôd
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03164) vertaling: Hij heb een vlek op zn hemd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03164) vertaling: Hij heb zn bêên gebroke
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03164) vertaling: Hij heb veul pijn
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03164) vertaling: Hij heb veul pijn
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03164) vertaling: het dee vrot zeer
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03164) vertaling: het dee vrot zeer
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03164) vertaling: Mrie trok de deke naer dr toe
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03164) vertaling: Luc weet dat zn aaige foto's te kôôp zijn
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03164) vertaling: Je weet toch nog datteme toen deur dat bos zijn gelôôpe
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03164) vertaling: Ik weet nog dat de auto van Mrieë kepot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03164) vertaling: Ze weet nog goed dattie as een varreke zat te ete
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03164) vertaling: Wij weten nog dat al Janne boeken zijn gestole, maar heulie weten het niet meer
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03164) vertaling: Weten jullie nog datteme Janne op de mart hebbe gezien?
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03164) vertaling: Hij heb zn aaige een ongeluk gewerkt
opm.: reflexief: z'n eigen
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03164) vertaling: Zou hij dat hebbe gedaen?
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03164) vertaling: Zou hij dat hebbe gedaen?
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03164) vertaling: Hij zou het niet hebbe gekend
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03164) vertaling: Hij zou het niet hebbe gekend
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03164) fragment: Hij heb dat nooit kenne vergete (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03164) fragment: Hij heb dat nooit gedaen (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03164) fragment: Hij heb dat nooit kenne doen (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03164) fragment: Hij heb dat nooit kenne doen (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03164) fragment: Hij heb dat nooit gedaen (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03164) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03164) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03164) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03164) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03164) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03164) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03164) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03164) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03164) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03164) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03164) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03164) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03164) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03164) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03164) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03164) vertaling: Ik denk dattie weg is
komt voor: j
opm.: dav
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03164) vertaling: Ik denk dattie weg is
komt voor: j
opm.: dav
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03164) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03164) vertaling: Ik weet dattie weg is
komt voor: j
opm.: dav
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03164) vertaling: Ik weet dattie weg is
komt voor: j
opm.: dav
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03164) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03164) komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03164) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03164) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03164) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03164) vertaling: Waffere heb jij al weggebrocht?
komt voor: j
opm.: dav
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03164) vertaling: Waffere heb jij al weggebrocht?
komt voor: j
opm.: dav
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03164) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03164) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03164) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03164) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03164) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03164) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03164) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03164) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03164) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03164) vertaling: In die tijd leefde ik ter maar op los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03164) vertaling: Vroeger leefde hij as een bêêst
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03164) vertaling: Daer leefden we as God in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03164) vertaling: Niemand mag het zien, dus ik ving dat jij het ôk nie zien mag
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03164) vertaling: Het gebeude toen je wegging
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03164) vertaling: Ik weet waer je bin gebore (Inde bestu)
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03164) vertaling: Nou je klaar bin, maggie gaan
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03164) vertaling: Deurdat Mrie overleeje was, het heur man Anna's niet meer kenne hellepe
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03164) vertaling: Ik weet dattie is gaan zwemme
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03164) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03164) komt voor: n
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03164) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03164) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03164) vertaling: Wil jij nog koffie Jan? Ja, graag
komt voor: j
opm.: dav
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03164) vertaling: Wil jij nog koffie Jan? Ja, graag
komt voor: j
opm.: dav
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03164) vertaling: Zou ze gaan dansen? Bei jaat
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03164) vertaling: Zou ze gaan dansen? Bei jaat
komt voor: j
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03164) vertaling: Hebbe ze gegeten?
komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03164) vertaling: Hebbe ze gegeten?
komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03164) vertaling: Is het huis te kôôp? Jaat!
komt voor: j
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03164) vertaling: Is het huis te kôôp? Jaat!
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03164) komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03164) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03164) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03164) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03164) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03164) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03164) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03164) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03164) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03164) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03164) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03164) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat ze hem (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat ze hem (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat ze hem (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarmee ik gesproken heb (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarmee ik gesproken heb (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waer (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waarmee ik gesproken heb (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wie (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wie (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03164) komt voor: j
fragment: waar (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03164) komt voor: j
fragment: die (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03164) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03164) komt voor: j
fragment: Wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03164) komt voor: j
fragment: Wie (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wier (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03164) komt voor: j
fragment: wier (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03164) vertaling: Piet denkt dat Jan & Marie op niemand kwaad zijn
opm.: geen betekenis aangeduid
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03164) vertaling: Wim denkt damme nooit iemand een prijs geven
opm.: geen betekenis aangeduid
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03164) vertaling: Het is waer dat het niet toegestaan is om met Mrieë te praten
opm.: geen betekenis aangeduid
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03164) vertaling: nergus
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03164) vertaling: ik zou 't nie wete
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03164) vertaling: As Pase en Pinkstere op een dag vallen
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03164) vertaling: De vierkante gaetjiesboom
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03164) vertaling: Hij heb niet gemolleke
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03164) vertaling: Nie tegen 'm zegge dat ik naar buite bin geweest
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03164) vertaling: Niet vertelle dajje een 'kedoochie" voor hem gekocht heb, hoor!
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03164) vertaling: Weet je niet dattie gevalle is?
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03164) vertaling: Wendy prebeerde om niemand zeer te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03164) vertaling: 't Schijnt, dasse niks ete mag
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03164) vertaling: idem
opm.: twijfel voegwoord in infinitiefzin V.rais. 'schijnen'; negatiepartikel; 'te' aanwezig; 'te'-proclisis aan V.mod.inf; 'te'-proclisis aan V.inf; Volgorde V-cluster: bedoelt de informant idem aan de opgave of aan zijn antwoord op Z5b?
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03164) vertaling: Ze prebere al een hêêlen dag om mekaar op te bellen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03164) vertaling: Het belooft weer een mooien dag te worre
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03164) vertaling: Het is beschie beter om nog effe te wachten
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03164) vertaling: We hadden het geluk om 'm direct trug te vinge
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03164) vertaling: As de kippe een valk zien worre ze bang
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03164) vertaling: As we de aerepels niet kenne verkôôpe, zitte we in de probleme
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03164) vertaling: As jullie hum niet meeneme, wor ik kwaad
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03164) vertaling: Hij wis hèt
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03164) vertaling: Hij wis hèt
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03164) vertaling: Hij wis ter van
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03164) vertaling: Hij wis ter van
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03164) vertaling: Op dut fêêst wordt er veul gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03164) vertaling: Nou wordt er allêên nog maar brood verkocht in die winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03164) vertaling: Astie met de fiets kompt, zel die wel laet zijn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03164) vertaling: Aszie tijd heb kom dan nog is langs
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03164) vertaling: As ik rijk bin kôôp ik een duren auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03164) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03164) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03164) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03164) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03164) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03164) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03164) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03164) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03164) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03164) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03164) vertaling: Mrie heb gezegd dat jij geprebeerd heb om een versie te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03164) vertaling: Mrie heb gezegd dat jij heb geprobeerd een versie te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03164) vertaling: Mrie heb gezegd dat jij geprebeerd heb om een versie te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03164) vertaling: Mrie heb gezegd dat jij heb geprobeerd een versie te zinge
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03164) vertaling: Mrie heb gezegd dat jij heb geprobeerd om heur een boek te geve
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03164) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03164) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03164) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03164) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03164) vertaling: Die stadslui hebbe hier veul huize gebouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03164) vertaling: An de nieuwe vaert zie je gêên mens meer
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03164) vertaling: Gistere is Jan hier geweest
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03164) vertaling: De dag toen Jan belde was ik niet thuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03164) vertaling: Die Jef zou ik nooit uitnôôdege
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03164) vertaling: Mrie zou zôôiets nooit doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03164) vertaling: Bert, die drinkt wel is een glas teveul
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03164) vertaling: Die Martha zou ik wel is bij me thuis wille uitnôôdege
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03164) vertaling: Dàt huis, dat zou ik nooit kôôpe
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03164) vertaling: Dat huis staat daer al vijfteg jaer
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 3
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 3
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03164) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03164) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03164) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03164) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03164) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03164) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03164) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03164) komt voor: n
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03164) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03164) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03164) vertaling: Heb die Gunther gebeld?
473 (z11b) En pas op! (inf. 03164) vertaling: Pas op!
473 (z11b) En pas op! (inf. 03164) vertaling: Kijk uit!
473 (z11b) En pas op! (inf. 03164) vertaling: Kijk uit!
473 (z11b) En pas op! (inf. 03164) vertaling: Pas op!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03164) vertaling: Het was maar net goed genocht
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03164) vertaling: Marjo heb nou meer koeie dan vroeger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03164) vertaling: As Susanne had kenne kome, dan had ze het gedaen
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03164) vertaling: Ze is den besten dokter die ik ken
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03164) vertaling: Voor je iets weggooit mot je eve belle
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03164) vertaling: Hier (dut) is alles wat ik heb gekrege
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03164) vertaling: Jan is te blij om iets an zn kindere te geve
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03164) vertaling: Net of jij iets van voetballe weet
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03164) vertaling: Dat boek leg ik hier neer
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03164) vertaling: Aszie echt niet ken wachte, kom dan maar
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03164) vertaling: Ik weet dat Jan den dokter had kenne roepe
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03164) vertaling: Ik weet dat Jan den dokter kon geroepe hebbe
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03164) vertaling: Hij zee dat ik het had motte doen
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03164) vertaling: Hij zee dat ik het had motte doen
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03164) vertaling: Hij is vorige week deur dokter Mertens geopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03164) vertaling: Hij wordt morrege deur dokter Mertens gehollepe
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03164) vertaling: Ik denk dat je veul zet motte weggooie
positie: 3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03164) vertaling: Ik denk dat je veul zet motte weggooie
positie: 3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03164) vertaling: Het is dom om zukke dure dingen weg te gooie
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03164) vertaling: Het is dom om zukke dure dingen weg te gooie
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03164) vertaling: Hij is alle kapotte spulle an het weggooien
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03164) vertaling: Hij is alle kapotte spulle an het weggooien
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03164) vertaling: Ik vingt dajje dikkelster de krant zou motte leze
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03164) vertaling: Ik vingt dajje dikkelster de krant zou motte leze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03164) vertaling: Het is dom om in den donker krant te leze
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03164) vertaling: Het is dom om in den donker krant te leze
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03164) vertaling: Hij is den hêêlen dag an het krant lezen
positie: 2
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03164) vertaling: Hij is den hêêlen dag an het krant lezen
positie: 2
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03164) fragment: deur (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03164) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03164) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03164) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03164) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03164) vertaling: Robert het êên groene appel wegegeve, nou hebtie nog twêê rooie
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03164) vertaling: Dr waere veul mense op het fêêst
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03164) vertaling: Waster veul volk op het fêêst?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03164) vertaling: Waffere boeke heb jij gekocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03164) vertaling: -
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03164) vertaling: -
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03164) vertaling: Waffere boeke heb jij gekocht?
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03164) vertaling: Hij weunt same met Mriekie
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03164) vertaling: Hij weunt bij Wimme
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03164) vertaling: Lôôp effe naer den bakker, Wim!
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03164) vertaling: Wie hebbie gezien?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03164) vertaling: Wie heb jou gezien?
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03164) vertaling: Had ik dat gewete, dan ha'k het niet gedaen
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03164) vertaling: 't zou beter zijn om nog effe te wachten
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03164) vertaling: Gelukkig had Jan den dokter gebeld en die waster al hêêl gauw
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03164) vertaling: Lôôp nou toch door, vervelende jonges!
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03164) komt voor: j
gebr.: 5
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03164) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03164) komt voor: n
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03164) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03164) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03164) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03164) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03164) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in s-Gravendeel

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in s-Gravendeel