SAND-data Giessen-Nieuwkerk (K068p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03527) vertaling: Jan herinnert dâ verhaol wel
opm.: reflexief: geen
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03527) vertaling: Jan herinnert dâ verhaol wel
opm.: reflexief: geen
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03527) vertaling: Jan wit dâ verhaal nog wel
opm.: reflexief: geen
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03527) vertaling: Jan wit dâ verhaal nog wel
opm.: reflexief: geen
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03527) vertaling: Merie en Piet zien mekaar veur de kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03527) vertaling: Tòòn wast z'n aige
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03527) vertaling: De timmerman het gèèn spijkers bij um
opm.: reflexief: hem
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03527) vertaling: Fons zag een slang naost z'n aige
opm.: reflexief: z'n eigen
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03527) vertaling: Erik liet mij veur um werke
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03527) vertaling: Johanna liet ter meedrijven op de golven
opm.: reflexief: haar
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03527) vertaling: Tòòn bekeek z'n aige es goed in de spiegel
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03527) vertaling: Jan het in twee minute tijd een biertie gedronke
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03527) vertaling: Deuze schoene lope makkelijk
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03527) vertaling: Eduard kan z'n aige goed
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03527) vertaling: Ward het gehoord datter foto's van z'n aige in de etalage staan
opm.: reflexief: z'n eigen
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03527) vertaling: Die èrpels schille nie makkelijk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03527) vertaling: Dut glas breekt as het op de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03527) vertaling: Dokter, leef ik wel gezond genog
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03527) vertaling: Al jaren leeftie van de erfenis van z'n vader
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03527) vertaling: Deuze week leeft zij op water en bròòd
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03527) vertaling: Leeftet nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03527) vertaling: Hoelang leven jullie nou al van die erfenis
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03527) vertaling: In Bretagne leven ze veural van de visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03527) vertaling: Na het ete doe ik een dutjie
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03527) vertaling: Zou ik dat wel kanne doen
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03527) vertaling: Hij liet z'n huis afbreke
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03527) vertaling: Ik weet dat Jan hard mot kenne werke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03527) vertaling: Ik weet dat Jan hard mot kenne werke
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03527) vertaling: Ik weet dat Jan hard mot kenne werke
komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03527) vertaling: Jan het gèènèèn boek meer
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03527) vertaling: Jan het gèèn boek meer
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03527) vertaling: Boeken het Jan nie
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03527) vertaling: Jan hè nie veul geld meer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03527) vertaling: Dur mag gèèn mins praten over dut probleem
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03527) vertaling: Dur mag gèèn mins praten over dut probleem
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03527) vertaling: Gèèn mins zegt dattie komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03527) vertaling: Zitte hier ergus muize
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03527) vertaling: Ik geef niks aan een ander
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03527) vertaling: Gèèn mins wil werke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03527) vertaling: Wij wiste nie dattie thuis was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03527) vertaling: Ik wist het ôk nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03527) vertaling: Hij mag met gèèn mins praten over dut probleem
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03527) vertaling: Jan wit dat hij veur drie uur de wage gemaakt mot hebbe
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03527) vertaling: Merie dur auto is kapot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03527) vertaling: Merie dur auto is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03527) vertaling: Piet z'n auto is kapot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03527) vertaling: Die man z'n auto is kapot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03527) vertaling: Die auto is niet van mijn mar van hum
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03527) vertaling: Die jongens dur fietse zijn gestole
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03527) vertaling: Die zussen d'r moeder is op bezoek
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03527) vertaling: Die auto is van Wim
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03527) vertaling: Die fiets is van mijn
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03527) vertaling: Hij mag met gèèn mins praten over dut probleem
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03527) vertaling: Het is jammer dat wij nie mogge kommen
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03527) vertaling: Dâ ga ik nie doen
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03527) vertaling: Ik hê nie gewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03527) vertaling: Nog maar net had hij het verteld of Merie begon te huilen
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03527) vertaling: Ga die bestelling nou mar hale
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03527) vertaling: Hij werkt nie
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03527) vertaling: Ik verbied je om hier te komme
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: af (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: af (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: af (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: om te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Als (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03527) komt voor: j
fragment: weer (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03527) komt voor: j
fragment: weer (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03527) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03527) komt voor: j
fragment: weer (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03527) komt voor: j
fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03527) komt voor: j
fragment: te (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03527) komt voor: j
fragment: as (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03527) komt voor: n
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03527) komt voor: n
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03527) komt voor: j
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03527) komt voor: j
fragment: of (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03527) komt voor: j
fragment: of (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03527) vertaling: Ik wit dâ jullie op gèèn mins bòòs zijn
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03527) vertaling: Ik wit dâ zij op niks trots is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03527) vertaling: Els dinkt dattut nie makkelijk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03527) vertaling: Ik wit dâ ik te laat bin en jij nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03527) vertaling: Je wit toch dâ jij mô werke en ik nie
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03527) vertaling: Iederêên dinkt dâ wij naar huis gaan en dâ zij nog magge blijve
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03527) vertaling: Het is jammer dâ hij komt en dâ zij weggaat
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03527) vertaling: Ik dink dat Lisa ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03527) vertaling: Ik dink dâ P en L gaan trouwen
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03527) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03527) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03527) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03527) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03527) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03527) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03527) komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03527) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03527) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03527) komt voor: j
opm.: dav?
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie z'n (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie z'n (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03527) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Wie (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Wie (1)
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03527) vertaling: Hij het z'n hande gewasse
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03527) vertaling: Hij het z'n himd gewasse
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03527) vertaling: Hij het een hoed op z'n hoofd
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03527) vertaling: Hij het een vlek op z'n himd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03527) vertaling: Hij het z'n bèèn gebroke
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03527) vertaling: Zij het d'r aige zeer gedaan
opm.: reflexief: haar eigen
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03527) vertaling: Merie trok de deken naar dur toe
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03527) vertaling: Luc wit datter foto's van z'n aige te koop zijn
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03527) vertaling: Jij wit toch nog wel dat we toen door dat bos hèèn gelopen zijn?
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03527) vertaling: Ik wit nog wel dat de auto van Merie kapot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03527) vertaling: Zij wit nog wel dat hij as een varke zat te ete
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03527) vertaling: Wij wiste nog wel dat al Jan z'n boeken gestolen waren, maar zij wiste het nie meer
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03527) vertaling: Weten jullie nog dâ we Jan op de mart gezien hebbe
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03527) vertaling: Zou hij dat gedaan gekanne hebben?
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03527) fragment: gekanne (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03527) fragment: gedaan (1)
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 3
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 3
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03527) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03527) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03527) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03527) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03527) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03527) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03527) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03527) komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03527) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03527) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03527) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03527) vertaling: Welke heb jij al weggebracht?
komt voor: j
opm.: dav
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03527) vertaling: Welke heb jij al weggebracht?
komt voor: j
opm.: dav
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03527) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03527) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03527) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03527) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03527) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03527) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03527) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03527) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03527) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03527) vertaling: In die taid leefde ik durop los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03527) vertaling: Vroeger leefde hij as een bèèst
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03527) vertaling: Daar leefden wij as God in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03527) vertaling: Gèèn mins mag het zien, dus ik vind dâ jij het ôk nie mag zien
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03527) vertaling: Het gebeurde toe je wegging
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03527) vertaling: Ik wit waar je geboren bin
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03527) vertaling: Nou je klaar bin, mag je gaan
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03527) vertaling: Omdâ Merie overleden was, het hur man Anna's nie meer kenne helpe
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03527) vertaling: Ik wit dat hij is gaan zwimmen
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03527) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03527) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03527) komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03527) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03527) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03527) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03527) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03527) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03527) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03527) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03527) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03527) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03527) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03527) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarover (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarover (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarover (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarover (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarover (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarover (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarover (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan ik denk: Die heeft het verhaal verteld (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan ik denk: Die heeft het verhaal verteld (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan ik denk: Die heeft het verhaal verteld (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan ik denk: Die heeft het verhaal verteld (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan ik denk: Die heeft het verhaal verteld (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan ik denk: Die heeft het verhaal verteld (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat die (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan ik denk: Die heeft het verhaal verteld (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarvan (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat hij (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: van wie (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: van wie (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: van wie (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: van wie (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: van wie (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: van wie (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Dat is de man van wie ik denk dat ze hem geroepen hebben (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: van wie (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Dat is de man van wie ik denk dat ze hem geroepen hebben (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Dat is de man van wie ik denk dat ze hem geroepen hebben (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Dat is de man van wie ik denk dat ze hem geroepen hebben (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Dat is de man van wie ik denk dat ze hem geroepen hebben (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Dat is de man van wie ik denk dat ze hem geroepen hebben (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Dat is de man van wie ik denk dat ze hem geroepen hebben (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zoals (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: daar (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: daar (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: daar (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarmee (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarmee (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waarmee (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dus (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dus (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dus (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dus (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dus (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03527) komt voor: j
fragment: waar (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zo (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zo (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zo (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: zo (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03527) komt voor: j
fragment: voor wie hij (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03527) komt voor: j
fragment: voor wie hij (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03527) komt voor: j
fragment: die (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03527) komt voor: j
fragment: voor wie hij (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03527) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Die (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Die (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Wie (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03527) komt voor: j
fragment: Die (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wier (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie der (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie der (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wier (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wier (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03527) komt voor: j
fragment: wie der (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03527) vertaling: Piet dinkt dat Jan en Marie op niemand bôôs zijn
betekenis: negative concord
opm.: "Het dubbel ontkennende, om niemand nog te versterken komt bij ons dialekt sporadisch voor."
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03527) vertaling: Piet dinkt dat Jan en Marie op niemand bôôs zijn
betekenis: negative concord
opm.: "Het dubbel ontkennende, om niemand nog te versterken komt bij ons dialekt sporadisch voor."
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03527) vertaling: Wim dinkt dà me nooit iemand een prijs geven
betekenis: negative concord
opm.: "De uitdrukking nooit niet om nooit te beklemtonen komt wel regelmatig bij ons dialekt voor."
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03527) vertaling: Wim dinkt dà me nooit iemand een prijs geven
betekenis: negative concord
opm.: "De uitdrukking nooit niet om nooit te beklemtonen komt wel regelmatig bij ons dialekt voor."
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03527) vertaling: 't is waar dà ze mi Merie nie mooge prate
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03527) vertaling: 't is waar dà ze mi Merie nie mooge prate
betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03527) vertaling: nergus
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03527) vertaling: da wit gien mins
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03527) vertaling: As de minse wâ meer an een ander ginge dinke en nie allêên an d'r eige
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03527) vertaling: Een mins hoef nie alles te wete. Het zal evel wel gaan
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03527) vertaling: De koeie, die hil de week op de achterste kamp lope
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03527) vertaling: Zeg nie tege hum daddik naar buite bin gewist
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03527) vertaling: Nie zegge dajje een kedo veur um hè gekocht hoor
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03527) vertaling: Wit je niet dattie gevallen is?
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03527) vertaling: Wendy dee d'r best om niemand pijn te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03527) vertaling: Het lijkent er op dat ze niks mag eten
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03527) vertaling: Het lijkent er op dat ze niks mag eten
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03527) vertaling: Ze zijn hil den dag al aan 't proberen mekaar op te bellen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03527) vertaling: Het ziet er naar uit dat het vandaag een mooie dag wordt
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03527) vertaling: Je kan meschien beter eve wachte
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03527) vertaling: We hadde geluk, we vongen hem drek trug
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03527) vertaling: Een valk jonge, daar zijn de kippe van ontzien
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03527) vertaling: Azze me de erpels nie kenne verkope zitte we mit de gebakke pere
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03527) vertaling: As jullie hum nie meeneme wor ik nijdig
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03527) vertaling: Hij wis ter van (of: er vanaf)
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03527) vertaling: Op dut feest wordt er wat afgedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03527) vertaling: Nou verkopen ze allèèn nog maar brôôd in die winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03527) vertaling: As tie met de fiets komt zal die nie vroeg zijn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03527) vertaling: As je tijd hèt kom dan is een keertje aan
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03527) vertaling: As ik rijk bin, koop ik een dure slee
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03527) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03527) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03527) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03527) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03527) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03527) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03527) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03527) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03527) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03527) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03527) vertaling: Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd om een liedje te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03527) vertaling: Marie zee da jij hè geprebeerd om een verssie te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03527) vertaling: Marie zee da jij hè geprebeerd om een verssie te zinge
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03527) vertaling: Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd om een liedje te zingen
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03527) vertaling: Marie hè gezeed da jij heb geprobeerd heur een boek te geve
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03527) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: "bij ons wordt gezegd: geprobeerd hebt OM te zingen"
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: "bij ons wordt gezegd: geprobeerd hebt OM te zingen"
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03527) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03527) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03527) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03527) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: "bij ons wordt gezegd: hebt geprobeerd OM te zingen"
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: "bij ons wordt gezegd: hebt geprobeerd OM te zingen"
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03527) vertaling: Die lui uit de stad, die hen hier veul huize gebouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03527) vertaling: An dat nieuwe kenaal zie je gien mins meer
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03527) vertaling: Die Jan is gistere nog hier gewist
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03527) vertaling: Op dien dag da Jan belde was ik net nie thuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03527) vertaling: Jef, die zou ik nooit vragen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03527) vertaling: Merie zou dat nooit doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03527) vertaling: Bert, die kijkt wel is te diep n 't glaassie
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03527) vertaling: Martha mag gerust wel is bij mijn komme
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03527) vertaling: Dat huis zou ik van men leve niet wille kope
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03527) vertaling: Dat huis daar is vijftig jaar geleje gebouwd
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 4
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 4
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 1
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 1
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 4
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 4
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 1
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 1
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03527) vertaling: Het Gunther gebeld?
473 (z11b) En pas op! (inf. 03527) vertaling: Kijk uit!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03527) vertaling: 't Was op 't kantje af.
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03527) vertaling: Marjo melkt meer koeie as vroeger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03527) vertaling: As Susanne hat gekent hat ze gekomme
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03527) vertaling: Een dokter as zij zo is 't er gien êên
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03527) vertaling: Bel je even veurdat je iets weggooit?
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03527) vertaling: Hier he'k alles wa'k gekrege hèt
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03527) vertaling: Jan gif niks an z'n kindere: hij is te gierig
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03527) vertaling: Dink jij dajje iets van voetballe afwit?
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03527) vertaling: Da boek zèmme nou mar is neerlegge
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03527) vertaling: As je hillemol nie wachte ken dan kom je maar
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03527) vertaling: Jan het de dokter kenne roepe, da wit ik
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03527) vertaling: Jan kon de dokter geroepe hebbe, da wit ik
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03527) vertaling: Hij het gezeed dak het hâ motte doen
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03527) vertaling: Hij het gezeed dak het hâ motte doen
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03527) vertaling: Een week geleje het dokter Mertens hum geopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03527) vertaling: Morgen wor tie deur dokter Mertens geopereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03527) vertaling: Ik denk dat er niet veel meer van waarde bij is
positie: 1
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03527) vertaling: Ik denk dat er niet veel meer van waarde bij is
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03527) vertaling: Wat jij afdankt kan een ander soms goed gebruiken
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03527) vertaling: Wat jij afdankt kan een ander soms goed gebruiken
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03527) vertaling: Hij houdt opruiming: Alles wat kapot is gooit hij weg
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03527) vertaling: Hij houdt opruiming: Alles wat kapot is gooit hij weg
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03527) vertaling: Ik vind dat je te weinig de krant leest
positie: 3
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03527) vertaling: Ik vind dat je te weinig de krant leest
positie: 3
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03527) vertaling: Je zit je oge te bederve as je in den donker de krant leesr
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03527) vertaling: Je zit je oge te bederve as je in den donker de krant leesr
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03527) vertaling: Hij haalt zijn wijsheid uit de krant
positie: 2
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03527) vertaling: Hij haalt zijn wijsheid uit de krant
positie: 2
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03527) fragment: door (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03527) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03527) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03527) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03527) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03527) vertaling: Robert gaf een groene appel weg. Nou het hij nog 2 rooie over
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03527) vertaling: Er was veul volk op het feest
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03527) vertaling: Was het druk op het feest
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03527) vertaling: Waffer boeke hejje gekocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03527) vertaling: Wat veur soort boeke hejje gekocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03527) vertaling: Wat veur soort boeke hejje gekocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03527) vertaling: Waffer boeke hejje gekocht?
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03527) vertaling: Hij wôônt bij Merigies
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03527) vertaling: Hij wôônt bij Wimme
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03527) vertaling: Loop effe naar den bakker, Wim!
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03527) vertaling: Wie hebbie gezien?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03527) vertaling: Wie hetter jou gezien?
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03527) vertaling: Ak ta gewete hat dan hakket nie gedaan
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03527) vertaling: Je ken beter nog effe wachte
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03527) vertaling: Den dokter was 't er al heel gauw omdat Jan gelukkig den dokter gebeld had
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03527) vertaling: Misselijke jong, loop nou toch deur
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: "in ons dialekt altijd: geprobeerd hebt OM een liedje te zingen"
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03527) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: "in ons dialekt altijd: geprobeerd hebt OM een liedje te zingen"
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03527) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03527) komt voor: n
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03527) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03527) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03527) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03527) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03527) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Giessen-Nieuwkerk

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Giessen-Nieuwkerk