SAND-data Waarschoot (I190p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 07839) vertaling: Jan weedet 't vertelselken wel
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 07839) vertaling: ze zien mallekoar veur de kirke
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 07839) vertaling: Toon wast em
opm.: reflexief: hem
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 07839) vertaling: den temmerman ee gien nouls bè em
opm.: reflexief: hem
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 07839) vertaling: Fons zag een slang nefest em
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 07839) vertaling: Erik liet me veur em wirkn
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 07839) vertaling: Johanna liet eur meedrijvn op de golvn
opm.: reflexief: haar
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 07839) vertaling: ee keek noir zijn ene in de spiele
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 07839) vertaling: Jan ee in twie menudn zijn bier uitgedronken
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 07839) vertaling: die schoens zijn gemakkelijk
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 07839) vertaling: ee ken zijn ene
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 07839) vertaling: Ward ee guurd dan der portreden van em in d' etlage stoin
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 07839) vertaling: die toidn scheln nie gemakkelijk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 07839) vertaling: da glas breekt ot op de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 07839) vertaling: menier den dokteur, levek wel gezond genoeg
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 07839) vertaling: al joirn leeft ee van 't gien da zijn voidere achtergeloidn eet
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 07839) vertaling: guul de weke leefse op woidre en bruut
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 07839) vertaling: leevet nog
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 07839) vertaling: oelank leefde nou al van da gelt
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 07839) vertaling: In Bretagne leevn ze vuural van de visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 07839) vertaling: achter 't eedne goik goin sloubn
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 07839) vertaling: zoek da wel keun doen
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 07839) vertaling: ee liet zijn huis afbreekn
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 07839) vertaling: 'k weede da JAn hard moe keun wirkn
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 07839) vertaling: 'k weede da JAn hard moe keun wirkn
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 07839) vertaling: 'k weede da JAn hard moe keun wirkn
komt voor: j
gebr.: 5
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 07839) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 07839) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 07839) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 07839) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 07839) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 07839) komt voor: n
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 07839) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 07839) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 07839) komt voor: n
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 3
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 3
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 07839) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 07839) komt voor: n
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 07839) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 07839) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 07839) komt voor: n
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 07839) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 07839) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 07839) komt voor: n
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 07839) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 07839) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 07839) komt voor: n
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 07839) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 07839) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 07839) komt voor: n
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 07839) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 07839) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 07839) komt voor: n
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 3
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 3
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 07839) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 07839) komt voor: n
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 3
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 3
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 07839) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 07839) vertaling: Jan ee gienien boek ne mier
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 07839) vertaling: Jan ee gien boek ne mier
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 07839) vertaling: Jan ee nie veel gelt ne mier
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 07839) vertaling: zitten der ier nieveranst gien muizen
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 07839) vertaling: Jan weet dattee vuur den drèn den oto moe gemaakt en
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 07839) komt voor: n
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 07839) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 07839) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 07839) komt voor: n
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 07839) komt voor: n
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 07839) vertaling: Marie eurn oto es kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 07839) vertaling: Piet zijn oto es kapot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 07839) vertaling: dien vent zij oto es kapot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 07839) vertaling: dien oto es nie van me moir van em
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 07839) vertaling: die jongens uldere velo is gestolen
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 07839) vertaling: goin oilt die bestellij nou moir op
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07839) fragment: vuur (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07839) fragment: vuur (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07839) fragment: t' (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07839) fragment: t' (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07839) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07839) fragment: vuur te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07839) fragment: vuur te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07839) fragment: (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 07839) fragment: om te (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07839) fragment: - (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07839) fragment: - (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07839) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07839) fragment: te (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 07839) fragment: of da (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 07839) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 07839) fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 07839) fragment: dan (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 07839) fragment: of (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 07839) fragment: te (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 07839) fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 07839) fragment: hij deed gelijk dat hij haar niet zag (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 07839) fragment: oo 't (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 07839) vertaling: 'k wede da op niemant koit zijt
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 07839) vertaling: 'k weede dasse op niets wijrdig is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 07839) vertaling: Els pest dat nie gemakkelijk es
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 07839) vertaling: 'k wede dak te loide benne en ge niet
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 07839) vertaling: ge weet toch da ge moet wirkn en ge niet
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 07839) vertaling: iedereen pest damme wulder noir huis goin en dan zuldere meun blijvn
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 07839) vertaling: 't es spijdig dat jej kom en dasse moe weggoin
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 07839) vertaling: 'k peze da Lisa ziek es
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 07839) vertaling: 'k peze dan Pieter en Liesje goin tren
225 (y01(i)) A: Hij slaapt B:Hij/'t (en) doet (inf. 07839) vertaling: joijendoet
opm.: betekenis: neen
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 07839) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 07839) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 07839) komt voor: n
229 (y01(ii)) A: Hij zal niet komen B: Hij/'t (en) doet (inf. 07839) vertaling: joijendoet
opm.: betekenis: neen
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 07839) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 07839) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 07839) komt voor: j
betekenis: bevestigend
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 07839) komt voor: j
betekenis: bevestigend
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 07839) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 07839) komt voor: n
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 07839) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 07839) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 07839) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 07839) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 07839) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 07839) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 07839) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 07839) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 07839) komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 07839) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 07839) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 07839) komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 07839) fragment: wiens (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 07839) fragment: waar dan (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07839) fragment: dan (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07839) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07839) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07839) fragment: dan (2)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07839) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 07839) fragment: waar dat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 07839) fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 07839) fragment: waar da (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 07839) fragment: waar damme (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 07839) fragment: waar damme (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 07839) fragment: damme (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 07839) fragment: damme (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 07839) fragment: wat dak (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 07839) fragment: wat da (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 07839) fragment: wie da (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 07839) vertaling: wie pesde dak in 't stad gezien è
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 07839) vertaling: wa pesde gulder hoe dan ze dad opgelost en
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 07839) vertaling: ee ee zijn handen gewassen
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 07839) vertaling: ee ee zijn emde gewassen
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 07839) vertaling: ee ee nen oet op zijn huuft
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 07839) vertaling: ee ee plek op zijn emde
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 07839) vertaling: ee ee zijn bien gebroken
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 07839) vertaling: ee ee em ziere gedoin
opm.: reflexief: hem
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 07839) vertaling: Marie trok de soirge noir eur
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 07839) vertaling: Luc weet datter foto's van em te kube zijn
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 07839) vertaling: ge weet toch nog wel damme tons deur da bos geluubn en
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 07839) vertaling: 'k weede nog da tien oto van Marie kapot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 07839) vertaling: ze weet nog dat ee gelijk een virkn zat t' eten
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 07839) vertaling: wulder weedme wel da Jan zijn boeken gestolen zijn mou zulder weedn da nie meer
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 07839) vertaling: weete gulder da nog damme Jan op de moirkt gezien en
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 07839) vertaling: ee voeldegem deur 't ijs zakken
opm.: reflexief: hem
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 07839) vertaling: zoetee da keun gedoin en
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 07839) fragment: gekeun (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 07839) fragment: gedoin (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 07839) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 07839) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 07839) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 07839) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 07839) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 07839) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 07839) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 07839) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 07839) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 07839) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 07839) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 07839) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 07839) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 07839) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 07839) vertaling: 'k peeze dat ee weg es
komt voor: j
opm.: DAV
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 07839) vertaling: 'k peeze dat ee weg es
komt voor: j
opm.: DAV
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 07839) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 07839) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 07839) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 07839) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 07839) vertaling: Marie al eur koeien zijn verdronken be die overstreuming
komt voor: j
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 07839) vertaling: Marie al eur koeien zijn verdronken be die overstreuming
komt voor: j
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 07839) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 07839) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 07839) vertaling: ik e al die dre ieste somn gemoukt. De welkste e ge gemoukt
komt voor: j
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 07839) vertaling: ik e al die dre ieste somn gemoukt. De welkste e ge gemoukt
komt voor: j
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 07839) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 07839) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 07839) vertaling: de die zoek nie duvn opeedn
komt voor: j
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 07839) vertaling: de die zoek nie duvn opeedn
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 07839) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 07839) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 07839) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 07839) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 07839) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 07839) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 07839) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 07839) vertaling: in dien tijd leefdegek er op los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 07839) vertaling: vroeger leefdeg ee gelijk een bieste
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 07839) vertaling: doir leefdegem wuldere gelijk god in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 07839) vertaling: 't maa 't niemant zien dus 'k finde daa 't uuk nie meug zien
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 07839) vertaling: 't gebeurdege osse weggink
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 07839) vertaling: 'k weede woir daa geborre zijt
opm.: waar dat - ja
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 07839) vertaling: nou daa geriet zijt meude goin
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 07839) vertaling: meeta Marie duud es ee eure vent Anna nie mier keun elpn
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 07839) vertaling: 'k weede dattee goin zwemn es
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 07839) komt voor: n
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 07839) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 07839) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 07839) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 07839) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 07839) vertaling: joijek
komt voor: j
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 07839) vertaling: joijek
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 07839) vertaling: jois
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 07839) vertaling: jois
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 07839) vertaling: joit
komt voor: j
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 07839) vertaling: joit
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 07839) vertaling: wie dadde
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 07839) vertaling: wie dadde
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 07839) vertaling: wienne
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 07839) vertaling: wienne
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 07839) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 07839) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 07839) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 07839) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 07839) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 07839) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 07839) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 07839) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 07839) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 07839) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 07839) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 07839) fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 07839) fragment: die da verhaal (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07839) fragment: wie da (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07839) fragment: da da verhaal (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07839) fragment: da da verhaal (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07839) fragment: wie da (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07839) fragment: wie da (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07839) fragment: wie da (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07839) fragment: dan (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07839) fragment: dan (2)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 07839) fragment: wie da (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 07839) fragment: wie da (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 07839) fragment: da (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 07839) fragment: die (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 07839) fragment: da (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 07839) fragment: wie da (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 07839) fragment: wiens (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 07839) fragment: wie da eur (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 07839) fragment: wie da eur (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 07839) fragment: wiens (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 07839) vertaling: Piet pest da Jan en Marie op niemant nie koit zijn
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 07839) vertaling: Piet pest da Jan en Marie op niemant nie koit zijn
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 07839) vertaling: Wim pest damme nuuyt niemant ne prijs geven
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 07839) vertaling: Wim pest damme nuuyt niemant ne prijs geven
betekenis: negative concord
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 07839) vertaling: nieveranst
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 07839) vertaling: niemant
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 07839) vertaling: noejt
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 07839) vertaling: niets
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 07839) vertaling: gien iene
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 07839) vertaling: giene
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 07839) vertaling: giene
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 07839) vertaling: gien iene
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 07839) vertaling: zet em niet dak noit buudne benne geweest
opm.: t-uitgang is mogelijk voorlopig direct object
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 07839) vertaling: ... geweest e
opm.: t-uitgang is mogelijk voorlopig direct object
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 07839) vertaling: ... geweest e
opm.: t-uitgang is mogelijk voorlopig direct object
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 07839) vertaling: zet em niet dak noit buudne benne geweest
opm.: t-uitgang is mogelijk voorlopig direct object
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 07839) vertaling: nie sen da 'n kadotsen vour em gekocht et, zille
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 07839) vertaling: weete nie dat ee gevaln es
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 07839) vertaling: Wendy probeerdege om niemant siere te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 07839) vertaling: 't schijn das se niets mag eedn
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 07839) vertaling: ze schijn niets te meun eedn
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 07839) vertaling: ze proberen al gaul den dag mallekoir te beln
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 07839) vertaling: 't beloof weere ne schuun dag te woorn
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 07839) vertaling: 't es misschien beedere om nog een beetsen te wachtn
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 07839) vertaling: noime chanse dammem rap weere vondn
opm.: noime: m.i.= nu + hadden (oi) + me
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 07839) vertaling: on de kiekens een valke zien zijn ze schou
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 07839) vertaling: omme die toidn nie keun verkuubn zidm' in de misere
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 07839) vertaling: os g' em nie meepakt wurr' ek koit
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 07839) vertaling: ee wistet
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 07839) vertaling: op 't fieste wort er veele gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 07839) vertaling: nou worter alliene moir ne mier bruut verkocht in dien winkele
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 07839) vertaling: ot ee mee te veelo komt zat ee wel te loide zijn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 07839) vertaling: oo tejd et, kom tons moir ne kier bijne
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 07839) vertaling: o k rijke benne kubek nen diern otto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 07839) komt voor: j
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 07839) vertaling: misschien goiket kikke wel krijn
komt voor: j
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 07839) vertaling: misschien goiket kikke wel krijn
komt voor: j
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 07839) vertaling: durvder ge op doun
komt voor: j
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 07839) vertaling: durvder ge op doun
komt voor: j
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 07839) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 07839) vertaling: durvderze ge uitnudigen
komt voor: j
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 07839) vertaling: durvderze ge uitnudigen
komt voor: j
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 07839) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 07839) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 07839) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 07839) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 07839) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07839) vertaling: Marie ee gezejt da ge geprobeert et een lietsen te zijn
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07839) vertaling: Marie ee gezegt da ge geprobeert et eur nen boek te geevn
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07839) vertaling: Marie ee gezejt da ge geprobeert et een lietsen te zijn
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07839) vertaling: Marie ee gezegt da ge geprobeert et eur nen boek te geevn
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 07839) vertaling: Marie ee gezegt da ge geprobeert et eur nen boek te geevn
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 07839) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 07839) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 07839) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 07839) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 07839) komt voor: n
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 07839) vertaling: de die van de stad die en hier veel huizn gezet
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 07839) vertaling: aan dien nien voirt doir zie gien mens ne mier
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 07839) vertaling: gistren es Jan ier geweest
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 07839) vertaling: den dag da Jan beldege woir ek nie tuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 07839) vertaling: tsef dien zoek nuuyt uitnudigen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 07839) vertaling: Marie de die zoe a zoeiets noejt doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 07839) vertaling: Bert den dien drink wel een pinte te veele
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 07839) vertaling: Martha de die zoek wel be me ne kier thuis willen uitnudigen
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 07839) vertaling: dad uis da soek noejt wil kuubn
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 07839) vertaling: dad uis da stoi ter al tfiftig joir
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 07839) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 07839) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 07839) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 07839) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 07839) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 07839) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 07839) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 07839) komt voor: j
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 07839) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 07839) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 07839) vertaling: ee guunter gebelt
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 07839) vertaling: past op
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 07839) vertaling: Marjo ee nou mier koen dan dasse vroer oit
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 07839) vertaling: o suzan oi keun kom tons oi se da gedoin
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 07839) vertaling: z' es den besten dokteur die 'k kenne
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 07839) vertaling: vuur da iets wegsmijt moe ne kier beln
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 07839) vertaling: ier es alles wa ta 'k gekreen e
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 07839) vertaling: Jan es te gierig om iets an zijn kinders te geevn
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 07839) vertaling: tes lijk da ge iets van voedbaln kent
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 07839) vertaling: os ge echt nie keun wachten, kom teins moir
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 07839) vertaling: 'k weede da Jan den dokteur oi keun roebn
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 07839) vertaling: ee zegt da 'k et kik oi moedn doen
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 07839) vertaling: ee zegt da 'k et kikke moeste gedoin en
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 07839) vertaling: ee es verleede weeke van dokteur Mertens gobbereert
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 07839) vertaling: ee wor mornt duer dokteur Mertens gobbereert
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 07839) vertaling: 'k peze da vele zoet moedn wegsmijdn
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 07839) vertaling: 't es dom vuur zoe diere dijne weg te smijden
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 07839) vertaling: ee es alle kapodde dijne aan 't wegsmijden
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 07839) vertaling: 'k finde da mier de gazedde zoet moedn leezn
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 07839) vertaling: 't es dom om in den donkere de gazedde te leezn
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 07839) vertaling: ee es guul den dag de gazedde aan 't leezn
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 07839) fragment: deur (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 07839) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 07839) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 07839) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 07839) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 07839) vertaling: Robert ee ien groen abbele weggegeevn en nou eet ee nog twie rue
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 07839) vertaling: 't was veel volk op 't fieste
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 07839) vertaling: woirn ter veel mensn op 't fieste
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 07839) vertaling: wa vuur boekn e gekocht
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 07839) vertaling: ee weun be Marietsen
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 07839) vertaling: ee weun be Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 07839) vertaling: luup ne kier be den bakker Wim
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 07839) vertaling: wie e gezien
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 07839) vertaling: wien ee ter ou gezien
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 07839) vertaling: oi k da geweedn tons oi k da nie gedoin
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 07839) vertaling: 't soe beeder zijn om nog een beetsen te wachten
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 07839) vertaling: chance da Jan den dokteur gebelt oit en den dienen was ter rap
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 07839) vertaling: luup ne kier vuurt, ambetante joons
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 5
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 07839) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 07839) komt voor: j
gebr.: 2
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 07839) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 07839) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 07839) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 07839) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 07839) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Waarschoot

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Waarschoot