SAND-data Hengstdijk (I116p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03119) vertaling: Jan weet zijn da (veraol) nog wel te gedeenken
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03119) vertaling: Piet en Marie zien makoar voor de kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03119) vertaling: Toon wast zijn eigen
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03119) vertaling: D'n timmerman è geen naogels bij zijn
opm.: reflexief: z'n reflexief: zijn
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03119) vertaling: Fons zag neffest 'm (im) 'n slang
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03119) vertaling: Ik kost voor Eric werken
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03119) vertaling: Jogannao liet eur meedrijven op de holven
opm.: reflexief: haar
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03119) vertaling: Toon bekeek zijn eigen 's goed in de spiegel
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03119) vertaling: In twee menuten è Jan 'n pint gedronken
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03119) vertaling: Tees schoenen lõõpen lekker
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03119) vertaling: Edeward ken zijn eigen hoed
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03119) vertaling: Ward è d'õõre zeggen dan d'r foto's van im in détalaozie staon
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03119) vertaling: Die petetters die schellen nie (ge) makkeluk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03119) vertaling: tees glas breekt as't op de hond val
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03119) vertaling: Dokter, leve kik wel gezond genoegt?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03119) vertaling: IJ leefdál jaoren van de dêeluk van tijn vaoder
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03119) vertaling: Van de week leef zóp waoter en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03119) vertaling: Leev't nog?
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03119) vertaling: Oe lank leefde gulder nou al van die dêêluk?
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03119) vertaling: In Bretanje leve ze voornaomeluk van de visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03119) vertaling: Noar t'eten gaon ik slaopen
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03119) vertaling: Zouw'k da'wel keunen doen?
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03119) vertaling: Ij liet zijn 'uis afbreken
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03119) vertaling: Ik weet da Jan ard moe kenne werken
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03119) vertaling: Ik weet da Jan ard moe kenne werken
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03119) vertaling: Ik weet da Jan ard moe kenne werken
komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 1
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 1
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03119) vertaling: Jan è gêênêên boek nie mêêr
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03119) vertaling: Jan è gêênen boek nie mêêr
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03119) vertaling: Boeken è jan nie
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03119) vertaling: Jan è nie veel geld niemêêr
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03119) vertaling: Geen mens mag over tees probleem praoten
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03119) vertaling: Geen mens mag over tees probleem praoten
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03119) vertaling: Geen mens zeg dattij nie kom
opm.: interpretatiegeval
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03119) vertaling: Zitt'n d'r ier muizen?
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03119) vertaling: Ik geen n ander niks
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03119) vertaling: Ik geef niks aon n ander
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03119) vertaling: Ik geef niks aon n ander
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03119) vertaling: Ik geen n ander niks
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03119) vertaling: Geen mens wilt 'r werken
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03119) vertaling: Wij wist'm nie dattij thuis was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03119) vertaling: Ik wiste kik da dook nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03119) vertaling: IJ mag mee geen mens over tees probleem paroten
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03119) vertaling: Jan weet dattij voor drie uur de waogen gemaakt moet èn
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van Marie is kapot
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van Marie is kapot
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Marie eur auto is kapot
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Marie eur auto is kapot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Marie eur auto is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van Piet is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Piet zijn auto is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Piet zijn auto is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van Piet is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Piet zijn auto is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van Piet is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van Piet is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Piet zijn auto is kapot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Diene / dieje man zijn auto is kopot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Diene / dieje man zijn auto is kopot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van diene / dieje man is kapot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van diene / dieje man is kapot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van diene / dieje man is kapot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Diene / dieje man zijn auto is kopot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: Diene / dieje man zijn auto is kopot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03119) vertaling: D'auto van diene / dieje man is kapot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03119) vertaling: Die auto is nie van mij maer van im
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03119) vertaling: De krant van histeren lig onder d'n tv
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03119) vertaling: Jan is 'n broerken van K en K
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03119) vertaling: Die jonges ulder fietsen zijn gepakt (gestolen)
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03119) vertaling: De moeder van die zusters is op bezoek
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03119) vertaling: Da's wim zijn auto
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03119) vertaling: Da's mijn fiets
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03119) vertaling: Ij mag mee gêên mens over tees probleem praoten
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03119) vertaling: Ik wil gêên mens zêêr doen
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03119) vertaling: Het is spijtig dammen wij nie meugen kommen
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03119) vertaling: Da gaone kik 's nie doen
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03119) vertaling: Ik en nie gewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03119) vertaling: Ij aoi't nog maer net verteld of Marie begont al t'uilen
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03119) vertaling: Goahe bestellink nou 's opaolen
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03119) vertaling: Ij werkt nie
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03119) vertaling: Ik verbiej ou om ier te kommen
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03119) vertaling: Jan ouwden tegen dammen Marie op belden (op bedegen)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03119) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03119) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03119) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03119) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03119) komt voor: n
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03119) komt voor: n
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03119) fragment: dan (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03119) fragment: agge (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03119) fragment: agge (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03119) fragment: dan (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03119) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03119) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03119) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03119) fragment: (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03119) fragment: as da d' (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03119) fragment: dan (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03119) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03119) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03119) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03119) fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03119) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03119) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03119) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03119) fragment: dan (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03119) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03119) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03119) fragment: dan (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03119) fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03119) fragment: dan (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03119) fragment: dan (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03119) fragment: as (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03119) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03119) fragment: (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03119) fragment: ammen (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03119) fragment: dattij (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03119) fragment: tij (1)
opm.: twijfelgeval voegwoord na onderschikkend 'of'
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03119) fragment: of (d) attij (1)
opm.: het subject word samengetrokken met het voorafgaande woord. Er is in dit voorbeeld dus geen sprake van subjectdubbeling. De subjecten uit het voorbeeld zijn doorgestreept
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03119) vertaling: Ik weet dagge gulder op gêên mens kwaod tijt
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03119) vertaling: Ik weet dasse nergest nie grôôtsug op is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03119) vertaling: Els deenkt da't nie (ge) makkeluk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03119) vertaling: Ik weet danne kik te laat zijnen gij nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03119) vertaling: Ge weet toch dagge gij moe werke en ikke nie
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03119) vertaling: Iederen deenkt dammen wij naar uis gaon en dan zulder nog meugen blijven
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03119) vertaling: 't is spijteig datty komt en dasse zij weggaet
opm.: subjectdubbeling bijzin 3.ev.vrouw. in contrast.
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03119) vertaling: Ik deenk dat Lisao siek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03119) vertaling: Ik deenk (ook wel 'peis') da Pieter en Liesje gaon trouwen
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03119) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03119) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03119) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03119) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03119) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03119) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03119) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03119) komt voor: n
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 03119) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03119) komt voor: j
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03119) komt voor: j
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03119) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03119) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03119) komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03119) fragment: waomee (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03119) fragment: waor (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03119) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03119) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03119) fragment: wa da d' (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03119) fragment: die agge (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03119) fragment: waor an k (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03119) fragment: dammen (we doorgestreept) (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03119) fragment: da'k (ik doorgestreept) (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03119) fragment: da d' (1)
opm.: Twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03119) fragment: wien a (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03119) vertaling: Wie deenkte dan'k in de stad tegengekommen zijn?
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03119) vertaling: Oe deenkte gulder dan ze da d'opgelost en?
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03119) vertaling: Oe deenkte gij dan ze da' d'opgelost èn?
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03119) vertaling: Magda weet nie wien ammen wij geroepen èn
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03119) vertaling: Weet 'r iemand wie(n) (of) ammen wij geroepen èn
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03119) vertaling: Wien deenkte dank in de stad tegengekommen zijn?
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03119) vertaling: Wien deenkte dank in de stad tegengekommen zijn?
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03119) vertaling: Ij è zijn anden gewassen
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03119) vertaling: IJ è zijn emde gewassen
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03119) vertaling: IJ è n'n oed op zijne kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03119) vertaling: IJ è d'n vlek op zijn emde
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03119) vertaling: IJ è zijn bêên gebroken
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03119) vertaling: Ij è zijn eigen zêêr gedaon
opm.: reflexief: z'n eigen
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03119) vertaling: Marie trok t'n deken naor eur toe
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03119) vertaling: Luc weet dan d'r foto's van zijn eigen te kôôp zijn
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03119) vertaling: Ge weet ou toch wel 't erinneren dammen toen duer da bos gelopen èn/zijn
opm.: je
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03119) vertaling: Ik gedeenk nou enees da 't auto van Marie kapot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03119) vertaling: Ze weet 'r t erinneren dattij as 'n verken zat t'eten
opm.: reflexief: haar
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03119) vertaling: Wij weet 'n nog wel da'd'al de boeken van Jan gestolen wiezen maor zulder wisten da nie mee
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03119) vertaling: Keuj gulder ulder nog gedeenken dammen Jan op de mart gezien èn?
opm.: reflexief: je
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03119) vertaling: Ij è zijn eigen dôôd gewerkt
opm.: reflexief: z'n eigen
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03119) vertaling: Ij voelden dattij deur t ijs zakten/ zaktegen
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03119) vertaling: Zoutij da gedaan keunen èn?
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03119) fragment: gekeunen (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03119) fragment: gedaon (1)
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03119) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03119) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03119) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03119) vertaling: Ik deenk ,ij is weg, ...........
komt voor: j
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03119) vertaling: Ik deenk ,ij is weg, ...........
komt voor: j
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03119) vertaling: Ik weet daatij weg is
komt voor: j
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03119) vertaling: Ik weet daatij weg is
komt voor: j
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03119) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03119) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03119) komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03119) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03119) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03119) vertaling: Ik èn d'eerste drie sommen al gemaokt. Waffere ijje gij al gemaokt?
komt voor: j
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03119) vertaling: Ik èn d'eerste drie sommen al gemaokt. Waffere ijje gij al gemaokt?
komt voor: j
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03119) vertaling: (de) waffere ijje gij al weggebroekt?
komt voor: j
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03119) vertaling: (de) waffere ijje gij al weggebroekt?
komt voor: j
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03119) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03119) vertaling: D'n die zow'k nie op durven eten
komt voor: j
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03119) vertaling: D'n die zow'k nie op durven eten
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03119) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03119) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03119) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03119) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03119) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03119) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03119) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03119) vertaling: In dien tijd leefdeken d'r op los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03119) vertaling: Vroeger leefden ij as 'n bêêst.
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03119) vertaling: Vroeger ettij geleefd as 'n bêêst
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03119) vertaling: Vroeger ettij geleefd as 'n bêêst
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03119) vertaling: Vroeger leefden ij as 'n bêêst.
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03119) vertaling: WIj leefden daor as Hod in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03119) vertaling: Gêên mens mag t zien, dus ik vin dagge gij t ôôk nie meug zie
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03119) vertaling: 't gebeurden toen agge wegging
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03119) vertaling: Ik weet waor agge gij geboren zijt
opm.: waar als - ja
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03119) vertaling: Nou agge klaor zijt, meude gaon
opm.: nu als - ja
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03119) vertaling: Omda Marie gestorven was (dôôd was) è déure man Annas nie meer keunen élpen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03119) vertaling: Ik weet dattij hoan zwemmen is
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03119) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03119) vertaling: jaot
komt voor: j
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03119) vertaling: jaot
komt voor: j
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03119) komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03119) vertaling: jaot
komt voor: j
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03119) vertaling: jaot
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03119) vertaling: wie da'?
komt voor: j
opm.: twijfelgeval 'eenwoordige vraag met voegwoord'
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03119) vertaling: wie da'?
komt voor: j
opm.: twijfelgeval 'eenwoordige vraag met voegwoord'
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03119) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03119) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03119) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03119) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03119) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03119) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03119) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03119) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03119) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03119) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03119) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: diese (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: die an (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: die an (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: diese (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: die a (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: die a (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: die 't (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: die 't (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: dattij (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: waorvan ovve k (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: waorvan ovve k (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03119) fragment: dattij (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: waorvan ovve k (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: die an (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: die an (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03119) fragment: waorvan ovve k (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03119) fragment: waormee ank (ik mee doorgestreept) (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03119) komt voor: n
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03119) fragment: waor (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03119) fragment: ank (ik doorgestreept) (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03119) fragment: ank (ik doorgestreept) (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03119) fragment: waor (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03119) fragment: da'k (ik doorgestreept) (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03119) fragment: die a d't (het doorgestreept) (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03119) fragment: dan'k (ik doorgestreept) (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03119) fragment: tênen die (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03119) fragment: wao'van de (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03119) vertaling: Piet deenkt da Jan en M op gêên mens niemer kwaod zijn
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03119) vertaling: Piet deenkt da Jan en M op gêên mens niemer kwaod zijn
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03119) vertaling: W. deenkt dammen nooit gêên mens ne prijs geven
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03119) vertaling: W. deenkt dammen nooit gêên mens ne prijs geven
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03119) vertaling: t is waor dase nie mee M meugen paoten
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03119) vertaling: t is waor dase nie mee M meugen paoten
betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03119) vertaling: nieverast
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03119) vertaling: nergest
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03119) vertaling: nergest
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03119) vertaling: nieverast
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03119) vertaling: Gêên mens
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03119) vertaling: nôôit nie
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03119) vertaling: niks
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03119) vertaling: gêên
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03119) vertaling: Zeg 't 'm nie dan'k nao buiten zijn gewist
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03119) vertaling: Nie vertellen dagg n kado voor im gekocht èt oor
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03119) vertaling: Weete gij nie dattij gevallen is?
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03119) vertaling: W. perbeerden om gêên mens zêêr te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03119) vertaling: t'etter veel van weg dasse niks mag eten
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03119) vertaling: Ze schijn niks te meugen eten
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03119) vertaling: Ze perbeerden al d'n êêlen dag om makaor op te bellen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03119) vertaling: 't ziet 'r naer uit da't wêêr n'n schôônen dag gao dôôren
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03119) vertaling: t Is messchien beter om nog evekes te wachten
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03119) vertaling: W'aoi 'm't geluk om 'm bots trug te vinnen
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03119) vertaling: An dóenders ne klamper zien, zijn ze benaud
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03119) vertaling: Ammen de petetten/petetters nie keune verkôôpen zitt'm mee n'n oop slameur
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03119) vertaling: Agge gulder 'm nie meeneem, ôôr ik kwaod
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03119) vertaling: Ij wist 't
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03119) vertaling: Op tees feest ôôrt 'r veel gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03119) vertaling: Nou verkôôpe ze allêênug nog maor brôôd in die winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03119) vertaling: Attij meete fets kom, zattij wel te laot zijn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03119) vertaling: Agge tijd et moej's ne keer last kommen
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03119) vertaling: Ank rijk zijn kôôp k mij 'n diere auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03119) vertaling: Ik weet dagge gij 't gedaan èt
komt voor: j
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03119) vertaling: Ik weet dagget gij gedaan èt
komt voor: j
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03119) vertaling: Ik weet dagget gij gedaan èt
komt voor: j
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03119) vertaling: Ik weet dagge gij 't gedaan èt
komt voor: j
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03119) vertaling: Ik weet dagge gij 't gedaan èt
komt voor: j
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03119) vertaling: Ik weet dagget gij gedaan èt
komt voor: j
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03119) vertaling: Wellicht gaone kik 't wel krijgen
komt voor: j
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03119) vertaling: Wellicht gaone kik 't wel krijgen
komt voor: j
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03119) vertaling: Durfd'r gij op douwen?
komt voor: j
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03119) vertaling: Durfd'r gij op douwen?
komt voor: j
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03119) vertaling: Durfdem gij te vraogen
komt voor: j
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03119) vertaling: Durfdem gij te vraogen
komt voor: j
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03119) vertaling: Durfdeze gij te vraogen?
komt voor: j
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03119) vertaling: Durfdeze gij te vraogen?
komt voor: j
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03119) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03119) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03119) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03119) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03119) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03119) vertaling: M. è gezeed dagge gij geperbeerd èt om e lieksken te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03119) vertaling: M. è gezeed dagge gij geperbeerd èt om n lieken/lieksken te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03119) vertaling: M. è gezeed dagge gij geperbeerd èt om e lieksken te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03119) vertaling: M. è gezeed dagge gij geperbeerd èt om n lieken/lieksken te zingen
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03119) vertaling: M. è gezeed dagge gij geperbeerd èt eur n'n boek te geven
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03119) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03119) komt voor: n
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03119) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03119) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03119) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03119) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: zonder 'te'
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: zonder 'te'
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03119) vertaling: De die uut de stad die en ier veel uizen gebouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03119) vertaling: Aon die nieue vaert daer ziej'gêên mens niemêêr
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03119) vertaling: Histeren is Jan 'ier gewist
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03119) vertaling: d'n dag da J. beldegen, wazze kik nie thuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03119) vertaling: Sjef zouwk nooit nie vraogen
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03119) vertaling: Sjef zouwk nooit nie vraogen
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03119) vertaling: Sjef, die zouw 'k nooit nie vraogen
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03119) vertaling: Sjef, die zouw 'k nooit nie vraogen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03119) vertaling: M. die zouw zooiets nooit nie doen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03119) vertaling: M. zouw zooiets nooit nie doen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03119) vertaling: M. zouw zooiets nooit nie doen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03119) vertaling: M. die zouw zooiets nooit nie doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03119) vertaling: B. drinkt wel 's n hlas teveel
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03119) vertaling: B. die d......
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03119) vertaling: B. die d......
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03119) vertaling: B. drinkt wel 's n hlas teveel
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03119) vertaling: M. zouwk wel's wille vraogen om bij mij thuis te kommen
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03119) vertaling: Da d'uus da'zouw k nooit nie wille kôôpen
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03119) vertaling: Da'duus da staot 'r al fijftug jaor
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 2
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 2
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03119) vertaling: E G. (nog) gebeld?
473 (z11b) En pas op! (inf. 03119) vertaling: Kijk uit!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03119) vertaling: t'was maor net hoed henoegt
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03119) vertaling: M. e nou meer koejen as dasse vroeger aoi
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03119) vertaling: As S keune kommen aoi, aoi z't gedaon
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03119) vertaling: Zij is d'n besten dokter die ank ken
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03119) vertaling: Voor agg iets weggooi, moej eerst even bellen
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03119) vertaling: Ier is alles wa dánk gekregen èn
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03119) vertaling: J. is te hierug om ook maer iets aon zijn kinders te heven
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03119) vertaling: As of ge gij iets van voetballen af weet
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03119) vertaling: Leg tiejen boek neer
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03119) vertaling: Agge echt nie ken wachten moej maor kommen
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03119) vertaling: Ik weet da J. d'n dokter aoi keune roepen
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03119) vertaling: Ik weet da J d'n dokter geropen kont èn
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03119) vertaling: IJ zie dakt moeten doen aoi
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03119) vertaling: Ij zie da'k 't gedaon most èn
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03119) vertaling: Ij is passede week deur okter M gopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03119) vertaling: Merren oortij deur dokter M. gópereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03119) vertaling: Ik dienk dagge veel weg zul moete hooien
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03119) vertaling: t'is lomp om zukken diere dingen weg te hooien
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03119) vertaling: IJ is al 't kapot grief aoin't weg hooien
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03119) vertaling: Ik vin dagge na meer de krant zou moete lezen
opm.: twijfelgeval krant in positie x
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03119) vertaling: t is lomp om in d'n donkeren de krant te lezen
opm.: twijfelgeval krant in positie x
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03119) vertaling: IJ is al d'n êêlen dag de krant aon 't lezen
opm.: twijfelgeval krant in positie x
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03119) fragment: deur (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03119) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03119) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03119) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03119) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03119) vertaling: R è d'êêne hroenen appel wehheheven en nou ettij nog twêê rôôje
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03119) vertaling: Dao waoren vee mensen op de fêêst
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03119) vertaling: Waoren d'r veel mensen op de fêêst
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03119) vertaling: Waffer boek ijje gekocht
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03119) vertaling: Ij weun bij Marieken
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03119) vertaling: Ij weun bij Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03119) vertaling: Wim loopte gij 's naer d'n bakker
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03119) vertaling: WIen ijje gezien?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03119) vertaling: Wien ètter ou gezien?
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03119) vertaling: Ank da geweten aoi, aoi k't nie gedaon
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03119) vertaling: 't zou beter zijn om nog evekes te wachten
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03119) vertaling: Helukkig aoi J d'n dokter hebeld en die wast'r al êêl hauw
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03119) vertaling: Lôôp nou toch 's deur aokeluge jongers
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: met 'te'
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03119) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: met 'te'
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03119) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03119) komt voor: n
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03119) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03119) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03119) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03119) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03119) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Hengstdijk

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Hengstdijk