SAND-data Baarland (I114p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03118) vertaling: Jan weet da ferhaal nog we
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03118) vertaling: Merie en Piet mekare voor de kerke
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03118) vertaling: Toon wast z'n eigen
opm.: reflexief: z'n eigen
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03118) vertaling: Den tummerman ei hin spiekers bie z'n
opm.: reflexief: z'n of reflexief: zijn
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03118) vertaling: Fons zag een slange neffen z'n
opm.: reflexief: z'n of reflexief: zijn
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03118) vertaling: Erik liet mien voe z'n werke
opm.: reflexief: z'n of reflexief: zijn
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03118) vertaling: Jewanna liet d'r eigen meedrieve op de holve
opm.: reflexief: haar eigen
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03118) vertaling: Toon bekeek z'n eigen is hoed in de spiegel
opm.: reflexief: z'n eigen
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03118) vertaling: Jan ei in twi menuten een biertje op
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03118) vertaling: Deze schoenen lope makkeluk
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03118) vertaling: Edewart ken z'n eigen hoed
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03118) vertaling: Ward ee ehore dat er fotoos van um in de etalage stae
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03118) vertaling: Die petaten schell nie makkeluk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03118) vertaling: Dit hlas breekt a tut op de hront voalt
000 (x01opm) (inf. 03118) opm. inf.: 'zich herinneren' wordt niet gebruikt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03118) vertaling: Dokter, leevuk we hezond genog
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03118) vertaling: A jaeren leefse op waeter en brood
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03118) vertaling: Leeftut nog?
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03118) vertaling: Oelange leve julder noe a van die erfenisse
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03118) vertaling: In Bretanje leveze vooral van de visvangst
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03118) vertaling: nae den eten gae'k slaepe
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03118) vertaling: Zouk da we kunne doee
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03118) vertaling: Zouk dat we kunne doee?
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03118) vertaling: ie liet z'n uus ofbreke
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03118) vertaling: Ik weet a Jan ard moe kunne werke
komt voor: n
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03118) vertaling: Ik weet a Jan ard moe kunne werke
komt voor: n
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03118) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03118) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03118) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03118) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03118) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 03118) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 03118) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 03118) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 03118) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 03118) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 03118) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 4
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 4
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 03118) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 03118) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 03118) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 03118) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 03118) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 03118) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 03118) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 03118) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03118) komt voor: n
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 03118) komt voor: n
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 03118) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 03118) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 03118) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03118) vertaling: Jan ei hlad hin boek mi
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 03118) vertaling: Ja ei hin boek mi
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03118) vertaling: Boeken ei Jan nie
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03118) vertaling: Jan ei nie feel held mi
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03118) vertaling: D'r mag hin mans over dit probleem prate
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03118) vertaling: D'r mag hin mens over dit probleem prate
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03118) vertaling: Hin mens zeitat t'n komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03118) vertaling: Zitte ier ergens muzen
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03118) vertaling: Ik heve niks an een aar
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03118) vertaling: Hin mens wil werke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03118) vertaling: Me wiste nie a ten tuus was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03118) vertaling: Ik wist 't ok nie
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03118) vertaling: Ie mag mee hin mens over dit probleem prate
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03118) vertaling: Jan weet a ten voor drie uren de waegen emeekt mot e
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03118) vertaling: Jan weet a ten voor drie uren de waegen emeekt mot e
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03118) vertaling: Jan weet a ten voor drie uren de waegen emeekt e mot
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 03118) vertaling: Jan weet a ten voor drie uren de waegen emeekt e mot
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03118) komt voor: n
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03118) komt voor: n
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 03118) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 03118) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03118) vertaling: Merie d'r auto is kapot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03118) vertaling: Merie d'r auto is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03118) vertaling: Piet z'n auto is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03118) vertaling: Piet z'n auto is kapot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 03118) vertaling: Die vent z'n auto is kapot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03118) vertaling: Die vent z'n auto is kapot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03118) vertaling: Dien auto is nie fan mien me van um
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03118) vertaling: De krante van histere ligdonder de teevee
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03118) vertaling: Jan is karolien en kristien d'r broertje
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03118) vertaling: Die jongers d'r fietsen bin estole
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03118) vertaling: Die zusters d'r moeder is op feziete
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03118) vertaling: Dien auto is van Wim
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03118) vertaling: die fiets is van mien
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03118) vertaling: Ie mag mee hin mens over dit probleem prate
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03118) vertaling: Ik wil hin mens zeer doee
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03118) vertaling: 't Is jammer a me nie magge komme
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03118) vertaling: Dat doek nie
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03118) vertaling: Ik e nie ewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03118) vertaling: Ie o't nog me net fertelt of merie begon te brullen
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03118) vertaling: Hie die bestelling noe me aele
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03118) vertaling: Ie werk nie
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03118) vertaling: Ik verbiee je om ier te kommen
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03118) vertaling: jan iew tegen da me merie belden
000 (x08opm) (inf. 03118) opm. inf.: 'verhinderen' wordt niet gebruikt
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03118) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03118) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03118) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03118) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03118) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03118) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03118) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03118) fragment: (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03118) fragment: om te (1)
opm.: alleen 'om' klinkt ouderwets
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03118) fragment: om te (1)
opm.: alleen 'om' klinkt ouderwets
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03118) fragment: om (1)
opm.: alleen 'om' klinkt ouderwets
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03118) fragment: om (1)
opm.: alleen 'om' klinkt ouderwets
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03118) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03118) fragment: a (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03118) fragment: a (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03118) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03118) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03118) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03118) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03118) fragment: (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03118) fragment: as (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03118) fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03118) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03118) fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03118) fragment: as (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03118) fragment: te (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 03118) fragment: a (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03118) fragment: a (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 03118) fragment: a (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03118) fragment: of a (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03118) vertaling: Ik weet a julder op hin mens kwaed bin
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03118) vertaling: Ik weet a sie nergens hroos op is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03118) vertaling: Els dienkt dat 't nie makkeluk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03118) vertaling: Ik weet a ik te laete bin en jie nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03118) vertaling: je weet toch a jie mo werke en ikke nie
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03118) vertaling: Iedereen dienkt a oons nir uus hae en da zulder nog magge bluve
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03118) vertaling: 't Is jammer da ie komt en da zie weggaet
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03118) vertaling: Ik dienke a lisa ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03118) vertaling: Ik dienke a Pieter en Liesje hae houwe
000 (x10opm) (inf. 03118) opm. inf.: bij x 10f: Iedereen dienkt a me nie uus hae (zonder contrast)
000 (x10opm) (inf. 03118) opm. inf.: bij x 10g: 't is jammer daten komt (zonder contrast)
000 (x10opm) (inf. 03118) opm. inf.: bij x 10g: 't is jammer daten komt (zonder contrast)
000 (x10opm) (inf. 03118) opm. inf.: bij x 10f: Iedereen dienkt a me nie uus hae (zonder contrast)
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03118) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03118) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03118) komt voor: n
betekenis: bevestigend
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03118) komt voor: n
betekenis: bevestigend
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 03118) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 03118) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03118) komt voor: n
betekenis: ontkennend
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 03118) komt voor: n
betekenis: ontkennend
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 03118) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 03118) komt voor: j
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 03118) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03118) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03118) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03118) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03118) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 03118) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03118) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03118) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03118) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03118) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03118) komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03118) fragment: die z'n (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03118) fragment: der a (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03118) fragment: wi a (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03118) fragment: wi a (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03118) fragment: der a (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03118) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03118) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03118) fragment: wat of (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03118) fragment: wat a (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03118) fragment: wat a (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03118) fragment: wat of (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03118) fragment: die a (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03118) fragment: die a (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03118) fragment: da (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03118) fragment: dat a (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03118) fragment: dat a (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03118) fragment: die a (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03118) vertaling: Wien dienk je a'k in de stad 'ezien e?
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03118) vertaling: Oe dienke julder a ze 't opelost ee?
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03118) vertaling: Oe denk e dase 't opelost ee?
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03118) vertaling: Magda weet nie wien a me wille belle
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03118) vertaling: Weet iemand wien a me eropen ee
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03118) vertaling: Wien dienk je a'k in de stad 'ezien ee
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03118) vertaling: Wien dienk je a'k in de stad ezien ee
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03118) vertaling: Ie ei s'n anden 'ewasse
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03118) vertaling: Ie ei s'n emde uut'ewasse
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03118) vertaling: Ie ei un oed op s'n ood
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03118) vertaling: ie ei un plekke op s'n emde
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03118) vertaling: Ie ei s'n been ebroke
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03118) vertaling: z'ei d'r eigen zeer edae
opm.: reflexief: haar eigen
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03118) vertaling: Merie trok den deken ni d'r toe
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03118) vertaling: Luc weet dat er foto's van um(zelf) te koop bin
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03118) vertaling: Jie weet toch nog we da me toen deur dat bos elope bin
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03118) vertaling: Ik weet nog daten auto van merie kapot was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03118) vertaling: Zie weet nog daten as een verke zat te eten
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03118) vertaling: Oons wete nog we da oal Jan z'n boeken estole wazze, me zulder wete da nie mi
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03118) vertaling: Wete julder nog da me Jan op de mart ezien e?
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03118) vertaling: Ie ei z'n eigen een ongeluk ewerkt
opm.: reflexief: z'n eigen
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03118) vertaling: Ie voelde dat un deur t'ies zakten
opm.: "zich herinneren" is geen spreektaal in dit dialect let op pronomen
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03118) vertaling: Zou tun dat kunne doen ee?
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03118) vertaling: Zou tun dat kunne doen ee?
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03118) vertaling: Zou tun dat 'edae kunne ee
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03118) vertaling: Zou tun dat 'edae kunne ee
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03118) fragment: 'ekunt (1)
opm. inf.: ' Eddy moe vroeg op kunne stae' is gebruikelijk
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03118) fragment: 'ekunt (1)
opm. inf.: ' Eddy moe vroeg op kunne stae' is gebruikelijk
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03118) fragment: 'edaee (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 03118) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 03118) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 03118) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 03118) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 03118) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 03118) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 03118) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 03118) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 03118) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 03118) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 03118) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03118) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 03118) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03118) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 03118) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 03118) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 03118) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 03118) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03118) vertaling: Oal Merie d'r koeien bin verdronke bie de overstroming
komt voor: j
opm.: d.a.v.
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03118) vertaling: Oal Merie d'r koeien bin verdronke bie de overstroming
komt voor: j
opm.: d.a.v.
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03118) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 03118) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 03118) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 03118) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 03118) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03118) vertaling: De diee zou'k nie durve opete
komt voor: j
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 03118) vertaling: De diee zou'k nie durve opete
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03118) vertaling: Ik weet a Jan ni de mart ewist eit
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03118) vertaling: Ik weet a Jan ni de mart ewist eit
komt voor: j
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 03118) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03118) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 03118) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 03118) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03118) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03118) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03118) vertaling: In dien tiet leevden ik me raak
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03118) vertaling: Vroeger leevden ie as een beest
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03118) vertaling: di leevden me as hot in Frankriek
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 03118) vertaling: Gin mens mag tut ziee, dus ik vind a jie tut ok nie ziee mag
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 03118) vertaling: Ut gebeurden toen a jie wigging
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 03118) vertaling: Ik weet weer a jie hebore bint
opm.: waar als - ja
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 03118) vertaling: Noe aje klaer bin, mag je wig
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03118) vertaling: Mee dat merie dood (esturve) was, ei eur vent anna nie mi kunnen 'elpe
opm.: twijfelgeval absolute 'met'-cosntructie
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 03118) vertaling: Ik weet a-ten gi zwemmen is
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03118) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03118) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03118) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03118) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03118) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03118) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03118) komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03118) vertaling: jaet (=zeker wel)
komt voor: j
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03118) vertaling: jaet (=zeker wel)
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03118) komt voor: n
opm.: 'jaet' komt wel voor in ander verband. Bijvoorbeeld: Heb je genoeg gegeten? Jaet! (=ruimvoldoende)
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03118) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03118) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03118) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03118) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03118) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03118) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03118) vertaling: Is 'n dood?
komt voor: j
opm.: twijfelgeval niet-nominatief subject 3.ev.mann.inv.
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03118) vertaling: Is 'n dood?
komt voor: j
opm.: twijfelgeval niet-nominatief subject 3.ev.mann.inv.
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03118) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03118) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03118) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03118) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03118) fragment: die a (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03118) fragment: die a (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03118) fragment: die a 1: dat (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03118) fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03118) fragment: (2)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03118) fragment: die a 1: dat (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03118) fragment: die a (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03118) fragment: die a (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03118) fragment: dat (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03118) fragment: dat (2)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03118) fragment: die a (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 03118) fragment: ?? (1)
opm.: antwoord is niet leesbaar
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03118) fragment: wi (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03118) fragment: wi (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03118) fragment: a (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03118) fragment: a (2)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03118) fragment: dat a (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03118) fragment: die a (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03118) fragment: dat a (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 03118) fragment: die a (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03118) fragment: die d'r (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03118) vertaling: Piet dienkt da Jan en merie op gin mens kwaed bin
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03118) vertaling: Piet dienkt da Jan en merie op gin mens kwaed bin
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03118) vertaling: Wim dienkt dame nooit gin pries geve an gin mens
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 03118) vertaling: Wim dienkt dame nooit gin pries geve an gin mens
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03118) vertaling: Ut is waer dase mee merie nie magge prate
betekenis: negatie > modaal
opm.: De zinsvolgorde van het vb komt niet voor
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 03118) vertaling: Ut is waer dase mee merie nie magge prate
betekenis: negatie > modaal
opm.: De zinsvolgorde van het vb komt niet voor
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03118) vertaling: Nergens
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03118) vertaling: Gin mens
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03118) vertaling: nooit / nooit van z'n leven
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03118) vertaling: niks
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03118) vertaling: glad gin
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03118) vertaling: Nie tegen z'n zegge da'k ni buten ewist bin
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03118) vertaling: Nie fertelle daje een kado voe z'n ekocht eit oor
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03118) vertaling: Weet je nie dat en evaollen is
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03118) vertaling: Wendy prombeerden gin mens zeer te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03118) vertaling: 't schien a se niks magge ete
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03118) vertaling: ze schien niks te maggen eten
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03118) vertaling: Ze prombeere a den elen dag mekare op te bellen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03118) vertaling: Ut beloofd a wee een mooien dag te worren
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03118) vertaling: 't Is meschien beter om nog even te wachten
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03118) vertaling: Me oae te gelok da m'un direct terug vonde
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03118) vertaling: a te oenders een steekveugel ziee bin ze benauwd
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03118) vertaling: a me de petaten nie kunne verkope zitte me in de preblemen
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03118) vertaling: a julder n nie meeneme wor ik kwaad
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03118) vertaling: Ie wist ut
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03118) vertaling: Op dit feest word er vee edanst
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03118) vertaling: Op dit feest word er vee edanst
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03118) vertaling: op die feeste wort er vee edanst
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03118) vertaling: op die feeste wort er vee edanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03118) vertaling: Noe worter alleenig nog me brood verkocht in die wienkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03118) vertaling: A ten mee de fiets komt, za den we laete weze
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03118) vertaling: A je tiet eit kom tan is een keer langs
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03118) vertaling: Ak rieke bin koop k een dieren auto
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03118) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03118) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03118) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03118) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03118) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03118) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03118) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03118) vertaling: Ik e den t geve
komt voor: j
opm.: De eerste mogelijkheid legt nadruk om 'hem'
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03118) vertaling: Ik e ut an um egeve
komt voor: j
opm.: De eerste mogelijkheid legt nadruk om 'hem'
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03118) vertaling: Ik e ut an um egeve
komt voor: j
opm.: De eerste mogelijkheid legt nadruk om 'hem'
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03118) vertaling: Ik e den t geve
komt voor: j
opm.: De eerste mogelijkheid legt nadruk om 'hem'
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03118) vertaling: Ik e den t geve
komt voor: j
opm.: De eerste mogelijkheid legt nadruk om 'hem'
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03118) vertaling: Ik e ut an um egeve
komt voor: j
opm.: De eerste mogelijkheid legt nadruk om 'hem'
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03118) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid da jie eprombeerd eit een liedje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid da jie eprombeerd eit een liedje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid da jie eprombeerd eit een liedje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid dajie eprobeerd eit een leidje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid dajie eprobeerd eit een leidje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid dajie eprobeerd eit een leidje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid dajie eprombeerd eit een leidje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid dajie eprombeerd eit een leidje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid dajie eprombeerd eit een leidje te ziengen
opm.: 'prombere' is wat ouderwetser
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03118) vertaling: Merie ei ezeid dajie eprombeerd eit om eur een boek te heven
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 03118) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 1
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 03118) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 03118) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 03118) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 03118) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03118) vertaling: Die stadjeres, die e ier vee uzen ebouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03118) vertaling: Om die nieuwe ...., di zieje gin mens mi
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03118) vertaling: Histeren ei Jan ie ewist
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03118) vertaling: Dien dag a Jan belden was k nie tuus
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03118) vertaling: Jef, (die) zou k nooit verzoeke
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03118) vertaling: Merie (die) zou zo iets nooit doee
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03118) vertaling: Bert (die) drienkt we is een hlas te vee
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03118) vertaling: Martha (die) zou'k we is bie me tuus wille verzoeke
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03118) vertaling: Dat uus (dat) zou k nooit wille kope
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03118) vertaling: Dat uus (dat) stie ti a fuuftige jaer
000 (z09opm) (inf. 03118) opm. inf.: In Zuid-Beveland zijn geen vaarten, dus ook geen woord daarvoor.
000 (z09opm) (inf. 03118) opm. inf.: De tussen haakjes geplaatste woorden kunnen weggelaten worden (afhankelijk van de betekenis van de zin)
000 (z09opm) (inf. 03118) opm. inf.: De tussen haakjes geplaatste woorden kunnen weggelaten worden (afhankelijk van de betekenis van de zin)
000 (z09opm) (inf. 03118) opm. inf.: In Zuid-Beveland zijn geen vaarten, dus ook geen woord daarvoor.
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 03118) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 03118) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 03118) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 03118) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 03118) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 03118) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 03118) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 03118) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 03118) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03118) vertaling: ei hunter ebeld
473 (z11b) En pas op! (inf. 03118) vertaling: Pas op!
473 (z11b) En pas op! (inf. 03118) vertaling: Pas op!
473 (z11b) En pas op! (inf. 03118) vertaling: Pasterop!
473 (z11b) En pas op! (inf. 03118) vertaling: Pasterop!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03118) vertaling: 't was me net hoed henoeg
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03118) vertaling: Marjo ei noe meer koeien as vroeger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03118) vertaling: A susanne kunne komme o, dan o ze dat edae
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03118) vertaling: Z'is den besten dokter die a'k kenne
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03118) vertaling: Voe a je wat wiggoit, mo je even belle
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03118) vertaling: Ier is aolles dat a'k ekregen e
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03118) vertaling: Jan is te giere om wat an z'n kinders te heven
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03118) vertaling: Net of a jie wat van voetballe weet
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03118) vertaling: Lei ta boek neer
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03118) vertaling: A-je wezelijk nie wachte kan, kom tan me
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03118) vertaling: Ik weet da Jan den dokter kunne roepe o
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 03118) vertaling: Ik weet da Jan den dokter eroepe kon e
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03118) vertaling: Ie zei dak u motte doen o
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 03118) vertaling: Ie zei dak ut edae most e
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03118) vertaling: Ie is flie weke deur dokter M heopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03118) vertaling: ie wor merege deur dokter M heopereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03118) vertaling: Ik dienke a je vee wig zou motte hooie
positie: 1
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03118) vertaling: Ik dienke a je vee wig zou motte hooie
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03118) vertaling: ut is stom om zukke diere dingers wig te hooien
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03118) vertaling: ut is stom om zukke diere dingers wig te hooien
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03118) vertaling: Ie is oalle kapotte spullen an't weggooien
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03118) vertaling: Ie is oalle kapotte spullen an't weggooien
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03118) vertaling: Ik vinde a je dikkelsder de krante zou motte lezen
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03118) vertaling: Ik vinde a je dikkelsder de krante zou motte lezen
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03118) vertaling: Ut is stom om in den doenker de krante te lezen
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03118) vertaling: Ut is stom om in den doenker de krante te lezen
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03118) vertaling: ie is den elen dag de krante an t lezen
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03118) vertaling: ie is den elen dag de krante an t lezen
positie: 1
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 03118) fragment: deur (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03118) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03118) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03118) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03118) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03118) vertaling: R ei een hroenen appel wiggeheve en noe eiten nog twi rooie
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03118) vertaling: D'r was vee volk op t feest
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03118) vertaling: Was-t-er vee volk op 't feest
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03118) vertaling: Wafoe boeken ei je ekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03118) vertaling: Wat ei je voe boeken ekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03118) vertaling: Wat ei je voe boeken ekocht
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03118) vertaling: Wafoe boeken ei je ekocht
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03118) vertaling: Ie weun bie Merietje
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03118) vertaling: Ik weun bie Wullem
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03118) vertaling: Hoed is even ni den bakker, Wim
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03118) vertaling: Wien ei je eziee
opm.: lange 'ei' in 'wien'
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03118) vertaling: Wien ei je eziee?
opm.: korte 'ei' in wien
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03118) vertaling: A'k dat eweten o, dan o'k nie edaee
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03118) vertaling: 't Sou beter weze om nog even te wachte
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03118) vertaling: Helukkig o Jan den dokter ebeld en die was ter a eel hauw
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03118) vertaling: Lop toch deur, vervelende jongers!
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: met 'te'
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: met 'te'
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 2
opm.: met 'te'
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 2
opm.: met 'te'
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: met 'te'
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 03118) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: met 'te'
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 03118) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 03118) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 03118) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 03118) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 03118) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Baarland

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Baarland