SAND-data Enter (G198p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 02940) vertaling: J erinnert zich dat v wa
opm.: reflexief: zich
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 02940) vertaling: M+P zeet mekaa vuur de kark
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 02940) vertaling: T wasket zich
opm.: reflexief: zich
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 02940) vertaling: Den T. hef gen spiekers biej zich
opm.: reflexief: zich
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 02940) vertaling: F zag ne slange neus zich
opm.: reflexief: zich
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 02940) vertaling: E leut vuur zich waarken
opm.: reflexief: zich
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 02940) vertaling: J leut zich driewn op de golven
opm.: reflexief: zich
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 02940) vertaling: T bekeek zich zelf es good in speegl
opm.: reflexief: zichzelf
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 02940) vertaling: J hef in tweej minuten beer edrönken
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 02940) vertaling: Desse schoone loopt gemakkelijk
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 02940) vertaling: E kent zich zelf good
opm.: reflexief: zichzelf
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 02940) vertaling: W hef e heurd dat er foto's van hum in de
opm.: zin onvolledig door kopie (jvc) reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 02940) vertaling: Disse eerpel schelt niet gemakkelijk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 02940) vertaling: Dit glas brek as 't op de grond vaalt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 02940) vertaling: Dokter lèèf ik gezond genog?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 02940) vertaling: Al joaren lèèwt van de arfenis van zien
opm.: zin onvolledig door kopie (jvc)
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 02940) vertaling: Disse wèkke lèèwt op water en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 02940) vertaling: Lèèwt ut nog?
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 02940) vertaling: Hoelange lèèwe iejlen a van die E
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 02940) vertaling: In Br. lèèwt ze veurnamelijk van vis
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 02940) vertaling: Noa 't etten goa k hen sloapen
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 02940) vertaling: Zol ik dat wal könn doon
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 02940) vertaling: Hij lött zien hoes afbrekkn
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 02940) vertaling: alle zinnen onbekend
komt voor: n
gebr.: 1
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 02940) vertaling: alle zinnen onbekend
komt voor: n
gebr.: 1
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 02940) vertaling: alle zinnen onbekend
komt voor: n
gebr.: 1
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 3
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 3
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 02940) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 02940) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 02940) komt voor: j
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 02940) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 02940) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 02940) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 02940) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 02940) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 02940) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 02940) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 02940) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 4
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 4
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 02940) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 02940) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 02940) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 02940) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 02940) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 02940) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 02940) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 02940) vertaling: J hef gen book meer
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 02940) vertaling: J hef gen book meer
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 02940) vertaling: Beuke hef J neet
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 02940) vertaling: J hef neet veule geeld me
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 02940) vertaling: n.b.
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 02940) vertaling: gen menske zech dat e komp
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 02940) vertaling: zitt hier aans muze?
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 02940) vertaling: ik gieve niks an n ander
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 02940) vertaling: geen menshe wil waarke
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 02940) vertaling: wij wussen dat e neet in 't hoes wis
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 02940) vertaling: ik wusse t ok neet
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 02940) vertaling: hij mag met gen menshe kuuern ower dat probleem
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 02940) vertaling: J wis dat e vuur drei uur de waage mos hebnne emaakt
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 3
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 3
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 02940) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 02940) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 02940) vertaling: M auto is kapot
opm.: twijfel prenominale possessieve genitief '-s' (doordat de informant de eigennaam niet voluit spelt)
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 02940) vertaling: M eern auto is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 02940) vertaling: Piets auto is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 02940) vertaling: Piet zien auto is k.
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 02940) vertaling: Den keerl zien auto is k.
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 02940) vertaling: Den keerl zien auto is k.
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 02940) vertaling: Den auto is neet van miej mer van hum
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 02940) vertaling: n.b.
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 02940) vertaling: J is k en k is sien breurkin
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 02940) vertaling: De jongs eere fietse zin e stolen
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 02940) vertaling: Da zusters eer moe is op visite
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 02940) vertaling: nb (A is van Wim)
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 02940) vertaling: nb (is van miej)
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 02940) vertaling: nb
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 02940) vertaling: Ik wille gen mens kwetsen
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 02940) vertaling: nb
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 02940) vertaling: dat doo ik neet
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 02940) vertaling: nb
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 02940) vertaling: nb
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 02940) vertaling: nb
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 02940) vertaling: heij warkt neet
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 02940) vertaling: nb
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 02940) vertaling: nb
opm.: opmerking van jvc: n.b. (of nb) staat volgens mij voor 'niet bekend', i.e. niet voorkomend in het dialect. ik heb de vraag wel (voor alle zekerheid) als onbeantwoord gemarkeerd
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: o (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: o (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: o (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: o (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat o (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat o (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat o (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat o (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 02940) vertaling: Ik wette daj op gen mes hellig zint
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 02940) vertaling: Ik wette dat op niks greuts is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 02940) vertaling: E dech dat neet makkelijk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 02940) vertaling: Ik wette dak te late zin en iej neet
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 02940) vertaling: Iej wett toch daj möut waarken en inne neet
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 02940) vertaling: Alleman dech dat we noa 't hoes goat en dat zeij meugt bluven
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 02940) vertaling: 't Is spietig dat e kömp en dat zeij wegge
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 02940) vertaling: Ik denke dat L zeek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 02940) vertaling: Ik denke dat P+L goat trouwen
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 02940) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 02940) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 02940) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 02940) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 02940) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 02940) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 02940) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 02940) komt voor: j
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 02940) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 02940) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 02940) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 02940) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 02940) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 02940) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 02940) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 02940) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 02940) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 02940) vertaling: De laampe bròànt neet mee
komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 02940) vertaling: De laampe bròànt neet mee
komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 02940) vertaling: Daànst Merie elken oawnd?
komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 02940) vertaling: Daànst Merie elken oawnd?
komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 02940) vertaling: Sniet de stoete èèwn
komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 02940) vertaling: Sniet de stoete èèwn
komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 02940) komt voor: j
fragment: waervan (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 02940) komt voor: j
fragment: waervan (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 02940) komt voor: j
fragment: waer op (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 02940) komt voor: j
fragment: waer op (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 02940) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woerop (1)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woerop (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den iej (ipv je) (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02940) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02940) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den iej (ipv je) (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02940) komt voor: j
fragment: die (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den iej (ipv je) (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woer (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woer (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02940) komt voor: j
fragment: toen (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02940) komt voor: j
fragment: toen (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02940) komt voor: j
fragment: toen (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wiej (1)
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 02940) komt voor: j
fragment: wiej (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02940) vertaling: Weij dèènk ie dat ik in de stad tiegnköm
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 02940) vertaling: Hoe dèènk ie dat ze dat hebt opelost
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 02940) vertaling: Hoe dèènk ie dat ze dat hebt opelost
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 02940) vertaling: M weet neet weij wiej wint belln
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 02940) vertaling: Weet d'r ene weij wiej è reupn hebt?
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02940) vertaling: Weij dènkiej dat ik in de stad tiegnköm
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 02940) vertaling: Heij hef ziene haane ewösken
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 02940) vertaling: Heij hef zien hemd ewöschen
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 02940) vertaling: Heij hef ne hood op 't heuwd
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 02940) vertaling: Heij hef ne vlekke op zien hemd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 02940) vertaling: Heij hef zien been ebrökn
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 02940) vertaling: Heij hef zich zeer edoan
opm.: reflexief: zich
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 02940) vertaling: Merie trök de dekne noa zich hen
opm.: reflexief: zich
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 02940) vertaling: L wett dat er foto van umzelf te kop zint
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 02940) vertaling: Iej erinnert oe toch wal dat wij dur tbos elopn zun
opm.: reflexief: je
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 02940) vertaling: Ik herinner miej dat 'n auto van M kapot wis
opm.: reflexief: me
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 02940) vertaling: Zeij errinnert zich dat e as een vaarken zat te ettn
opm.: reflexief: zich
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 02940) vertaling: Wiej herinnert ons wal dat J zien beuken estölln wa...
opm.: zin onvolledig door kopie reflexief: ons
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 02940) vertaling: Herinnert iejlen oe nog dat we J op maart ezeen he...
opm.: zin onvolledig door kopie reflexief: je
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 02940) vertaling: Hij hef zich een ongeluk ewaarket
opm.: reflexief: zich
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 02940) vertaling: Hij veuln zich duur 't ies zakkn
opm.: reflexief: zich
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02940) vertaling: Zol heij dat e doan ekönt hebben
opm.: deze zin is identiek aan Y5(iii)a (die de informant heeft aangekruist als niet voorkomend in zijn dialect )
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02940) vertaling: Zol heij dat e doan hebbn ekönt?
opm.: deze zin is identiek aan Y5(iii)a (die de informant heeft aangekruist als niet voorkomend in zijn dialect )
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02940) vertaling: Zol heij dat e doan hebbn ekönt?
opm.: deze zin is identiek aan Y5(iii)a (die de informant heeft aangekruist als niet voorkomend in zijn dialect )
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02940) vertaling: Zol heij dat e doan ekönt hebben
opm.: deze zin is identiek aan Y5(iii)a (die de informant heeft aangekruist als niet voorkomend in zijn dialect )
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 02940) fragment: könn (1)
opm.: opmerking: bij Y5(iv) gebruikt de informant 'ekönt' als voltooid deelwoord
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 02940) fragment: könn doon (1)
opm.: opmerking: de desbetreffende vorm is wellicht 'edoan' (cf. Y5(iv))
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 02940) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 02940) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 02940) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 02940) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 02940) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 02940) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 02940) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 02940) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 02940) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 02940) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 02940) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 02940) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 02940) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 02940) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 02940) vertaling: ik dèènke dat e weg is
komt voor: j
opm.: dav
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 02940) vertaling: ik dèènke dat e weg is
komt voor: j
opm.: dav
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 02940) komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 02940) vertaling: ik weette dat e weg is
komt voor: j
opm.: dav
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 02940) vertaling: ik weette dat e weg is
komt voor: j
opm.: dav
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 02940) komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 02940) komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 02940) komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 02940) komt voor: n
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 02940) vertaling: ik zin met noar de mark ewes
komt voor: j
opm.: dav
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 02940) vertaling: ik zin met noar de mark ewes
komt voor: j
opm.: dav
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 02940) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 02940) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 02940) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 02940) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 02940) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 02940) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 02940) vertaling: Ik hebbe heel wat loopn edoan
komt voor: j
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 02940) vertaling: Ik hebbe heel wat loopn edoan
komt voor: j
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 02940) komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 02940) vertaling: Hij deed zich vuur as of e net oet berre vis
komt voor: j
opm.: ben niet zeker van de transcriptie van 'vis' (jvc) dav
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 02940) vertaling: Hij deed zich vuur as of e net oet berre vis
komt voor: j
opm.: ben niet zeker van de transcriptie van 'vis' (jvc) dav
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 02940) komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 02940) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 02940) vertaling: Toen lèèwn ik er op löss
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 02940) vertaling: Vröwwer leewn ik as e bees
opm.: dav
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 02940) vertaling: Doar leevn wij as God in F
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 02940) vertaling: Gen menshe mag 't zee iej ok neet
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 02940) vertaling: Ut gebeurn toej weggung
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 02940) vertaling: Ik wette weer je geboren zint
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 02940) vertaling: Now kloar zint maj doan
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 02940) vertaling: Omdat M estörven was hef eer man A neet könn helpen
opm.: IPP: twijfel ja/ nee.
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02940) vertaling: Ik wette dat e is goan zwemmen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02940) vertaling: Ik wette dat e is goan zwemmen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02940) vertaling: Ik wette dat e is goan zwemmen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02940) vertaling: Ik wette dat e is goan zwemmen
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 1
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 1
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 5
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 02940) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 02940) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 02940) komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 02940) komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 02940) komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 02940) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 02940) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 02940) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 02940) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 02940) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 02940) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 02940) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 02940) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 02940) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 02940) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 02940) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den asse (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den asse (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den asse (1)
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den at (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den at (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den at (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
opm.: twijfel voegwoordvervoeging: zou ook clitic op C° kunnen zijn
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: datte (2)
opm.: twijfel voegwoordvervoeging: zou ook clitic op C° kunnen zijn
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: datte (2)
opm.: twijfel voegwoordvervoeging: zou ook clitic op C° kunnen zijn
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
opm.: twijfel voegwoordvervoeging: zou ook clitic op C° kunnen zijn
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
opm.: twijfel voegwoordvervoeging: zou ook clitic op C° kunnen zijn
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02940) komt voor: j
fragment: datte (2)
opm.: twijfel voegwoordvervoeging: zou ook clitic op C° kunnen zijn
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat ze (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat ze (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat ze (2)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woer (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woer (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: weij (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: weij (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woer (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woer (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02940) komt voor: j
fragment: woer (1)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 02940) komt voor: j
fragment: dat (1)
opm.: twijfel D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den at (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02940) komt voor: j
fragment: weij (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02940) komt voor: j
fragment: weij (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den at (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02940) komt voor: j
fragment: weij (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02940) komt voor: j
fragment: den at (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 02940) komt voor: j
fragment: van (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 02940) komt voor: j
fragment: van (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 02940) vertaling: Piet dech dat J en M op gen mens meer hellig zint
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 02940) vertaling: Piet dech dat J en M op gen mens meer hellig zint
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 02940) vertaling: Wim dech dar wiej noot an ene een pries geve
betekenis: negative concord
opm.: spelling 'geve' onzeker (jvc)
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 02940) vertaling: Wim dech dar wiej noot an ene een pries geve
betekenis: negative concord
opm.: spelling 'geve' onzeker (jvc)
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 02940) vertaling: Het is woar dat ze neet met M mangt kuuern
betekenis: modaal > negatie
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 02940) vertaling: Het is woar dat ze neet met M mangt kuuern
betekenis: modaal > negatie
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 02940) vertaling: naars
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 02940) vertaling: gen ene
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 02940) vertaling: nooit
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 02940) vertaling: besteet niet
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 02940) vertaling: wat vukke
000 (z03opm) (inf. 02940) opm. inf.: vraag D beantwoord met BESTAAT niet
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 02940) vertaling: Zengt um neet dak noa boetn zinne èwes
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 02940) vertaling: Neet vertelln daj een kado veur um ekoch hebt
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 02940) vertaling: W probeern um gen ene zeerte te doon
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 02940) vertaling: ut Schient dat ze niks mag etten
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 02940) vertaling: Ze schient niks te mugn etten
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 02940) vertaling: Ze prebeern n heeln dach om elkaar up te belln
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 02940) vertaling: Ut belouwn wier ne mooin dach te worden
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 02940) vertaling: 't Is misschien better um nog èèwn te waochen
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 02940) vertaling: Wiej haddn 't geluk um hum direks wier te vinden
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 02940) vertaling: As de henn ne klemmer zeet zien ze bange
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 02940) vertaling: Aw we de eerpel neet könt verkoopn zitte wiej der met
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 02940) vertaling: As ielen um neet met nemt wor ik hellig!
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 02940) vertaling: Hij wuszt
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 02940) vertaling: Op dit fees wordt er veule edanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 02940) vertaling: Now wodt er allenig nog stoete in de winkel verkoch
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 02940) vertaling: At te met de fietse met de fietse kump zal e wa laate wèèn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 02940) vertaling: Aj tied hebt komt dan es langs
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 02940) vertaling: Ak rieke zin koop in ne deurn auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 02940) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 02940) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 02940) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 02940) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 02940) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 02940) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 02940) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 02940) komt voor: j
opm.: dav? twijfel subjectdubbeling pron. 2.ev. in ja/nee-vraag pronomina en clitic / ind.object pron. 1.ev. tussen subj.pron. subjectpronomina (want geen vertaling)
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 02940) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 02940) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 02940) vertaling: M hef ezech daj probeert hebt een vesje te zingn
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 02940) vertaling: M hef ezech dat iej probeert heb eer een book te giewm
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 02940) vertaling: Diej oet de stad die hebt hier veulle huze ebaut
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 02940) vertaling: An den niejn vaat door zeej gen menshe meer
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 02940) vertaling: Gistern is Jan hier ewes
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 02940) vertaling: Den dach dat Jan beeln wak neet in hoes
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 02940) vertaling: Jef den zol ik nooit oetneugn
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 02940) vertaling: Marie den zol zoiets nooit doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 02940) vertaling: Bert den drinkt wal us n glas te vulle
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 02940) vertaling: Marta den zol ik wal es bij miejn hoes wiln neugn
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 02940) vertaling: Dat hoes dat zol ik noot wiln koopn
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 02940) vertaling: Dat hoes dat steet doar al vieftig joar
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 02940) vertaling: Hef G ebeelt
473 (z11b) En pas op! (inf. 02940) vertaling: Pas op!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 02940) vertaling: ut was meer net goed genoch
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 02940) vertaling: M hef now meer beeste dan vrouwer!
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 02940) vertaling: As S hat könn komm dan hat ze dat e doan
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 02940) vertaling: Zij is debeste dokter den ik kenne
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 02940) vertaling: Vuur daj wat votgooit möj miej bellen
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 02940) vertaling: Hier is als wak e krèègn hebbe
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 02940) vertaling: J is te gierig um iets an ziene wichter te giewn
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 02940) vertaling: As of e iets van voetballn wus
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 02940) vertaling: Dat book leg town
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 02940) vertaling: Aj ech neet kont wochen dan komt meer
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 02940) vertaling: Ik wette dat J 'n dokter had könn roopn
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 02940) vertaling: Ik wette dat Jan n dokter hat könn roopn
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 02940) vertaling: Heij zèè dat dat hat mönn doon
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 02940) vertaling: Heij zèè dak et hat mön doon
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 02940) vertaling: Heij is vurige wekke duur dokter M geopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 02940) vertaling: Heij wodt mönn duur dokter M opereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 02940) vertaling: Ik denke daj völle mönt weggooien
positie: 3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 02940) vertaling: Ik denke daj völle mönt weggooien
positie: 3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 02940) vertaling: 't Is dom um zukke döre dinge weg te gooie
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 02940) vertaling: 't Is dom um zukke döre dinge weg te gooie
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 02940) vertaling: Heij is alle kepotte dinge an het weggooien
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 02940) vertaling: Heij is alle kepotte dinge an het weggooien
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 02940) vertaling: Ik vinne daj vaker kraant zol motn lèèzn
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 02940) vertaling: Ik vinne daj vaker kraant zol motn lèèzn
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 02940) vertaling: Het is dom um in 't duuster krante te lèèzn
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 02940) vertaling: Het is dom um in 't duuster krante te lèèzn
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 02940) vertaling: Heij is n heeln dach an 't krant lèèzn
positie: 2
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 02940) vertaling: Heij is n heeln dach an 't krant lèèzn
positie: 2
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 02940) fragment: door (1)
507 (z14b) Ze hebben aan hem laten lachen (inf. 02940) fragment: door (1)
508 (z14c) Ze hebben aan hem laten vallen omdat hij zijn werk niet goed deed (inf. 02940) fragment: door (1)
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 02940) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 02940) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 02940) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 02940) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 02940) vertaling: R hef een greun appel weggegeven now hef nog twei roo
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 02940) vertaling: Da wann völle leu op dat fees
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 02940) vertaling: Wanner völle leu op dat fees?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02940) vertaling: Wat veur beuke heb iej ekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02940) vertaling: Wat veur beuke heb iej ekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02940) vertaling: Wat heb iej veur beuke ekoch
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02940) vertaling: Wat heb iej veur beuke ekoch
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 02940) vertaling: Heij wont biej M
opm.: twijfel thuisnaamval op eigennaam 3.ev.vrouw.: informant schrijft naam niet voluit
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 02940) vertaling: Heij wont biej W
opm.: twijfel thuisnaamval op eigennaam 3.ev.mann.: informant schrijft naam niet voluit
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 02940) vertaling: Loopt èèwn noa 'm bakker W
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 02940) vertaling: Wat hej e zeen?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 02940) vertaling: Weij hef oe e zèèn
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 02940) vertaling: Ak dat e wetten he hak ke neet edoan
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 02940) vertaling: 't Zol better wèèn um nog èèwn te wochen
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 02940) vertaling: Gelukkig hat J n dokter e beeld en den was te gaaw
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 02940) vertaling: Loopt toch duur, nare jongs
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 02940) komt voor: j
gebr.: 4
opm.: aan- of afwezigheid van 'te' niet aangeduid
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 02940) komt voor: n
gebr.: 1
000 (z17opm) (inf. 02940) opm. inf.: zinnen g+h zijn in 't dialect onbekend

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
commentaar[meta][k]G198p[/k][h]230[/h][i]231[/i][vw]MH[/vw][/meta]  sound
hulpinterviewer [v=018] Vertaal. Ze weet niet dat Marie gisteren gestorven is. [/v] sound
informant [a] Ze wet niet dat Marie gisteren estorbn e weet ze nog nie. [/a] e is is tagging sound
hulpinterviewer [v=025] Vertaal. Geen mens heeft dat ooit gewild of gekund. [/v] sound
hulpinterviewer [a] Geen mens hef dat ooit ewild of gekund. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=026] Vertaal. Jan had het hele brood willen op eten. [/v] sound
informant Jan hadet hele brood wel lust.

had et
tagging sound
veldwerker [v] Zo letterlijk mogelijk. [/v] sound
hulpinterviewer [v=027] Vertaal. Vertel maar niet wie zij had kunnen roepen. [/v] sound
informant [a] Vertelt maar niet wie azijd kunn roepn. [/a]

a zij d
als zij had tagging sound
hulpinterviewer [v=035] Vertaal. Jan herinnert zich dat verhaal wel. [/v] sound
informant [a] Jan kan zich dat verhaal wel veur steln. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=038] Vertaal. De timmerman heeft geen spijkers bij zich. [/v] sound
informant [a] Den timmerkerel hef geen spijkers bie zich. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=040] Vertaal. Erik liet mij voor zich werken. [/v] sound
informant [a] Erik liete mie ene vuurr vleegn. [/a] ene vuur vleegn? sound
hulpinterviewer [a] Erik liet zich vuur zich werkn. [/a] sound
hulpinterviewer [v=041] Vertaal. Johanna liet zich mee drijven op de golven. [/v] sound
hulpinterviewer [a] _ laat zich mit de golvn mit driebn. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=042] Vertaal. Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel. [/v] sound
informant [a] Toon xxx keek eens even veu zichzelf goed int spiegel. [/a]

in t
tagging sound
hulpinterviewer [v=043] Vertaal. Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken. [/v] sound
informant [a] Jan hed in twee minuutn bier op. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=044] Vertaal. Deze schoenen lopen gemakkelijk. [/v] sound
informant [a] Deze schoen loop makkelijk. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=045] Vertaal. Eduard kent zichezelf goed. [/v] sound
informant [a] Eduard kent zichzelf goed hoor. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=046] Vertaal. Ward heef gehoord dat er fotoos van zichzelf in de etalage staan. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.   sound
informant [a] Ward ef eheurd dadde fotoos van em in de etalage staat. [/a]

da de
dat de of dat er is niet duidelijk tagging sound
hulpinterviewer [v=047] Vertaal. Die aardappelen schillen niet gemakkelijk. [/v] sound
informant [a] Die aardappels schilt nie makkelijk. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=048] Vertaal. De sneeuw smelt in de zon. [/v] sound
informant [a] De sneeuw smelt in de zonne. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=053] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Als ik zuinig leef leef ik zoals mijn ouders willen. [/v] sound
informant [a] Ak zuinig lewe dan hebbik _ [/a]

a k heb ik
tagging sound
hulpinterviewer [a] Assik zuinig leve levik zoa de oudelui woln. [/a]

as ik lev ik
tagging sound
informant [a] Ak zuinig lewe dan lewik zoa oudelui da gerne wild heb. [/a]

a k lew ik
tagging sound
hulpinterviewer [v=055] Vertaal. Als hij nog drie jaar leeft leeft hij langer dan zijn vader. [/v] sound
informant [a] At nog drie jaar leewt dan leewte al leewte zie vader. [/a]

leewt e leewt e
tagging sound
hulpinterviewer Ajt gewoon plat moe zegn _

a j t
sound
hulpinterviewer [a] _ dan leev die langer assie va. [/a]

as sie
sound
informant [a] At hij nog drie jaar leewt leewte langer assie va. [/a]

leewt e as sie
tagging sound
hulpinterviewer [v=057] Vertaal. Als zij zo gevaarlijk leeft leef ze niet lang meer. [/v] sound
informant [a] Als zij zo gevaarlijk leewt leewse niet lange meer. [/a]

leew se
tagging sound
hulpinterviewer [v=059] Vertaal. Al het nu nog leeft dan leeft het morgen ook nog. [/v] sound
informant [a] At vandaag nog leewt leewt morgen ook nog. [/a] in leewt zit ook de t van het tagging sound
hulpinterviewer [v=061] Vertaal. Als jullie zo losbandig leven dan leven jullie nooit zo lang als ik. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] Aj dan zo losbandig leewt dan leewie nie zo lang azikke. [/a]

a j leew ie az ikke
tagging sound
hulpinterviewer [v=063] Als ze voor hun werk leven leven ze niet voor hun kinderen. [/v] sound
informant [a] Adde veurt werk leewt dan leewse nie veur de kinder. [/a]

ad e veur t leew se
tagging sound
hulpinterviewer [v=067] Vertaal. Als Rudy nog leeft dan leef Leo ook nog. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] Ad Rudy nog leewt dan leewt Leo ook nog. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=068] Vertaal. Als je gezond leeft dan leef je langer. [/v] sound
informant [a] Aj gezond leewt leewedie langer. [/a]

a j leewe die
twijfel over transcriptie tagging sound
hulpinterviewer [v=069] Vertaal. Als er zo weinig mensen van de landbouw leven _ [/v] sound
hulpinterviewer [v] _ dan leve er veel meer mensen van werk in de fabriek. [/v] sound
informant [a] Atte zo weinig lui in de landbouw leewt dan bunt de ander alleen veurt werk in de fabriek. [/a]

at e veur t
twijfel over laatste deel maar dat is toch geen letterlijke vertaling tagging sound
informant [a] Atte zo weinig mense leewt in de landbouw dan leewde ander vant werk in de fabriek. [/a]

at e leew de van t
tagging sound
hulpinterviewer [a] _ leewte vulle meer luie in de fabriek. [/a]

leewt e
tagging sound
hulpinterviewer [v=070] Vertaal. Als Pieter en Liesje in het paradijs leven dan leven Rosa en Frans in de hel. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] A Pieter en Liesje in paradijs sind dan leewt Rosa en Frans die leewt wel in de helle. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=071] Vertaal. Als we sober leven dan leve we gelukkig. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant Aj sober leewt dan leewie gelukkig.

a j leew ie
sound
informant [a] Aw sober leewt dan leewt wie gelukkig. [/a]

a w
t van tweede leew is niet overduidelijk tagging sound
hulpinterviewer [v=072] Vertaal. Leef wat gezonder Jan. [/v] sound
informant [a] Jan leewt wa gezonder. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=073] Vertaal. Leef wat minder bekrompen kinderen. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] Kindere leew toch wat minder bekrompen. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=132] Vertaal. Ik denk dat Marie hem zal moeten roepen. [/v] sound
informant [a] Ik denk dat Marie em zal moetn roepn. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=188] Vertaal. Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen. [/v] sound
informant [a] Hej genoeg lui umt hooi vant land te haaln. [/a]

he j um t van t
tagging sound
hulpinterviewer [v=189] Vertaal. Het was aardig van Jan om te kome werken. [/v] sound
informant [a] Et wird wel aardig van Jan um te koomn werkn. [/a] Ik kan de vertaling van was niet goed verstaan. Een vorm van het Duitse werden lijkt me merkwaadig. tagging sound
hulpinterviewer [v=190] Vertaal. Deze ton is te zwaar om te dragen. [/v] sound
informant [a] Deze tonne is te zwaar um te draagn. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=198] Vertaal. Hij kan staan zeuren. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde. Daarna wordt vraag 199 ook gesteld.  sound
informant [a] Hij kan staan zeurn. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=200] Vertaal. Toen we aan kwamen regende het. [/v] sound
informant [a] Toew an kwam reegnt. [/a]

toe w reegn t
tagging sound
hulpinterviewer [v=215] Vertaal. Ik geloof dat ik groter ben als hij. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] Ik gelowe dak groter zei as hij. [/a]

da k
tagging sound
veldwerker [v] Als hem kan ook toch? [/v] sound
informant [a] Hem niet. [/a] sound
commentaarlet op.   sound
informant Ie zie groter as mie. sound
hulpinterviewer [v=216] Vertaal. Ze gelooft dat jij eerder thuis bent als ik. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] Zij geloowt dak eerder thuis ziet azikke. [/a]

da k az ikke
tagging sound
hulpinterviewer [v=217] Vertaal. Je gelooft zeker niet dat hij sterker is als jij. [/v] sound
informant Geloowje datte sterker is azik.

geloow je dat e az ik
sound
informant [a] Ie geloowt toch niet datte sterker is azikke. [/a]

dat e az ikke
tagging sound
veldwerker Als jij sound
informant [a] _ azie. [/a]

az ie
sound
hulpinterviewer [v=218] Vertaal. Ze geloven dat wij rijker zijn als zij. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] Zij geloowt dadde wie rijker zien as azee. [/a]

az zee
tagging sound
hulpinterviewer [v=219] Vertaal. Wij geloven dat jullie niet zo slim zijn als wij. [/v] sound
informant [a] Wie geloowt dat ieleu niet zo slim zind as wie. [/a] zind of zijn tagging sound
hulpinterviewer [v=220] Vertaal. Jullie geloven jammer genoeg niet dat zij armer zijn als jullie. [/v] sound
informant [a] Ieleu geloowt niet dat wie armer zijn assij. [/a

as sij
tagging sound
veldwerker Dat zij armer zijn als jullie. sound
informant [a] Ieleu geloowt jammer genoeg niet dat zij armer zeit as wie. [/a] tagging sound
informant [a] _ azieleuwe. [/a]

az ieleuwe
tagging sound
hulpinterviewer [v=221] Vertaal. U gelooft dat Lisa even mooi is als Anna. [/v] sound
informant [a] Ie geloowt at Isa Lisa mooier is as Anna. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=222] Vertaal. Hij gelooft dat Louis en Jan sterker zijn als Geert en Peter. [/v] Deze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde. sound
informant [a] Ie geloowt dat Louis en Jan sterker zin as Geert en Peter. [/a] twijfel over zijn zin is zind tagging sound
hulpinterviewer [v=249] Vertaal. De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is stond achter mij. [/v] sound
informant [a] De jongen sie moeder dei gisteren etrouwd is er stond achter mie. [/a] sound
hulpinterviewer [v=250] Vertaal. De bank waar ze op zaten was pas geverfd. [/v] sound
informant [a] De banke waarzop zatn was pas everfd. [/a]

waar z op
tagging sound
hulpinterviewer [v=259] Vertaal. Wie geld heeft moet mij maar wat geven. [/v] sound
informant [a] Wie geld hef moet mie maar wat geebn. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=267] Vertaal. Hij heeft zijn handen gewassen. [/v] sound
informant [a] Hij hef de hand ewasken. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=268] Vertaal. Hij heeft zijn hemd gewassen. [/v] sound
informant [a] Hij hef zien hemd ewasken. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=271] Vertaal. Hij heef zijn been gebroken. [/v] sound
informant [a] Hij hef zien been ebrookn. [/a] subject bijna niet hoorbaar. tagging sound
hulpinterviewer [v=273] Vertaal. Marie trok de deken naar zich toe. [/v] sound
informant [a] Marie trok de deken noa zich he. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=339] Vertaal. Niemand mag het zien _ [/v] sound
hulpinterviewer [v] dus ik vind dat jij het ook niet mag zien. [/v] sound
informant [a] Niemand mag et zien dus ie magt ook nie zien. [/a]

mag t
sound
informant [a] _ dus ik vin dadiet ook niet mag zien. [/a]

dad ie t
sound
hulpinterviewer [v] Geen mens mag zien dus vinik dadiet ook niet zien magt. [/v]

vin ik dad ie t
tagging sound
informant [a=n] _ niet mangt zien dacht ik. [/a] sound
hulpinterviewer [a=n] Geen mens mag ziee dus vinik dadiet ook nie mang ziee. [/a]

vin ik dad ie t
sound
hulpinterviewer [a=j] _ ziee mangt ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=370] Vertaal. Dat is de man die ze geroepen hebben. [/v] sound
informant [a] Das de kerel desse roepn hebt. [/a]

da s de se
de wordt uitgesproken alsof er een n of een r achter staat. tagging sound
hulpinterviewer [v=371] Vertaal. Dat is de man die het verhaal heef verteld. [/v] sound
hulpinterviewer [a] Das den kerel deda verhaal hef verteld. [/a]

da s de da
tagging sound
informant [a] Dadis den kerel dei dat verhaal hef verteld. [/a]

dad is
tagging sound
hulpinterviewer [v=372] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Dit is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld. [/v] sound
informant [a] Dadis een kerel dei da dach dadet verhaal hef verteld. [/a]

dad is dad et
tagging sound
informant [a] _ dei da dach dad hijt verhaal hef verteld. [/a] tagging sound
informant [a] Dadis een kerel waarvan ik denke dadt verhaal verteld hef. [/a]

dad is dad t
tagging sound
commentaarHulpinterviewer legt uit dat de zin niet letterlijk te vertalen is. Informant is het met hem eens.   sound
hulpinterviewer [v=373] Vertaal. Dadis de man die ik denk dat ze geroepen hebben. [/v]

dad is
sound
informant [a] Dadis den kerel waarvan ik denke dassem dat eroepn hef. [/a]

dad is da se m
tagging sound
hulpinterviewer [v=397] Vertaal. Et schijnt dat ze niets mag eten. [/v] sound
informant [a] Et schijn datte niks mag etn. [/a]

dat e
e wordt uitgesproken alsof er een r achter staat. tagging sound
hulpinterviewer [v=403] Vertaal. Et lijkt wel of er iemand in de tuin staat. [/v] Deze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde. sound
informant [a] Tis net een ofter een in den hof staat. [/a]

t is of ter
het is net eender tagging sound
hulpinterviewer [a] E lijk wel _ [/a] sound
informant [a] Et lijk wel datter een in den hof staat. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=520] Vertaal. Wat voor boeken heb je gekocht. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a] Waveur boekn hebbie ekoch. [/a]

wa veur heb ie
tagging sound
hulpinterviewer [v=526] Vertaal. Wie heeft je op de kermis gezien. [/v] sound
informant [a] Wie hefoe op de kermis ezene. [/a]

hef oe
tagging sound
hulpinterviewer [v=036] Plaatje. Marie en Piet wijst noa _ [/v] sound
informant [a] _ noa mekaa. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=037] Plaatje. Toon wast _ [/v] sound
informant [a] _ wassich. [/a]

was sich
tagging sound
hulpinterviewer [v=039] Plaatje. Fons zag een slang naast _ [/v] sound
informant [a] Fons zag een slange noast zich. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=006] Kom disse zin veur int dialect. Gisteren wandeldiede door het park. [/v]

in t
sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a] Gisteren wandel die deurt park. [/a]

deur t
tagging sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v=022] Kom disse zin veur in dialect. Er wil niemand niet dansen. [/v] sound
informant [a=n] Er wil geen ene danske. Nee [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/a] sound
informant Ik het de zin niet meer. sound
informant [a] Er wil geen ene danse. [/a] sound
hulpinterviewer [v=023] Kom disse zin veur in dialect. Els wil niet dansen en ze wil niet zingen ook niet. [/v] sound
informant [a=n] Els wil nie dansn en ook niet zingn. [/a] sound
hulpinterviewer [a=n] Kom nie vuur. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v=087] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Eddy moet kunne vroeg op staan. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Eddy moet vroeg kunn op staan. [/v] sound
hulpinterviewer [v=137] Komt disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Hij wil geen soep niet meer eten niet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Hij wil geen soep meer etn. [/a] sound
hulpinterviewer [v=140] Kom disse zin veur in dialect. Zitten hier nergens geen muizen. [/v] sound
informant [a] Zit hier geen muize. [/a] sound
informant [a=j] Zit hier nergens geen muize. Kan ook. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v=148] Kom disse zin veur in dialect. Iedereen is geen vakman. [/v] sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Iedereen is geen vakman. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=149] Kom disse zin veur in dialect. Hij heeft overal geen vrienden. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
informant [a] Hij hef overal geen vriendn. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v=260] Kom disse zin veur in dialect. Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb. [/v] sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
commentaar261 wordt in nagesprek gesteld.  sound
informant [a] Wa denkie wiek in de stad teegn kom. [/a]

denk ie wie k
sound
informant [a] Wadenkie wiek in de stad ezeen heb. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v=262] Kom disse zin veur in dialect. Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb. [/v] sound
commentaarzometeen blijkt waarom ik dit niet heb getranscribeerd.  sound
informant [a=n] Wie denkie dak in de stad ezeen heb. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [a=n] Da tweede wie da komp nie vuur. [/a] sound
hulpinterviewer [v=309] Kom disse zin veur in dialect. Ik heb geen zin en voeren de koeien. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Ik heb geen zin um de beeste te voern. [/a] sound
hulpinterviewer [v=317] Kom disse zin veur in dialect. Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Alle koeie van Marie _ [/a] sound
informant [a] Alle beesten van Marie zijn verzoopn. [/a] sound
informant [a] Alle beeste van Marie zijn verdronkn. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v=329] Kom disse zin veur in dialect. Ik zei nog tegen haar. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Ik geloof deze jongen vinden ze allemaal wel aardig. [/v] tagging sound
commentaar[meta][k]G198p[/k][h]230[/h][i]231[/i][vw]MH[/vw][/meta]  sound
hulpinterviewer [v=329] Kom disse zin veur in dialect. Ik zei nog tegen haar. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Ik geloof deze jongen vinden ze allemaal wel aardig. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Ik zegge nog teegn der. Disse jongen vinse toch allemaal wel aardig. [/a]

vin se
sound
informant [a] Ik gelowe dasse disse jongen allemaal wel aardig vindt. [/a]

da se
sound
hulpinterviewer [v=331] Kom disse zin veur in dialect. Ik heb heel wat lopen gedaan. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Ik heter heel wat af eloopn. [/a]

het er
sound
hulpinterviewer [v=353] Kom disse zin veur in dialect. Persoon a vraagt wil je koffie Jan. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Jan antwoordt ja ik jaak. [/v] sound
informant [a=n] Da zegie hier nooit. [/a]

zeg ie
tagging sound
informant [a] Persoon a vraag willie nog koffie Jan. Jan antwoordt zeg ja. [/a]

wil ie
tagging sound
hulpinterviewer [v=355] Kom disse zin veur in dialect. Persooon a vraagt hebbe ze gegeten. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Persoon b antwoordt jaanze. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaaln. [/v] sound
informant [a] Persoon a vraag hebbieleural egetn. [/a]

heb ieler al
tagging sound
informant [a] Persoon b zeg nee in dit geval ja. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [a] Ja ze hebdegetn. [/a]

hebd egetn
tagging sound
hulpinterviewer [v=365] Kom disse zin veur in dialect. Hem is dood. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Hij is dood. [/a] sound
hulpinterviewer [v=501] Kom disse zin veur in dialect. Marie zit te stoofpeern schiln. [/v] niet in standaard nederlands. sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Marie schilt de stoofpeern. [/a] sound
informant [a] Marie zit stoofpeern te schiln. [/a] sound
hulpinterviewer [v=502] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Marie zit stoofperen en schillen. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Marie zit e stoofpeern te schiln. [/a] sound
hulpinterviewer [v=028] Kom disse zin veur in dialect. Hoe gebruikelijk is disse zin in uw dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Vertel mij eens wie dat zij had kunne roepen. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Vertelt mie wie at zij had kunn roepn. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=296] Kom disse zin veur in dialect. Hoe gebruikelijk is deze zin in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Zou hij dat gedaan hebben gekund. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] En vertaalt. [/v] sound
informant Zal hij dat edaan hebn. hebn of hem is niet goed te horen. sound
hulpinterviewer [a] Zol hij dat edaan kund hebn. [/a] sound
informant [a] Zol hij dat hebn kunn doen. [/a] sound
informant [a] Zol hij dat hebn kunn edaan. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaalt. [/v] sound
hulpinterviewer [v=297] Kom disse zin veur in dialect. Hoe gebruikelijk is deze in uw dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Zou hij dat gedaan gekund hebben. [/v] sound
informant [a=n] Zou hij dat kunn edaan hebn. [/a] zie vertaling bij 296 sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
hulpinterviewer [v=305] Kom disse zin veur in dialect. Hoe gebruikelijk is deze zin in uw dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Zou hij dat doen gekund hebben. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. [/v] sound
informant [a] Zol hij dat ekund edaan hebn. Ekunn edaan hebn. [/a] sound
hulpinterviewer [v=347] Kom disse zin veur in dialect. Hoe gebruikelijk is deze zin in uw dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [a] Ik weet datties gaan zwemn. [/a]

dat ie s
tagging sound
informant [a=j] Ja da kan. [/a] sound
hulpinterviewer [v=350] Kom disse zin veur in dialect. Hoe gebruikelijk is deze zin in uw dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [a] Ik wete datte gaan zwemnis. [/a]

dat e zwemn is
sound
informant [a=n] Da kan niet. [/a] sound
informant Ik wedde datte is gaan zwemn. sound
hulpinterviewer [v=352] Kom disse zin veur in dialect. Hoe gebruikelijk is deze zin in uw dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Ik wete datte zwem gaan is. [/v]

dat e
sound
informant [a=n] Da kan nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=495] Kom deze zin voor in dialect. Hoe gebruikelijk is deze in uw dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Ik denke datte vulle weg zal moetn gooin. [/v]

dat e
tagging sound
informant [a=j] Da kan wel. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Ik denke datte vulle zal weg moetn gooin. [/v] sound
commentaarZometeen blijkt dat het niet kan.   sound
informant [a=n] Da kan nee. Die tweede die kan volgens mie ne. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Ik denke datte vulle zal moetn weg gooin. [/v]

dat e
tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=075] Komt deze zin voor in uw dialect. Ik vinne dat elk ene moet kunn zwemn. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=077] Kom disse zin veur in dialect. Ik vinne dat elkene moet zwemn kunn. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=080] Kom disse zin veur in dialect. Ik vinne dat iederene kunn zwemn moet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=082] Kom disse zin veur in dialect. Ik vinne dat elkene zwemn kunn moet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=084] Kom disse zin veur in dialect. Ik vinne dat elkene zwemn moet kunn. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=086] Kom disse zin veur in dialect. Ik wete dat Eddy morgen wil brood etn. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=154] Kom disse zin veur in uw dialect. Boeke hef Jan driee. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=156] Kom disse zin veur in dialect. Jan weet datte veur drie uur de wagen moet hebn emaakt. [/v]

dat e
tagging sound
informant [a=j] Ja is goed. [/a] sound
hulpinterviewer [v=157] Kom disse zin veur in dialect. Jan weet datte veur drie uur de wagen moet emaakt hebn. [/v]

dat e
tagging sound
informant [a=j] Kan ook. [/a] sound
hulpinterviewer [v=160] Kom disse zin veur in dialect. Jan weet datte veur drie uur de wagen emaakt moet hebn. [/v]

dat e
tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=161] Kom disse zin veur in dialect. Jan weet datte veur drie uur de wagen emaakt hebn moet. [/v]

dat e
sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=227] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Persoon a vraag hij slaap. Persoon b antwoordt hij doet. [/v] sound
informant [a=n] Nee da kan neet. Nee hij doet kan ne. [/a] sound
hulpinterviewer [v=228] Kom disse zin veur in dialect. Persoon a vraag hij slaap. Persoon b antwoordt et doet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=243] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Persoon a vraag slaape. Persoon b antwoordt ie doet. [/v] sound
informant [a=n] Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=245] Kom disse zin veur in dialect. De lampe doet niet meer brandn. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] De kindere doet hier niet voetbaln. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Brandn doet de lampe niet meer. [/v] tagging sound
commentaart van niet wordt heel licht uitgesproken  sound
informant [a=n] Nee. De lampe brandt niet meer. [/a] Let op antwoord zometeen. sound
hulpinterviewer [a=j] Ja ik vinem goed. [/a]

vin em
sound
veldwerker [v] Walmen doetie nog wel maar branden doet de lamp niet meer. [/v] tagging sound
informant [a=j] Da kan wel. [/a] sound
hulpinterviewer [v=246] Kom disse zin veur in dialect.[/v] sound
hulpinterviewer [v] Doet Marie elkdavond dansn. [/v]

elk d avond
tagging sound
informant [a=j] Ja dat kan. [/a] sound
hulpinterviewer [v=247] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Doet de stoete even snije. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=248] Kom disse zin veur in dialect. Ik doe wel even de kopkes af wasn. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=319] Kom disse zin veur in dialect. Dit den ik niet aon. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=321] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Derare jongen zin ik met noar de markt ewes. [/v]

de rare
de wordt uitgesproken alsof de r eraan zit. sound
informant [a=j] Derare jongen zin ik met noar de markt wes. [/a]

de rare
Later zegt informant dat het geen goede zin is. tagging sound
informant [a=n] Met derare jongen zin ik noar de markt ewes. [/a] sound
commentaarDoordat hulpinterviewer tegelijkertijd praat kan ik de vertaling van geweest niet goed horen.  sound
informant [a=n] Dat is niet goed. [/a] sound
hulpinterviewer [v=328] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Jan vindt daj moet zulke dinge niet geloown. [/v]

da j
sound
informant [a=n] Nee da kan ne. [/a] sound
hulpinterviewer [v=387] Kom disse zin veur in dialect. Persoon a vraag. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Wanneer zal de wereldvrede kom. Persoon b antwoordt nooit niet. [/v] tagging sound
informant [a=j] Da kan ook. [/v] sound
hulpinterviewer [v=459] Kom disse zin veur in dialect. Hij heef de bal egooid in de mand. [/v] sound
commentaarDeze vraag komt in het nagesprek nogmaals aan de orde.  sound
informant [a=j] Hij heb de bal egooid in de mande. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=474] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Ten was maar net genoeg. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=485] Kom disse zin veur in dialect. Persoon a vraag zal ik kokn. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Persoon b antwoordt dat doet maar. [/v] tagging sound
informant [a=j] Dat kan. Das goed. [/a]

da s
sound
hulpinterviewer [v=486] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Dat boek beloof mie daj nooit meer zult verstopn. [/v]

da j
sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=487] Kom disse zin veur in dialect. Wat zeg mie daj ekokt hebt. [/v]

da j
sound
commentaarHulpinterviewer legt uit dat hij gekookt in plaats van gekocht heeft gezegd.   sound
veldwerker Wat zeg mij wat je gekocht hebt. Verkeerde herhaling van de vraag. sound
hulpinterviewer [a=n] Da kan nie. [/a] sound
hulpinterviewer [v=513] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Zonne vrouwe ene kunj maar beter nie teegn sprekn. [/v]

kun j
sound
informant [a=n] Ik denk et niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=530] Kom disse zin veur in dialect. Marie zeie da ie Piet een boek heb probeerd te verkoopn. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=531] Kom disse zin veur in dialect. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Wim dache dat ik Els probeerd had een cadeau te geebn. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=532] Kom disse zin veur in dialect. Karel weet dat ie probeerd hebt Marie een boek te verkoopn. [/v] tagging sound
informant [a=j] Kan ook. [/v] sound
veldwerker [n] [v=046] Ward heeft gehoord dat er fotoos van zichzelf in de etalage staan. [/v] sound
veldwerker [v] Ward hef ehoord datter fotoos van em in de etalage staat. En u zei zichzelven vanochtend. Kan het allebei. [/v] tagging sound
informant [a] Ja. [/a] sound
veldwerker [v=061] Als jullie zo losbandig leven. [/v] sound
informant [a] _ ieleue ja. [/a] tagging sound
veldwerker [v=067] Als Rudy nog leeft. [/v] sound
informant [a] At Rudy nog leewt. [/a] tagging sound
veldwerker [v=070] Als Pieter en Liesje in het paradijs leven. Hoe zou dat vertalen. [/v] sound
informant [a] At Pieter en Liesje int paradijs leewt. [/a] tagging sound
informant xxx leewt me mekaar. sound
veldwerker [v=071] Als we _ Hoe zou u dat vertalen. [/v] sound
informant [a] As wie _ [/a] sound
hulpinterviewer [a] Auwe dat beleewt _ [/a]

au we
au we sound
veldwerker [v=073] Leef wat minder bekrompen. Hoe zou u dat zeggen. [/v] sound
informant [a] Leewt wat minder bekrompen. [/a] t van wat bijna onhoorbaar tagging sound
veldwerker [v=198] Hij kan staan zeuren. [/v] sound
informant [a] Hij kan zeurn. [/a] sound
hulpinterviewer [a] Hij kan staan zeurn. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [a] En hij kan ook staan te zeurn. [/a] sound
veldwerker [v=199]] Hij staat te zeuren. Dat kan dus ook. [/v] sound
informant [a] Hij staat te zeurn. [/a] tagging sound
veldwerker [v=215] Ik geloof dat ik groter ben als hij. [/v] sound
informant [a] Ik geloow dak groter zie as hij. [/a]

da k
tagging sound
hulpinterviewer [a] _ as em. [/a] sound
veldwerker [v=216] Ze gelooft dat je eerder thuis ben as mie. [/v] sound
informant [a] Ze geloowt daj eerder thuis zeit as mie. [/a]

da j
tagging sound
informant [a] Ik gelowe daj eerder int huis zeit azikke. [/a]

da j in t az ikke
tagging sound
veldwerker [v=218] Ze gelooft dat wij rijker zijn als zij. [/a] sound
informant [a] _ assieleuwe. [/a]

as sieleuwe
tagging sound
veldwerker [v=222] Hij gelooft dat Louis en Jan sterker zijn als Geert en Peter. [/v] sound
informant [a] Hij geloowt _ [/a] tagging sound
veldwerker [v] _ dat Louis en Jan _ [/v] tagging sound
informant [a] _ sterker ziend _ [/a] tagging sound
veldwerker [v=520] Wat voor boeken heb je gekocht. [/v] sound
informant [a] Waveur boeke hej ekoch. [/a]

wa veur he j
tagging sound
hulpinterviewer [a] _ hebbie ekoch. [/a]

heb ie
sound
veldwerker [v=403] Het lijkt wel of er iemand in de tuin staat. Hoe zou u dat vertalen. [/v] sound
informant [a] Et lijk wel datter iemand in den hof staat. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [a] Et lijk wel ofter _ [/a]

of ter
sound
informant [a] Et lijk wel ofter een in den hof staat. [/a] tagging sound
veldwerker [v=261] Komt de volgende voor in uw dialect. Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost. [/v] sound
informant [a=j] Wa denk ieleu hoeze dat hebn op elos. [/a] tagging sound
veldwerker [v=459] Hij heeft de bal gegooid in de mand. Dat kan wel? [/v] sound
hulpinterviewer [a=j] Hij hedde bal egooid in de mand. [/a]

hed de
tagging sound
veldwerker [v=885] Van het werkwoord gaan. [/v] sound
veldwerker [v] Ik ga naar de bakker. [/v] tagging sound
informant [a] Ik goa noa de bakker. [/a] sound
veldwerker [v] Jij gaat naar de bakker. [/v] tagging sound
informant [a] Ie goat noa de bakker. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Hij gaat. [/v] sound
informant [a] Hij geet. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Wij gaan. [/v] sound
informant [a] Wie goat. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Jullie gaan. [/v] sound
informant [a] Ieleu goat. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Ging ik? [/v] sound
hulpinterviewer [a] Gung ik. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Ging jij? [/v] sound
informant [a] Ging ie. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Ging hij. [/v] sound
hulpinterviewer [a] Gung hie. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [a] Gung ie. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Gingen wij. [/v] tagging sound
hulpinterviewer [a] Gunge wie. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Gingen jullie? [/v] sound
informant [a] Ging ieleu. [/a] blijkt niet te kloppen. tagging sound
hulpinterviewer [a] Gung ieleu. [/a] sound
veldwerker [v] En gingen zij? [/v] sound
hulpinterviewer [a] Gunge ze gister noa de markt.[/a] tagging sound
veldwerker Nou dat was het. [/n] sound

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
026 Jan had het hele brood wel willen opeten Komt ook voor:; 1. de mogelijkheid van 'gewild opeten/opeten gewild'; 2. Is de versie met IPP ooit uitgesloten in een dialect? vorm: Jan had een heel stoetn op wiln eetn.
063 Als ze voor hun werk leven, dan leven ze niet voor hun kinderen Als voegwoordvervoeging voorkomt, ook afvragen zonder pronomen. Vraag dan ook een zin zonder voegwoordverv. af zonder pronomen. vorm: Asse veur t werk leeuwt, leeuwse niet veur de wichter
opmerking: kan ook 'hun' zijn.
193 Dat is zo zeker als één en één twee is. Nederland komt voor : j
vorm: Dadis zo wisse as een en eene tweeje is.
245 De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen 1 invullen bij ANTWOORD 1; 2 invullen bij ANTWOORD 2 komt voor (1) : n
komt voor (2): n
246 Doet Marie elke avond dansen? komt voor : n
247 Doe het brood even snijden! komt voor : n
248 Ik doe wel even de kopjes afwassen komt voor : n
249 De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'wie (dat) zijn moeder', 'die (dat) zijn ...', 'diens (dat) ...', 'waarvan (dat)'. Als slechts een variant aan de orde is gekomen tijdens interview, moet deze vraag nogmaals gesteld worden. vorm: De jongn woavan de moe
opmerking: Andere mogelijkheden uitgesloten.
250 De bank waar ze op zaten was pas geverfd. Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'waar dat ze op', 'waarop dat ze', 'daar (dat) ze op', 'daarop (dat)', 'dat ze op'. Mogelijke varianten vertaald laten inspreken als 'komt voor'-vraag. vorm: woarzop zatn eschilderd/ everfd
250 De bank waar ze op zaten was pas geverfd. Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'waar dat ze op', 'waarop dat ze', 'daar (dat) ze op', 'daarop (dat)', 'dat ze op'. Mogelijke varianten vertaald laten inspreken als 'komt voor'-vraag. vorm: woarop ze zatn
267 Hij heeft zijn handen gewassen als zonder reflexief vertaald, vragen of de variant met 'zich' ook kan voorkomen. Varianten opnemen als 'komt voor'-vragen. Als 'zich' voorkomt dan 'zijn handen' en 'de handen' afvragen. vorm: Hij hef de hande wasken
opmerking: Nee, zich is niet mogelijk.; ; Hij hef zich et gezicht ewaske
339 Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien Volgorde die hulpinterviewer niet gebruikt, in laten spreken als 'komt voor' en dan alleen het laatste deel:; 'Ik vind dat jij het ook niet zien mag/mag zien.' vorm: Ik vine dadie t ook niet mag zien
339 Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien Volgorde die hulpinterviewer niet gebruikt, in laten spreken als 'komt voor' en dan alleen het laatste deel:; 'Ik vind dat jij het ook niet zien mag/mag zien.' vorm: zien magt kan ook
373 Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben komt voor : j
388 Wie heeft de auto meegenomen? ; - Niemand niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
389 Waar groeit het geld aan de bomen? ; - Nergens niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
390 Wat is rond en vierkant tegelijk? ; - Niets niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
391 Welke koeien heeft hij gemolken?; - Geen enkele niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
395 Geloof je niet dat hij gevallen heeft? Opvragen waar de vraag tijdens veldwerk niet is gesteld. komt voor : n
601 Maar en kom je niet? In het gebied waar 'en' minstens een keer is gevonden (600 eerst testen). komt voor : n
602 Waarom en kom je niet? In het gebied waar 'en' minstens een keer is gevonden (600 eerst testen).
605 Voor je iets weg en gooit, moet je me even bellen. In alle plaatsen waar negatiepartikel minstens een keer voorkomt.
610 We konden nergens niet zitten in die volle zaal Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : j
611 We zullen nooit niet winnen van de sterkste man. Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : j
612 Ik heb niks niet gezien want ik sliep Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
613 Ik heb geen enkel boek niet gekocht want m'n geld was op Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
614 Jan rookt niet meer (VERTAAL) Vertaling bij VORM vorm: Jan rook niet meer.
729 Zelfs hij kan dat niet oplossen. (VERTAAL) Vorm pronomen invullen bij VORM.; Extra in Oost- en West-Vlaanderen: kunnen ook dubbelvormen als 'jij', 'jem', 'nem? Indien ja: vorm invullen bij ANTWOORD 2. vorm: hij
730 Hoe laat is dat eigenlijk? komt voor : n
731 Mogen we (dof) wel weten dat wij (vol) ook gevraagd zijn? (VERTAAL) Vorm dof pronomen invullen bij VORM; Vorm vol pronomen invullen bij ANTWOORD 2. (kan een 'lieden'-compositum, zoals 'wullie'...?) vorm: wie
zin: Magge wie
731 Mogen we (dof) wel weten dat wij (vol) ook gevraagd zijn? (VERTAAL) Vorm dof pronomen invullen bij VORM; Vorm vol pronomen invullen bij ANTWOORD 2. (kan een 'lieden'-compositum, zoals 'wullie'...?) vorm: wie
zin: Magge wie
732 Weet je iets over het weer morgen? (VERTAAL) Flectie of -s(t)(e) mogelijk? Invullen JA/ NEE (zo nee naar vraag xxx); Indien ja: welke vormen: weets, weetst, weetste, weetstu, andere (invullen bij ANTWOORD 2). komt voor : n
vorm: Weedie iets van t weer van morgen.
733 Je weet wel dat je slim genoeg bent. (VERTAAL) Indien ja: kan i.p.v. 'bent': bist, biste, andere (invullen bij ANTWOORD 2) ; kan i.p.v. 'dat je': das, dast, daste, dastu, andere (invullen bij ANTWOORD 2); kan i.p.v. 'je weet' (rechte volg): weets (PRO-drop), weetst (PRO-drop), weetste (PRO-drop), de weetst(e) (met dof pronomen), andere (invullen bij OPMERKINGEN). zin: Ie weet daj vinnig genoeg zijt.
734 Hun/ Hullie hebben daar niks mee te maken. komt voor : n
vorm: Zij
737 Marie en Piet kussen elkaar. vorm elkaar invullen bij VORM. ; In Vlaams Brabant, Oost-Vlaanderen en vak Q: als geen 'één' in antwoord, vragen of 'één' ook mogelijk is. vorm: kust mekoar
738 Hij riep alle familieleden bij zich. Vorm zich invullen bij VORM. ; In pronomenloze gebied vragen of 'zich' ook weggelaten kan worden (D003p, I118p, I142p, I148p, I158p, I175p, I178p, I257p, I260p, I264p, K189b, K190p, K192p, K209p, K211, K221p,K229p, K258p, K274a, K276p, K291p, K309, K320p, K330, K339p, K353, L199p, L255p, L414, L416, O152p, O177, O228p, P018, P033, P102, P133, P145, P176) vorm: bie zich
739 Er zat een inbreker in deze kast. komt voor : j
vorm: in disse kaste
740 Het zat een inbreker in deze kast. komt voor : n
vorm: In disse kaste, doar zat ne inbreker
opmerking: Daar = niet; In disse kaste, doar zat ne inbreker... kan wel
742 Gisteren zat een inbreker in deze kast. komt voor : j
vorm: Gister zat ne inbreker in disse kaste
743 Gisteren zat er een inbreker in deze kast. komt voor : j
744 Gisteren zat het een inbreker in deze kast. komt voor : n
745 Gisteren zat daar een inbreker in deze kast. komt voor : n
746 't Is net of een hond in deze kast zit. komt voor : n
747 't Is net of er een hond in deze kast zit. komt voor : j
vorm: ofter
748 't Is net of het een hond in deze kast zit. komt voor : n
749 't Is net of daar een hond in deze kast zit. komt voor : n
750 Als u vindt dat u gezond leeft, leeft u dan vooral zo verder (VERTAAL) Alleen in dialecten die U of een andere beleefdheidsvorm hebben (dus in elk geval overal in Nederland). ; Noteer vormen 'als', 'dat', 'leeft 2x' in VORM vorm: Assie wet aj gezond leeuwt leeuw dan zo verder
751 Asse ze denken datte ze moeten gaan, dan gane ze maar (KOMT VOOR + VERTAAL). komt voor : n
vorm: Asse denkt dasse moet goan dan goase
752 An ze denken dan ze moeten gaan, gaan ze maar komt voor : n
vorm: Asse denkt dasse moet goan dan goase
753 Als iedere dag de dokter voor mij moet worden gebeld, kan ik beter in het ziekenhuis blijven. (VERTAAL) In gebied waar 'attie' voorkomt. Noteer vertaling van 'als iedere' (invullen bij VORM) vorm: Assen dokter veur mie...
753 Als iedere dag de dokter voor mij moet worden gebeld, kan ik beter in het ziekenhuis blijven. (VERTAAL) In gebied waar 'attie' voorkomt. Noteer vertaling van 'als iedere' (invullen bij VORM) vorm: As elken dag
753 Als iedere dag de dokter voor mij moet worden gebeld, kan ik beter in het ziekenhuis blijven. (VERTAAL) In gebied waar 'attie' voorkomt. Noteer vertaling van 'als iedere' (invullen bij VORM) vorm: As elken kerel ..
754 Als 'n enkele keer de dokter gebeld moet worden is dat niet zo erg. (VERTAAL) In gebied waarin 3 subject ev 'en' is. Noteer vertaling 'als een' (invullen bij VORM) vorm: Assen enkele keer 'n dokter wordt ebeld...
755 Asse we horen datte we moeten gaan, gane we. (KOMT VOOR + VERTAAL) komt voor : n
vorm: Aswie heurt daw moet goan dan goawe
756 An we horen dan we moeten gaan, gaan we. (KOMT VOOR + VERTAAL) komt voor : n
vorm: Aswie heurt daw moet goan dan goawe
760 Asse jullie horen datte jullie nodig zijn, gane jullie meteen. komt voor : n
vorm: As ieleu heurt daj vort moet goa dan goa ieleu
761 An jullie horen dan jullie nodig zijn, gaan jullie meteen. komt voor : n
vorm: As ieleu heurt daj vort moet goa dan goa ieleu
762 Als ik ga, ga ik (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: Ak goa
762 Als ik ga, ga ik (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: goak
763 Als je gaat, ga je. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: Aj goat
763 Als je gaat, ga je. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: goaj
764 Als u gaat, gaat u. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Alleen opvragen in dialecten die u of een andere beleefdheidsvorm hebben. vorm: Asie goat
764 Als u gaat, gaat u. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Alleen opvragen in dialecten die u of een andere beleefdheidsvorm hebben. vorm: Asdu geet
764 Als u gaat, gaat u. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Alleen opvragen in dialecten die u of een andere beleefdheidsvorm hebben. vorm: dan goaj
765 Als hij gaat, gaat hij (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: Asse geet
765 Als hij gaat, gaat hij (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan geete
766 Als ze gaat, gaat ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: Assij geet
766 Als ze gaat, gaat ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan geetse
767 Als het gaat, gaat het. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: geet
767 Als het gaat, gaat het. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: geet (zonder 't)
768 Als we gaan, gaan we. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: Auw goat
768 Als we gaan, gaan we. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan goawe
769 Als jullie gaan, gaan jullie (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: As ieleu goat
769 Als jullie gaan, gaan jullie (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan goaj
770 Als ze gaan, gaan ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: Asse goat
770 Als ze gaan, gaan ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan gaotse
771 Ga onmiddellijk weg! (VERTAAL) Vorm van gaan invullen bij VORM vorm: Goat direct weg
772 Toen ik ging, ging jij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gung
772 Toen ik ging, ging jij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gungie
773 Toen jij ging, ging ik niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ie gungn
773 Toen jij ging, ging ik niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gung ik
774 Toen u ging, ging hij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ie gungn
774 Toen u ging, ging hij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gung hij
775 Toen hij ging, ging u ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gung
775 Toen hij ging, ging u ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gungie
776 Toen zij ging, ging het niet (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gung
776 Toen zij ging, ging het niet (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gungt
777 Toen het ging, ging ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: Toent gung
777 Toen het ging, ging ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gungze
778 Toen wij gingen, gingen jullie ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Kan er na 'toen' een voegwoord verschijnen - dat, a, toen-t, als, of?; (invullen bij ANTWOORD 2) vorm: wie gungn
778 Toen wij gingen, gingen jullie ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Kan er na 'toen' een voegwoord verschijnen - dat, a, toen-t, als, of?; (invullen bij ANTWOORD 2) vorm: gung ieleu
778 Toen wij gingen, gingen jullie ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Kan er na 'toen' een voegwoord verschijnen - dat, a, toen-t, als, of?; (invullen bij ANTWOORD 2) vorm: Toent (zie 777
779 Toen jullie gingen, gingen wij niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ieleu gungn
779 Toen jullie gingen, gingen wij niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gunge wie
780 Toen ze gingen, gingen ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gungn
780 Toen ze gingen, gingen ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gung ze
781 Vertel mij eens wie er aan de deur was? Doel vraag: a=j betekent hier dat de zin zonder voegwoord voorkomt. vorm: Zeg mie eens weeter aan de deure was.
782 Dat is de man wie ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
vorm: dense roepn hebt
783 Dat is de man dat ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
784 Dat is de man die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
785 Dat is de man wie het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
vorm: dent verhaal verteld hef.
786 Dat is de man dat het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
787 Dat is de man die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
788 Dat is de man die ik denk dat het verhaal verteld heeft. komt voor : n
vorm: Das den kerel woarvan ik denke dent verhaal verteld hef.
789 Dat is de man die ik denk die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
790 Dat is de man dat ik denk dat het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
791 Dat is de man dat ik denk die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
792 Dat is de man die ik denk die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
793 Dat is de man dat ik denk dat ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
794 Dat is de man dat ik denk die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
798 Iedere vader hoopt z'n kinderen zijn eerlijk. komt voor : n
vorm: Elke va hopt dassene wichter eerlijk bint.
799 Iedere moeder meent haar kinderen moet ze beschermen. komt voor : n
vorm: Iedere moe meent datse ier wichter moet beschermn
804 Ik vind dat iedereen de foto zien moet kunnen. komt voor : n
805 Hij is alle kapotte spullen weg aan het smijten. komt voor : n
807 Marie zit te stoofpeer schillen. komt voor : n
808 Marie zit te stoofperen schillen. komt voor : n
809 Marie zit te piano spelen. komt voor : n
810 Hij zit weer te voorzeggen. komt voor : n
812 Hoe haal je het in je hoofd en gooi met eten? In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
813 Hoe haal je het in je hoofd en gooien met eten? In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
814 Hij heeft geen zin en voeren die koeien weg. In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
815 Hij heeft geen zin en voer die koeien weg. In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
816 Hij heeft geen zin en wegvoeren die koeien. In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
817 Jan vindt het prettig om de hele dag te zitten te werken. komt voor : n
818 Jan vindt het prettig om de hele dag zitten te werken. komt voor : n
819 Jan vindt het prettig om de hele dag te zitten werken. komt voor : j
820 Hij zal wel weer staan te zeuren. komt voor : j
821 Hij zal wel weer staan zeuren. komt voor : n
822 Ik heb vandaag nog niet gerookt gehad. komt voor : n
823 Ben je met die fiets gevallen geweest? komt voor : n
824 Het huis is verkocht geworden. komt voor : n
825 Het huis is verkocht geweest. komt voor : n
826 Ik heb hem gisteren tegengekomen. komt voor : n
827 Jan liet zich meedrijven op de golven Vorm zich invullen bij VORM vorm: zich
828 Toon bekeek zich eens goed in de spiegel Vorm zich invullen bij VORM vorm: zich
opmerking: in t spiegel
829 Eduard kent zich goed Vorm zich invullen bij VORM vorm: zichzelf
831 Jan trok de deken naar zich toe Ook andere mogelijkheden dan 'zich'?; Vorm zich invullen bij VORM vorm: noar zich tou