SAND-data Weesp (E121p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 07918) vertaling: Jan herinnert zich 'da verhaal wel
opm.: reflexief: zich
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 07918) vertaling: Marie en Piet zien elkaar voor de kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 07918) vertaling: Toon wast zich
opm.: reflexief: zich
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 07918) vertaling: De timmerman het geen spijkers bij hem
opm.: reflexief: hem
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 07918) vertaling: Fons zag een slang neffen zich
opm.: reflexief: zich
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 07918) vertaling: Erik liet mai veur zich werreken
opm.: reflexief: zich
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 07918) vertaling: Johanna liet zich meedrijven op de golven
opm.: reflexief: zich
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 07918) vertaling: Toon bekeek zich zelve eens goed in de spiegel
opm.: reflexief: zichzelf
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 07918) vertaling: Jan het in twee minuten een bierke gedronken
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 07918) vertaling: Deze schoenen lopen makkelijk
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 07918) vertaling: Eduard kent z'n eigen goed
opm.: reflexief: z'n eigen
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 07918) vertaling: Ward he gehoord dat er foto's van z'n eigen in de etalage staan
opm.: reflexief: z'n eigen
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 07918) vertaling: Die erpels schillen nie gemakkelijk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 07918) vertaling: Dees glas brikt als t op de grond valt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 07918) vertaling: Dokter leif ik wel gezond genoeg?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 07918) vertaling: Al jaren leift hij van de erfenis van z'n vader
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 07918) vertaling: Deze week leef tie op water en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 07918) vertaling: Leef 't nog?
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 07918) vertaling: Hoelang leven jullie nu al van die erfenis?
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 07918) vertaling: In Bretagne leven ze vooral van de visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 07918) vertaling: Na 't eten ga ik slapen
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 07918) vertaling: Zou ik de wel kunnen doen?
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 07918) vertaling: Hij liet zijn huis afbreke
000 (x02opm) (inf. 07918) opm. inf.: luidt net normale zinnen
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat Jan hard moet kunnen werken
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat Jan hard moet kunnen werken
komt voor: j
gebr.: 5
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat Jan hard moet kunnen werken
komt voor: j
gebr.: 5
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 07918) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 07918) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 07918) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 2
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 2
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 4
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 4
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 2
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 2
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 07918) vertaling: Jan het geen boek meer
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 07918) vertaling: Jan het geen boek meer
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 07918) vertaling: Jan het geen boeken meer
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 07918) vertaling: Jan het weinig geld meer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 07918) vertaling: Er mag niemand spreken over da probleem
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 07918) vertaling: Er mag niemand spreken over dees probleem
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 07918) vertaling: Niemand zegt dat ie komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 07918) vertaling: Zitten hier nergens geen muizen?
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 07918) vertaling: Ik geef niks aan een ander
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 07918) vertaling: Niemand wil meer werken
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 07918) vertaling: Wij wisten nie dat ie thuis was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 07918) vertaling: Ik wis 't echt niet
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 07918) vertaling: Hij mag me niemand spreken over da probleem
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 07918) vertaling: Jan wit dat ie veur drie uur de wagen gemaakt moet hebben
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 07918) vertaling: Jan wit dat ie veur drie uur de wagen gemaakt moet hebben
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 07918) vertaling: Jan wit dat ie veur drie uur de wagen gemaakt moet hebben
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 07918) vertaling: Jan wit dat ie veur drie uur de wagen gemaakt moet hebben
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 3
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 07918) vertaling: Maries auto is kapot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 07918) vertaling: Marie haar der auto is kapot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 07918) vertaling: Piet z'n ne auto is kapot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 07918) vertaling: Piet zijn ne auto is kapot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 07918) vertaling: Die man z'n auto is kapot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 07918) vertaling: Die man z'n auto is kapot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 07918) vertaling: Die en auto is nie van mij maar van hem
opm.: die en auto: wat is 'en'?
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 07918) vertaling: De krant van gisteren le onder de tv
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 07918) vertaling: Jan is het broertje van Kristien en Karolien
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 07918) vertaling: Van die jongens zijn de fietsen gestolen
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 07918) vertaling: Van die zussen is d'r moeder op bezoek
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 07918) vertaling: Dat is Wim zene auto
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 07918) vertaling: Dat is main fiets
000 (x07opm) (inf. 07918) opm. inf.: de 4 bovenste zijn hetzelfd, dezelfde betekenis
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 07918) vertaling: Hij mag met niemand spreken over da probleem
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 07918) vertaling: Ik wil niemand kwetsen
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 07918) vertaling: Het is jammer dat we niet mochten kommen
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 07918) vertaling: Da ga 'k nie doen
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 07918) vertaling: Ik he nie gewerkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 07918) vertaling: Hij ha et net verteld toen Marie begon te huilen
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 07918) vertaling: Ga die bestelling maar ophalen
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 07918) vertaling: Hij werkt nie
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 07918) vertaling: Ik verbied 't om hier te kommen
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 07918) vertaling: Jan verhinderde om Marie te bellen
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07918) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07918) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07918) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 07918) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07918) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07918) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07918) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 07918) fragment: (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 07918) fragment: om te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 07918) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 07918) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 07918) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 07918) fragment: als (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07918) fragment: da we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07918) fragment: da we (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07918) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 07918) fragment: (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 07918) fragment: da (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 07918) fragment: dan (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 07918) fragment: als (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 07918) fragment: als (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 07918) fragment: als (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 07918) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 07918) komt voor: n
fragment: om te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 07918) komt voor: n
fragment: om te (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 07918) fragment: (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 07918) fragment: dat (1)
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 07918) fragment: (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 07918) fragment: of dat (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 07918) vertaling: Ik wit da gullie op niemand boos zijn
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 07918) vertaling: Ik wit da zij niet trots is op d'r
opm.: pronomen 3.ev.vrouw.refl.
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 07918) vertaling: Els denkt dat 't nie makkelijk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 07918) vertaling: Ik wit da k te laat ben en gij nie
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 07918) vertaling: Je weet toch da gij moet werreken en ikke nie
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 07918) vertaling: Iedereen denkt dat wij naar huis goan en jullie nie
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 07918) vertaling: 't Jammer da hij komt en zij weggat
opm.: geen V.fin. in hoofdzin
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 07918) vertaling: Ik denk da Lisa ziek is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 07918) vertaling: Ik denk dat die lui goan trouwen
225 (y01(i)) A: Hij slaapt B:Hij/'t (en) doet (inf. 07918) vertaling: Hij doe net alsof ie slapt
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 07918) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 07918) komt voor: j
betekenis: bevestigend
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 07918) komt voor: j
betekenis: bevestigend
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 07918) komt voor: n
229 (y01(ii)) A: Hij zal niet komen B: Hij/'t (en) doet (inf. 07918) vertaling: Als je zegt dat ie 't doet dan komt ie ook
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 07918) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 07918) komt voor: j
betekenis: bevestigend
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 07918) komt voor: j
betekenis: bevestigend
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 07918) komt voor: n
233 (y01(iii)) A: Slaapt hij? B: Ja/nee, hij/'t (en) doet/slaapt (niet) (inf. 07918) vertaling: hij doet net alsof hij slaapt
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 07918) komt voor: j
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 07918) komt voor: j
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 07918) komt voor: j
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 07918) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 07918) komt voor: j
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 07918) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 07918) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 07918) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 07918) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 07918) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 07918) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 07918) vertaling: Deze lamp brandt nie meer
komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 07918) vertaling: Deze lamp brandt nie meer
komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 07918) vertaling: Marie ga iederen avond dansen
komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 07918) vertaling: Marie ga iederen avond dansen
komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 07918) vertaling: Snij 't brood effen
komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 07918) vertaling: Snij 't brood effen
komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 07918) fragment: waarvan de (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 07918) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07918) fragment: (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07918) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07918) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07918) fragment: (2)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 07918) fragment: waarop (1)
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 07918) fragment: dat (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 07918) fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 07918) fragment: waarin (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 07918) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord en voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 07918) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord en voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 07918) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord en voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 07918) fragment: wie (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 07918) vertaling: Wat denkt ie wie ik in de stad ontmoet heb
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 07918) vertaling: Wat denkte gullie hoe ze 't hebben opgelost?
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 07918) vertaling: Hoe denk je dat ze 't hebben opgelost?
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 07918) vertaling: Magda wit nie waarom dat we ze zullen bellen
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 07918) vertaling: Wit iemand waarom da we ze geroepen hebben?
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 07918) vertaling: Wie denkte gij wie ik in de stad gezien heb?
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 07918) vertaling: Wie denkte gij wie ik in de stad gezien heb?
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 07918) vertaling: Hij het z'n handen gewassen
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 07918) vertaling: Hij het z'n hemd gewassen
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 07918) vertaling: Hij het een hoed op zijne kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 07918) vertaling: Hij het een vlek op zijne hemd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 07918) vertaling: Hij het z'n been gebroken
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 07918) vertaling: Zij het zich pijn gedaan
opm.: reflexief: zich
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 07918) vertaling: Marie trok de deken naar zich toe
opm.: reflexief: zich
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 07918) vertaling: Luk wit dat er foto's van hem zelf te koop zijn
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 07918) vertaling: Gij herinner uw eigen toch wel dat we du da bos zijn gegaan
opm.: reflexief: uw eigen
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 07918) vertaling: Ik herinner me da de auto van Marie kapot was
opm.: reflexief: me
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 07918) vertaling: Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten
opm.: reflexief: zich
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 07918) vertaling: Wij herinneren zich'os da al z'n boeken zijn gestolen
opm.: reflexief: zich'os
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 07918) vertaling: Herinneren jullie oe eigen da we Jan op de markt gezien hebben?
opm.: reflexief: je eigen
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 07918) vertaling: Hij het zich een ongeluk gewerkt
opm.: reflexief: zich
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 07918) vertaling: Hij voelde zich door 't ijs zakken
opm.: reflexief: zich
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 07918) vertaling: Zou hij dat gekund hebben maar ik twijfel eraan of hij het gedaan heeft
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 07918) fragment: gekund (1)
opm. inf.: Sommige zijn ongebruikelijk, niemand zou dit zeggen
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 07918) fragment: gekund (1)
opm. inf.: Sommige zijn ongebruikelijk, niemand zou dit zeggen
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 07918) fragment: gedaan (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 07918) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 07918) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 07918) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 07918) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 07918) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 07918) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 07918) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 07918) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 07918) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 07918) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 07918) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 07918) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 07918) vertaling: Wij moeten naar de schuur om de koeien te voeren
komt voor: j
opm.: dav
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 07918) vertaling: Wij moeten naar de schuur om de koeien te voeren
komt voor: j
opm.: dav
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 07918) vertaling: Ze kwamen aangewandeld
komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 07918) vertaling: Ze kwamen aangewandeld
komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 07918) vertaling: Hij denkt dat ie weg is
komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 07918) vertaling: Hij denkt dat ie weg is
komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 07918) vertaling: Ik denk dat ie weg is
komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 07918) vertaling: Ik denk dat ie weg is
komt voor: n
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 07918) vertaling: Ik weet dat ie weg is
komt voor: j
opm.: dav
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 07918) vertaling: Ik weet dat ie weg is
komt voor: j
opm.: dav
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 07918) vertaling: Ik weet ja hij is weg
komt voor: j
opm.: twijfelgeval 'dat'-weglating in factieve bijzin V2
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 07918) vertaling: Ik weet ja hij is weg
komt voor: j
opm.: twijfelgeval 'dat'-weglating in factieve bijzin V2
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 07918) vertaling: De politie zou bij hem komen om 'm mee te nemen
komt voor: n
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 07918) vertaling: De politie zou bij hem komen om 'm mee te nemen
komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 07918) vertaling: Marie vertelde da al h'r koeien zijn om gekomen bij de overstroming
komt voor: n
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 07918) vertaling: Marie vertelde da al h'r koeien zijn om gekomen bij de overstroming
komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 07918) vertaling: Van kaas maken wit ik niks van
komt voor: n
opm.: zowel prepositie-stranding als pied-piping
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 07918) vertaling: Van kaas maken wit ik niks van
komt voor: n
opm.: zowel prepositie-stranding als pied-piping
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 07918) vertaling: Met Jan ben ik mee naar de markt geweest
komt voor: n
opm.: zowel prepositie-stranding als pied-piping
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 07918) vertaling: Met Jan ben ik mee naar de markt geweest
komt voor: n
opm.: zowel prepositie-stranding als pied-piping
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 07918) vertaling: Ik heb de eerste drie sommen gemaakt. Welleke hedde gij al gemaakt?
komt voor: j
opm.: dav
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 07918) vertaling: Ik heb de eerste drie sommen gemaakt. Welleke hedde gij al gemaakt?
komt voor: j
opm.: dav
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 07918) vertaling: Hedde gij de waffere al weggebracht?
komt voor: n
opm.: ?
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 07918) vertaling: Hedde gij de waffere al weggebracht?
komt voor: n
opm.: ?
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 07918) vertaling: Deze zulleke zou ik niet durve opeten
komt voor: n
opm.: dav
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 07918) vertaling: Deze zulleke zou ik niet durve opeten
komt voor: n
opm.: dav
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 07918) vertaling: Die zou ik niet durven opeten
komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 07918) vertaling: Die zou ik niet durven opeten
komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat Jan naar de markt geweest is
komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat Jan naar de markt geweest is
komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 07918) vertaling: Al lopend kwaam ik 'm tegen
komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 07918) vertaling: Al lopend kwaam ik 'm tegen
komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 07918) vertaling: Ik heb heel wat gelopen
komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 07918) vertaling: Ik heb heel wat gelopen
komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 07918) vertaling: Ik ben nu moe geworren dus ik hou er maar mee op
komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 07918) vertaling: Ik ben nu moe geworren dus ik hou er maar mee op
komt voor: n
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 07918) vertaling: Hij deed zich voor alsof ie net uit z'n bed kwam
komt voor: j
opm.: dav
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 07918) vertaling: Hij deed zich voor alsof ie net uit z'n bed kwam
komt voor: j
opm.: dav
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 07918) vertaling: De schilder is hier geweest om te schilderen
komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 07918) vertaling: De schilder is hier geweest om te schilderen
komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 07918) vertaling: Denk je dat gij naar huis gaat?
komt voor: n
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 07918) vertaling: Denk je dat gij naar huis gaat?
komt voor: n
000 (y07opm) (inf. 07918) opm. inf.: sommige zinnen kloppen niet, zinsbouw
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 07918) vertaling: In die en tijd leefde ik eroplos
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 07918) vertaling: Vroeger leefde die als een beest
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 07918) vertaling: Daar leefde wij als God in Frankrijk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 07918) vertaling: Niemand mag het zien dus ik vind da gij 't ook niet mag zien
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 07918) vertaling: t Gebeurde toen je wegging
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 07918) vertaling: Ik wit waar gij geboren bent
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 07918) vertaling: Nu ge klar bent kunde gaan
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 07918) vertaling: Doordat Marie overlejen was, het hare man Anna nie meer kunnen helpen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 07918) vertaling: Ik weet dat ie is gaan zwemmen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat ie is gaan zwemmen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat ie is gaan zwemmen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 07918) vertaling: Ik weet dat ie is gaan zwemmen
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
000 (y09opm) (inf. 07918) opm. inf.: Zinnen b en f zijn geen goeie nederlandse zinnen
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 07918) vertaling: Ja geef me nog maar wat koffie
komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 07918) vertaling: Ja geef me nog maar wat koffie
komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 07918) vertaling: Ja, ze gaan dansen
komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 07918) vertaling: Ja, ze gaan dansen
komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 07918) vertaling: Ja ze hebben gegeten
komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 07918) vertaling: Ja ze hebben gegeten
komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 07918) vertaling: ja
komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 07918) vertaling: ja
komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 07918) vertaling: wie dan?
komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 07918) vertaling: wie dan?
komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 07918) vertaling: Met zukke weer doe de niet veul
komt voor: n
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 07918) vertaling: Met zukke weer doe de niet veul
komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 07918) vertaling: Als 't kerremis kommen alle mensen buiten
komt voor: n
opm.: V.fin. mist in hoofdzin
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 07918) vertaling: Als 't kerremis kommen alle mensen buiten
komt voor: n
opm.: V.fin. mist in hoofdzin
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 07918) vertaling: Ik wil hem nooit meer zien want hij het me bedrogen
komt voor: j
opm.: dav
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 07918) vertaling: Ik wil hem nooit meer zien want hij het me bedrogen
komt voor: j
opm.: dav
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 07918) vertaling: Ik wil hem nooit meer zien omdat je me bedrogen het
komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 07918) vertaling: Ik wil hem nooit meer zien omdat je me bedrogen het
komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 07918) vertaling: We gaan samen naar 't voetbal kijken
komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 07918) vertaling: We gaan samen naar 't voetbal kijken
komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 07918) vertaling: Hij 's dood
komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 07918) vertaling: Hij 's dood
komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 07918) vertaling: Is ie dood
komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 07918) vertaling: Is ie dood
komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 07918) vertaling: Zij is ziek
komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 07918) vertaling: Zij is ziek
komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 07918) vertaling: Is zij ziek?
komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 07918) vertaling: Is zij ziek?
komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 07918) vertaling: Omdat ie met haar moest werken, moest ze de hele dag thuis blijven
komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 07918) vertaling: Omdat ie met haar moest werken, moest ze de hele dag thuis blijven
komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 07918) vertaling: Door de veule sneeuw konden we de stand nie uit
komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 07918) vertaling: Door de veule sneeuw konden we de stand nie uit
komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 07918) fragment: die (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 07918) fragment: die me 't (1)
opm.: het in voorgedrukte zin is weggestreept
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07918) fragment: waarvan (1)
opm.: het in voorgedrukte zin is weggestreept
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07918) fragment: dat die me 't (2)
opm.: het in voorgedrukte zin is weggestreept
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07918) fragment: dat die me 't (2)
opm.: het in voorgedrukte zin is weggestreept
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 07918) fragment: waarvan (1)
opm.: het in voorgedrukte zin is weggestreept
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07918) fragment: waarvan (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07918) fragment: waarvan (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07918) fragment: die (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 07918) fragment: die (2)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 07918) fragment: waarmee (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 07918) fragment: waarmee ik mee (1)
opm.: ik in voorgedrukte zin is weggestreept
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 07918) fragment: waar (1)
opm.: mee is toegevoegd achter ik
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 07918) fragment: waar (1)
opm.: mee is toegevoegd achter ik
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 07918) fragment: (2)
opm.: mee is toegevoegd achter ik
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 07918) fragment: (2)
opm.: mee is toegevoegd achter ik
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 07918) fragment: wat (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 07918) fragment: die 't (1)
opm.: het in voorgedrukte zin is weggestreept
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 07918) fragment: wat (1)
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 07918) fragment: wie (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 07918) fragment: waarvan de (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 07918) vertaling: Piet denkt dat Jan en Marie op niemand boos zijn
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 07918) vertaling: Piet denkt dat Jan en Marie op niemand boos zijn
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 07918) vertaling: Wim denkt dat wij niemand een prijs zullen geven
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 07918) vertaling: Wim denkt dat wij niemand een prijs zullen geven
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 07918) vertaling: Het is waar ze mogen niet met Marie praten
betekenis: negatie > modaal
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 07918) vertaling: Het is waar ze mogen niet met Marie praten
betekenis: negatie > modaal
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 07918) vertaling: Niet bij mij, absoluut niks
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 07918) vertaling: Ik niet, want ik heb geen rijbewijs
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 07918) vertaling: nooit
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 07918) vertaling: kan niet
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 07918) vertaling: niks
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 07918) vertaling: Zeg 'm nie da ik na buiten ben geweest!
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 07918) vertaling: Ge moe nie vertellen dat ik en kado gekocht heb!
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 07918) vertaling: Witte gij nie dat e gevallen is?
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 07918) vertaling: Wendy probeerde om niemand pijn te doen
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 07918) vertaling: 't Schijnt da ze niks mag eten
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 07918) vertaling: Ze schijnt niks te mogen eten
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 07918) vertaling: Ze proberen al de hele taid elkaar te bellen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 07918) vertaling: De belof weer een mooie dag te worden
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 07918) vertaling: 't Is misschien beter om even te wachten
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 07918) vertaling: We haien 't geluk dat we hem direkt terugvonden
000 (z05opm) (inf. 07918) opm. inf.: veel verschil is er niet - sommige woordspelingen
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 07918) vertaling: Als de kippen een valk zien zijn ze bang
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 07918) vertaling: Als we de eerpels niet kunnen verkopen dan zitten we goe in de problemen
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 07918) vertaling: Als jullie hem nie meenemen worre we kwaad
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 07918) vertaling: hij wist ut
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 07918) vertaling: Op dees feest word er veul gedanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 07918) vertaling: Nu wordt er alleen nog maar brod verkocht in die en winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 07918) vertaling: Als ie met de fiets komt zal ie wel laat zijn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 07918) vertaling: As ge tijd hebt kom ne keer langs
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 07918) vertaling: As ik rijk ben kop ik ne dure auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 07918) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 07918) vertaling: Misschien ga'k et wel krijgen
komt voor: j
opm.: dav
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 07918) vertaling: Misschien ga'k et wel krijgen
komt voor: j
opm.: dav
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 07918) vertaling: Durfde gij op te duwen
komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 07918) vertaling: Durfde gij op te duwen
komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 07918) vertaling: Durfde gij um uit te nodigen
komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 07918) vertaling: Durfde gij um uit te nodigen
komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 07918) vertaling: Durfde gij deze uit te nodigen?
komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 07918) vertaling: Durfde gij deze uit te nodigen?
komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 07918) vertaling: Is Paul hier geweest?
komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 07918) vertaling: Is Paul hier geweest?
komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 07918) vertaling: Hoe het Paul da opgelost?
komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 07918) vertaling: Hoe het Paul da opgelost?
komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 07918) vertaling: Hedde gij deze brief opgestuurd?
komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 07918) vertaling: Hedde gij deze brief opgestuurd?
komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 07918) vertaling: Ik heb 't em gegeven
komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 07918) vertaling: Ik heb 't em gegeven
komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 07918) vertaling: Zij leeft deze week op water en brood
komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 07918) vertaling: Zij leeft deze week op water en brood
komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07918) vertaling: Marie he geprobeerd om jou en liedje te laten zingen
opm.: hoofdzin
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07918) vertaling: Marie he geprobeerd om een liedje te zingen
opm.: hoofdzin
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07918) vertaling: Marie he geprobeerd om jou en liedje te laten zingen
opm.: hoofdzin
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 07918) vertaling: Marie he geprobeerd om een liedje te zingen
opm.: hoofdzin
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 07918) vertaling: Marie he gezegd da ik geprobeerd heb haar een bûk te geven
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 4
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 4
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 07918) vertaling: Die van de stad, hebben hier veul huizen gebouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 07918) vertaling: An die nieuwe vaart zie de geen mensen meer
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 07918) vertaling: Gisteren is Jan hier geweest
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 07918) vertaling: Die en dag da Jan belde was ik niet thuis
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 07918) vertaling: Jef zou ik nooit uitnodigen
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 07918) vertaling: Marie die zou zoiets nooit doen
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 07918) vertaling: Bert die drink welles een glas te veul
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 07918) vertaling: Martha zou ik wel 's bij me thuis willen uitnodigen
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 07918) vertaling: Da huis zou ik nooit willen kopen
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 07918) vertaling: Da huis staat 'r al 50 jaar
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 3
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 3
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 07918) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 3
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 3
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 1
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 1
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 07918) vertaling: Het -ie gebeld?
473 (z11b) En pas op! (inf. 07918) vertaling: Pas op!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 07918) vertaling: De was maar net goed genoeg
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 07918) vertaling: Marjo het nu meer koeien as ze vroeger had
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 07918) vertaling: As Susan had kunnen kommen had ze dat vast gedaon
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 07918) vertaling: Ze is de beste dokter die ik ken
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 07918) vertaling: Vur je iets weggooid moet e effe bellen
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 07918) vertaling: Dis alles wat ik gekregen heb
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 07918) vertaling: Jan is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 07918) vertaling: Alsof gij iets van voetballen wit
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 07918) vertaling: Dat boek leg ik neer!
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 07918) vertaling: Als ge echt niet kunt wachten dan kom de maar
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat Jan die en dokter had kunnen roepen
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 07918) vertaling: Ik wit dat Jan 'n dokter geroepen kon hebben
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 07918) vertaling: Hij zei dat ik et had moeten doen
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 07918) vertaling: Hij zei dat 'k et gedaon moest hebben
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 07918) vertaling: Hij is vorige week door den dokter geopereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 07918) vertaling: Hij is morgen door dokter Mertens geopereerd
opm.: 'Laatste zin klopt niet'
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 07918) vertaling: Ik denk dat ge veul weg zou moeten gooien
positie: 1
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 07918) vertaling: Ik denk dat ge veul weg zou moeten gooien
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 07918) vertaling: Ut is dom om zukke dure dinge weg te gooien
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 07918) vertaling: Ut is dom om zukke dure dinge weg te gooien
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 07918) vertaling: Hij is alle kapotte spullen an het weggooien
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 07918) vertaling: Hij is alle kapotte spullen an het weggooien
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 07918) vertaling: Ik vind da ge meer de krant zou moeten lezen
positie: 1
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 07918) vertaling: Ik vind da ge meer de krant zou moeten lezen
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 07918) vertaling: Het is dom om in 't donker de krant te lezen
positie: 1
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 07918) vertaling: Het is dom om in 't donker de krant te lezen
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 07918) vertaling: Hij is de hele dag door de krant aan 't lezen
positie: 1
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 07918) vertaling: Hij is de hele dag door de krant aan 't lezen
positie: 1
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 07918) fragment: door (1)
000 (z14opm) (inf. 07918) opm. inf.: b+c geen goede zin
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 07918) vertaling: Zo'n ding heb ik nog nooit gezien
komt voor: n
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 07918) vertaling: Zo'n ding heb ik nog nooit gezien
komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 07918) vertaling: Zo'n vrouw als zij kunne beter nie tegen spreken
komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 07918) vertaling: Zo'n vrouw als zij kunne beter nie tegen spreken
komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 07918) vertaling: Zon mens als zij het altijd wat te klagen
komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 07918) vertaling: Zon mens als zij het altijd wat te klagen
komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 07918) vertaling: Ge bent ne rare
komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 07918) vertaling: Ge bent ne rare
komt voor: n
000 (z15opm) (inf. 07918) opm. inf.: ze zou dit anders formuleren, zegt niemand
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 07918) vertaling: Robert het ne grûne weggegeven, maar het nog twee rooie appels over
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 07918) vertaling: Er waren veul mensen op 't feest
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 07918) vertaling: Waren der veul mensen op 't feest?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 07918) vertaling: Wat hedde gij veur boeken gekocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 07918) vertaling: Wat veur boeken hedde gij gekocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 07918) vertaling: Wat veur boeken hedde gij gekocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 07918) vertaling: Wat hedde gij veur boeken gekocht?
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 07918) vertaling: Hij wont bij Marietje
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 07918) vertaling: Hij wont bij Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 07918) vertaling: Loop effe naar de bakker, Wim?
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 07918) vertaling: Wie hedde gij gezien?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 07918) vertaling: Wie het jou gezien?
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 07918) vertaling: Hak 't geweten dan hak et nie gedaon
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 07918) vertaling: 't Zou beter zijn om effe te wachten
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 07918) vertaling: Gelukkig het Jan de dokter gebeld en die was er gou
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 07918) vertaling: Lop toch effe door vervelende jung!
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 5
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 07918) komt voor: n
gebr.: 1
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 1
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 07918) komt voor: j
gebr.: 1
000 (z17opm) (inf. 07918) opm. inf.: sommige zinnen gebruikt niemand

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
commentaar[meta] [k] E121p [/k] [h] [/h] [i] [/i] [vw] HZ [/vw] [/meta]  sound
hulpinterviewer [v=018] Vertaal. Ze weet niet dat Marie gisteren gestorve is. [/v] sound
informant [a] Se weet niet dat Marie gisteren gestorve is. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=026] Vertaal. Jan hattet hele brood wel wille op ete. [/v]

hat et
sound
informant [a] Jen had het hele brood wel op wille ete. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=025] Vertaal. Niemand heeft dat ooit gewild of gekund. [/v] sound
informant [a] Niemand heeft dat ooit gewild of gekund. Dat vind ik dus niet een goeje zin want dat segge se hier niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=027] Vertaal. Vertel maar niet wie sij had kunne roepe. [/v] sound
informant [a] Vertel me niet wie ze had kunne roepe. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=035] Jan herinnert zich dat verhaal wel. [/v] sound
informant [a] Jan herinnert zich het verhaal wel [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=038] Vertaal. De timmerman heeft geen spijkers bij zich. [/v] sound
informant [a] De timmerman heb geen spijkers bij sich. [/a] tagging sound
informant [a] Of bij em segtie dan. Niet bij sich. [/a]

segt ie
tagging sound
hulpinterviewer [v=040] Vertaal. Erik liet mij voor zich werke. [/v] sound
informant [a] Erik liet mij voor sich werke. Dat kan gewoon niet he. Voor sich dat segge wij niet. Voorem. [/a]

voor em
tagging sound
hulpinterviewer [v=041] Vertaal. Johanna liet zich mee drijve op de golve. [/v] sound
informant [a] Johanna liet sich mee drijve op de golve. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=042] Vertaal. Toon bekeek zich zelf eens goed in de spiegel. [/v] sound
informant [a] toon bekeek zeneige goed voor de spiegel [/a]

zen eige
tagging sound
hulpinterviewer [v=043] Vertaal. Jan heeft in twee minute een biertje gedronke. [/v] sound
informant [a] Jan heb in twee minute een biertje gedronke. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=044] Deze schoene lope gemakkelijk. [/v] sound
informant [a] Deze schoene lope makkelijk. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=045] Vertaal. Eduard kent zich zelf goed. [/v] sound
informant [a] eduard kent zeneige goed [/a]

zen eige
tagging sound
hulpinterviewer [v=046] Vertaal. Ward heeft gehoord dat er fotoos van zich zelf in de etalage staan. [/v] sound
informant [a] ward heb gehoord dat de fotoos van seeige in de etalage staan [/a]

se eige
tagging sound
hulpinterviewer [v] Komt de volgende zin ook voor? Ward heeft gehoord dat er fotoos van hem in de etalge staan. [/v] sound
informant [a=n] ward heb gehoord dat de fotoos van seneige in de etalage staan [/a] sound
hulpinterviewer [v=047] Vertaal. Die aardappele schille niet gemakkelijk. [/v] sound
informant [a] De aardappele schille niet makkelijk. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=048] Vertaal. De sneeuw smelt in de zon. [/v] sound
informant [a] De sneeuw smelt in de zon. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=053] Vertaal. Als ik zuinig leef leef ik zoals mijn ouders wille. [/v] sound
informant [a] Alsik zuinig leef dan levik zoals me ouders et wille. [/a]

als ik lev ik
tagging sound
hulpinterviewer [v] Komt de volgende zin ook voor. Als ik zuinig leef leef ik zoals mijn ouders dat wille. [/v] sound
informant [a] Moet dat nou ook nog? [/a] sound
hulpinterviewer [a] En allebei voege we dat dat tusse. [/a] sound
hulpinterviewer [v=055] Vertaal. Als hij nog drie jaar leeft leeft hij langer dan zen vader. [/v] sound
informant [a] Als hij nog drie jaar leeft leeftie langer dan se vader. [/a]

leeft ie
tagging sound
hulpinterviewer [v=057] Vertaal. Als zij zo gevaarlijk leeft leefze niet lang meer. [/v]

leef ze
sound
informant [a] Assij zo gevaarlijk leef leeft ze niet lang. [/a]

as sij
tagging sound
hulpinterviewer [v=059] Vertaal. Als het nu nog leeft dan leeft het morgen ook nog. [/v] sound
informant [a] Alzet nu nog leeft leeftet morgen ook nog. [/a]

alz et leeft et
tagging sound
hulpinterviewer [v=061] Vertaal. Als jullie zo losbandig leve dan leve jullie nooit zo lang als ik. [/v] sound
informant [a] As jullie zo losbandig leve leve jullie nooit zo lang assik. [/a]

as ik
tagging sound
informant [a] As mij. [/a] sound
hulpinterviewer [v=063] Vertaal. Als ze voor hun werk leve dan leve niet voorhun kindere. [/v] sound
informant [a] Azze voor hun werk leve dan levese niet voor hun kindere. [/a]

az ze leve se
tagging sound
hulpinterviewer [v=067] Vertaal. Als Rudy nog leeft dan leeft Leo ook nog. [/v] sound
informant [a] Als Rudy nog leeft leeft Leo ook nog. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=068] Vertaal. Als je gezond leeft leef je langer. [/v] sound
informant [a] Als je gezond leeft leef je langer. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=069] Vertaal. Als er zo weinig mense van de landbouw leve dan levener veel mense van werk in de fabriek. [/v]

leve n er
sound
informant [a] Als er zo weinig mense van de landbouw leven dan werkeder meer mense in de fabriek. [/a]

werke der
tagging sound
hulpinterviewer [v=070] Vertaal. Als Pieter en Liesje in het paradijs leve dan leve Rosa en Frans in de hel. [/v] sound
informant [a] Vertaal. Als Pieter en Liesje innet paradijs leve dan Rosa en M in de hel. [a]

in et
tagging sound
hulpinterviewer [v=071] Vertaal. Aswe sober leve leve we gelukkig. [/v]

as we
sound
informant [a] As we sober leve dan leve we gelukkig. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=072] Vertaal. Leef wat gezonder Jan. [/v] sound
informant [a] Leef wat gezonder Jan. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=073] Vertaal. Leef wat minder bekrompen kindere. [/v] sound
informant [a] Leef wat minder bekrompe kindere. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=132] Vertaal. Ik denk dat Marie hem zal moete roepe. [/v] sound
informant [a] Ik denk dat Marie hem zal moeten roepe. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=188] Vertaal. Heb je genoeg mensen om hooi vannet land te hale? [/v]

van et
sound
informant [a] Heb je genoeg mense ommet hooi vant land te hale? [/a]

van t
tagging sound
hulpinterviewer [v=189] Vertaal. Het was aardig van Jan om te kome werke. [/v] sound
informant [a] Het was aardig van Jan om te kome werke. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=190] Vertaal. Deze ton is zwaar om te drage. [/v] sound
informant [a] Deze ton is zwaar om te drage. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v] Deze ton is zwaar te drage. [/v] sound
informant [a] Deze ton is zwaar te drage. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=198] Vertaal. Hij kan staan zeure. [/v] sound
informant [a] Hij ken staan zeure. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=199] Vertaal. Hij staat te zeure. [/v] sound
informant [a] Hij staat te zeure. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=200] Vertaal. Toen we aankwame regendenet. [/v]

regende n et
sound
informant [a] Toe we aankwame regendet. [/a]

regende t
tagging sound
hulpinterviewer [v=215] Vertaal. Kgeloof dat ik groter ben als hij. [/v]

k geloof
sound
informant [a] Kgeloof dattik groter ben as hij. [/a]

k geloof dat ik
tagging sound
hulpinterviewer [v] Ik geloof dat ik groter ben dan hij. [/v] sound
informant [a] Ik geloof dattik groter ben as hij. [/a]

dat ik
sound
hulpinterviewer [v=216] Vertaal. Ze gelooft dat jij eerder thuis bent als ik. [/v] sound
informant [a] Ze gelooft dat jij eerder thuis ben assik. [/a]

as ik
tagging sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. Ze gelooft dat jij eerder thuis ben dannik. [/v]

dan ik
sound
informant [a] Ze gelooft dat je eerder thuis ben assik. [/a]

as ik
sound
hulpinterviewer [v=217] Vertaal. Je gelooft zeker niet dat hij sterker is dan jij. [/v] sound
informant [a] Je gelooft zeker niet dat hij sterker is as jij. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=218] Vertaal. Ze gelove dat wij rijker zijn as zij. [/v] sound
informant [a] Ze gelove dat ze rijker zijn as zij. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=219] Vertaal. We gelove dat julie niet zo slim zijn as wij. [/v] sound
informant [a] We gelove dat jullie nie zo slim zijn as wij. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=220] Vertaal. Jullie gelove jammer genoeg niet dat sij armer zijn dan jullie. [/v] sound
informant [a] Jullie gelove jammer genoeg dat zij armer sijn as wij. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=221] Vertaal. U gelooft dat Lisa even mooi is als Anna. [/v] sound
informant [a] U gelooft dat Lisa even mooi is as Anna. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=222] Vertaal. Hij gelooft dat Louis en Jan sterker zijn dan Geert en Peter. [v] sound
informant [a] Hij gelooft dat Louis en Jan sterker sijn as Louis en Peter. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=249] Vertaal. De jonge wiens moeder gisteren hertrouwd is stond achter mij. [/v] sound
informant [a] Die jonge se moeder die gisteren getrouwd is stond achter me. [/a] sound
hulpinterviewer [v] De jonge die sijn moeder gisteren hertrouwd is stond achter mij. [/v] tagging sound
informant [a] Wie se moeder. [/a] sound
hulpinterviewer [v=250] Vertaal. De bank waar ze op zate was pas geverfd. [/v] sound
informant [a] De bank waar ze op zate was pas geverfd. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v] Vertaal. De bank waar op ze zate was pas geverfd. [/v] sound
informant [a] De bank waar op ze zate was pas geverfd. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=259] Vertaal. Wie geld heeft moet mij maar wat geve. [/v] sound
informant [a] Wie geld heb moet mij wat geve. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=267] Vertaal. Hij heeft zijn hande gewasse. [/v] sound
informant [a] Hij heb se hande gewasse. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=268] Vertaal. Hij heeft zijn hemd gewasse. [/v] sound
informant [a] Hij heb se hemd gewasse. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=271] Vertaal. Hij heeft zijn been gebroke. [/v] sound
informant [a] Hij heb se been gebroke. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=273] Vertaal. Marie trok de deken naar zich toe. [/v] sound
informant [a] Marie trok de deken naar der toe. [a] tagging sound
hulpinterviewer [v=339] Vertaal. Niemand magget zien dus ik vind dat jij het ook nie mag zie. [/v]

mag et
sound
informant [a] Niemand magget zien dus ik vind dat jij et ook niet mag zien. [/a]

mag et
tagging sound
hulpinterviewer [v] Komtet volgende zin ook voor. Niemand magget zien dus ik vind dat jij et ook niet zien mag. [/v]

komt et mag et
sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=340] Vertaal. Het gebeurde toen je weg ging. [/v] sound
informant [a] Het gebeurde toeje weg ging. [/a]

toe je
tagging sound
hulpinterviewer [v=341] Vertaal. Ik weet waar je geboren bent. [/v] sound
informant [a] Ik weet waar je geboren ben. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=342] Vertaal. Nu je klaar bent mag je gaan. [/v] sound
informant [a] Nou je klaar ben mag je gaan. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=370] Vertaal. Dat is de man die ze geroepe hebbe. [/v] sound
informant [a] Dat is de man die ze geroepe hebbe. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=371] Vertaal. Dat is de man die het verhaal heeft verteld. [/v] sound
informant [a] Dat is de man die het verhaal heb verteld. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=372] Vertaal. Dat is de man die ik denk dattet verhaal heeft verteld. [/v]

dat et
sound
informant [a] Dat is de man die ik denk die het verhaal heb verteld. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=372] Dat is de man waar van ik denk dat hij het verhaal heeft verteld. [/v] sound
informant [a] Dat is de man waar van ik denk dattiet verhaal heb verteld. [/a]

dat ie t
tagging sound
hulpinterviewer [a] Die ik denk. Ik von dat die zo raar. [/a] tagging sound
informant [a] Jawel. Maar waar van ik denk dat gebruike ze helemaal nie eens. [/a] tagging sound
informant [a] Maar waar van ik denk dat isset niet hoor. [/a]

is et
tagging sound
hulpinterviewer [v=373] Vertaal. Dat is de man die ik denk dat ze geroepe hebbe. [/v] sound
informant [a] Dat is de man die ik denk dat die ze geroepe hebbe. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=397] Vertaal. Et schijnt dat ze niets mag ete. [/v] sound
informant [a] Et schijnt dat ze niks mag ete. [/a] tagging sound
informant [a] Ennet schijnt dat gebruike we ook niet. [/a]

en et
sound
informant [a] Et lijkt. [/a] sound
hulpinterviewer [v=403] Et lijkt wel offer iemand in de tuin staat. [/v]

of er
sound
informant [a] Et lijkt offer iemand in de tuin staat. [/a]

of er
tagging sound
hulpinterviewer [v=520] Vertaal. Wat voor boeke heb je gekocht. [/v] sound
informant [a] Wat voor boeke heb je gekoch. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=526] Vertaal. Wie heeft je op de kermis gezien. [/v] sound
informant [a] Wie heb jou op de kermis gezien. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=036] Wilt u aan de hand van het plaatje deze zin af maken. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Marie en Piet wijze naar ... [/v] sound
informant [a] Piet en Marie wijze naar mekaar. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=037] Wiltu hand van et plaatje de volgende zin af make. Toon wast ... [/v]

wilt u
sound
informant [a] Toon was seeige. [/a]

se eige
tagging sound
hulpinterviewer [v=039] Wilt u aan de hand van het plaatje de volgende zin af make. Fons zag een slang naast ... [/v] sound
informant [a] Fons zag een slang naast se. [/a] tagging sound
informant [a] Fons zag een slang naast se eige. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=006] Komt deze zin voor in uw dialect. Zo nee hoe klinktie dan in uw uw dialect. [/v]

klinkt ie
sound
hulpinterviewer [v] Gisteren wandeldiede door het park. [/v] sound
informant [a=n] Gisteren wandelde die door het park. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=022] Komt deze zin voor in uw dialect of hoe zou u het zeggen. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Er wil niemand niet dansen. [/v] sound
informant [a=n] Er wil niemand danse. [/a] sound
hulpinterviewer [v=023]Komt de volgende zin bij voor of hoe zou u het zegge. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Els wil niet danse en ze wil niet zinge ook niet. [/v] sound
informant [a=n] Els wil niet danse en ze wil ook niet zinge. [/a] sound
hulpinterviewer [v=087] Komt deze zin dan voor of hoe zou u het zeggen. Eddy moet kunne vroeg op staan. [/v] sound
informant [a=n] Eddy moet vroeg op kenne staan. [/a] sound
hulpinterviewer [v=137] Komt deze zin voor of hoe zou u het zeggen. Hij wil geen soep niet meer ete niet. [/v] sound
informant [a=n] Hij wil geen soep meer ete. [/a] sound
hulpinterviewer [v=140] Komt deze zin voor of hoe zou u het zeggen. Zitte hier nergens geen muizen. [/v] sound
informant [a=j] Zitte hier nergens geen muize. [/a] tagging sound
informant [a] Dubbel dat hebbe ze heel vaak. [/a] sound
hulpinterviewer [v=148] Komt deze zin dan voor of hoe zou u het zeggen. Iedereen is geen vakman. [/v] sound
informant [a=n] Niemand is een vakman. [/a] sound
hulpinterviewer [v=149] En komt deze zin voor of hoe zou u het zeggen. Hij heeft overal geen vriende. [/v] sound
informant [a=n] Hij heb nergens vriende. [/a] sound
hulpinterviewer [v=260] Komt deze zin voor of hoe zou u het zeggen. Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb. [/v] sound
informant [a=j] Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=262] Komt deze zin voor of hoe zou u het zeggen. Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb. [/v] sound
informant [a=n] Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb. [/a] sound
hulpinterviewer [v=309] Komt deze zin in uw dialect voor of hoe zou u het zeggen. Ik heb geen zin en voere de koeie. [/v] sound
informant [a=n] Ik heb geen zin in de koeie te voere. [/a] sound
hulpinterviewer [v=317] Komt deze zin voor of hoe zou u het zeggen. Marie al haar koeie zijn verdronke bij de overstroming. [/v] sound
informant [a=n] Marie der koeie zijn verdronke bij de overstroming. [/a] sound
hulpinterviewer [v=329] Komt deze zin voor of hoe zou u het zeggen. Ik zei nog tegen haar. Ik geloof deze jongen vinde ze allemaal wel aardig. [/v] sound
informant [a=j] Ik zei nog tegen haar. Ik geloof ze vinde die jongen allemaal even aardig. [/a] sound
hulpinterviewer [v=353] En deze zin. Hoe spreekt u em uit of hoe zou u em anders zegge. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Persoon A vraagt wil je nog koffie Jan. Jan antwoordt Jaak. [/v] sound
informant [a=n] Wil je nog koffie Jan. Ja. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=355] Komt deze zin voor of zegt u em anders. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Persoon A vraagt hebbe ze gegete. Persoon B antwoordt jaanze. [/v] sound
informant [a=n] Hebbese gegete? Ja. [/a]

hebbe se
tagging sound
hulpinterviewer [v=365] Komt deze zin voor of zegt u dat anders. Hem is dood. [/v] sound
informant [a=n] Hij is dood. [/a] sound
hulpinterviewer [v=501] Komt deze voor in uw dialect of zegt u dat anders. Marie zit te stoofpere schille. [/v] sound
informant [a=n] Marie zit stoofpere te schille. [/a] sound
hulpinterviewer [v=502] Komt deze zin voor of zegt u dat anders. Marie zit stoofperen en schillen. [/v] sound
informant [a=n] Marie zit stoofpere te schille. [/a] sound
hulpinterviewer [v=029] Komt de volgende zin in uw dialect voor. Vertel me eens wie of zij had kunne roepe. [/v] sound
informant [a=j] Zeg me eens wie of hij had kunne roepe. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v] En hoe gewoon is deze zin voor u of zegt u het anders. [/v] sound
veldwerker [v] En is het gebruikelijk of niet? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a] Zegges wie ze had kunne roepe. Of kenne roepe. [/a]

zeg es
tagging sound
hulpinterviewer [v=296] Hoe gebruikelijk is deze zin of zou u dat anders zegge. Zou hij dat gedaan hebben gekund. [/v] sound
informant [a] Zou hij dat hebbe gedaan. [/a] sound
informant [a=n] Dit is niet goed. [/a] sound
hulpinterviewer [a] Zou hij dat gedaan kunne hebbe. [/a] sound
hulpinterviewer [v=297] Hoe gebruikelijk is de volgende zin of zegt u dat anders. Zou hij dat gedaan gekund hebbe. [/v] sound
informant [a] Zou hij dat gedaan hebbe. [/a] sound
hulpinterviewer [v=347] En hoe gebruikelijk is deze zin of zegt u dat anders. Ik weet dat hij is gaan zwemme. [/v] sound
informant [a=j] Ik weet dat hij is gaan zwemme. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=350] Hoe gebruikelijk is deze zin. Ik weet dat hij gaan zwemmen is. [/v] sound
informant [a=n] Ik weet dattie is gaan zwemme. [/a]

dat ie
sound
veldwerker [v] Is die andere nog wel gebruikelijk of komt ie nog voor of helemaal niet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=351] En hoe gebruikelijk is deze zin. Ik weet dat hij zwemmen is gaan. [/v] sound
informant [a=n] Ik weet dattie is gaan zwemme. [/a]

dat ie
sound
hulpinterviewer [v=352] En hoe gebruikelijk is deze zin. Ik weet dat hij zwemmen gaan is. [/v] sound
informant [a=n] Ik weet dattie is gaan zwemme. [/a]

dat ie
sound
hulpinterviewer [v=495] Hoe gebruikelijk zijn de volgende zinne. Er komen er drie. [/v] sound
hulpinterviewer [v] Ik denk dat je veel weg zou moeten gooie. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Ik denk dat je zou weg moete gooie. [/v] sound
informant [a] Ik denk dat je veel weg moet gooie. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Ik denk dat je veel zou moete weg gooie. [/v] tagging sound
informant [a=j] Dit is een keurige zin he. [/a] sound
hulpinterviewer [v=075] Komt deze zin voor in het Weesps? Ik vind dat iedereen moet kunne zwemme. [/v] sound
informant [a=n] Welnee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Ik vin dat iedereen moet kunne zwemme. [/v] tagging sound
hulpinterviewer [a=j] Dat souwe se wel zegge. [/a] sound
hulpinterviewer [v=077] En komt deze zin voor. Ik vind dat iedereen moet zwemme kunne. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=080] Komt deze zin voor. Ik vind dat iedereen kunne zwemme moet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=082] Komt deze zin dan voor. Ik vind dat iedereen zwemme kunne moet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=084] Komt deze zin voor. Ik vind dat iedereen zwemme moet kunne. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=086] Komt deze zin voor. Ik weet dat Eddy morge wil brood ete. [/v] sound
informant [a=n] Brood wil ete. [/a] sound
hulpinterviewer [v=154] Komt deze zin voor. Boeke heeft jan drie. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=156] Komt deze zin voor. Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebbe gemaakt. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja dat gebruike we nu wel. [/a] sound
hulpinterviewer [v=157] Komt deze zin voor. Jan weet dat hij voor drie uur de wage moet gemaakt hebbe. [/v] tagging sound
informant [a] Dat komt ook wel voor maar niet bij de ouwe Weespers hoor. [/a] sound
hulpinterviewer [v=160] Komt deze zin dan voor. Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebbe. [/v] tagging sound
informant [a] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=161] Komt deze zin voor. Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=227] Komt deze zin dan voor in Weesp. Persoon A vraagt hij slaapt. Persoon B antwoordt hij doet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=228] Zegt men dit in Weesp. Persoon vraagt hij slaapt. Persoon B antwoordt et doet. [/v] sound
informant [a=n] Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=243] Kom deze zin dan voor. Persoon A vraagt slaapt hij. Persoon B antwoordt ie doet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=245] Kome de volgende zinnen voor in Weesp. Een. De lamp doet niet meer brande [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Twee. De kindere doen hier niet voetballe. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] En drie. Branden doet de lamp niet meer. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=246] Komt deze zin voor. Doet Marie elke avond dansen. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=247] Komt deze zin voor. Doe het brood even snijde. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=248] Komt deze zin voor. Ik doe wel even de kopjes af wasse. [/v] sound
informant [a=n] Nee. Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=319] Komt deze zin voor. Dit denk ik niet aan. [/v] sound
informant [a=n] Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=321] Komt de volgende zin voor. Die rare jongen heb ik mee naar de markt geweest. [/v] sound
informant [a=n] Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Komt de volgende zin voor. Die jongen ben ik mee naar de markt geweest. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=328] Komt de volgende zin voor. Jan vindt dat je moet zulke dinge niet gelove. [/v] sound
informant [a=n] Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=387] Komt deze zin voor. Persoon A vraagt wanneer zal de wereldvrede kome. Persoon B antwoordt nooit niet. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=459] Komt de volgende zin voor. Hij heeft de bal gegooid in de mand. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=474] Komt deze zin voor. Et en was maar net goed genoeg. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=485] Komt de volgende zin voor. Persoon A vraagt zal ik koke. Persoon B antwoordt dat doe maar. [/v] sound
hulpinterviewer [a=n] Doe dat maar. [/a] sound
hulpinterviewer [v=486] Komt deze zin voor in Weesp. Dat boek beloof mij dat je nooit meer zult verstoppe. [/v] sound
informant [a=n] Waar haal je et vandaan zeg. [/a] sound
hulpinterviewer [v=487] En de volgende zin. Wat zeg mij dat je gekocht hebt. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=513] Komt de volgende zin in weesp voor. Zo een vrouw een kun je maar beter niet tege spreke. [/v] sound
informant [a=n] Ook niet. [/a] sound
hulpinterviewer [v=514] Komt deze zin voor in Weesp. Zo een mens een heeft altijd wat om over te klage. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=530] En komt deze zin dan voor. Marie zei dat jij Piet een boek hebt geprobeerd te verkope. [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=531] En komt deze zin dan voor. Wim dacht dattik Els had geprobeerd een cadeau te geve. [/v]

dat ik
tagging sound
informant [a=j] Ja da vink een normale zin. [/a]

vin k
sound
hulpinterviewer [v=532] En de laatste vraag. Komt deze zin dan voor. Karel weet dat jij hebt geprobeerd Marie een boek te verkope. [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja dat is een keurige zin. [/a] sound
veldwerker [n] [v=000] Ik had nog een vraagje trouwens. Nog een paar zinnen. Of u die ook in het Weesps zou willen zeggen [/v] sound
veldwerker [v=762] Als ik a dan ga ik. [/v] sound
informant [a] Assik ga dan ga ik. [/a]

as ik
sound
veldwerker [v=763] Als jij gaat dan ga je. [/v] sound
informant [a] Als jij gaat dan gaan ik. [/a] sound
informant [a] Nee niet gaan jij. Ga jij. [/a] sound
veldwerker [v=765] En als hij gaat dan gaat hij. [/v] sound
informant [a] Dan gaatie. [/a]

gaat ie
sound
veldwerker [v=766] Als zij gaat dan gaat zij. [/v] sound
informant [a] Gaat ze. [/a] sound
veldwerker [v=767] En als et gaat dan gaat et. [/v] sound
informant [a] Asset gaat dan gaatet. [/a]

as et gaat et
sound
veldwerker [v=768] Als wij gaan dan gaan wij. [/v] sound
informant [a] As wij gaan gaan we. [/a] sound
veldwerker [v=769] Als jullie gaan gaan jullie. [/v] sound
informant [a] Ajjulie gaan gaan jullie. [/a]

aj jullie
sound
veldwerker [v=764] As u gaat gaat u. [/v] sound
informant [a] Assu gaat gaat u. [/a]

as u
sound
veldwerker [v=770] Als zij gaan gaan zij. [/v] sound
informant [a] Assij gaan gaan zij. [/a] [/n]

as sij
sound

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
068 Als je gezond leeft, dan leef je langer Als voegwoordvervoeging voorkomt, ook afvragen zonder pronomen. Vraag dan ook een zin zonder voegwoordverv. af zonder pronomen.; In Noord-Holland: Asse je gezond leeft, leef je langer. vorm: Asje gezond leeft dan leef je langer.
opmerking: Nee
193 Dat is zo zeker als één en één twee is. Nederland vorm: Dadis zo zeker as een en een is twee
245 De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen 1 invullen bij ANTWOORD 1; 2 invullen bij ANTWOORD 2 komt voor (1) : n
komt voor (2): n
249 De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'wie (dat) zijn moeder', 'die (dat) zijn ...', 'diens (dat) ...', 'waarvan (dat)'. Als slechts een variant aan de orde is gekomen tijdens interview, moet deze vraag nogmaals gesteld worden. vorm: wiens
opmerking: wiens is heel gebruikelijk
249 De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'wie (dat) zijn moeder', 'die (dat) zijn ...', 'diens (dat) ...', 'waarvan (dat)'. Als slechts een variant aan de orde is gekomen tijdens interview, moet deze vraag nogmaals gesteld worden. vorm: die zen
opmerking: wiens is heel gebruikelijk
250 De bank waar ze op zaten was pas geverfd. Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'waar dat ze op', 'waarop dat ze', 'daar (dat) ze op', 'daarop (dat)', 'dat ze op'. Mogelijke varianten vertaald laten inspreken als 'komt voor'-vraag. vorm: waarzop zate
250 De bank waar ze op zaten was pas geverfd. Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'waar dat ze op', 'waarop dat ze', 'daar (dat) ze op', 'daarop (dat)', 'dat ze op'. Mogelijke varianten vertaald laten inspreken als 'komt voor'-vraag. vorm: waarop ze zate
373 Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben komt voor : j
388 Wie heeft de auto meegenomen? ; - Niemand niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
389 Waar groeit het geld aan de bomen? ; - Nergens niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
390 Wat is rond en vierkant tegelijk? ; - Niets niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
391 Welke koeien heeft hij gemolken?; - Geen enkele niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
395 Geloof je niet dat hij gevallen heeft? Opvragen waar de vraag tijdens veldwerk niet is gesteld. komt voor : n
601 Maar en kom je niet? In het gebied waar 'en' minstens een keer is gevonden (600 eerst testen). komt voor : n
602 Waarom en kom je niet? In het gebied waar 'en' minstens een keer is gevonden (600 eerst testen).
605 Voor je iets weg en gooit, moet je me even bellen. In alle plaatsen waar negatiepartikel minstens een keer voorkomt.
610 We konden nergens niet zitten in die volle zaal Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
611 We zullen nooit niet winnen van de sterkste man. Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
612 Ik heb niks niet gezien want ik sliep Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
613 Ik heb geen enkel boek niet gekocht want m'n geld was op Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
614 Jan rookt niet meer (VERTAAL) Vertaling bij VORM vorm: Jan rook nie meer.
729 Zelfs hij kan dat niet oplossen. (VERTAAL) Vorm pronomen invullen bij VORM.; Extra in Oost- en West-Vlaanderen: kunnen ook dubbelvormen als 'jij', 'jem', 'nem? Indien ja: vorm invullen bij ANTWOORD 2. vorm: hij
730 Hoe laat is dat eigenlijk? komt voor : n
731 Mogen we (dof) wel weten dat wij (vol) ook gevraagd zijn? (VERTAAL) Vorm dof pronomen invullen bij VORM; Vorm vol pronomen invullen bij ANTWOORD 2. (kan een 'lieden'-compositum, zoals 'wullie'...?) vorm: we
opmerking: Vader van meneer zij wel wullie of zullie, maar tegenwoordig wordt dat niet meer gebruikt.
731 Mogen we (dof) wel weten dat wij (vol) ook gevraagd zijn? (VERTAAL) Vorm dof pronomen invullen bij VORM; Vorm vol pronomen invullen bij ANTWOORD 2. (kan een 'lieden'-compositum, zoals 'wullie'...?) vorm: we
opmerking: Vader van meneer zij wel wullie of zullie, maar tegenwoordig wordt dat niet meer gebruikt.
731 Mogen we (dof) wel weten dat wij (vol) ook gevraagd zijn? (VERTAAL) Vorm dof pronomen invullen bij VORM; Vorm vol pronomen invullen bij ANTWOORD 2. (kan een 'lieden'-compositum, zoals 'wullie'...?) vorm: wij
opmerking: Vader van meneer zij wel wullie of zullie, maar tegenwoordig wordt dat niet meer gebruikt.
732 Weet je iets over het weer morgen? (VERTAAL) Flectie of -s(t)(e) mogelijk? Invullen JA/ NEE (zo nee naar vraag xxx); Indien ja: welke vormen: weets, weetst, weetste, weetstu, andere (invullen bij ANTWOORD 2). komt voor : n
vorm: weet je
733 Je weet wel dat je slim genoeg bent. (VERTAAL) Indien ja: kan i.p.v. 'bent': bist, biste, andere (invullen bij ANTWOORD 2) ; kan i.p.v. 'dat je': das, dast, daste, dastu, andere (invullen bij ANTWOORD 2); kan i.p.v. 'je weet' (rechte volg): weets (PRO-drop), weetst (PRO-drop), weetste (PRO-drop), de weetst(e) (met dof pronomen), andere (invullen bij OPMERKINGEN). komt voor : n
734 Hun/ Hullie hebben daar niks mee te maken. komt voor : n
opmerking: Hullie vroeger, maar meneer zelf gebruikt het niet.
737 Marie en Piet kussen elkaar. vorm elkaar invullen bij VORM. ; In Vlaams Brabant, Oost-Vlaanderen en vak Q: als geen 'één' in antwoord, vragen of 'één' ook mogelijk is. vorm: elkaar
737 Marie en Piet kussen elkaar. vorm elkaar invullen bij VORM. ; In Vlaams Brabant, Oost-Vlaanderen en vak Q: als geen 'één' in antwoord, vragen of 'één' ook mogelijk is. vorm: mekaar
738 Hij riep alle familieleden bij zich. Vorm zich invullen bij VORM. ; In pronomenloze gebied vragen of 'zich' ook weggelaten kan worden (D003p, I118p, I142p, I148p, I158p, I175p, I178p, I257p, I260p, I264p, K189b, K190p, K192p, K209p, K211, K221p,K229p, K258p, K274a, K276p, K291p, K309, K320p, K330, K339p, K353, L199p, L255p, L414, L416, O152p, O177, O228p, P018, P033, P102, P133, P145, P176) vorm: bij zich
738 Hij riep alle familieleden bij zich. Vorm zich invullen bij VORM. ; In pronomenloze gebied vragen of 'zich' ook weggelaten kan worden (D003p, I118p, I142p, I148p, I158p, I175p, I178p, I257p, I260p, I264p, K189b, K190p, K192p, K209p, K211, K221p,K229p, K258p, K274a, K276p, K291p, K309, K320p, K330, K339p, K353, L199p, L255p, L414, L416, O152p, O177, O228p, P018, P033, P102, P133, P145, P176) vorm: bij elkaar
739 Er zat een inbreker in deze kast. komt voor : j
740 Het zat een inbreker in deze kast. komt voor : n
741 Daar zat een inbreker in deze kast. komt voor : n
742 Gisteren zat een inbreker in deze kast. komt voor : j
743 Gisteren zat er een inbreker in deze kast. komt voor : j
744 Gisteren zat het een inbreker in deze kast. komt voor : n
745 Gisteren zat daar een inbreker in deze kast. komt voor : n
746 't Is net of een hond in deze kast zit. komt voor : n
747 't Is net of er een hond in deze kast zit. komt voor : j
748 't Is net of het een hond in deze kast zit. komt voor : n
749 't Is net of daar een hond in deze kast zit. komt voor : n
750 Als u vindt dat u gezond leeft, leeft u dan vooral zo verder (VERTAAL) Alleen in dialecten die U of een andere beleefdheidsvorm hebben (dus in elk geval overal in Nederland). ; Noteer vormen 'als', 'dat', 'leeft 2x' in VORM vorm: Assu leeft leeft u dan vooral zo verder.
751 Asse ze denken datte ze moeten gaan, dan gane ze maar (KOMT VOOR + VERTAAL). komt voor : n
vorm: Alse denke datse moete gaan dan gaan ze maar.
752 An ze denken dan ze moeten gaan, gaan ze maar komt voor : n
vorm: Alse denke datse moete gaan dan gaan ze maar.
753 Als iedere dag de dokter voor mij moet worden gebeld, kan ik beter in het ziekenhuis blijven. (VERTAAL) In gebied waar 'attie' voorkomt. Noteer vertaling van 'als iedere' (invullen bij VORM) vorm: Als iedere dag
754 Als 'n enkele keer de dokter gebeld moet worden is dat niet zo erg. (VERTAAL) In gebied waarin 3 subject ev 'en' is. Noteer vertaling 'als een' (invullen bij VORM) vorm: Als een enkele keer.
755 Asse we horen datte we moeten gaan, gane we. (KOMT VOOR + VERTAAL) komt voor : n
vorm: Alswe hore dat we moete gaan dan gaan we.
756 An we horen dan we moeten gaan, gaan we. (KOMT VOOR + VERTAAL) komt voor : n
vorm: Alswe hore dat we moete gaan dan gaan we.
757 Ze gelooft datte jij eerder thuis bent dan ik. komt voor : n
vorm: dat jij
760 Asse jullie horen datte jullie nodig zijn, gane jullie meteen. komt voor : n
761 An jullie horen dan jullie nodig zijn, gaan jullie meteen. komt voor : n
762 Als ik ga, ga ik (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: goa dan
762 Als ik ga, ga ik (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gao ik
763 Als je gaat, ga je. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gaat
763 Als je gaat, ga je. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan ga je
764 Als u gaat, gaat u. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Alleen opvragen in dialecten die u of een andere beleefdheidsvorm hebben. vorm: gaat
764 Als u gaat, gaat u. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Alleen opvragen in dialecten die u of een andere beleefdheidsvorm hebben. vorm: dan gaat u
765 Als hij gaat, gaat hij (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gaat
765 Als hij gaat, gaat hij (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan gaatie
766 Als ze gaat, gaat ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gaat
766 Als ze gaat, gaat ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan gaatze
767 Als het gaat, gaat het. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gaat
767 Als het gaat, gaat het. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan gaatet
768 Als we gaan, gaan we. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gaan
768 Als we gaan, gaan we. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan gaan we
769 Als jullie gaan, gaan jullie (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gaan
769 Als jullie gaan, gaan jullie (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan gaan jullie
770 Als ze gaan, gaan ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gaan
770 Als ze gaan, gaan ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: dan gaan ze
771 Ga onmiddellijk weg! (VERTAAL) Vorm van gaan invullen bij VORM vorm: Ga onmiddellijk weg!
772 Toen ik ging, ging jij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging
772 Toen ik ging, ging jij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging jij
773 Toen jij ging, ging ik niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging
773 Toen jij ging, ging ik niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging
774 Toen u ging, ging hij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging
774 Toen u ging, ging hij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging hij
775 Toen hij ging, ging u ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging
775 Toen hij ging, ging u ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging u
776 Toen zij ging, ging het niet (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging
776 Toen zij ging, ging het niet (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging et
777 Toen het ging, ging ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging
777 Toen het ging, ging ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ging ze
778 Toen wij gingen, gingen jullie ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Kan er na 'toen' een voegwoord verschijnen - dat, a, toen-t, als, of?; (invullen bij ANTWOORD 2) vorm: ginge
778 Toen wij gingen, gingen jullie ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Kan er na 'toen' een voegwoord verschijnen - dat, a, toen-t, als, of?; (invullen bij ANTWOORD 2) vorm: ginge
779 Toen jullie gingen, gingen wij niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ginge
779 Toen jullie gingen, gingen wij niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ginge
780 Toen ze gingen, gingen ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ginge
780 Toen ze gingen, gingen ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ginge
781 Vertel mij eens wie er aan de deur was? Doel vraag: a=j betekent hier dat de zin zonder voegwoord voorkomt. komt voor : j
782 Dat is de man wie ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
783 Dat is de man dat ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
784 Dat is de man die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
785 Dat is de man wie het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
786 Dat is de man dat het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
787 Dat is de man die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
788 Dat is de man die ik denk dat het verhaal verteld heeft. komt voor : j
789 Dat is de man die ik denk die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
790 Dat is de man dat ik denk dat het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
791 Dat is de man dat ik denk die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
792 Dat is de man die ik denk die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
793 Dat is de man dat ik denk dat ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
794 Dat is de man dat ik denk die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
798 Iedere vader hoopt z'n kinderen zijn eerlijk. komt voor : n
799 Iedere moeder meent haar kinderen moet ze beschermen. komt voor : n
804 Ik vind dat iedereen de foto zien moet kunnen. komt voor : n
805 Hij is alle kapotte spullen weg aan het smijten. komt voor : n
vorm: aan het weg smijte
807 Marie zit te stoofpeer schillen. komt voor : n
808 Marie zit te stoofperen schillen. komt voor : n
809 Marie zit te piano spelen. komt voor : n
810 Hij zit weer te voorzeggen. komt voor : n
817 Jan vindt het prettig om de hele dag te zitten te werken. komt voor : n
818 Jan vindt het prettig om de hele dag zitten te werken. komt voor : n
819 Jan vindt het prettig om de hele dag te zitten werken. komt voor : j
820 Hij zal wel weer staan te zeuren. komt voor : j
821 Hij zal wel weer staan zeuren. komt voor : n
822 Ik heb vandaag nog niet gerookt gehad. komt voor : n
823 Ben je met die fiets gevallen geweest? komt voor : n
824 Het huis is verkocht geworden. komt voor : n
825 Het huis is verkocht geweest. komt voor : n
826 Ik heb hem gisteren tegengekomen. komt voor : n
827 Jan liet zich meedrijven op de golven Vorm zich invullen bij VORM vorm: zich
827 Jan liet zich meedrijven op de golven Vorm zich invullen bij VORM vorm: hem
828 Toon bekeek zich eens goed in de spiegel Vorm zich invullen bij VORM vorm: zich
829 Eduard kent zich goed Vorm zich invullen bij VORM vorm: zichzelf
831 Jan trok de deken naar zich toe Ook andere mogelijkheden dan 'zich'?; Vorm zich invullen bij VORM vorm: zich