SAND-data Uithuizen (C031p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 02909) vertaling: Jan wait dat verhoal wel
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 02909) vertaling: Merie en Pait zainn kanner veur kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 02909) vertaling: Toon was hom
opm.: reflexief: hem
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 02909) vertaling: Timmerman het gain spiekers bie hom
opm.: reflexief: hem
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 02909) vertaling: Fons zaag 'n slang noast hom
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 02909) vertaling: Erik lait mie veur hom waarkn
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 02909) vertaling: Johanna lait heur mitdrievm op golvn
opm.: reflexief: haar
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 02909) vertaling: Toon bekeek homzulf ains goud ien spaigel
opm.: reflexief: hemzelf
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 02909) vertaling: Jaan het ien twei minuutn n biertje dronkn
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 02909) vertaling: Deze schounn loopm makkelk
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 02909) vertaling: Eduard kent homzulf goud
opm.: reflexief: hemzelf
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 02909) vertaling: Ward het heurd datter foto's van hom ien etaloage stoan
opm.: reflexief: hem
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 02909) vertaling: Dij eerabbels schilln nait makkelk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 02909) vertaling: Dit glaas brekt aans t op grond vaalt
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 02909) vertaling: Dokter, leef ik wel gezong genog?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 02909) vertaling: Hai leeft aal joarn van zien voars aarfenis
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 02909) vertaling: Dezze week leeft zai op wodder en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 02909) vertaling: Leeft hai nog?
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 02909) vertaling: Houlaank leevm ie nou aal van dy aarfenis
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 02909) vertaling: Ien Br. leevn ze vooraal van visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 02909) vertaling: Noa 't eetn gaon ik sloapm
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 02909) vertaling: Zol ik dat wel doun kenn?
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 02909) vertaling: Hai lait zien hoes ofbreekn
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 02909) vertaling: ik wait, Jaan mot haard waarkn kenn
komt voor: n
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 02909) vertaling: ik wait, Jaan mot haard waarkn kenn
komt voor: n
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 02909) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 02909) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 02909) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 02909) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 02909) komt voor: n
000 (x03opm) (inf. 02909) opm. inf.: Zinnen als in II bestaan in 't Gron. niet: te ingewikkeld voor een vrij primitieve taal
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 02909) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 02909) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 02909) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 02909) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 02909) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 02909) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 5
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 02909) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 02909) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 02909) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 02909) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 02909) vertaling: Jaan het gainain bouk meer
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 02909) vertaling: Boukn het J nait
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 02909) vertaling: Der maag gainain proatn over dit probleem
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 02909) vertaling: Gainain zegt dat e nai komt
opm.: interpretatiegeval
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 02909) vertaling: Zittn hier naargens gain moezn
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 02909) vertaling: Ik wist 't ook nait
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 02909) vertaling: Hai maag mit gainain proatn over dit probleem
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 02909) vertaling: J. wait dat hai veur drij uur woagn mokt himm mot
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 02909) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 02909) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 5
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 02909) vertaling: Maries auto is kepot
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 02909) vertaling: M. heur auto is kepot
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 02909) vertaling: Paits auto is kepot
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 02909) vertaling: Pait zien auto is kepot
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 02909) vertaling: Dij man zien auto is kepot
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 02909) vertaling: Dij man zien auto is kepot
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 02909) vertaling: Dij auto is nait van mie mor van hom
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 02909) vertaling: Kraant van guster ligt onner t.v.
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 02909) vertaling: J. is bruierke van Kar. en Kris.
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 02909) vertaling: Dij jongens heur fietsen binn stooln
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 02909) vertaling: Moeke van dy zuskes is op bezuik
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 02909) vertaling: Dy auto is Wim ziennt
opm.: vergelijkbare constructie met ziennt
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 02909) vertaling: Dy fietst is miennt
opm.: vergelijkare constructie met -nnt
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 02909) vertaling: Hai maag mit gainain over dit probleem proatn
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 02909) vertaling: Ik wil gainain kwetsn
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 02909) vertaling: 't Is schaane dat wie nait komm maagn
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 02909) vertaling: Dat dou ik nait!
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 02909) vertaling: 'k Heb nait waarkt
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 02909) vertaling: Hai haar 't nog mor net verteld of M. begon te hoeln
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 02909) vertaling: Hol dy bestelln nou mor op
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 02909) vertaling: Hai waarkt nait
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 02909) vertaling: Ik verbai die om hier te komm
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 02909) vertaling: J wol nait dat wie M. beldn
opm.: pleonastische negatie bij negatief werkwoord: n.v.t.
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02909) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02909) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02909) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02909) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02909) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02909) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02909) fragment: (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02909) fragment: om te (1)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 02909) fragment: om te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02909) fragment: den (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02909) fragment: den (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02909) fragment: Aans (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02909) fragment: Aans (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: dat wie (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: dat wie (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: dat wie (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: dat wie (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02909) fragment: te (2)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 02909) fragment: aans dat (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 02909) fragment: aans (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 02909) fragment: aans (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 02909) fragment: aans (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 02909) fragment: aans (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 02909) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 02909) komt voor: n
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 02909) fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02909) fragment: of (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 02909) vertaling: Ik wait das doe op gainain kwoad bizze
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 02909) vertaling: Ik wait dat zai naargns groots op is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 02909) vertaling: Ik wait dat ik te loat bin en doe nait
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 02909) vertaling: Ik wait toch das doe waarkn mozze en ik nait
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 02909) vertaling: Elk dinkt dat wie noar hoes tou gaon en dat zai nog blievn maangn
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 02909) vertaling: 't is schaane dat hai komt en dat zai votgait
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 02909) vertaling: Ik dink dat Lizoa zaik is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 02909) vertaling: Ik dink dat Paiter en Lieske trouwn gaon
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 02909) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 02909) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 02909) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 02909) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 02909) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 02909) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 02909) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 02909) komt voor: n
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 02909) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 02909) komt voor: j
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 02909) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 02909) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 02909) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 02909) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 02909) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 02909) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 02909) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 02909) vertaling: Laamp braandt nait meer
komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 02909) vertaling: Laamp braandt nait meer
komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 02909) vertaling: Daanst Marie ale aovends
komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 02909) vertaling: Daanst Marie ale aovends
komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 02909) vertaling: Snie brood moar eevm.
komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 02909) vertaling: Snie brood moar eevm.
komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 02909) fragment: dij zien (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 02909) fragment: woar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 02909) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 02909) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 02909) komt voor: n
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02909) komt voor: n
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 02909) fragment: woar (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02909) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02909) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02909) komt voor: n
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 02909) fragment: Wel (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02909) vertaling: wat denkst to dat ik ien stad teegnkomm bin
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 02909) vertaling: wat denk ie hou ze 't oplöst himm
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 02909) vertaling: wat dinkstoe hou ze 't oplöst himm
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 02909) vertaling: Ik wait nait wel wie opbeln willn
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 02909) vertaling: Ister ook ain dij wait wel wie roupm himm
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02909) vertaling: Wat dochst wel k ien stad teegn komm bin
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02909) vertaling: Wat dochst wel k ien stad teegn komm bin
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 02909) vertaling: hai het hann wossen
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 02909) vertaling: hai het zien hemd wossen
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 02909) vertaling: hai het 'n houd op kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 02909) vertaling: hai het 'n vlek op 't hemd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 02909) vertaling: hai het bain brookn
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 02909) vertaling: hai het hom zeer doan
opm.: reflexief: hem
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 02909) vertaling: M. trok deekn noar heur tou
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 02909) vertaling: L. wait datter foto's van homzulf te koop binn
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 02909) vertaling: Doe wais toch nog wel dat wie dou (toun) deur dat bos henloopm binn
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 02909) vertaling: Ik wait nog dat M.s auto kepot waas
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 02909) vertaling: Zai wait nog dat hai aans 'n zwien zat te eetn
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 02909) vertaling: Wie waitn nog wel dat Jaan zien boukn allemoal stooln waorn moar zai waitn 't nait meer
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 02909) vertaling: Wait ie nog dat wie Jaan op maarkt zain himm
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 02909) vertaling: Hai het hom n ongeluk waarkt
opm.: reflexief: hem
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 02909) vertaling: Hai vuilde dat e deur t ies zakte
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02909) vertaling: zol hai dat kind himm
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02909) vertaling: zol hai dat doun kind himm
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02909) vertaling: zol hai dat doun kind himm
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02909) vertaling: zol hai dat kind himm
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 02909) fragment: kend (1)
opm. inf.: de c. zinnen kunnen heel goed, maar dan zonder "dat"
opm.: Opm. informant bij Z 4(v): dat "jammer genoeg" verwerkt het Gron. buiten de zin
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 02909) fragment: kend (1)
opm. inf.: de c. zinnen kunnen heel goed, maar dan zonder "dat"
opm.: Opm. informant bij Z 4(v): dat "jammer genoeg" verwerkt het Gron. buiten de zin
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 02909) fragment: doan (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 2
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 2
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 2
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 2
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 02909) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 02909) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 02909) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 02909) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 02909) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 02909) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 02909) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 02909) komt voor: n
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 02909) komt voor: n
310 (y06b) Zij kwamen aan te gewandelen (inf. 02909) komt voor: n
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 02909) komt voor: n
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 02909) vertaling: ik dink hai is vot
komt voor: j
312 (y06d) Ik zei nog tegen haar: ik denk hij is weg (inf. 02909) vertaling: ik dink hai is vot
komt voor: j
314 (y06e) Ik weet dat hij is weg (inf. 02909) komt voor: n
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 02909) vertaling: ik wait hai is vot
komt voor: j
315 (y06f) Ik weet hij is weg (inf. 02909) vertaling: ik wait hai is vot
komt voor: j
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 02909) vertaling: Pliezie zol bie hom komm en neemm hom mit
komt voor: j
316 (y06g) Hij wou nog snel even bij de bakker naar binnen en koop een broodje. (inf. 02909) vertaling: Pliezie zol bie hom komm en neemm hom mit
komt voor: j
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 02909) komt voor: n
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 02909) vertaling: Kees moakn wait ik niks van
komt voor: j
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 02909) vertaling: Kees moakn wait ik niks van
komt voor: j
321 (y06j) Die rare jongen ben/heb ik mee naar de markt geweest (inf. 02909) komt voor: n
322 (y06k) Ik heb al de eerste drie sommen gemaakt. De welke heb jij gemaakt? (inf. 02909) komt voor: n
323 (y06l) De watvoore/waffere heb jij al weggebracht? (inf. 02909) komt voor: n
324 (y06m) De zulke zou ik niet durven opeten (inf. 02909) komt voor: n
325 (y06n) De die zou ik niet durven opeten (inf. 02909) komt voor: n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 02909) vertaling: ik wait dat Jaan noar maart west het
komt voor: j
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 02909) vertaling: ik wait dat Jaan noar maart west het
komt voor: j
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 02909) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 02909) vertaling: 'k heb hail wat loopm doan
komt voor: j
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 02909) vertaling: 'k heb hail wat loopm doan
komt voor: j
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 02909) vertaling: 'k wor nou muid dat ik hol der mor mit op
komt voor: j
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 02909) vertaling: 'k wor nou muid dat ik hol der mor mit op
komt voor: j
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 02909) komt voor: n
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 02909) vertaling: schilder het hier west te schildern
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 02909) komt voor: n
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 02909) vertaling: Ien dij tied leefde ik d'rop lös
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 02909) vertaling: vrouger leefde hai aans n baist
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 02909) vertaling: doar leefde wie aans God ien Frankriek
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 02909) vertaling: Gain ain maagt 't zain, dus ik vien dat doe 't ook nait zain maagst
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 02909) vertaling: 't gebeurde dou (toun) doe votgingze
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 02909) vertaling: ik wait woar doe geboorn bizze
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 02909) vertaling: nou doe kloar bizze maagst oe vot vot goan
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 02909) vertaling: Deurdat Merie overleedn waas het heur man Annoa nait meer helpm kind
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02909) vertaling: ik wait hai is votgoan om te swimm
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02909) vertaling: ik wait dat hai swimm goan is
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02909) vertaling: ik wait dat hai swimm goan is
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02909) vertaling: ik wait hai is votgoan om te swimm
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 02909) komt voor: n
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 02909) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 02909) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 02909) komt voor: n
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 02909) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
000 (y09opm) (inf. 02909) opm. inf.: "swimm goan" komt bijna niet voor
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 02909) komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 02909) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 02909) komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 02909) komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 02909) vertaling: Der komt mörgn ain laans wel dat
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 02909) vertaling: Der komt mörgn ain laans wel dat
komt voor: j
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 02909) vertaling: mit zuks weer kinj nait veul doun
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 02909) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 02909) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 02909) vertaling: 'k wil hom nooit meer zain omdat hai het mie bedroogn
komt voor: j
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 02909) vertaling: 'k wil hom nooit meer zain omdat hai het mie bedroogn
komt voor: j
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 02909) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 02909) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 02909) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 02909) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 02909) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 02909) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 02909) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02909) fragment: dij (1)
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02909) fragment: dij (1)
opm.: informant geeft aan dat de ww. heeft/verteld moeten worden omgedraaid
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02909) komt voor: n
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 02909) fragment: woar (1)
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 02909) fragment: wel (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02909) komt voor: n
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 02909) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord vertaling gegeven: zol ik wel himm willn
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 02909) fragment: dij (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 02909) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02909) fragment: wel (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 02909) komt voor: n
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 02909) vertaling: Pait dinkt dat Jaan en Merie op gainain meer kwoad binn
betekenis: negative concord
opm.: opm. informant: deze zin is in 't Gr. haast ondenkbaar
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 02909) vertaling: Pait dinkt dat Jaan en Merie op gainain meer kwoad binn
betekenis: negative concord
opm.: opm. informant: deze zin is in 't Gr. haast ondenkbaar
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 02909) vertaling: Wim maint dat wie nooit ain 'n pries geevm
betekenis: negative concord
opm.: opm. informant: deze zin is in 't Gr. haast ondenkbaar
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 02909) vertaling: Wim maint dat wie nooit ain 'n pries geevm
betekenis: negative concord
opm.: opm. informant: deze zin is in 't Gr. haast ondenkbaar
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 02909) vertaling: 't Is woar, ze maagn nait mit Merie proatn
betekenis: negatie > modaal
opm.: onduidelijk of hier sprake is van een hoofd- of bijzin opm. informant: het Gronings heeft een uitgesproken voorkeur voor de nevenschikking boven de onderschikking in het zinsverband
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 02909) vertaling: 't Is woar, ze maagn nait mit Merie proatn
betekenis: negatie > modaal
opm.: onduidelijk of hier sprake is van een hoofd- of bijzin opm. informant: het Gronings heeft een uitgesproken voorkeur voor de nevenschikking boven de onderschikking in het zinsverband
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 02909) vertaling: naargns
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 02909) vertaling: gainain
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 02909) vertaling: nooit
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 02909) vertaling: niks
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 02909) vertaling: gain ain
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 02909) vertaling: Mos hom nait vertelln dat ik noar boetn west bin
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 02909) vertaling: Nait zeggn das n kedoo veur hom kocht hes
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 02909) vertaling: Wais doe nait dat hai vaaln is?
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 02909) vertaling: W. pebaairde om gainain zeer te doun
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 02909) vertaling: 't Liekt ter op dat ze niks eetn maag
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 02909) vertaling: Ze pebaairn haile dag aal om kanner op te belln
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 02909) vertaling: 't belooft n mooie dag te worrn
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 02909) vertaling: 't is meschain beter om nog eevm te wachten
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 02909) vertaling: Wie haren geluk dat wie hom doalek vonnen
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 02909) vertaling: Aans houner 'n vaalk zain binn ze baang
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 02909) vertaling: Aans wie eerappels nait verkoopm kinn, zit we ien probleemm
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 02909) vertaling: Aans ie hom nait mitneemm wor ik kwaod.
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 02909) vertaling: Hai wist 't
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 02909) vertaling: Op dit feest wordt n bult daanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 02909) vertaling: Nou wordter allain nog mor brood verkocht ien dij winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 02909) vertaling: Aans hai op fiets komt zel e wel loat weezn
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 02909) vertaling: Aans doe tied hezze mos es laangs komm
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 02909) vertaling: Aans ik riek bin koop ik 'n dure auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 02909) komt voor: j
opm.: opm. informant: ja nl. b
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 02909) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 02909) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 02909) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 02909) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 02909) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 02909) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 02909) vertaling: hes mie dij braif opstuurd?
komt voor: j
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 02909) vertaling: hes mie dij braif opstuurd?
komt voor: j
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 02909) vertaling: 'k heb 't hom geevm
komt voor: j
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 02909) vertaling: 'k heb 't hom geevm
komt voor: j
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 02909) vertaling: zai leeft dizze week op wotter en brood
komt voor: j
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 02909) vertaling: zai leeft dizze week op wotter en brood
komt voor: j
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 02909) vertaling: M. het zegd, doe haas pebaierd 'n verske te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 02909) vertaling: Merie het zegd daz doe pebaird hezze 'n verske te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 02909) vertaling: M. het zegd, doe haas pebaierd 'n verske te zingen
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 02909) vertaling: Merie het zegd daz doe pebaird hezze 'n verske te zingen
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 02909) vertaling: M. het zegd das doe pebaird hezze heur n bouk te geevm
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 02909) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 02909) komt voor: n
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 02909) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 02909) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 02909) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 02909) komt voor: n
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: informant geeft aan dat de ww. hebt/geprobeerd moeten worden omgewisseld
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
opm.: informant geeft aan dat de ww. hebt/geprobeerd moeten worden omgewisseld
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 02909) vertaling: Dy oet stad himm hier veul hoezn bouwd.
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 02909) vertaling: Aan die neie voart zain j'gain mens meer
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 02909) vertaling: Guster het Jaan hier west
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 02909) vertaling: Dy dag dat Jaan belde waas ik nait thoes
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 02909) vertaling: Jef zol ik nooit oetnuign
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 02909) vertaling: Merie zol dat nooit doun
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 02909) vertaling: Bert drinkt wel ains n glaas te veul
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 02909) vertaling: Marthao zol ik wel ains bie mie thoes oetnuigen willn
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 02909) vertaling: Dat hoes zol ik nooit koopm willn
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 02909) vertaling: Dat hoes stait doar aal vieftig joar
000 (z09opm) (inf. 02909) opm. inf.: behalve in zin c kan het terugwijzend woord (die, daar enz.) ook wel gebruikt worden
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 3
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 02909) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 02909) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 02909) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 02909) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 4
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 02909) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 02909) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 02909) gebr.: 3
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 02909) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 02909) gebr.: 4
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 02909) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 02909) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 02909) vertaling: Het G. beld?
473 (z11b) En pas op! (inf. 02909) vertaling: Pas op
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 02909) vertaling: 't Waas mor net genog
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 02909) vertaling: M. het nou meer kojn aans vrouger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 02909) vertaling: Aans S. komm kind haar, den haar ze 't doan
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 02909) vertaling: Zai is de beste dokter dij ik kin
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 02909) vertaling: Veurdas wat weggooize moz eevm belln
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 02909) vertaling: hier is alles wat ik kreegn heb
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 02909) vertaling: Jaan is te schroapreg om zien kiener wat te geevm
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 02909) vertaling: doe zols wat van voetbaaln waitn
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 02909) vertaling: Aans doe echt nait wachtn kinze den moz mor komm
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 02909) vertaling: ik wait dat J. dokter roupen kind haar
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 02909) vertaling: hai zee dat ik het doun mottn haar
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 02909) vertaling: hai is veurige week deur dokter M. opereerd
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 02909) vertaling: hai wordt mörgn deur dokter M. opereerd
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 02909) vertaling: ik dink das doe veul weggooin mozze
positie: 3
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 02909) vertaling: ik dink das doe veul weggooin mozze
positie: 3
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 02909) vertaling: 't is dom om zukke dingn weg te gooin
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 02909) vertaling: 't is dom om zukke dingn weg te gooin
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 02909) vertaling: hai is bezig ale kepotte spullen weg te gooin
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 02909) vertaling: hai is bezig ale kepotte spullen weg te gooin
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 02909) vertaling: ik vien das doe voaker kraantlezen mozze
positie: 3
opm.: opmerkingen informant: het Nederlands kent klankverschil tussen hok en bok mozze moet met de klank van bok. Dan betekent het "zou moeten" volgens mij betekent mozze (klank hok) = je moet en mozze (klank bok) = je zou moeten
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 02909) vertaling: ik vien das doe voaker kraantlezen mozze
positie: 3
opm.: opmerkingen informant: het Nederlands kent klankverschil tussen hok en bok mozze moet met de klank van bok. Dan betekent het "zou moeten" volgens mij betekent mozze (klank hok) = je moet en mozze (klank bok) = je zou moeten
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 02909) vertaling: 't is dom om ien donker kraant te lezen
positie: 1,2
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 02909) vertaling: 't is dom om ien donker kraant te lezen
positie: 1,2
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 02909) vertaling: hai is hale dag aan 't kraantlezen
positie: 2
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 02909) vertaling: hai is hale dag aan 't kraantlezen
positie: 2
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 02909) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 02909) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 02909) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 02909) komt voor: n
000 (z15opm) (inf. 02909) opm. inf.: ene of een komt in 't Gron. in dit verband dus niet voor
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 02909) vertaling: R. het ain gruine abbel votgeevm en nou het e nog twei rooie
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 02909) vertaling: der waren veul minsen op 't feest
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 02909) vertaling: waren der veul minsen op t feest?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02909) vertaling: wat veur boukn hes doe kocht?
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 02909) vertaling: hai woont bie Merietje
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 02909) vertaling: hai woont bie Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 02909) vertaling: loop eevm noar bakker, Wim
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 02909) vertaling: wel hes doe zain?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 02909) vertaling: wel het die zain?
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 02909) vertaling: haar ik dat waitn, den haar 'k 't nait doan
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 02909) vertaling: 't zol beter weezn om nog eevm te wachten
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 02909) vertaling: gelukkig haar Jaan dokter beld en dy waas der al hal gauw
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 02909) vertaling: loop nou toch deur, vervelende jongens
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 02909) komt voor: j
gebr.: 1
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 02909) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 02909) komt voor: n
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 02909) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 02909) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 02909) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 02909) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 02909) komt voor: n
000 (z17opm) (inf. 02909) opm. inf.: Gronnigs zal zoveel mogelijk nevenschikken

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Uithuizen

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Uithuizen