SAND-data Oudeschip (C001p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 03011) vertaling: Jan wait dat nog wel
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 03011) vertaling: Marie en Piet zain kander veur kerk
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 03011) vertaling: Toon wast zichzulf.
opm.: reflexief: zichzelf
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 03011) vertaling: Timmerman hat gain spiekers bie zich
opm.: reflexief: zich
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 03011) vertaling: Fons zaag 'n slang noast zich
opm.: reflexief: zich
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 03011) vertaling: Erik lait mie veur hom arbeiden.
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03011) vertaling: Johanna lait zich mitdrieb'n op golm'n
opm.: reflexief: zich
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03011) vertaling: Johanna lait zich op golv mitdrieb'n
opm.: reflexief: zich
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03011) vertaling: Johanna lait zich op golv mitdrieb'n
opm.: reflexief: zich
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 03011) vertaling: Johanna lait zich mitdrieb'n op golm'n
opm.: reflexief: zich
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 03011) vertaling: Toon bekeek zichzulf ien spaigel
opm.: reflexief: zichzelf
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 03011) vertaling: Jan het in twei minuten 'n biertje opdronk'n
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 03011) vertaling: Dizze schoun'n loop'm makkelk.
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 03011) vertaling: Eduard kent zichzulf goud
opm.: reflexief: zichzelf
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 03011) vertaling: Ward hat hörd dat er foto's van homzulf ien etalage stoan
opm.: reflexief: hemzelf
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 03011) vertaling: Dei eerappels schillen nait makkelk
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 03011) vertaling: Dit glaas brekt as 'e op grond valt (vaalt)
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 03011) vertaling: Dokter leef ik wel gezond genog?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 03011) vertaling: Al joar'n leeft hai von zien voaders arfenis
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 03011) vertaling: Dizze week leeft zei op wotter en brood
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 03011) vertaling: Leeft het nog?
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 03011) vertaling: Hoe lank leeb'n ie al van dei aarfenis?
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 03011) vertaling: Ien Bretagne leeb'n zai veural van visvangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03011) vertaling: Noa 't eet'n goan ik sloap'n
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03011) vertaling: Noa 't eet'n goan ik sloap'n
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03011) vertaling: Noa 't eet'n goan 'k sloap'n
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 03011) vertaling: Noa 't eet'n goan 'k sloap'n
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 03011) vertaling: Zol/zel ik dat wel doun konn'n?
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 03011) vertaling: Hai let zien hoes oafbreek'n
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03011) vertaling: 'k Wait dat Jan hard mout waarken kon'n.
komt voor: n
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 03011) vertaling: 'k Wait dat Jan hard mout waarken kon'n.
komt voor: n
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 03011) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 03011) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 03011) komt voor: n
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 03011) komt voor: n
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 03011) vertaling: Jan het gainain bouk meer.
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 03011) vertaling: Bouk'n het Jan nait
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 03011) vertaling: Jan het nait veul geld meer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03011) vertaling: Mag gainain proat'n over dit probleem
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03011) vertaling: Gainain mag d'r over proat'n
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 03011) vertaling: Gainain zegt dat 'e komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 03011) vertaling: Zit'n hier argens moezen
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 03011) vertaling: Ik geef gainain wat
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03011) vertaling: Gainain wil waark'n
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03011) vertaling: Gainain wil waark'n
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03011) vertaling: gainain wil arbeid'n
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 03011) vertaling: gainain wil arbeid'n
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 03011) vertaling: Wie wizz'n nait dat 'e toes was
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 03011) vertaling: Ik Wis 't ook nait
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 03011) vertaling: Hai mag mit gainain proat'n over dizze kwezzie.
000 (x05opm) (inf. 03011) opm. inf.: "probleem" staat niet iin het Gronings woordenboek van K ter Laan, wel kwestie, inhet Gronings "kwezzie" en dan wordt het meer in de ruzieachtige sfeer gebruikt.
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 2
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 2
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 3,5
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 3,5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 03011) vertaling: Maries auto is stukkend
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 03011) vertaling: Marie d'r auto is stukkend
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 03011) vertaling: Piets auto is stukkend
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 03011) vertaling: Piet z'n auto is stukkend
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 03011) vertaling: Die kerel zien auto is stukkend
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 03011) vertaling: Dei auto is nait van mie moar van hom
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 03011) vertaling: Kraant van guster ligt onder T.V.
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 03011) vertaling: Jan is de bruier van Karolien en Kristien
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 03011) vertaling: Die jongens hun fiets'n binnen stool'n
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 03011) vertaling: Dei zussen hun moeke is op bezuik
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 03011) vertaling: Dei auto is Wim zien'nt
opm.: vergelijkbare constructie met -'nt
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 03011) vertaling: Dei fiets is mien'nt
opm.: vergelijkbare constructie met -'nt
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 03011) vertaling: Hai maag mit gainain d'r over proaten
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 03011) vertaling: ik wil gainain zeer doun
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 03011) vertaling: 't Is schaande dat wie nait kom'n maag'n
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 03011) vertaling: dat dou 'k nait
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 03011) vertaling: Ik bin nait aan 't waark west
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 03011) vertaling: Had had nog maar net 't zegd of Marie begon te liep'n (of: te brol'n)
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 03011) vertaling: Goa dei bestel'n nou moar ophoal'n
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 03011) vertaling: Hai waarkt nait
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 03011) vertaling: Ik verbaid die hier om te kom'n
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 03011) vertaling: Jan wol nait heb'n dat wie Marie beld'n
opm.: pleonastische negatie bij negatief werkwoord: n.v.t.
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03011) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03011) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03011) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 03011) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03011) fragment: om te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03011) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03011) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 03011) fragment: om te (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 03011) fragment: om te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03011) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03011) fragment: als (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03011) fragment: (2)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 03011) fragment: (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: om (1)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: te (2)
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 03011) fragment: (1)
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 03011) fragment: als (as) (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 03011) fragment: as (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 03011) fragment: as (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 03011) fragment: as (1)
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 03011) fragment: as (1)
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 03011) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 03011) fragment: te (1)
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 03011) fragment: dat (1)
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 03011) fragment: of (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 03011) vertaling: Ik wait dat ie op gainain kwoad binn'n
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 03011) vertaling: 'k wait dat zai naargens groots op is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 03011) vertaling: Els denkt dat 't nait makkelk is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 03011) vertaling: Ik wait dat ik te loat bin en doe nait
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 03011) vertaling: Doe waist toch dat doe waark'n mos en ik nait
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 03011) vertaling: Elk denkt dat wie noar hoes tou goan en dat zai bleeb'n maag'n
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 03011) vertaling: 't is schaande dat hai komt en zai vot gait
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 03011) vertaling: Ik denk dat Lisa zaik is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 03011) vertaling: Ik denk dat Pieter en Liesje trouw'n goan
225 (y01(i)) A: Hij slaapt B:Hij/'t (en) doet (inf. 03011) vertaling: Hai dut moar
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 03011) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 03011) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 03011) komt voor: n
229 (y01(ii)) A: Hij zal niet komen B: Hij/'t (en) doet (inf. 03011) vertaling: Hai zel wel kom'n
229 (y01(ii)) A: Hij zal niet komen B: Hij/'t (en) doet (inf. 03011) vertaling: Hai zel wel kom'n
229 (y01(ii)) A: Hij zal niet komen B: Hij/'t (en) doet (inf. 03011) vertaling: Hai dùt 't aal.
229 (y01(ii)) A: Hij zal niet komen B: Hij/'t (en) doet (inf. 03011) vertaling: Hai dùt 't aal.
233 (y01(iii)) A: Slaapt hij? B: Ja/nee, hij/'t (en) doet/slaapt (niet) (inf. 03011) vertaling: Joa, hai slept
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 03011) komt voor: j
opm.: Informant geeft vertaling: Joa, hai slept
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 03011) komt voor: n
239 (y01(iii)f) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet (inf. 03011) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 03011) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 03011) komt voor: j
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 03011) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 03011) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 03011) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 03011) vertaling: Dei lamp brandt nait meer
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 03011) vertaling: Daanst Marie elke oavond?
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 03011) vertaling: Snie 't brood eeb'n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 03011) fragment: waarvan de (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 03011) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03011) fragment: waar (1)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03011) fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03011) fragment: - (2)
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03011) fragment: waar (1)
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 03011) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 03011) fragment: waar het (1)
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 03011) fragment: die (1)
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 03011) fragment: waar (1)
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 03011) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 03011) fragment: wat (1)
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03011) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03011) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03011) fragment: wat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 03011) fragment: wat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 03011) fragment: Die (1)
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03011) vertaling: Wel denkst toe wel ik ien stad teeg'n kwaam
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03011) vertaling: Hou denken ie dat zai 't oplost heb'n?
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 03011) vertaling: Hou denkst toe dat ze 't oplost heb'n?
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 03011) vertaling: Magda wait nait wel wie opbel'n wil'n
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 03011) vertaling: Is 't er ain dai wait wel wie roup'n heb'n
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03011) vertaling: Wel denkst toe wel ik ien stad tegenkwaam
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 03011) vertaling: Wel denkst toe wel ik ien stad tegenkwaam
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 03011) vertaling: Hai het zien hand'n wozz'n
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 03011) vertaling: Hai het zien hemd wozz'n
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 03011) vertaling: Hai het 'n houd op zien kop
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 03011) vertaling: Hai het 'n vlek op zien hemd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 03011) vertaling: Hai het zien bain brook'n
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 03011) vertaling: Zai het zich bezeerd
opm.: reflexief: zich
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 03011) vertaling: Marie trok deek'n noar heur tou
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 03011) vertaling: Luc wait dat 'r foto's van homzulf te koop bin'n
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 03011) vertaling: Doe waist toch wel dat wie dou deur bos loop'n heb'n
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 03011) vertaling: Ik wait nog dat auto van Marie stukkend was
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 03011) vertaling: Zai wait nog dat hai as 'n swien zat t' eet'n
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 03011) vertaling: Wie wait'n nog dat alle bouk'n v. Jan stool'n waren, moar zai wait'n 't nait meer
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 03011) vertaling: Wait'n ie nog dat wie Jan op markt zain heb'n?
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 03011) vertaling: Hai het zich 'n ongeluk waarkt
opm.: reflexief: zich
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 03011) vertaling: Hai vuilde dat komt nait goud
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03011) vertaling: Zol hai dat doan kent heb'n
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03011) vertaling: Zol hai dat doun kent heb'n
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03011) vertaling: Zol hai dat doun kent heb'n
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 03011) vertaling: Zol hai dat doan kent heb'n
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 03011) fragment: kent (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 03011) fragment: doan (1)
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
309 (y06a) Ik heb geen zin en voeren de koeien (inf. 03011) vertaling: Wie mout'n noar koustal te vouern
311 (y06c) Ik denk hij weg is (inf. 03011) vertaling: ik denk dad 'e vod is
317 (y06h) Marie al haar koeien zijn verdronken bij de overstroming (inf. 03011) vertaling: Alle kouien v. Marie bin'n verdronken
318 (y06i) Kaas maken weet ik niets van (inf. 03011) vertaling: Ik wait niks van kees moak'n
326 (y06o) Ik weet dat Jan naar de markt geweest heeft (inf. 03011) vertaling: 'k wait dat Jaan noar maarkt west het
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 03011) vertaling: 'k Heb hail wat loop'n doan
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03011) vertaling: Vaarver het hier west te vaarv'n (vaarv'n)
komt voor: j
opm.: opm. informant: schilder is: vaarver.
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 03011) vertaling: Vaarver het hier west te vaarv'n (vaarv'n)
komt voor: j
opm.: opm. informant: schilder is: vaarver.
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 03011) vertaling: Denkst toe noar hoes te goan?
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 03011) vertaling: Ien dei tied leefd' ik er op lös
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 03011) vertaling: Vrouger leefde hai as 'n baist
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 03011) vertaling: doar leefden wie als God in Frankriek.
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 03011) opm.: IPP: n.v.t.
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 03011) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 03011) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 03011) komt voor: n
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 03011) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 03011) komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03011) vertaling: joa geern
komt voor: n
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 03011) vertaling: joa geern
komt voor: n
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 03011) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03011) vertaling: heb'n zai aal eet'n
komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 03011) vertaling: heb'n zai aal eet'n
komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 03011) komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 03011) vertaling: Wel dat ten
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 03011) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 03011) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 03011) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 03011) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 03011) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 03011) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 03011) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 03011) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 03011) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 03011) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 03011) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 03011) fragment: dei (1)
opm.: informant vertaalt _geroepen_ als _roup'n_
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dei (1)
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dei (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: woarvan (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: woarvan (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dei (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: woarvan (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dei (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: woarvan (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dei (1)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 03011) fragment: dat hai (2)
opm.: informant geeft aan dat de volgorde van de werkwoorden _heeft verteld_ moet worden omgedraaid en dat _heeft_ in het Gronings _het_ is
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03011) fragment: (1)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03011) fragment: (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03011) fragment: (2)
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 03011) fragment: (1)
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 03011) fragment: woar (1)
opm.: informant vertaalt _gesproken_ met _proat_
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03011) fragment: (2)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03011) fragment: (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03011) fragment: (1)
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 03011) fragment: (2)
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 03011) fragment: (1)
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 03011) fragment: (1)
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 03011) fragment: wat (1)
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 03011) fragment: waarvan (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 03011) vertaling: Piet denkt dat Jan en Marie op gainain kwoad bin'n
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 03011) vertaling: naargens
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 03011) vertaling: gainain
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 03011) vertaling: As Poask en Pinkster op ain daag valt en Jöden spek eet'n
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 03011) vertaling: onzin
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 03011) vertaling: 'k wait nait
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 03011) vertaling: mos nait teeg'n hom zeg'n do'k boat'n west ben
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 03011) vertaling: mos nait zeg'n das toe 'n kedo veur hom kocht (???) hest
opm.: tussen _kocht_ en _hest_ staat iets onleesbaars tussen haakjes
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 03011) vertaling: Waist toe nait dat hai vaaln is?
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 03011) vertaling: Wendy pebaierde om gainain pien te doun
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 03011) vertaling: 't Schient dat zai niks eet'n maag
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 03011) vertaling: 't Het er wel wat van weg dat zai niks eet'n maag
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 03011) vertaling: Zai perbaierden halle dag iekander te bel'n
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 03011) vertaling: 't belooft 'n mooie daag te word'n
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 03011) vertaling: meschain ist beter nog eev'n te wachten
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 03011) vertaling: Wie had'n geluk hom doal'k te vien'n
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 03011) vertaling: As houner 'n vaalk zain, zijn/wor'n ze baang.
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 03011) vertaling: As eerappel nait verkoop'n ken'n, is 't nait best
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 03011) vertaling: As ie hom nait mit neem'n wor ik kwoad
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 03011) vertaling: Hai wist 't.
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 03011) vertaling: Op dit feest wordt 'er 'n bult daanst
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 03011) vertaling: Wordt allenig moar brood verkocht in dei winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 03011) vertaling: As hai mit fiets komt is 'e vast loat
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 03011) vertaling: As toe tied hast, kom es oet.
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 03011) vertaling: As ik riek ben, koop 'k 'n dure auto
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 03011) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 03011) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 03011) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 03011) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 03011) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 03011) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 03011) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 03011) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 03011) komt voor: n
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 03011) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03011) vertaling: marie het zegd dat 'oe perbaierd hest 'n verske te zing'n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03011) vertaling: Marie het zeg'd da(t) doe perbaierd hest 'n verske te zing'n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03011) vertaling: Marie het zeg'd da(t) doe perbaierd hest 'n verske te zing'n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 03011) vertaling: marie het zegd dat 'oe perbaierd hest 'n verske te zing'n
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 03011) vertaling: Marie het zeg'd da(t) doe perbaierd hezze een verske te zing'n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
535 (z08g) Marie heeft gezegd dat jij hebt geprobeerd een liedje te zingen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 03011) vertaling: Stadjers heb'n hier veul hoez'n bouwd
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 03011) vertaling: An dei neie voart zig's gain mensk
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 03011) vertaling: Guster het Jaan hier west
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 03011) vertaling: dei daag dat Jaan beld het, was 'k nait toes
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 03011) vertaling: Jef zol 'k nooit vroag'n
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 03011) vertaling: Marie zol zuk's nooit doun
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 03011) vertaling: Bert zopt te veul
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 03011) vertaling: Martha zol 'k wel ains bie mie toes vroag'n wil'n
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 03011) vertaling: Dat hoes zo'k nooit koop'n wil'n
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 03011) vertaling: Dat hoes stait doar al vieftig joar
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: vertaling informant: Hai het zien kien(d)er op trekker zet
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: vertaling informant: Hai het zien kien(d)er op trekker zet
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: vertaling informant: Mien vrou ken plat proat'n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
opm.: vertaling informant: Mien vrou ken plat proat'n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 03011) vertaling: Het Gunther beld?
473 (z11b) En pas op! (inf. 03011) vertaling: Kiek oet!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 03011) vertaling: 't Was moar net goud genog
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 03011) vertaling: Marjo het nou meer kou'n as vrouger
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 03011) vertaling: As Suzanne had kom'n kent, had ze 't doan
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 03011) vertaling: bie mien wait'n is zai de beste dokter
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 03011) vertaling: veur da(t) doe wat wegsmitse mos(t) eeb'n bel'n
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 03011) vertaling: Hier is alles wad-ik kreeg'n heb
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 03011) vertaling: Jan is te zunig om wat an kiener te geev'n
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 03011) vertaling: Of doe wat van voetbal'n waize
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 03011) vertaling: Dat bouk moz vod leg'n
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 03011) vertaling: As doe echt nait wacht'n kanze, dan kom moar
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 03011) vertaling: Ik wait dat jaan Dokter had roup'n kend
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 03011) vertaling: Hai zee dat ik doun most had
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 03011) vertaling: Veurige week is hai opereerd deur dokter
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 03011) vertaling: Hai zal mut'n opereerd word'n deur dr. Martens.
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 03011) vertaling: 'k denk da(t) doe 'n bult mos weggooien
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 03011) vertaling: 't Is dom om zukse dure ding'n weg te gooien
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 03011) vertaling: Hai is alle kapodde spul'n/ding'n aan 't weggooien.
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03011) vertaling: Ik vien das toe voaker krant lezen mos
positie: 3
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 03011) vertaling: Ik vien das toe voaker krant lezen mos
positie: 3
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 03011) vertaling: 't is dom in duuster te krant lezen
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 03011) vertaling: Hai is haile daag aan't krant lezen
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 03011) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 03011) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 03011) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 03011) komt voor: n
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 03011) vertaling: Robert het ain greune abbel weggeev'n, nou hed 'e nog twei rooien
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 03011) vertaling: Was 'n bult volk op 't feest
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 03011) vertaling: Was 'r 'n bult volk op 't feest?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03011) vertaling: Wat veur bouk'n hest'oe kocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03011) vertaling: Wat veur bouk'n hest'oe kocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03011) vertaling: Watest'oe veur bouk'n kocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 03011) vertaling: Watest'oe veur bouk'n kocht?
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 03011) vertaling: Hai woont bie Marie
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 03011) vertaling: Hai woont bie Wil'm
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 03011) vertaling: Loop eeb'n noar bakker Wil'm
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 03011) vertaling: Wel hast'oe zain?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 03011) vertaling: Wel het 'ie zain?
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 03011) vertaling: As ik (As 'k) dàt wait'n har ha 'k 't nait doan
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 03011) vertaling: 't Zol beter weez'n nog eev'n te wachten
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 03011) vertaling: 't Was wel goud dat Jaan dokter beld het en dei waz'er aal hail gauw.
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 03011) vertaling: Loop toch deur, grau goud!
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 03011) komt voor: j
gebr.: 5

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
geen interview gehouden in Oudeschip

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
geen data telefonische enquête in Oudeschip