SAND-data Ferwerd / Ferwert (B007p)

schriftelijke enquête | mondelinge enquête | telefonische enquête

data schriftelijke enquête

zinsnr.testzinantwoorden
035 (x01a) Jan herinnert zich dat verhaal wel (inf. 02978) vertaling: Jan herinneret him dat ferhaal wol
opm.: reflexief: hem
036 (x01b) Marie en Piet wijzen naar ... (inf. 02978) vertaling: Mari in Pyt sjugge inoar foar 'e tsjerke
037 (x01c) Toon wast ... (inf. 02978) vertaling: Toon wosket him
opm.: reflexief: hem
038 (x01d) De timmerman heeft geen spijkers bij zich (inf. 02978) vertaling: De timmerman hat gjin spikers bij him
opm.: reflexief: hem
039 (x01e) Fons zag een slang naast ... (inf. 02978) vertaling: Fons sêch in slang naist him
opm.: reflexief: hem
040 (x01f) Erik liet mij voor zich werken (inf. 02978) vertaling: Erik liet mij foar him wurkje
opm.: reflexief: hem
041 (x01g) Johanna liet zich meedrijven op de golven (inf. 02978) vertaling: Jehonne liet har maidriowe op 'e golven
opm.: reflexief: haar
042 (x01h) Toon bekeek zichzelf eens goed in de spiegel (inf. 02978) vertaling: Toon besêch him ris goed yn 'e spegel
opm.: reflexief: hem
043 (x01i) Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken (inf. 02978) vertaling: Jon hat yn twa menuten in bierke dronken
044 (x01j) Deze schoenen lopen gemakkelijk (inf. 02978) vertaling: Deuze skuon rinne gemakkelik
045 (x01k) Eduard kent zichzelf goed (inf. 02978) vertaling: Eduard kin himsels goed
opm.: reflexief: hemzelf
046 (x01l) Ward heeft gehoord dat er foto's van zichzelf in de etalage staan (inf. 02978) vertaling: Ward hat heard, dat 'r foto's fan himsels yn 'e etalage stonne
opm.: reflexief: hemzelf
047 (x01m) Die aardappelen schillen niet gemakkelijk (inf. 02978) vertaling: Dy jerappels skile net gemakkelik
884 (x01n) Dit glas breekt als het op de grond valt (inf. 02978) vertaling: Dut glês brekt, at it op 'e grûn fâlt.
052 (x02a) Dokter, leef ik wel gezond genoeg? (inf. 02978) vertaling: Dokter, libje ik wol sûn genôch?
054 (x02b) Al jaren leeft hij van de erfenis van zijn vader (inf. 02978) vertaling: Ol jirren libbet er fan 'e erfenis fan syn hait
056 (x02c) Deze week leeft zij op water en brood (inf. 02978) vertaling: Deuze wike libbet sij op wetter in bôle
058 (x02d) Leeft het nog? (inf. 02978) vertaling: Libbet it na.
060 (x02e) Hoelang leven jullie nu al van die erfenis? (inf. 02978) vertaling: Hû lang libje jim no ol fan dy erfenis?
062 (x02f) In Bretagne leven ze vooral van de visvangst (inf. 02978) vertaling: Yn Bretanje libje se foarol fan 'e fiskfangst
064 (x02g) Na het eten ga ik slapen (inf. 02978) vertaling: Nai it iten gon ik te sliepen
065 (x02h) Zou ik dat wel kunnen doen? (inf. 02978) vertaling: Sû ik dat wol dwan kinne?
066 (x02i) Hij liet zijn huis afbreken (inf. 02978) vertaling: Hy liet syn hûs ôfbrekke
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 02978) vertaling: Ik wit, dat Jan hud wurkje kinne mat
komt voor: n
074 (x03a) Ik weet dat Jan hard (moet) (kunnen) (werken) (inf. 02978) vertaling: Ik wit, dat Jan hud wurkje kinne mat
komt voor: n
076 (x03b) Ik weet dat Jan hard moet werken kunnen (inf. 02978) komt voor: n
078 (x03c) Ik weet dat Jan hard kunnen moet werken (inf. 02978) komt voor: n
079 (x03d) Ik weet dat Jan hard kunnen werken moet (inf. 02978) komt voor: n
081 (x03e) Ik weet dat Jan hard werken kunnen moet (inf. 02978) komt voor: j
083 (x03f) Ik weet dat Jan hard werken moet kunnen (inf. 02978) komt voor: n
879 (x04(iii)a) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur moet bouwen (inf. 02978) komt voor: n
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
880 (x04(iii)b) Ik weet dat Jan een nieuwe schuur bouwen moet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
088 (x04(iii)c) Ik weet dat Jan moet een nieuwe schuur bouwen (inf. 02978) komt voor: n
089 (x04(iii)d) Ik weet dat Jan bouwen een nieuwe schuur moet (inf. 02978) komt voor: n
091 (x04(iv)a) Ik vind dat Marie naar Jef moet bellen (inf. 02978) komt voor: n
092 (x04(iv)b) Ik vind dat Marie naar Jef bellen moet (inf. 02978) komt voor: j
093 (x04(iv)c) Ik vind dat Marie moet naar Jef bellen (inf. 02978) komt voor: n
094 (x04(iv)d) Ik vind dat Marie bellen naar Sjef moet (inf. 02978) komt voor: n
095 (x04(ix)a) Jan zei dat Marie naar een bakker moest gaan (inf. 02978) komt voor: n
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
096 (x04(ix)b) Jan zei dat Marie naar een bakker gaan moest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
097 (x04(ix)c) Jan zei dat Marie moest naar een bakker gaan (inf. 02978) komt voor: n
098 (x04(ix)d) Jan zei dat Marie gaan naar een bakker moest (inf. 02978) komt voor: n
100 (x04(v)a) Ik weet dat Jan jammer genoeg moet vertrekken (inf. 02978) komt voor: n
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
101 (x04(v)b) Ik weet dat Jan jammer genoeg vertrekken moet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
102 (x04(v)c) Ik weet dat Jan moet jammer genoeg vertrekken (inf. 02978) komt voor: n
103 (x04(v)d) Ik weet dat Jan vertrekken jammer genoeg moet (inf. 02978) komt voor: n
105 (x04(vi)a) Ik weet dat Hans niet mag komen (inf. 02978) komt voor: n
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
106 (x04(vi)b) Ik weet dat Hans niet komen mag (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
107 (x04(vi)c) Ik weet dat Hans mag niet komen (inf. 02978) komt voor: n
110 (x04(vi)d) Ik weet dat Hans komen niet mag (inf. 02978) komt voor: n
112 (x04(vii)a) Ik weet dat Jan varkens wil kopen (inf. 02978) komt voor: n
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
113 (x04(vii)b) Ik weet dat Jan varkens kopen wil (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
114 (x04(vii)c) Ik weet dat Jan wil varkens kopen (inf. 02978) komt voor: n
115 (x04(vii)d) Ik weet dat Jan kopen varkens wil (inf. 02978) komt voor: n
117 (x04(viii)a) Ik weet dat Eddy brood wil eten (inf. 02978) komt voor: n
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
118 (x04(viii)b) Ik weet dat Eddy brood eten wil (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
086 (x04(viii)c) Ik weet dat Eddy morgen wil brood eten (inf. 02978) komt voor: n
121 (x04(viii)d) Ik weet dat Eddy eten brood wil (inf. 02978) komt voor: n
123 (x04(x)a) Eddy moet vroeg kunnen opstaan (inf. 02978) komt voor: n
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
124 (x04(x)b) Eddy moet vroeg opstaan kunnen (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
087 (x04(x)c) Eddy moet kunnen vroeg opstaan (inf. 02978) komt voor: n
126 (x04(x)d) Eddy moet opstaan vroeg kunnen (inf. 02978) komt voor: n
128 (x04(xi)a) Ik zei dat Willy de auto moest verkopen (inf. 02978) komt voor: n
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
129 (x04(xi)b) Ik zei dat Willy de auto verkopen moest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
130 (x04(xi)c) Ik zei dat Willy moest de auto verkopen (inf. 02978) komt voor: n
131 (x04(xi)d) Ik zei dat Willy verkopen de auto moest (inf. 02978) komt voor: n
133 (x05a) Jan heeft geeneen boek meer (inf. 02978) vertaling: Jon hat gin(ien) bûk meer
134 (x05b) Jan en heeft geen boek meer (inf. 02978) vertaling: Jon hat gin bûk meer
135 (x05c) Boeken heeft Jan geen (inf. 02978) vertaling: Bûken hat Jon net
136 (x05d) Jan en heeft niet veel geld niet meer (inf. 02978) vertaling: Jon hat net folle jild meer
144 (x05e) Er mag niemand spreken niet over dit probleem (inf. 02978) vertaling: Der maai nimme/net ien sprekke oer dut probleem
138 (x05f) Er mag niemand spreken over dit probleem niet (inf. 02978) vertaling: Der maai nimmen/net ien sprekke oer dut probleem
139 (x05g) Niemand zegt dat hij komt niet (inf. 02978) vertaling: Nimmen saait dat er komt
140 (x05h) Zitten hier nergens geen muizen? (inf. 02978) vertaling: Sitte hjir earne muozzen?
141 (x05i) Ik geef niets aan een ander niet (inf. 02978) vertaling: Ik jou neat oan in oar
142 (x05j) Niemand wil niet werken niet (inf. 02978) vertaling: Nimmen wol wurkje
143 (x05k) Wij en wisten niet dat hij thuis was (inf. 02978) vertaling: Wij wisten net, dat er tús wji
144a (x05l) Ik wist het niet ook niet (inf. 02978) vertaling: Ik wist it ekkent
145 (x05m) Hij mag met niemand spreken niet over dit probleem (inf. 02978) vertaling: Hij maai mei nimmen/net ien sprekke oer dut probleem
155 (x06) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen (moet) (hebben) (gemaakt) (inf. 02978) vertaling: Jon wit, dat er foar trije ûre de wein makke ha(wwe) mat
156 (x06a) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet hebben gemaakt (inf. 02978) komt voor: n
157 (x06b) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen moet gemaakt hebben (inf. 02978) komt voor: n
158 (x06c) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben moet gemaakt (inf. 02978) komt voor: n
159 (x06d) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen hebben gemaakt moet (inf. 02978) komt voor: n
160 (x06e) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben (inf. 02978) komt voor: n
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
161 (x06f) Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt hebben moet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
162 (x07a) Maries auto is kapot (inf. 02978) vertaling: Marys auto is stikken
163 (x07b) Marie d'r/se(n) auto is kapot (inf. 02978) vertaling: Mari har auto is stikken
164 (x07c) Piets auto is kapot (inf. 02978) vertaling: Pyts auto is stikken
165 (x07d) Piet z'n/se auto is kapot (inf. 02978) vertaling: Pyt syn auto is stikken
166 (x07e) Die mans auto is kapot (inf. 02978) vertaling: Dy mon syn auto is stikken
167 (x07f) Die man zijn/se auto is kapot (inf. 02978) vertaling: Dy mon syn auto is stikken
168 (x07g) Die auto is niet van mij maar van hem (inf. 02978) vertaling: Dy auto is net fan mij mar fan him
169 (x07h) Gisterens krant ligt onder de TV (inf. 02978) vertaling: De kronte fan juster laait ûnder 'e tv
170 (x07i) Jan is Karolien en Kristien se/hun broertje (inf. 02978) vertaling: Jon is Karolyn in Kristyn har bruorke
171 (x07j) Die jongens hun fietsen zijn gestolen (inf. 02978) vertaling: Dy jonges har fytsen bin(ne) stellen
172 (x07k) Die zussen d'r moeder is op bezoek (inf. 02978) vertaling: Dy suskes har mem is op bizite
173 (x07l) Die auto is Wims (inf. 02978) vertaling: Dy auto is Wimmes
opm.: possessieve genitief is -es.
174 (x07m) Die fiets is mijns (inf. 02978) vertaling: Dy fyts is minent
opm.: possessieve genitief is -ent.
178 (x08a) Hij mag met niemand spreken over dit probleem niet (inf. 02978) vertaling: Hy maai maai nimmen sprekke oer dut probleem
179 (x08b) Ik wil niemand niet kwetsen niet (inf. 02978) vertaling: Ik wol nimmen kwetse
180 (x08c) Het is jammer dat wij komen niet en mogen (inf. 02978) vertaling: It is jammer, dat wi net komme maaje
181 (x08d) Dat niet en ga ik doen (inf. 02978) vertaling: Dat gon ik net te dwan
182 (x08e) (Heb je hard gewerkt?) Niet heb ik gewerkt (inf. 02978) vertaling: Ik ha net wurke
183 (x08f) Niet had hij het verteld of Marie begon te huilen (inf. 02978) vertaling: Net hji der it forteld, of Mari begon te gûlen
184 (x08g) Gaan haalt die bestelling nu maar op! (inf. 02978) vertaling: Gon no dy bestelling mar opheljen
185 (x08h) Hij en werkt (inf. 02978) vertaling: Hij wurket net
186 (x08i) Je weet dat niemand hier binnen mag, dus ik verbied je nog een keer om hier niet te komen (inf. 02978) vertaling: Ik ferbied dy om hjir te kommen
187 (x08j) Jan verhinderde dat we Marie niet belden (inf. 02978) vertaling: Jon ferhindere, dat wi Mari bellen
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02978) fragment: te (2)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02978) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02978) fragment: om (1)
188 (x09a) Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om te (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: om (1)
189 (x09b) Het was aardig van Jan om te komen werken (inf. 02978) fragment: te (2)
190 (x09c) Deze ton is zwaar om te dragen (inf. 02978) fragment: te (1)
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02978) fragment: Ast (1)
opm.: Informant heeft 'je' doorgestreept.
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02978) fragment: (2)
opm.: Informant heeft 'je' doorgestreept.
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02978) fragment: (2)
opm.: Informant heeft 'je' doorgestreept.
191 (x09d) ...... je met ons mee wilt ...... moet je nu je jas aan doen (inf. 02978) fragment: Ast (1)
opm.: Informant heeft 'je' doorgestreept.
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02978) fragment: (1)
opm.: Informant heeft 'zijn' vertaald als 'wêzen'.
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02978) fragment: (1)
opm.: Informant heeft 'zijn' vertaald als 'wêzen'.
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02978) fragment: te (2)
opm.: Informant heeft 'zijn' vertaald als 'wêzen'.
192 (x09e) We hopen allemaal van op tijd thuis te zijn (inf. 02978) fragment: te (2)
opm.: Informant heeft 'zijn' vertaald als 'wêzen'.
193 (x09f) Dat is zo zeker als één en één twee is (inf. 02978) fragment: at (1)
194 (x09g) Ik denk niet dat wij rijker zijn ......... Marie (inf. 02978) fragment: os (1)
195 (x09h) Jullie hebben meer tijd ......... wij (inf. 02978) fragment: os (1)
196 (x09i) Wij hebben meer tijd ......... jij (inf. 02978) fragment: os (1)
opm.: Informant vertaalt 'jij' als 'do'.
197 (x09j) Is Jan even oud als jij? (inf. 02978) fragment: os (1)
opm.: Informant vertaalt 'jij' als 'do'.
199 (x09k) Hij staat te zeuren (inf. 02978) fragment: te (1)
198 (x09l) Hij kan staan zeuren (inf. 02978) fragment: te (1)
200 (x09m) Toen we aankwamen regende het (inf. 02978) fragment: Dû't (1)
opm.: Enclitisch voegwoord 't
201 (x09n) Jan zei ......... hij wou meegaan (inf. 02978) komt voor: n
202 (x09o) Hij deed of hij haar niet zag (inf. 02978) fragment: (0)
opm.: Informant vertaalt zin: hij die, at er har net sêch
203 (x09p) Ik weet niet of hij komt (inf. 02978) fragment: at (1)
204 (x10a) Ik weet dat jullie op niemand boos zijn (inf. 02978) vertaling: Ik wit, dat jim op nimmen lilk binne
205 (x10b) Ik weet dat zij op niets trots is (inf. 02978) vertaling: Ik wit, dat se op neat grutsk is
206 (x10c) Els denkt dat 't niet gemakkelijk is (inf. 02978) vertaling: Els tinkt, dat it net gemakkelik is
207 (x10d) Ik weet dat ik te laat ben en jij niet (inf. 02978) vertaling: Ik wit, dat ik te let bin in do net
208 (x10e) Je weet toch dat jij moet werken en ik niet (inf. 02978) vertaling: Do wist doch, dat do wurkje mat in ik net
opm.: Ontbreken van 2.p.sg.-vervoeging op voegwoord en werkwoord vertrouw ik niet. HW
209 (x10f) Iedereen denkt dat wij naar huis gaan en dat zij nog mogen blijven (inf. 02978) vertaling: Iderien tinkt, dat wij nai hûs gonne in dat sij na bljouwe maaje
210 (x10g) Het is jammer dat hij komt en dat zij weggaat (inf. 02978) vertaling: It is spitich, dat hij komt en dat sij fuot gjit
211 (x10h) Ik denk dat Lisa ziek is (inf. 02978) vertaling: Ik tink, at Liza siik is
213 (x10i) Ik denk dat Pieter en Liesje gaan trouwen (inf. 02978) vertaling: Ik tink, at Piter in Lyske trouwen gonne
226 (y01(i)a) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij en doet (inf. 02978) komt voor: n
227 (y01(i)b) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: Hij doet (inf. 02978) komt voor: n
228 (y01(i)c) Persoon A vraagt: Hij slaapt; persoon B antwoordt: 't Doet (inf. 02978) komt voor: n
230 (y01(ii)a) A: Hij zal niet komen B: Hij en doet (inf. 02978) komt voor: n
231 (y01(ii)b) A: Hij zal niet komen B: Hij doet (inf. 02978) komt voor: n
232 (y01(ii)c) A: Hij zal niet komen B: 't doet (inf. 02978) komt voor: n
234 (y01(iii)a) A: Slaapt hij? B: Ja, hij doet (inf. 02978) komt voor: n
235 (y01(iii)b) A: Slaapt hij? B: Ja, dat doet hij (inf. 02978) komt voor: n
236 (y01(iii)c) A: Slaapt hij? B: Ja, hij en doet (inf. 02978) komt voor: n
237 (y01(iii)d) A: Slaapt hij? B: Ja, hij slaapt (inf. 02978) komt voor: n
238 (y01(iii)e) A: Slaapt hij? B: Nee, hij doet niet (inf. 02978) komt voor: n
240 (y01(iii)g) A: Slaapt hij? B: Nee, hij en doet niet (inf. 02978) komt voor: n
241 (y01(iii)h) A: Slaapt hij? B: Nee, hij slaapt niet (inf. 02978) komt voor: n
242 (y01(iii)i) A: Slaapt hij? B: 't Doet (inf. 02978) komt voor: n
243 (y01(iii)j) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Ie doet (inf. 02978) komt voor: n
244 (y01(iii)k) Persoon A vraagt: Slaapt hij?; persoon B antwoordt: Toetoet (inf. 02978) komt voor: n
245 (y01(iv)a) De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen; Branden doet de lamp niet meer (inf. 02978) komt voor: n
246 (y01(iv)b) Doet Marie elke avond dansen? (inf. 02978) komt voor: n
247 (y01(iv)c) Doe het brood even snijden! (inf. 02978) komt voor: n
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 02978) fragment: dêr't de mem (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 02978) fragment: jiester (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 02978) fragment: jiester (1)
249 (y02a) De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij (inf. 02978) fragment: dêr't de mem (1)
250 (y02b) De bank waar ze op zaten was pas geverfd. (inf. 02978) fragment: dêr't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
251 (y02c) De bank ...... op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 02978) komt voor: n
252 (y02d) De bank op ...... ze zaten is pas geverfd. (inf. 02978) komt voor: n
253 (y02e) Op zondag gingen we met heel de familie naar zee, wat heel leuk was. (inf. 02978) fragment: wat (1)
opm.: Informant geeft vertaling: Op snein gienen wy mei hiel de femylje nei sé, wat hiel aerdich wji.
254 (y02f) Dat is een man die je nooit in een café zult aantreffen (inf. 02978) fragment: dyst (1)
opm.: Waarschijnlijk gereduceerd enclitisch voegwoord. Niet langer zichtbaar, maar wel door de 2.p.ev.-vervoeging.
255 (y02g) In het dorp waar ik woon staat een oud kerkje (inf. 02978) fragment: wêr't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
256 (y02h) Op de dag dat we aankwamen regende het (inf. 02978) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
258 (y02i) Dat is iets wat ik niet graag doe (inf. 02978) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
257 (y02j) Dat is iets wat heel mooi is (inf. 02978) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
259 (y02k) Wie geld heeft moet mij maar wat geven (inf. 02978) fragment: Dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
260 (y03a) Wat denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02978) vertaling: Wa tinkst dat ik yn 'e stêd ûntmoete ha?
261 (y03b) Wat denken jullie hoe ze het hebben opgelost? (inf. 02978) vertaling: Hoe tinke jim dat se it oplost ha?
265 (y03c) Hoe denk je hoe ze het hebben opgelost? (inf. 02978) vertaling: Hoe tinkst dat se it opgelost ha
opm.: opgelost moet oplost zijn. Fout is ontstaan doordat informant de vertaling over de originele zin heeft heengeschreven.
263 (y03d) Magda weet niet wie dat wij willen bellen (inf. 02978) vertaling: Magda wit net wa't wij opbelje wolle
opm.: enclitisch voegwoord 't aanwezig
264 (y03e) Weet iemand wie of dat wij geroepen hebben? (inf. 02978) vertaling: Wit immen wa't wij roppen ha
262 (y03f) Wie denk je wie ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02978) vertaling: Wa tinkst dat ik yn 'e stêd ontmoete ha?
266 (y03g) Wie denk je die ik in de stad ontmoet heb? (inf. 02978) vertaling: Wa tinkst dat ik yn 'e stêd ontmoete ha?
267 (y04a) Hij heeft zijn handen gewassen (inf. 02978) vertaling: Hy hat syn hânnen wosken
268 (y04b) Hij heeft zijn hemd gewassen (inf. 02978) vertaling: Hy hat syn himd wosken
269 (y04c) Hij heeft een hoed op het hoofd (inf. 02978) vertaling: Hy hat in hoed op 'e holle
270 (y04d) Hij heeft een vlek op zijn hemd (inf. 02978) vertaling: Hy hat in flek op syn himd
271 (y04e) Hij heeft zijn been gebroken (inf. 02978) vertaling: Hy hat syn skonk brutsen
272 (y04f) Zij heeft zich pijn gedaan (inf. 02978) vertaling: Sy hat har pine dien
opm.: reflexief: haar
273 (y04g) Marie trok de deken naar zich toe (inf. 02978) vertaling: Mari loek de tekken nai har ta
opm.: reflexief: haar
051 (y04h) Luc weet dat er foto's van hemzelf te koop zijn (inf. 02978) vertaling: Lúk wit, dat d'r foto's fan himsels te keap binne
274 (y04i) Jij herinnert je toch wel dat we toen door dat bos heen zijn gelopen? (inf. 02978) vertaling: Dou herinnerst dy doch al, dat wy doe tro dat bosk hinne ron binne?
opm.: dy = dich? of je reflexief: dich of reflexief: je
277 (y04j) Ik herinner me dat de auto van Marie kapot was. (inf. 02978) vertaling: Ik herinnery my, dat de auto fan Mari stikken wji
opm.: reflexief: me
280 (y04k) Zij herinnert zich dat hij als een varken zat te eten (inf. 02978) vertaling: Sy herinnert har, dat er os in barch siet te iten
opm.: reflexief: haar
283 (y04l) Wij herinneren ons wel dat al Jan zijn boeken gestolen waren, maar zij herinneren het zich niet (inf. 02978) vertaling: Wi herinnerje ús, dat ol Jon syn boeken stellen wjinnen, mar se herinnerje it har net.
opm.: reflexief: ons reflexief: haar 3e.p.ev. i.p.v. 3e.p.mv
286 (y04m) Herinneren jullie je nog dat we Jan op de markt gezien hebben? (inf. 02978) vertaling: Herinnerje jim jim na, dat wy Jon op 'e merk sjoen ha?
opm.: reflexief: je
289 (y04n) Hij heeft zich een ongeluk gewerkt (inf. 02978) vertaling: Hy hat him in ûngelok wurke/skript
opm.: reflexief: hem
290 (y04o) Hij voelde zich door het ijs zakken (inf. 02978) vertaling: Hy fielde him troch it iis sakjen
opm.: reflexief: hem
295 (y05) Zou hij dat (gedaan/doen) (hebben) (gekund)? (inf. 02978) vertaling: Soe hij dat dwaen kinnen hawwe?
877 (y05(i)) Hij heeft dat nooit gekund (inf. 02978) fragment: kinnen (1)
878 (y05(ii)) Hij heeft dat nooit gedaan (inf. 02978) fragment: dien (1)
296 (y05(iii)a) Zou hij dat gedaan hebben gekund? (inf. 02978) komt voor: n
297 (y05(iii)b) Zou hij dat gedaan gekund hebben? (inf. 02978) komt voor: n
298 (y05(iii)c) Zou hij dat hebben gekund gedaan? (inf. 02978) komt voor: n
299 (y05(iii)d) Zou hij dat hebben gedaan gekund? (inf. 02978) komt voor: n
300 (y05(iii)e) Zou hij dat gekund hebben gedaan? (inf. 02978) komt voor: n
301 (y05(iii)f) Zou hij dat gekund gedaan hebben? (inf. 02978) komt voor: n
302 (y05(iii)g) Zou hij dat hebben gekund doen? (inf. 02978) komt voor: n
303 (y05(iii)h) Zou hij dat hebben doen gekund? (inf. 02978) komt voor: n
304 (y05(iii)i) Zou hij dat doen hebben gekund? (inf. 02978) komt voor: n
305 (y05(iii)j) Zou hij dat doen gekund hebben? (inf. 02978) komt voor: n
306 (y05(iii)k) Zou hij dat gekund doen hebben? (inf. 02978) komt voor: n
307 (y05(iii)l) Zou hij dat gekund hebben doen? (inf. 02978) komt voor: n
330 (y07a) Lopentere kwam ik hem tegen (inf. 02978) komt voor: n
331 (y07b) Ik heb heel wat lopen gedaan (inf. 02978) komt voor: n
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 02978) vertaling: Ik wur no wurch, dat ik hôd der mar mai op
komt voor: j
332 (y07c) Ik word nu moe, dat ik hou er maar mee op (inf. 02978) vertaling: Ik wur no wurch, dat ik hôd der mar mai op
komt voor: j
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 02978) vertaling: hij die him foar, dat (os at) er krekt út bêd kaam
komt voor: j
333 (y07d) Hij deed zich voor dat hij net uit zijn bed kwam (inf. 02978) vertaling: hij die him foar, dat (os at) er krekt út bêd kaam
komt voor: j
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 02978) vertaling: de ferwer is hjir west te ferwjen
komt voor: j
334 (y07e) De schilder is hier geweest te schilderen (inf. 02978) vertaling: de ferwer is hjir west te ferwjen
komt voor: j
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 02978) vertaling: Gjist nai hûs, tinkst?
komt voor: j
opm.: dav
335 (y07f) Ga je naar huis denk? (inf. 02978) vertaling: Gjist nai hûs, tinkst?
komt voor: j
opm.: dav
336 (y08a) In die tijd leefde ik erop los (inf. 02978) vertaling: Yn dy tiid libbe ik derop los
337 (y08b) Vroeger leefde hij als een beest (inf. 02978) vertaling: Frûger libbe der os in bist
338 (y08c) Daar leefden wij als god in Frankrijk (inf. 02978) vertaling: Der libben wy os God yn Frankryk
339 (y08d) Niemand mag het zien, dus ik vind dat jij het ook niet mag zien (inf. 02978) vertaling: Nimmen mai it sjin, dus ik fyn, dasto it ek net sjin maist
340 (y08e) Het gebeurde toen je wegging (inf. 02978) vertaling: It barde, dûsto fuotgiest
341 (y08f) Ik weet waar je geboren bent (inf. 02978) vertaling: Ik wit, westo binne bist
opm.: twijfelgeval status westo, waarschijnlijk enclitisch voegwoord 't
342 (y08g) Nu je klaar bent, mag je gaan (inf. 02978) vertaling: Noost klear bist, maist gean
opm.: waarschijnlijk enclitisch voegwoord 't
343 (y08h) Doordat Marie overleden was, heeft haar man Anna niet meer kunnen helpen (inf. 02978) vertaling: Troddat Mari stoan wji, hat har mon Oantsje net mear helpe kinnen
346 (y09) Ik weet dat hij (is) (gaan) (zwemmen) (inf. 02978) vertaling: Ik wit dat hij te swimmen gien is
347 (y09a) Ik weet dat hij is gaan zwemmen (inf. 02978) komt voor: n
348 (y09b) Ik weet dat hij is zwemmen gaan (inf. 02978) komt voor: n
349 (y09c) Ik weet dat hij gaan is zwemmen (inf. 02978) komt voor: n
350 (y09d) Ik weet dat hij gaan zwemmen is (inf. 02978) komt voor: n
351 (y09e) Ik weet dat hij zwemmen is gaan (inf. 02978) komt voor: n
352 (y09f) Ik weet dat hij zwemmen gaan is (inf. 02978) komt voor: n
opm.: Informant geeft aan dat 'te' tussen 'hij' en 'zwemmen' moet staan.
353 (y10a) Persoon A vraagt: Wil je nog koffie, Jan? Jan antwoordt: Ja'k (inf. 02978) vertaling: Ja ik
opm.: Informant heeft ja 'k doorgestreept
354 (y10b) Gaat ze dansen? Jase (inf. 02978) komt voor: n
355 (y10c) Persoon A vraagt: Hebben ze gegeten? Persoon B antwoordt: Jaanze (inf. 02978) komt voor: n
356 (y10d) Is het huis te koop? Jaa't (inf. 02978) komt voor: n
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 02978) vertaling: Wa dat?
komt voor: j
357 (y10e) A: Er komt morgen iemand langs. B: Wie dat? (inf. 02978) vertaling: Wa dat?
komt voor: j
359 (y11a) Met zulk weer je kunt niet veel doen (inf. 02978) komt voor: n
360 (y11b) Als het kermis is de mensen komen buiten (inf. 02978) komt voor: n
361 (y11c) Ik wil hem nooit meer zien want hij mij bedrogen heeft (inf. 02978) komt voor: n
362 (y11d) Ik wil hem nooit meer zien omdat hij heeft mij bedrogen (inf. 02978) komt voor: n
363 (y11e) Jij gaat naar het voetbal kijken met ik (inf. 02978) komt voor: n
365 (y11f) Hem is dood (inf. 02978) komt voor: n
364 (y11g) Is hem dood? (inf. 02978) komt voor: n
366 (y11h) Haar is ziek (inf. 02978) komt voor: n
367 (y11i) Is haar ziek? (inf. 02978) komt voor: n
368 (y11j) Met hij/hem te werken moest zij de hele dag thuis blijven (inf. 02978) komt voor: n
369 (y11k) Met het te sneeuwen konden we de stad niet uit (inf. 02978) komt voor: n
370 (z01a) Dat is de man die ze geroepen hebben (inf. 02978) fragment: dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
371 (z01b) Dat is de man die het verhaal heeft verteld (inf. 02978) fragment: dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02978) fragment: dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02978) fragment: dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02978) fragment: (2)
opm.: enclitisch voegwoord
372 (z01c) Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld (inf. 02978) fragment: (2)
opm.: enclitisch voegwoord
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02978) fragment: (2)
opm.: enclitisch voegwoord 't
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02978) fragment: dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02978) fragment: dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
373 (z01d) Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben (inf. 02978) fragment: (2)
opm.: enclitisch voegwoord 't
374 (z01e) De mannen ... ik mee gesproken heb, zitten daar (inf. 02978) fragment: dêr't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
375 (z01f) De mannen met ... ik gesproken heb zitten daar (inf. 02978) fragment: (0)
opm.: 'met' doorgestreept en vervangen door: der't
376 (z01g) De mannen ... mee ik gesproken heb zitten daar (inf. 02978) komt voor: n
377 (z01h) Dat is een huis ... ik wel zou willen hebben (inf. 02978) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
379 (z01i) Daar loopt de lerares ... het gedaan heeft (inf. 02978) fragment: dy't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
380 (z01j) Dat is het huis dat ik gekocht heb (inf. 02978) fragment: dat (1)
opm.: twijfelgeval D-woord of voegwoord
381 (z01k) Wie te laat komt, moet op de bank zitten (inf. 02978) fragment: Wa't (1)
opm.: enclitisch voegwoord 't
382 (z01l) De vrouw ... vader vorig jaar gestorven is, is gisteren getrouwd (inf. 02978) fragment: dy har (1)
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 02978) vertaling: Pyt tinkt dat Jon en Mari op nimmen lilk binne
betekenis: negative concord
384 (z02a) Piet denkt dat Jan en Marie op niemand niet boos zijn (inf. 02978) vertaling: Pyt tinkt dat Jon en Mari op nimmen lilk binne
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 02978) vertaling: Wim tinkt dat wy nea immen in prys jowe
betekenis: negative concord
385 (z02b) Wim denkt dat we nooit niemand een prijs geven (inf. 02978) vertaling: Wim tinkt dat wy nea immen in prys jowe
betekenis: negative concord
386 (z02c) Het is waar dat ze mogen niet met Marie praten (inf. 02978) vertaling: It is wier, dat se nei mai Mary prate maaje
389 (z03a) A: Waar groeit het geld aan de bomen? B: Nergens niet (inf. 02978) vertaling: nearne
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 02978) vertaling: nimmen
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 02978) vertaling: net ien
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 02978) vertaling: net ien
388 (z03b) A: Wie heeft de auto meegenomen? B: Niemand niet (inf. 02978) vertaling: nimmen
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 02978) vertaling: nea
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 02978) vertaling: nea
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 02978) vertaling: noait
387 (z03c) Persoon A vraagt: Wanneer zal de wereldvrede komen? Persoon B antwoordt: Nooit niet (inf. 02978) vertaling: noait
390 (z03d) A: Wat is rond en vierkant tegelijk? B: Niets niet (inf. 02978) vertaling: in breedtegraad of in lingtegraad plus syn forlinge oer de poalen
391 (z03e) A: Welke koeien heeft hij gemolken? B: Geen enkele niet (inf. 02978) vertaling: gjinnent
000 (z03opm) (inf. 02978) opm. inf.: bv de nullijn van Greenwich + de 180ste lengtegraad zijn samen een cirkel
392 (z04a) Zeg hem niet dat ik naar buiten ben geweest! (inf. 02978) vertaling: Sees him net, dat ik naai buotten west bin
393 (z04b) Niet vertellen dat je een cadeau voor hem hebt gekocht, hoor! (inf. 02978) vertaling: Net fortelle, dast in kado foar him kocht hast, jer!
394 (z04c) Weet je niet dat hij gevallen is? (inf. 02978) vertaling: Wist net, dat er fôlen is?
399 (z05a) Wendy probeerde om niemand pijn te doen (inf. 02978) vertaling: W. besocht om nimmen sear/pine te dwan
397 (z05b) 't Schijnt dat ze niets mag eten (inf. 02978) vertaling: It skynt, dat se neat ite maai
398 (z05c) Ze schijnt niets te mogen eten (inf. 02978) vertaling: Se skynt neat ite te maaien
399a (z05d) Ze proberen al de hele dag om elkaar op te bellen (inf. 02978) vertaling: Se besykje ol de hele daai om inoar op te beljen
400 (z05e) Het belooft weer een mooie dag te worden (inf. 02978) vertaling: It belooft wer in mooje daai te wurren
401 (z05f) 't Is misschien beter om nog even te wachten (inf. 02978) vertaling: It is miskjin better om na efkes te wachtsjen
402 (z05g) We hadden 't geluk om hem direct terug te vinden (inf. 02978) vertaling: Wy hjinnen it gelok him derekt werom te finen
404 (z06a) Als de kippen een valk zien, zijn ze bang (inf. 02978) vertaling: At de hinnen in folk sjugge, binne se bang
405 (z06b) Als we de aardappelen niet kunnen verkopen, zitten we in de problemen (inf. 02978) vertaling: At wy de jerappels net ferkeapje kinne, sitte wy yn de problemen
406 (z06c) Als jullie hem niet meenemen word ik kwaad (inf. 02978) vertaling: At jim him net maainimme, wur ik lilk
407 (z06d) Hij wist he(n)t (inf. 02978) vertaling: Hij wist it
408 (z06e) Op dit feest wordt er veel gedanst (inf. 02978) vertaling: Op dut feest wut der in bulte dânse
409 (z06f) Nu wordt er alleen nog maar brood verkocht in die winkel (inf. 02978) vertaling: No wut der ollinne na mar bôle ferkocht yn dy winkel
410 (z06g) Als hij met de fiets komt, zal hij wel laat zijn (inf. 02978) vertaling: At er maai de fyts komt, sil der wol let wêze
412a (z06h) Als je tijd hebt, kom dan eens een keertje langs (inf. 02978) vertaling: Ast tiid hast, kom dan es in kearke lâns
413a (z06i) Als ik rijk ben, koop ik een dure auto (inf. 02978) vertaling: At ik ryk bin, keapje ik in djûre auto
000 (z06opm) (inf. 02978) opm. inf.: djûre = djoere
881 (z07(i)) Ik weet dat (ge)(je) 't (gij)(jij) gedaan hebt (inf. 02978) komt voor: n
417 (z07(ii)a) Misschien ga'k 'et (e)(k)ik wel krijgen (inf. 02978) komt voor: n
418 (z07(ii)b) Durfder gij op duwen? (inf. 02978) komt voor: n
419 (z07(ii)c) Durfdeme gij uitnodigen? (inf. 02978) komt voor: n
420 (z07(ii)d) Durfdeze gij uitnodigen? (inf. 02978) komt voor: n
421 (z07(ii)e) Is hij Pol hier geweest? (inf. 02978) komt voor: n
422 (z07(ii)f) Hoe heeft hij Pol dat opgelost? (inf. 02978) komt voor: n
423 (z07(ii)g) Heb je me jij die brief opgestuurd? (inf. 02978) komt voor: n
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 02978) vertaling: Ik ha 'm it jown
komt voor: j
424 (z07(ii)h) Ik heb hem het gegeven (inf. 02978) vertaling: Ik ha 'm it jown
komt voor: j
425 (z07(ii)i) Ze leeft zij op water en brood deze week (inf. 02978) komt voor: n
431 (z08) Marie heeft gezegd dat jij (een liedje) (hebt) (geprobeerd) (te zingen) (inf. 02978) vertaling: Mari hat sain, dastou besocht hast in liedtsje te sjongen
opm.: Mari hat sain, dasto besocht hast in liedtsje te sjongen
549 (z08(v)) Marie heeft gezegd dat jij haar hebt geprobeerd een boek te geven (inf. 02978) vertaling: Mari hat sain, dasto besocht hast, har in bûk te jaan
543a (z08a) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt geprobeerd te zingen (inf. 02978) komt voor: n
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
546 (z08b) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd hebt te zingen (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
537 (z08c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje geprobeerd te zingen hebt (inf. 02978) komt voor: n
604a (z08d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen geprobeerd (inf. 02978) komt voor: n
547 (z08e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen geprobeerd hebt (inf. 02978) komt voor: n
543 (z08f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt geprobeerd (inf. 02978) komt voor: n
440 (z09a) Die van de stad, die hebben hier veel huizen gebouwd (inf. 02978) vertaling: Di fan 'e stêd, di ha hjir in bulte huzen boud
441 (z09b) Aan die nieuwe vaart, daar zie je geen mens meer (inf. 02978) vertaling: Oan di nije feat, der sjugge Jo gin minsk mear
442 (z09c) Gisteren die is Jan hier geweest (inf. 02978) vertaling: Juster is Jon hjir west
443 (z09d) De dag dat Jan belde, was ik niet thuis (inf. 02978) vertaling: De daai, dat Jon belle, wji ik net thús
444 (z09e) Jef, die zou ik nooit uitnodigen (inf. 02978) vertaling: Jef, di soe ik neat útnûgje
445 (z09f) Marie, die zou zoiets nooit doen (inf. 02978) vertaling: Mari, di soe soks nea dwan
446 (z09g) Bert, die drinkt wel eens een glas te veel (inf. 02978) vertaling: Bert, di drinkt wol es in glês tefolle
447 (z09h) Martha, die zou ik wel eens bij mij thuis willen uitnodigen (inf. 02978) vertaling: Matte, di soe ik wol es bij mi thús útnûgje wolle
448 (z09i) Dat huis, dat zou ik nooit willen kopen (inf. 02978) vertaling: Dat hûs, dat soe ik nea keapje wolle
449 (z09j) Dat huis, dat staat daar al vijftig jaar (inf. 02978) vertaling: Dat hûs, dat stjit der ol fyftich (j)ier
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
451 (z10(i)a) Ze zijn naar de markt geweest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 2
452 (z10(i)b) Ze hebben naar de markt geweest (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 2
453 (z10(i)c) Ze zijn/hebben geweest naar de markt (inf. 02978) komt voor: n
454 (z10(i)d) Ze hebben geweest naar de markt (inf. 02978) komt voor: n
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
456 (z10(ii)a) Hij heeft zijn kinderen op de tractor gezet (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
457 (z10(ii)b) Hij heeft zijn kinderen gezet op de tractor (inf. 02978) komt voor: n
458 (z10(ii)c) Hij heeft gezet zijn kinderen op de tractor (inf. 02978) komt voor: n
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
461 (z10(iii)a) Hij heeft zijn voorgevel helemaal wit geschilderd (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
462 (z10(iii)b) Hij heeft zijn voorgevel geschilderd helemaal wit (inf. 02978) komt voor: n
464 (z10(iii)c) Hij heeft geschilderd zijn voorgevel helemaal wit (inf. 02978) komt voor: n
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
466 (z10(iv)a) Mijn vrouw kan dialect spreken (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
467 (z10(iv)b) Mijn vrouw kan spreken dialect (inf. 02978) komt voor: n
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
469 (z10(v)a) Gunther heeft Annemie naar huis gebracht (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
470 (z10(v)b) Gunther heeft Annemie gebracht naar huis (inf. 02978) komt voor: n
471 (z10(v)c) Gunther heeft gebracht Annemie naar huis (inf. 02978) komt voor: n
472 (z11a) En heeft Gunther gebeld? (inf. 02978) vertaling: Hat Gunther belle?
473 (z11b) En pas op! (inf. 02978) vertaling: Pas op!
474 (z11c) 't En was maar net goed genoeg (inf. 02978) vertaling: It wji mar krekt goed genôch
475 (z11d) Marjo heeft nu meer koeien dan ze vroeger en had (inf. 02978) vertaling: Marjo hat no mear kij osat se froeger hji
476 (z11e) Als Susanne en had kunnen komen dan had ze dat gedaan (inf. 02978) vertaling: At S. komme kinnen hji, da hji se dat dien
477 (z11f) Zij is de beste dokter die ik en ken (inf. 02978) vertaling: Sy is de bêste dokter, dy't ik kin
478 (z11g) Voor je iets en weggooit, moet je even bellen (inf. 02978) vertaling: Foar ast wat fuotsmyst, mast efkes belje
479 (z11h) Hier is alles wat ik gekregen en heb (inf. 02978) vertaling: Hjir is olles, wat ik krigen ha
480 (z11i) Jan en is te gierig om iets aan z'n kinderen te geven (inf. 02978) vertaling: Jon is te gierich om wat oan syn bin te jan
481 (z11j) Alsof jij iets van voetballen en weet! (inf. 02978) vertaling: Osat do eat fan fuotboljen wist!
482 (z11k) Dat boek leg neer! (inf. 02978) vertaling: Lees dat bûk del!
483 (z11l) Als je echt niet kunt wachten, dan kom maar (inf. 02978) vertaling: Ast echt net wachtsje kinst, kom dan mar
488 (z12a) Ik weet dat Jan de dokter had kunnen roepen (inf. 02978) vertaling: Ik wit, da Jon de dokter roppe kinnen hji
489 (z12b) Ik weet dat Jan de dokter kon geroepen hebben (inf. 02978) vertaling: Ik wit, da Jon de dokter roppe kinnen hji
490 (z12c) Hij zei dat ik het had moeten doen (inf. 02978) vertaling: Hy saai, dat ik it dwan matte hji
491 (z12d) Hij zei dat ik het moest gedaan hebben (inf. 02978) vertaling: Hy saai, dat ik it dwan matte hji
492 (z12e) Hij is vorige week door dokter Mertens geopereerd (inf. 02978) vertaling: Hij is foarige wike troch dokter M opereare
493 (z12f) Hij wordt morgen door dokter Mertens geopereerd (inf. 02978) vertaling: Wij wut moarn troch dokter M opereare
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 02978) vertaling: Ik tinkt, ast in bult fuotsmite matte suost
positie: 1
495 (z13a) Ik denk dat je veel weg zou moeten gooien/Ik denk dat je veel zou weg moeten gooien/Ik denk dat je veel zou moeten weg gooien (inf. 02978) vertaling: Ik tinkt, ast in bult fuotsmite matte suost
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 02978) vertaling: It is dom om sokke djûre dinge fuot te smiten
positie: 1
496 (z13b) Het is dom om zulke dure dingen (weg) te (weg) gooien (inf. 02978) vertaling: It is dom om sokke djûre dinge fuot te smiten
positie: 1
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 02978) vertaling: Hij is olle stikkene spullen oan it weismiten
positie: 2
497 (z13c) Hij is alle kapotte spullen (weg) aan het (weg) gooien (inf. 02978) vertaling: Hij is olle stikkene spullen oan it weismiten
positie: 2
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 02978) vertaling: Ik fyn, dast faker krontlêze matte suost
positie: 3
498 (z13d) Ik vind dat je vaker (de krant) zou (de krant) moeten (de krant) lezen (inf. 02978) vertaling: Ik fyn, dast faker krontlêze matte suost
positie: 3
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 02978) vertaling: It is dom om yn it donker te krontlêzen
positie: 2
499 (z13e) Het is dom om in het donker (de krant) te (de krant) lezen (inf. 02978) vertaling: It is dom om yn it donker te krontlêzen
positie: 2
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 02978) vertaling: Hij is de hele daai oan it kronlêzen
positie: 2
500 (z13f) Hij is de hele dag (de krant) aan het (de krant) lezen (inf. 02978) vertaling: Hij is de hele daai oan it kronlêzen
positie: 2
509 (z14a) Ze heeft dat probleem aan hem laten oplossen (inf. 02978) fragment: door (1)
opm.: Informant maak zin in het Nederlands af.
512 (z15a) Zo'n ding een(e) heb ik nog nooit gezien! (inf. 02978) komt voor: n
513 (z15b) Zo een vrouw een(e) kun je maar beter niet tegenspreken (inf. 02978) komt voor: n
514 (z15c) Zo een mens een(e) heeft altijd wat om over te klagen (inf. 02978) komt voor: n
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 02978) vertaling: Do bist ek in nuverenien
komt voor: j
515 (z15d) Jij bent ook een rare een(e) (inf. 02978) vertaling: Do bist ek in nuverenien
komt voor: j
516 (z16a) Robert heeft één groene appel weggegeven, en nu heeft hij er nog twee rode (inf. 02978) vertaling: Robbet hat ien griene apel waaijûn en no hat er na twa reade
412 (z16b) Er waren veel mensen op het feest (inf. 02978) vertaling: Der wjinnenin bulte minsken op it feest
413 (z16c) Jammer dat ik gisteren niet kon komen. Waren er veel mensen op het feest? (inf. 02978) vertaling: Wjinnen der in protte minsken op it feest?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02978) vertaling: Wat foar bûken hast kocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02978) vertaling: Wat foar bûken hast kocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02978) vertaling: Wat hast foar bûken kocht?
520 (z16d) Wat voor boeken heb je gekocht? (inf. 02978) vertaling: Wat hast foar bûken kocht?
521 (z16e) Hij woont bij Marietje (inf. 02978) vertaling: Hij winnet bij M
522 (z16f) Hij woont bij Wim (inf. 02978) vertaling: Hij winnet bij Wim
523 (z16g) Loop even naar de bakker, Wim! (inf. 02978) vertaling: Rin even nei de bakker, Wim!
524 (z16h) Wie heb je gezien? (inf. 02978) vertaling: Wa hast sjoen?
525 (z16i) Wie heeft jou gezien? (inf. 02978) vertaling: Wa hat dij sjoen?
527 (z16j) Had ik dat geweten dan had ik het niet gedaan (inf. 02978) vertaling: Hji ik dat witten, dan hji ik it net dien
528 (z16k) 't Zou beter zijn om nog even te wachten (inf. 02978) vertaling: It soe better wêze om na efkes te wachtsjen
882 (z16l) Gelukkig had Jan de dokter gebeld en die was er al heel gauw (inf. 02978) vertaling: Lokkich hji Jon de dokter belle en dy wji der ol heel gau
883 (z16m) Loop nou toch door, vervelende jongens! (inf. 02978) vertaling: Rin no doch troch, ferfelende jonges!
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
538 (z17a) Marie heeft gezegd dat jij geprobeerd hebt een liedje te zingen (inf. 02978) komt voor: j
gebr.: 5
534 (z17b) Marie heeft gezegd dat jij hebt proberen een liedje te zingen (inf. 02978) komt voor: n
544 (z17c) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt proberen te zingen (inf. 02978) komt voor: n
545 (z17d) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen hebt te zingen (inf. 02978) komt voor: n
536 (z17e) Marie heeft gezegd dat jij een liedje proberen te zingen hebt (inf. 02978) komt voor: n
605a (z17f) Marie heeft gezegd dat jij een liedje hebt te zingen proberen (inf. 02978) komt voor: n
548 (z17g) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen proberen hebt (inf. 02978) komt voor: n
542 (z17h) Marie heeft gezegd dat jij een liedje te zingen hebt proberen (inf. 02978) komt voor: n

interview mondelinge enquête

sprekertekstcommentaar 
commentaar[meta][k]B007p[/k][h]331[/h][i]332[/i][vw]HW[/vw][t]AH[/t][/meta]  sound
hulpinterviewer [v=018] Ze weet niet dat marie gisteren gestorven is? [/v] sound
informant [a] Se weet net dat marie juster stoarn is. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v] Se wit net dat marie juster is stoarn? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] En se weet net dat marie juster stoarn hat? [/v] sound
informant [a=n] Nee nee nee nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=022] Der wil net ien net dansje. [/v] tagging sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=023] Pytsje wil net dansje en se wil net zinge ook niet? [/v] sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=025] Niemand heeft dat ooit gewild of gekund? [/v] sound
hulpinterviewer . sound
informant [a] Net een diet dat wollen en kind hat. [/a]

die t
tagging sound
informant [a] Ik soe eerder kinnen en wollen zegge. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=026] Jan had het hele brood wel willen opeten? [/v] sound
informant [a] Jan hie de hele bole wel opete wollen. [/a]

op ete
tagging sound
veldwerker [v] Jan hie de hele bole wel wolle op ete? [/v] sound
informant [a=n] Nee dus. [/a] sound
hulpinterviewer [v=027] Vertel maar niet wie zij had kunnen roepen? [/v] sound
informant [a] Zeg maar net waatse roepe kinnen hie. [/a]

wa t se
tagging sound
hulpinterviewer [v=028] Vertel mijris waat sij hie kinne roepe? [/v]

mij ris wa t
sound
informant [a=n] Roepe kinnen hie. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=029] Vertel mij ris wa at sij roepe kind hie? [/v] sound
informant [a=n] Waat se roepe kinnen hie. [/a]

wa t
tagging sound
hulpinterviewer [v=028] Vertel mij ris wa dat sij roepe kinnen hie? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a=j] Vertel mie ris wa at se dan al roppen hie. [/a] tagging sound
informant [a] Wa dat se al roepe kinne hie. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Kan it dan ook van sound
veldwerker [v] Wa at se al roepe kinnen hie? [/v] sound
informant [a=n] Nee voor mien gevoel net [/a] sound
veldwerker [v=030] Wa at dat se al roepe kinnen hie? [/v] sound
hulpinterviewer [v=035] Jan herinnert sich dat verhaal wel? [/v] sound
hulpinterviewer [v] Jan vergist sich vaak? [/v] in plaats van 035 sound
informant [a] Jan verzintem vaak. [/a]

verzint em
tagging sound
hulpinterviewer [v=036] Marie en piet wijze nei? [/v] sound
informant [a] Hja wijze nei inoar. [/a] sound
informant [a] Se wijze nei elkoar. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=037] Jan wasket? [/v] sound
informant [a] himsels. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Jan waskettem of Jan waskettemsels kan beide wel? [/v]

wasket em wasket emsels
sound
informant [a=j] Zie as mem der nou bij staat dan soek zegge jan waskettemsels maar jan staat alleene dus jan waskettem. [/a] sound
hulpinterviewer [v=039] Frits zag een slang neist? [/v] sound
informant [a] Neistem. [/a]

neist em
tagging sound
veldwerker [v] Jan zag in slang neistemsels? [/v]

neist emsels
sound
informant [a=n] Nee dat riemt net nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=038] De timmerman heeft geen spijkers bij zich? [/v] sound
informant [a] De timmerman heeft gjin spijkers bijem. [/a]

bij em
tagging sound
hulpinterviewer [v=040] Erik liet mij voor zich werken? [/v] sound
informant [a] Erik liet mij foarrem werkje. [/a]

foar em
tagging sound
hulpinterviewer [v=041] Jantsje liet zich mee drijven op de golven? [/v] sound
informant [a] Jantsje liet har op de golven mee drijve. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=042] Toon bekeek zich zelf eens goed in de spiegel? [/v] sound
informant [a] Toon hattemself ris goed in de spiegel besjoen. [/a]

hat emself
tagging sound
hulpinterviewer [v=043] Jan heeft in twee minuten een biertje gedronken?[/v] sound
informant [a] Jan hat in twa minuten in pilske achterover slein. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Hat him in twa minuten in pilske achter over slein? [/v] sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=044] Deze schoenen lopen gemakkelijk? [/v] sound
informant [a] Dizze schoenen renne noflik. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Dizze schoenen renne har noflik? [/a] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=045] Eeltsje kent zich zelf goed? [/v] sound
informant [a] Eeltsje ken himself goed. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=046] Wierd heeft gehoord dat er fotos van zich zelf in de etalage staan? [/v] sound
informant [a] Wierd hat hoord datter fotos van himself in de etalage staan. [/a]

dat er
tagging sound
hulpinterviewer [v=047] Die aardappelen schillen niet gemakkelijk? [/047] sound
informant [a] Die aardappels schille min. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Die aardappels schille har net? [/v] sound
informant [a=n] Nee nee nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=048] De sneeuw smelt in de zon? [/v] sound
informant [a] Sneeuw teit in de zonne. [/a] tagging sound
veldwerker [v] De sneeuw teitem in de zon? [/v]

teit em
sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=053] Als ik zuinig leef leef ik zoals mijn ouders willen? [/v] sound
informant [a] At ik zuinig libje dan libje ik sat mien ouders it graag zien woenen. [/a]

sa t
bs: tagging sound
hulpinterviewer [v=055] Als hij nog drie jaar leeft leeft hij langer dan zijn vader? [/v] sound
informant [a] Atter nog trije jaar libbet dan libbeter langer as sien heit. [/a]

at er libbet er
tagging sound
informant [a] Do zegst net makkelijk achter elkoar asser nog drie jaar libbetlibbetter. [/a]

as er libbet libbet er
bs: er moet staan: "... libbet libbeter" tagging sound
hulpinterviewer [v=057] Als zij zo gevaarlijk leeft leeft ze niet lang meer? [/v] sound
informant [a] At se zo nuodlik libbet dan libbet se net lang meer. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=059] Als het nu nog leeft dan leeft het morgen ook nog? [/v] sound
informant [a] At it nu nog leeft libbet it morgen ook nog. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=061] Als jullie zo losbandig leven dan leven jullie nooit zo lang als ik? [/v] sound
informant Dan leve jim nooit net zolang as ik.

zo lang
tagging sound
informant [a] At jim sa ruig libje. [/a] tagging sound
informant [a] Dan leve jim zolang net as mij. [/a]

zo lang
tagging sound
hulpinterviewer [v=063] Als ze voor hun werk leven dan leven ze niet voor hun kinderen? [/v] sound
informant [a] At se voor hun werk leve dan leve se net voor de bern. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=067] Als Ruerd nog leeft dan leeft Liuwe ook nog? [/v] sound
informant [a] At Ruerd nog leeft dan leeft Leo ook. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=068] Als je gezond leeft dan leef je langer? [/v] sound
informant [a] Ast soen libbest libbest langer. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=069] Als er zo weinig mensen van de landbouw leven dan leven er veel mensen van werk in de fabriek? [/v] sound
informant [a] At der san bietsje mensen van de lanbouw libje. [/a] tagging sound
informant [a] Dan libje der in protte mensen vant fabriek. [/a]

van t
tagging sound
hulpinterviewer [v=070] Als Pieter en Liesje in het paradijs leven dan leven Rosa en Frans in de hel? [/v] sound
informant [a] As Pieter en Lies in it paradijs libje dan libje Rosa en Frans in de hel. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=071] Als we sober leven leven we gelukkig? [/v] sound
informant [a] At we sober libje dan libje wij gelukkig. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v] Als we eenvoudig leven dan leven we gelukkig? [/v] sound
informant [a] At wij eenvoudig leve dan leevje we gelukkig. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=072] Leef wat gezonder jan? [/v] sound
informant [a] Wij zegge net leef soener. [/a] sound
hulpinterviewer [v=073] Leef wat minder bekrompen kinderen? [/v] sound
informant [a] Leef wat minder bekrompen. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=075] Ik vind dat iederien moat kinne zwemme? [/v] tagging sound
informant [a=n] Dat kloppet in elk gevallen net. [/a] sound
hulpinterviewer [v=077] Ik vind dat iederien moat zwemme kinne? [/v] sound
informant [a=n] Ook fout. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Ik vind dat iederien moat zwemme kinne? [v] iederien sterk benadrukt sound
informant [a] Iederien moat zwemme kinne. [/a] tagging sound
informant [a] En Wieger zegt ik vind dat iederien zwemme kinne moat. [/a] Onenigheid tussen beide informanten tagging sound
informant [a=j] Ik vind dat kan al. [/a] sound
hulpinterviewer [v=080] Ik vind dat iederien kinne zwemme moat? [/v] sound
informant [a=n] Dat kan net. [/a] sound
hulpinterviewer [v=082] Ik vind dat iederien zwemme kinne moat? [/v] tagging sound
informant [a=j] Dat zei ik. [/a] sound
hulpinterviewer [v=084] Ik vind dat iederien zwemme moat kinne? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=086] Ik weet dat Eddy morgen wol bole ete? [/a] sound
informant [a=n] Nee fout. [/a] sound
hulpinterviewer [v=087] Eddy moat kunne betiid van bed kome? [/v] sound
informant [a=n] Nee ook fout. [/a] sound
hulpinterviewer [v=132] Ik denk dat Marie him sil moatte roepe? [/v] sound
informant [a=n] Fout nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=132] Ik denk dat Marie him roepe moatte sil? [/v] sound
informant [a=n] Nee eknt

ek nt
sound
hulpinterviewer [v] De zin van int Hollands dan van ik denk dat Marie hem zal moeten roepen? [/v] sound
hulpinterviewer Okee litte we die ook even zitte sound
hulpinterviewer [v=137] Hij wol gjin soep net meer ete net? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=140] Hoe is dat Jantsje zitte hjir nergens gjin muizen? [/v] sound
informant [a=n] Nee zo zegge wij dat net. [/a] sound
hulpinterviewer [v=148] Elk is net in vakman? [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja moat kunne neffens mij. [/a] sound
hulpinterviewer [v=149] Hij heeft overal gjin vrienden? [/v] sound
informant [a=n] Nee dat kan net. [/a] sound
hulpinterviewer [v=154] Boeken heeft Jan drie? [/v] sound
informant [a=n] Jan hat drie boeken. [/a] sound
hulpinterviewer [v=156] Jan weet datter voor drie uure de wein moat hawwe make? [/v]

dat er
tagging sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=157] Jan weet datter voor drie uure de wein moat make hawwe? [/v] sound
informant [a=n] Ook net. [/v] sound
hulpinterviewer [v=161] Jan weet datter voor drie uure de wein make ha moat? [/v]

dat er
tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
hulpinterviewer [v=161] Jan weet datter voor drie uure de wein make hawwe moat? [/v]

dat er
tagging sound
informant [a=j] Kan ook. [/a] sound
hulpinterviewer [v=188] Heb je genoeg mensen om hooi van het land te halen? [/v] sound
informant [a] Hast genoeg mensen omt hooi in te haaljen? [/a]

om t
tagging sound
veldwerker [v] Hast genoeg mensen hooi vant land te haaljen? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v] Hast genoeg mensen om hooi van it land haaljen? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v] Of om hooi in haaljen? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=189] Het was aardig van Jan om te komen werken? [/v] sound
informant [a] Twas aardig van Jan datter hjir even werkje woe. [/a]

t was dat er
tagging sound
hulpinterviewer [v=190] Deze ton is zwaar om te dragen? [/v] sound
informant [a] Dizze ton is swier te rissen. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Dizze ton is swier om te rissen? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v] Dizze ton is zwaar om te togjen? [/v] sound
informant [a=n] Ik denk dat bern is zwaar te dragen. [/a] Voorbeeldzin inmiddels aangepast. Constructie met om verworpen. sound
hulpinterviewer [v=198] Hij kan staan zeuren? [/v] sound
informant [a] Hij kin stean te zeuren. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Hij kin stean om te zeuren? [/v] sound
informant [a=n]Nee.[/a] sound
hulpinterviewer [v=199] Hij staat te zeuren? [/v] sound
informant [a] Hij stiet te zeuren. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Hij stiet om te zeuren? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=200] Toen we aankwamen regendet? [/v] sound
informant [a] Toen we aankwamen reindet. [/a]

aan kwamen reinde t
tagging sound
hulpinterviewer [v=215] Kgeloof dat ik groter ben dan hij? [/?] sound
informant Ik kom der net krekt uut. sound
hulpinterviewer Dan litte wem gewoon nog heel even gewurde. sound
hulpinterviewer [v=216] Ze gelooft dat jij eerder thuis bent dan ik? [/v] sound
informant [a] Se leaut dasto eerder thuis bist as ik. [/a]

datst o
bs: "datsto" = "dat jij"; ("datst" = dat je"); tagging sound
hulpinterviewer [v=217] Je gelooft toch niet dat hij sterker is dan jij? [/v] sound
informant [a] Do leaust toch net datter sterker is as dij. [/a]

dat er
tagging sound
hulpinterviewer [v=218] Ze geloven dat wij rijker zijn dan zij? [/v] sound
informant [a] Se leauwe dat wij rijker benne as har. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Dat eerste sij kan dat dan ook se worde? [/v] sound
informant [a=j] Ja dat kan wel. [/a] sound
hulpinterviewer [v=219] We geloven dat jullie niet zo slim zijn als wij? [/v] sound
informant [a] Wij leauwe dat jim net zo toek benne as wij. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Met wie of met we?[/v] sound
informant [a=n] Nee wie net. [/a] sound
informant [a=j] We leauwe dat kan wel. [/a] sound
hulpinterviewer [v=220] Jullie geloven toch niet dat zij armer zijn dan jullie? [/v] sound
informant [a] Jim denke toch nog niet dat sij armoediger benne as jim. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=221] U gelooft dat Lisa even mooi is als Anne? [/v] sound
informant [a] Jo leauwe dat Lisa like kreas is as Anne? [/v] tagging sound
hulpinterviewer [v=222] Hij gelooft dat Louis en Jan sterker zijn dan Geert en Pieter? [/v] sound
informant [a] Hij leaut dat die earste beide like sterk benne as die oare twee. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=227] Hij slaapt en dan zegt die persoon b van hij doet? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=228] Hij sliept en die tweede die zegt dan tdoet? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=243] Slaapter of hij slaapt en dan zegt die tweede van hm ie doet? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v=245] De lampe doet net meer brande? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] De bern doen hjir net voetbalje? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
hulpinterviewer [v] Brande doet de lamp net meer? [/v] tagging sound
informant [a=j] Dat kan je zeggen. [/a] sound
hulpinterviewer [v=246] Doet marie alle joenen doonsje? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a] Danset Marie alle joenen. [/a] tagging sound
hulpinterviewer [v=247] Nu joh doe de bole even snijde? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
commentaar[meta][k]B007p[/k][h]331[/h][i]332[/i][vw]HW[/vw][t]AH[/t][/meta]  sound
veldwerker [v=248] Ik doch wel even skutel waskje? [/v] sound
informant [a=n] Nees fout.[/a]

nee s
sound
informant [a] Ik sil wol even afwaskje. [/a] sound
veldwerker [v=249] De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is stond achter mij? [/v] sound
informant [a] De jongen waans mem gister opnieuw trouwd is stiet achter mie. [/a] tagging sound
veldwerker [v] De jonge wa sien mem? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee waas. [/a] sound
veldwerker [v] De jongen die sien mem gister oppe nieuw trouwd is? [/v]

op e
sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v] De jongen wervan de mem gister weer trouwd is? [/v] tagging sound
informant2 [a=j] Ja het soe wel kinne. [/a] sound
informant [a=j] Ja dat soe kinne. [/a] sound
veldwerker [v] De jongen dert de mem gister van weer trouwd is? [/v]

der t
sound
informant [a=n] Der wer wert de mem de jongen wer de mem juster van weer trouwd is. [/a]

wer t
sound
veldwerker [v] Kan dat van de jonge wert de mem juster van stoarn is? [/v]

wer t
tagging sound
informant [a=j] Ja dat kan wel. [/a] sound
veldwerker [v] En de jonge dert de mem juster van stoarn is? [/v]

der t
tagging sound
informant [a=j] Soe ook wel kunne. [/a] sound
veldwerker [v] En as je die t der nou achter weg late die jonge wer de mem gister van stoarn is? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee dan ha ik de t der achter en do? [/v] sound
informant [a=n] Ja. [/a] sound
veldwerker [v] En dat is ook van de jongen dert en net de jongen der de mem gister van stoarn is? [/v]

der t
sound
informant2 [a] Nee nee nee. [/a] sound
veldwerker [v] De jonge dat de mem der gister van stoarn is? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=250] De bank waar ze op zaten was pas geverfd? [/v] sound
informant2 [a] De bank wert se op zaten wie krekt verve. [/a]

wer t
tagging sound
veldwerker [v] Kan dan ook van. De bank dert se op zaten wie krekt verve? [/v]

der t
tagging sound
informant [a=j] Jawel jawel ja. [/a] sound
veldwerker [v=259] Wie geld heeft moet mij maar wat geven? [/v] sound
informant2 [a] Waat geld hat jout mij maar wat. [/a]

wa t
tagging sound
informant Ja. sound
veldwerker Een beetsje letterlijker? sound
informant2 _ moat mij maar wat jaan. tagging sound
veldwerker [v] Diet geld hat moat mij maar wat jaan? [/v]

die t
tagging sound
informant [a=j] Kan ook kan ook. [/a] sound
informant2 [a=j] Jan kan ook ja. [/a] sound
veldwerker [v] Wa geld hat? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v] En die geld heeft? [/v] sound
informant [a=n] Nee mat wel degelijk een t achter. [/a] sound
veldwerker [v=260] Wat denkst waat ik inne stad troffen ha? [/v]

wa t in e
tagging sound
informant2 [a=j] Ja kan. [/a] sound
veldwerker [v] En wat denkst wa ik inne stad troffen ha? [/v]

in e
sound
informant2 [a=n] Wij houde de t Bouke he. [/a] sound
veldwerker [v=261] Wat denke jim hoetset oplost ha? [/v]

hoe t se t
sound
informant2 [a=j] Wat tinke jim hoeset oplost ha ja kan wel. [/a]

hoe se t
tagging sound
veldwerker [v] Wat denke jim hoe se it oplost ha? [/v] sound
informant [a=n] Nee ik vind die t moet der achter. [/a] sound
veldwerker [v=260] Wa denkst waat ik in de stad troffen ha? [/v]

wa t
tagging sound
informant [a=j] Kan. [/a] sound
veldwerker [v] En wa denkst wa ik inne stad troffen ha? [/v]

in e
sound
informant2 [a=n] Dat do wij net. [/a] sound
informant [a=n] Dat wurdt weer minder. [/a] sound
veldwerker [v=265] Hoe denkst hoetset oplost ha? [/v]

hoe t se t
sound
informant [a=n] Dat hoe hoe dat leit mij net. [/a] sound
veldwerker Hoe soenen jim die dan zegge? sound
informant2 [a] Hoe denkst datset oplost ha. [/a]

dat se t
tagging sound
veldwerker [v=267] Hij heeft zijn handen gewassen? [/v] sound
informant [a] Hij hat han wasn. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Hij hat him de hannen wosken? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant Hij hattem de hannen wosken dan dan soe ik dij de hannen waskje.

hat em
tagging sound
veldwerker [v] Hij hat him it haar wosken? [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
informant2 [a=j] Ja dat kan al. [/a] sound
veldwerker [v=268] Hij heeft zijn hemd gewassen? [/v] sound
informant2 [a] Hij hat sien hemd wosken. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Hij heeft him sien hemd wosken? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v] Hij hat him it hemd wosken? [/v] tagging sound
veldwerker Dan sien eigen hemd he. sound
informant [a=n] Ja nee dan kint net. [/a]

kin t
sound
veldwerker [v=271] Hij heeft zijn been gebroken? [/v] sound
informant2 [a] Hij hat sien voet brutsen. [/a] tagging sound
veldwerker [v] En net van hij hat him de voet brutsen? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=273] Marie trok de deken naar zich toe? [/v] sound
informant2 [a] Marie luts de tekken na her toe. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Marie luts de tekken naar sich toe? [/v] sound
informant [a=n] Nee. Nei har. [/a] sound
veldwerker [v=296] Soed er dat dien ha kind? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee nee. [/a] sound
veldwerker [v] Hoe soenen jim dat dan zegge? [/v] sound
informant2 [a] soeder dat doen kenn ha. [/a]

soe d er
tagging sound
informant [a] Soe hij dat doen kenn ha. [/a] tagging sound
veldwerker [v=297] Soe hij dat dien kinnen ha? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a=n] Nee nee neffens mij net. [/a] sound
veldwerker [v=305] Soe jij dat doen kenn ha? [/v] sound
informant2 [a=j] Soe hij dat doen kenn ha. Jawel. [/a] tagging sound
informant [a=j] Ja ja ja kan kan. [/a] sound
veldwerker [v=309] Ik ha gjin nocht en voerje de kij? [/v] sound
informant2 [a] Ik ha der gjin nocht aan en voerje de kij. [/a] tagging sound
informant [a=j] It kin wel. [/a] sound
veldwerker [v] De oud boer hiet nocht der af en voerje alle dagen de kij? [/v]

hie t
tagging sound
informant2 hie het sound
informant [a=j] Ja dat kin wel. [/a] sound
informant2 [a=j] Ja kin wel. [/a] sound
veldwerker [v=311] Ik denk hij fort is? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a] _ datter fort is. [/a]

dat er
tagging sound
veldwerker [v=312] Ik ha him gister nog net sjoen dus ik zeg ik denk hij is fort? [/v] sound
informant [a=n] Datter fort is. [/a]

dat er
sound
informant [a] Ik ha em gister net sjoen dat ik denk datter fort is. [/a]

dat er
tagging sound
veldwerker [v=316] Ken jim dit seize. Hij woe nog gauw even bij de bakker aan en koopje in broodje? [/v] tagging sound
informant [a=j] Dat kan al neffens mij. [/a] sound
informant2 [a=j] Jawel. [/a] sound
veldwerker [v=317] Ken jim dit zeise. Marie al har kij bin verzuipt bij de overstroming? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee zo zegge wij it net. [/a] sound
informant2 [a] Alle _ [/a] sound
informant [a] _ kij van Marie bin verzuipt. [/a] sound
veldwerker [v=319] Ken jim zeise. Dit denk ik net aan? [/v] sound
informant [a=n] Nee der. [/a] sound
informant2 [a] Der denk ik net aan. [/a] tagging sound
veldwerker [v=321] Die rare jonge bin ik mei naar de merk toe weest of die rare jonge haw ik mei naar de merk toe weest? sound
veldwerker Bin se beide goed of idder ien van beide goed of bin se beide verkeerd? [/v']

i der
sound
informant [a=j] Nou nee verkeerd bin se net maar welke jouwe we nou de voorkeur aan? It kin beide. [/a] sound
informant [a=g] Ik zeg haw. [/a] sound
informant [a] Die rare jongen hak mee noa de markt west. [/a]

ha k
tagging sound
veldwerker [v=328] Jan vindt dat do mast sokke dingen net leauwe? [/v] sound
informant2 [a=n] Net zo nee.[/a] sound
veldwerker [v=329] Ik ha nog nooit sjoen dat ien lulk waar op dizze jonge ik zeg ik leau dizze jongen vin se allegear wel aardig? [/v] sound
informant2 [a=n] Nee hoor zo zegge wijem net. [/a]

wij em
sound
informant2 [a=j] Ik soe zegge dizze jongen vinne se allegear wel aardig. [/a] tagging sound
informant [a=j] Ik leau se vinde die jonge allegear wel aardig. [/a] sound
veldwerker [v=331] Ik ha heel wat rinnen dien? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a] Ik ha wat of ron. [/a] tagging sound
informant2 [a] Of ron ja ik ha wat of ron. [/a] sound
veldwerker [v=339] Niemand mag het zien dus ik vind dat jij het ook niet mag zien? [/v] sound
informant2 [a] Net ien mei it zien dus do ek net. [/a] sound
informant2 [a]_ dus ik vin dasto it ook net zien meist. [/a]

datst o
tagging sound
veldwerker [v] Net ien mei it zien dus ik vin dasto it ook net meist zien? [/v]

datst o
sound
informant [a=n] Nee kan net. [/a] sound
informant2 [a=n] Dat zegge we net. [/a] sound
veldwerker [v=340] Het gebeurde toen je weg ging? [/v] sound
informant2 [a] _doesto fort giest. [/a]

doe st o
tagging sound
veldwerker [v=341] Ik weet waar je geboren bent? [/v] sound
informant [a] Ik weet werst geboren bist. [/a]

wer st
tagging sound
veldwerker [v=342] Nu je klaar bent mag je gaan? [/v] sound
informant2 [a] Noost klaar bist meist gaan. [/a]

no st
tagging sound
veldwerker [v=347] Ik weet datter is gaan zwemmen? [/v]

dat er
sound
informant [a=n] Nee kin we net. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee nee.[/a] sound
veldwerker [v] Ik weet datter is gaan te zwemmen? [/v]

dat er
sound
informant [a=n] Nee ook net. [/a] sound
veldwerker [v=350] Ik weet datter gaan zwemmen is? [/v]

dat er
sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=351] Ik weet datter zwemmen is gaan? [/v]

dat er
sound
informant [a=n] Nee ook net. [/a] sound
veldwerker [v=352] Ik weet datter zwemmen gaan nou zwemmen gaan is? [/v]

dat er
sound
informant [a=n] Kan ook net. [/a] sound
veldwerker Zwemmen gien is? sound
informant [a=n] Nee kan net. [/a] sound
veldwerker [v] datter te zwemmen gien is? [/v]

dat er
tagging sound
informant [a] Ja dat kan wel. [/a] sound
veldwerker [v=353] Wost ook nog koffie Jan en dan seit Jan jaak? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=355] De eerste die vraget van ha ze eten en de tweede die antwoordet dan van jaanze? [/v]

jaan ze
sound
informant2 [a=n] Nee it is niks. [/a] sound
informant [a=n] Slacht nergens op. [/a] tagging sound
veldwerker Wat soe dan het gewone het gewone antwoord weze? sound
informant [a] Ja. [/a] tagging sound
informant2 [a] Ja een keer ja. [/a] tagging sound
veldwerker [v=370] Dat is de man die ze geroepen hebben? [/v] sound
informant [a] Dat is de man diet se roepen ha. [/a]

die t
tagging sound
veldwerker [v] En dat is de man die se roepen ha? [/v] sound
informant [a=n] Nee dat is de man diet se roepen ha. [/a]

die t
tagging sound
informant2 [a] Waat se roepen ha dat kan wel. [/a]

wa t
tagging sound
veldwerker [v=371] Dat is de man die het verhaal heeft verteld? [/v] sound
informant2 [a] Dat is de man diet it verhaal verteld hat ja. [/a]

die t
tagging sound
veldwerker [v] Dat is de man die it verhaal verteld hat? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Bouke en ik gooie die t fuort der achter aan. [/a] tagging sound
veldwerker [v=372] Dat is de man die ik denk dat het verhaal heeft verteld? [/v] sound
informant [a] Dat is de man wert ik van denk dat er it verhaal verteld hat. [/a]

wer t
tagging sound
veldwerker [v=373] Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben? [/v] sound
informant [a] Dat is de man diet ik tink _ tagging sound
informant2 _ [a] diek tink dat sem roepen ha. [/a]

die k se m
tagging sound
informant _ dat sem roepen ha. [/a]

se m
tagging sound
veldwerker [v] Dat him moat der tussen? [/v] sound
informant [v] Dat him moat der tussen? [/v] sound
informant2 [a=j] Dat sem. [/a]

se m
tagging sound
veldwerker [v] Kin dat him der ook bij weg van dat is de man diet ik denk dat se roepen ha? [/v]

die t
sound
informant [a=n] Nee dat kan net. [/a] tagging sound
veldwerker [v=387] De eerste die vraget van wanneer sil de wereldvrede kome en dan antwoordet de tweede van nooit net? [/v] sound
informant2 [a=j] Taalkundig kint net maar wij kint wel zegge nooit net. [/a]

kint t
tagging sound
veldwerker [v=397] Het schijnt dat ze niets mag eten? [/v] sound
informant [a] It schijnt dat se niets ete mei. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Tschijnt dat se niks ete mei? [/v]

t schijnt
sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v] Dat schijnt dat se niks ete mei? [/v] sound
informant [a=n] Ook net nee. [/a] sound
veldwerker [v] En se schijnt dat se niks ete mei? [/v] sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=403] Het lijkt wel of er iemand in de tuin staat? [/v] sound
informant [a] It lijket wel dat der ien inne tuin staat. [/a]

in e
tagging sound
veldwerker [v] It lijket wel at der ien inne tuin staat? [/v]

in e
tagging sound
informant [a] Kan al. [/a] sound
informant2 [a] Dan kan at en ook dat. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Kijim dat woordsje der dan ook weg late? [/v]

kinne jim
sound
informant [a=n] Nee vin ik net. [/a] sound
veldwerker [v=459] Hij hat de bal smeten in de koer? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 Hij hat de bal inne koer smeten.

in e
tagging sound
veldwerker [v=485] Dat de eerste die vraget van uh zal ik eten siede en de tweede die zegt van dat doe maar? [/v] sound
informant2 [a] Nee kan net. [/a] sound
veldwerker [v=486] Dat boek beloof mie datst nooit weer verstopje silst? [/v] sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=487] Wat zeg mie watst kocht hast? [/v]

wat st
sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 Zeg mie es wast kocht hast.

wa st
sound
veldwerker [v=495] Ik denk datst in protte fuort smijte matte soest? [/v]

dat st
sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 Ik denk datst in protte fuort smijte mast.

dat st
tagging sound
veldwerker [v=501] Marie sit te beantsjetriedzjen? [/v] tagging sound
informant [a=j] Ja. [/a] sound
informant [a] Marie sit te beantsjepuntsjen. [/a] tagging sound
veldwerker [v] En kin het dan ook dan idder een heel liets beetsje anders van Marie sit te beantsjes puntsjen? [/v]

i der
sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
veldwerker [v=502] Marie sit beantsjes en puntsjen? [/v] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=515] Do bist ook een rarenien? [/v]

raren ien
tagging sound
informant [a=j] Jawel. [/a] sound
informant2 [a=j] Jawel. [/a] sound
veldwerker [v] En do benst ook in raren? [/v] sound
informant2 [a=j] Do bist ook een raren ja leauk al. [/a]

leau ik
tagging sound
informant [a=j] Kin ook. [/a] sound
veldwerker [v] En do bist ek in rare? [/v] sound
informant [a=n] Nee nee. [/a] sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=520] Wat voor boeken hast kocht? [/v] tagging sound
informant [a=j] Dat kin. [/a] sound
informant2 [a=j] Jawel. [/a] sound
veldwerker [v=526] Wa hat die op e kermis zien? [/v] sound
informant2 Wa hat dij op e kermis sjoen. sound
veldwerker [v] Wa hat dij op e kermis sjoen? [/v] tagging sound
informant2 [a=j] Dat kin. [/a] sound
veldwerker [v=530] Marie sei datsto Piet een boek besocht hast te verkoopjen? [/v]

datst o
tagging sound
informant Marie seit datsto besocht hast om Piet in boek te verkoopjen.

datst o
tagging sound
informant [a=j] It kin al. [/a] sound
veldwerker [v=531] Wim dacht dat ik Jantsje besocht hie in cadeautsje te jaan? [/v] sound
informant [a=n] Ik wou eigenlijk eerst besocht ha. [/a] sound
veldwerker [v] Jantsje der achter aan? [/v] sound
informant [a] Ja neffens mij al. [/a] sound
commentaarKan uit discussie niet duidelijk opmaken waar de zin wordt afgekeurd.  sound
veldwerker [v=532] Karel wit datsto besocht hast Marie een boek te verkoopjen? [/v]

datst o
tagging sound
informant2 [a=j] Dat kan wel jawel. [/a] sound
veldwerker [v=885] Gaan nou at jim der even van ehm van zegge wille van eerst maar even in e notiid _ sound
veldwerker _ in de tegenwoordige tijd van eh ik do hij wij jim sij? [/v] sound
informant2 [a] Ik gon. [/a] tagging sound
informant2 [a] Do giest. [/a] tagging sound
informant2 [a] Wij geane. [/a] tagging sound
informant2 [a] Sij gean. [/a] tagging sound
veldwerker Jim en hij nog. sound
informant2 [a] Jim gonne. [/a] tagging sound
informant2 [a] Hij giet. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Nou nog even andersom om van ga ik en dan ga jij gaat hij? sound
veldwerker Nou en dan even het riechje bij langs. [/v] sound
informant2 [a] Gean ik [/a] tagging sound
informant2 [a] Giesto. [/a]

giest o
tagging sound
informant2 [a] Giet hij. [/a] tagging sound
informant2 [a] Gon wij. [/a] tagging sound
informant2 [a] Gean jim. [/a] tagging sound
informant [a] Gon sij of geane sij. [/a] tagging sound
informant Ik bruik het beide ik bruik het beide wol geane en gon ik bruik het beide wel. sound
veldwerker [v] Ook anders om om wel van wij gean of wij gon? [/v] tagging sound
informant [a] Ja ik dot beide wel. [/a]

do t
sound
veldwerker [v=885] No dan ha we nou zeg maar int no han en kijim dan nog even doen mei van int verleden van hoet hoet jet dan zegge? [/v]

kinne jim in het hoe t je het
sound
informant [a] Ik gie. [/a] tagging sound
informant [a] Do giest. [/a] tagging sound
informant [a] Hij gie. [/a] tagging sound
informant [a] Wij giene. [/a] tagging sound
informant [a] Jim giene. [/a] tagging sound
informant [a] Jim giene. [/a] sound
informant [a] Sij giene. [/a] tagging sound
veldwerker [v] En nou nog weer even andersom om van dan de vraag zeg maar? [/v] sound
informant2 [a] Gie ik. [/a] tagging sound
informant2 [a] Giest do. [/a] tagging sound
informant2 [a] Gie hij. [/a] tagging sound
informant2 [a] Giengen wij. [/a] tagging sound
informant2 [a] Giengen jim? [/a] tagging sound
informant2 [a] Giengen sij. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Dit zintsje dan in het Hollansk wat soenen je der dan in it Frysk van meitsje? [/v] Zinnetje ik ben er heen gegaan. sound
informant2 [a] Ik bin der hene gien. [/a] tagging sound
informant Ik ben der heen gegaan staat der? sound
informant2 Ja. sound
informant [a] Ik bin der hene gien ja. [/a] sound
veldwerker [n][v=027] Vertel mij ris wa at dat sij roepe kind hie? [/v] tagging sound
informant2 [a=n] Nee. [/a] sound
informant [a=n] Nee. [/a] sound
veldwerker [v=061] Als jullie zo losbandig leven dan leven jullie nooit zo lang als ik? [/v] sound
informant2 [a] At jim sa ruig leve dan leve jim _ tagging sound
informant2 _ zo lang net as mij. [/a] tagging sound
veldwerker [v=132] Ik denk dat Marie hem zal moeten roepen? [/v] sound
informant [a] Ik denk dat Marie him roepe moat. [/a] tagging sound
veldwerker [v] Zal dat kan der net bij? [/v] sound
informant [a=n] Nee dat mat der net bij. [/a] sound
veldwerker [v=000] Ik denk dat ze het alleen nooit zou kunnen redden? [/v] sound
informant [a] Ik denk dat ze het allinne net op redt. [/a] tagging sound
veldwerker [v=161] Jan weet dat er voor drie uure de wagen makke mat ha en Jan weet dat er voor drie uure de wagen makke ha mat? [/v] sound
commentaarmakke ha mat  sound
veldwerker [v=215] Kgeloof dat ik groter ben dan hij? [/v]

k geloof
sound
informant2 [a] Ik leau dak groter ben as him. [/a] [/n]

da k
tagging sound

data telefonische enquête

zinsnr.testzininstructieantwoorden
072 Leef wat gezonder, Jan (VERTAAL) Invullen bij ANTWOORD 2 vorm: jonge, leef wat suner
073 Leef wat minder bekrompen, kinderen! (VERTAAL) Invullen bij ANTWOORD 2 vorm: leef wat minder benaud bern
073 Leef wat minder bekrompen, kinderen! (VERTAAL) Invullen bij ANTWOORD 2 vorm: net fan dat benaude
077 Ik vind dat iedereen moet zwemmen kunnen komt voor : n
vorm: ik fyn dat iederien swimme kinne moat
opmerking: heart wat nuver mar sa is it wol; "klinkt wat raar, maar zo is het wel"
132 Ik denk dat Marie hem zal moeten roepen In doorbrekingsdialecten: doorbreking door pronomen testen:; Opnemen als 'komt voor'-vraag in de volgorde: 'zal moeten hem roepen'. vorm: ik dat marie sil him wol roppe moatte sil
132 Ik denk dat Marie hem zal moeten roepen In doorbrekingsdialecten: doorbreking door pronomen testen:; Opnemen als 'komt voor'-vraag in de volgorde: 'zal moeten hem roepen'. vorm: ik tink dat marie him roppe moat
160 Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben clustervolgorde handhaven in vertaling door hulpinterviewer vorm: jan wit dat er de wein foar trijen klear ha moat
160 Jan weet dat hij voor drie uur de wagen gemaakt moet hebben clustervolgorde handhaven in vertaling door hulpinterviewer vorm: dat er foar trijen de wein makke ha moat.
193 Dat is zo zeker als één en één twee is. Nederland vorm: dat is sa krekt sa wis at dat ien en ien twa is
216 Ze gelooft dat jij eerder thuis bent als ik Subject hoofdzin: zwak pronomen eliciteren.; In H, I, N, O, P: nagaan of dubbeling kan voorkomen na het voegwoord van vergelijking (ovvekik, ofmewij, ...); Als voegwoordvervoeging voorkomt, ook afvragen zonder pronomen. vorm: sy leaut datsto earder thus bist as ik
217 Je gelooft zeker niet dat hij sterker is als jij Subject hoofdzin: zwak pronomen eliciteren.; In H, I, N, O, P: nagaan of dubbeling kan voorkomen na het voegwoord van vergelijking (ovvekik, ofmewij, ...); Als voegwoordvervoeging voorkomt, ook afvragen zonder pronomen. vorm: do leaust seker net dat-er sterker is as dij.
245 De lamp doet niet meer branden; De kinderen doen hier niet voetballen 1 invullen bij ANTWOORD 1; 2 invullen bij ANTWOORD 2 komt voor (1) : n
komt voor (2): n
249 De jongen wiens moeder gisteren hertrouwd is, stond achter mij Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'wie (dat) zijn moeder', 'die (dat) zijn ...', 'diens (dat) ...', 'waarvan (dat)'. Als slechts een variant aan de orde is gekomen tijdens interview, moet deze vraag nogmaals gesteld worden. komt voor : j
vorm: de jonge waans mem juster wertroud
250 De bank waar ze op zaten was pas geverfd. Bij hulpinterviewer nagaan of er nog meer mogelijkheden zijn: 'waar dat ze op', 'waarop dat ze', 'daar (dat) ze op', 'daarop (dat)', 'dat ze op'. Mogelijke varianten vertaald laten inspreken als 'komt voor'-vraag. vorm: de bank der-t se op sieten wie krekt ferve
opmerking: woord = dert, cluster = der t
373 Dat is de man die ik denk dat ze geroepen hebben komt voor : n
vorm: dit is de man wer-t ik fan tink dat se dy roppen ha
opmerking: Andere variannten verworpen
388 Wie heeft de auto meegenomen? ; - Niemand niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
vorm: net ien
opmerking: nimmen net- net. expliciet verworpen
389 Waar groeit het geld aan de bomen? ; - Nergens niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
vorm: nergens net
390 Wat is rond en vierkant tegelijk? ; - Niets niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
opmerking: hele frjemde utdrukking
391 Welke koeien heeft hij gemolken?; - Geen enkele niet. Overal waar vraag tijdens interview niet is gesteld. (Nederland en aantal meetpunten Vlaanderen) komt voor : n
395 Geloof je niet dat hij gevallen heeft? Opvragen waar de vraag tijdens veldwerk niet is gesteld. komt voor : n
601 Maar en kom je niet? In het gebied waar 'en' minstens een keer is gevonden (600 eerst testen). komt voor : n
602 Waarom en kom je niet? In het gebied waar 'en' minstens een keer is gevonden (600 eerst testen). komt voor : n
605 Voor je iets weg en gooit, moet je me even bellen. In alle plaatsen waar negatiepartikel minstens een keer voorkomt. komt voor : n
610 We konden nergens niet zitten in die volle zaal Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
611 We zullen nooit niet winnen van de sterkste man. Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
vorm: we sille fan-e sterkste man nea winne
612 Ik heb niks niet gezien want ik sliep Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
vorm: ik ha niks sjoen ...
613 Ik heb geen enkel boek niet gekocht want m'n geld was op Als voorkomt, vragen of 'en' (negatiepartikel) in deze constructie kan voorkomen. komt voor : n
614 Jan rookt niet meer (VERTAAL) Vertaling bij VORM vorm: jan rookt net mear
729 Zelfs hij kan dat niet oplossen. (VERTAAL) Vorm pronomen invullen bij VORM.; Extra in Oost- en West-Vlaanderen: kunnen ook dubbelvormen als 'jij', 'jem', 'nem? Indien ja: vorm invullen bij ANTWOORD 2. vorm: hij
729 Zelfs hij kan dat niet oplossen. (VERTAAL) Vorm pronomen invullen bij VORM.; Extra in Oost- en West-Vlaanderen: kunnen ook dubbelvormen als 'jij', 'jem', 'nem? Indien ja: vorm invullen bij ANTWOORD 2. vorm: hy koe it sels net oplosse
730 Hoe laat is dat eigenlijk? vorm: hoe let is dat eigentlik
opmerking: onduidelijk of geaccentueerd "dat" ook kan.
731 Mogen we (dof) wel weten dat wij (vol) ook gevraagd zijn? (VERTAAL) Vorm dof pronomen invullen bij VORM; Vorm vol pronomen invullen bij ANTWOORD 2. (kan een 'lieden'-compositum, zoals 'wullie'...?) vorm: we
zin: meie we witte bin wy ek utnoege
731 Mogen we (dof) wel weten dat wij (vol) ook gevraagd zijn? (VERTAAL) Vorm dof pronomen invullen bij VORM; Vorm vol pronomen invullen bij ANTWOORD 2. (kan een 'lieden'-compositum, zoals 'wullie'...?) vorm: wy
zin: meie we witte bin wy ek utnoege
732 Weet je iets over het weer morgen? (VERTAAL) Flectie of -s(t)(e) mogelijk? Invullen JA/ NEE (zo nee naar vraag xxx); Indien ja: welke vormen: weets, weetst, weetste, weetstu, andere (invullen bij ANTWOORD 2). komt voor : j
vorm: witst
zin: witst ek yts oer it waar fan moarn
733 Je weet wel dat je slim genoeg bent. (VERTAAL) Indien ja: kan i.p.v. 'bent': bist, biste, andere (invullen bij ANTWOORD 2) ; kan i.p.v. 'dat je': das, dast, daste, dastu, andere (invullen bij ANTWOORD 2); kan i.p.v. 'je weet' (rechte volg): weets (PRO-drop), weetst (PRO-drop), weetste (PRO-drop), de weetst(e) (met dof pronomen), andere (invullen bij OPMERKINGEN). komt voor : j
vorm: do witst
zin: do witst sels wol datst liep genoch bist
734 Hun/ Hullie hebben daar niks mee te maken. vorm: sij
zin: wat ha sy dermei te meitsjen
737 Marie en Piet kussen elkaar. vorm elkaar invullen bij VORM. ; In Vlaams Brabant, Oost-Vlaanderen en vak Q: als geen 'één' in antwoord, vragen of 'één' ook mogelijk is. vorm: mekoarren
zin: marie en piet tutsje mekoarren
738 Hij riep alle familieleden bij zich. Vorm zich invullen bij VORM. ; In pronomenloze gebied vragen of 'zich' ook weggelaten kan worden (D003p, I118p, I142p, I148p, I158p, I175p, I178p, I257p, I260p, I264p, K189b, K190p, K192p, K209p, K211, K221p,K229p, K258p, K274a, K276p, K291p, K309, K320p, K330, K339p, K353, L199p, L255p, L414, L416, O152p, O177, O228p, P018, P033, P102, P133, P145, P176) vorm: him
zin: hij rop de hele family bij him
739 Er zat een inbreker in deze kast. komt voor : j
vorm: der siet in dief yn-e kast
740 Het zat een inbreker in deze kast. komt voor : n
741 Daar zat een inbreker in deze kast. vorm: dêr siet in ynbrekker yn-e kast
opmerking: onduidelijk hoe informant de zin interpreteert; waarschijnlijk wordt "daar" letterlijk genomen.
742 Gisteren zat een inbreker in deze kast. komt voor : j
zin: juster siet in ynbrekker yn-e kast
743 Gisteren zat er een inbreker in deze kast. komt voor : j
vorm: juster siet der in ynbrekker yn-e kast
744 Gisteren zat het een inbreker in deze kast. komt voor : n
745 Gisteren zat daar een inbreker in deze kast. vorm: juster siet der in ynbrekker
opmerking: weer probleem met interpretatie
746 't Is net of een hond in deze kast zit. komt voor : j
vorm: it is krekt as sit in hun yn-e kast
747 't Is net of er een hond in deze kast zit. vorm: (it is) krekt as sit .. twivel
opmerking: informant twijfelt ("twivel")
748 't Is net of het een hond in deze kast zit. komt voor : n
749 't Is net of daar een hond in deze kast zit. vorm: krekt as sit der in hun yn-e kast
opmerking: weer interpretatieprobleem
750 Als u vindt dat u gezond leeft, leeft u dan vooral zo verder (VERTAAL) Alleen in dialecten die U of een andere beleefdheidsvorm hebben (dus in elk geval overal in Nederland). ; Noteer vormen 'als', 'dat', 'leeft 2x' in VORM vorm: at jo dat jo libje
zin: at jo fine dat jo sun libje dan moa-je sa trochgean
753 Als iedere dag de dokter voor mij moet worden gebeld, kan ik beter in het ziekenhuis blijven. (VERTAAL) In gebied waar 'attie' voorkomt. Noteer vertaling van 'als iedere' (invullen bij VORM) vorm: at elke dei
zin: at elke dei de dokter skille wurde moat dan soe ik better yn it sikehus bliuwe kinne
754 Als 'n enkele keer de dokter gebeld moet worden is dat niet zo erg. (VERTAAL) In gebied waarin 3 subject ev 'en' is. Noteer vertaling 'als een' (invullen bij VORM) zin: at dokter sa no en dan ris belle wurde moat dan is it net sa slim
opmerking: Informant niet tot andere zin te bewegen
758 Jullie geloven datst jullie eerder this zijn dan ik. Indien ja: kan ook i.p.v. datst: das, dats of dase? ; (invullen bij ANTWOORD 2) komt voor : n
vorm: jim tinke dat jim earder thús binne as ik
759 Jullie geloven datst eerder thuis zijn dan ik Indien ja: kan ook i.p.v. datst: das, dats of dase? ; (invullen bij ANTWOORD 2) komt voor : n
vorm: jim leauwe dat sy earder thuus binne as ik
762 Als ik ga, ga ik (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ik gean
opmerking: ik gean, do giest hy giet, we gonne; ik gie juster, do giest, hy gie, wy gienen,; gon ik, giesto, giet hy, gonne wy; gie ik, giesto gie hy, gienen wy
762 Als ik ga, ga ik (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gean ik
opmerking: ik gean, do giest hy giet, we gonne; ik gie juster, do giest, hy gie, wy gienen,; gon ik, giesto, giet hy, gonne wy; gie ik, giesto gie hy, gienen wy
763 Als je gaat, ga je. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: do giest
763 Als je gaat, ga je. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giesto
764 Als u gaat, gaat u. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Alleen opvragen in dialecten die u of een andere beleefdheidsvorm hebben. vorm: jo geane
764 Als u gaat, gaat u. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Alleen opvragen in dialecten die u of een andere beleefdheidsvorm hebben. vorm: geane jo
765 Als hij gaat, gaat hij (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: hij giet
765 Als hij gaat, gaat hij (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giet hij
766 Als ze gaat, gaat ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: se giet
766 Als ze gaat, gaat ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giet se
767 Als het gaat, gaat het. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: it giet
767 Als het gaat, gaat het. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giet it
768 Als we gaan, gaan we. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: we geane
768 Als we gaan, gaan we. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: geane we
769 Als jullie gaan, gaan jullie (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: jim geane
769 Als jullie gaan, gaan jullie (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: geane jim
770 Als ze gaan, gaan ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: se geane
770 Als ze gaan, gaan ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: geane se
771 Ga onmiddellijk weg! (VERTAAL) Vorm van gaan invullen bij VORM vorm: gean
772 Toen ik ging, ging jij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ik gie juster
772 Toen ik ging, ging jij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giesto
773 Toen jij ging, ging ik niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: do giest
773 Toen jij ging, ging ik niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gon ik
774 Toen u ging, ging hij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: do giest
774 Toen u ging, ging hij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giet hy
774 Toen u ging, ging hij ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gie hy
775 Toen hij ging, ging u ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: hy gie
775 Toen hij ging, ging u ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giesto
776 Toen zij ging, ging het niet (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: sy gie
776 Toen zij ging, ging het niet (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: giet sy
776 Toen zij ging, ging het niet (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gie sy
777 Toen het ging, ging ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM
778 Toen wij gingen, gingen jullie ook. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM; Kan er na 'toen' een voegwoord verschijnen - dat, a, toen-t, als, of?; (invullen bij ANTWOORD 2) vorm: wy gienen
779 Toen jullie gingen, gingen wij niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gonne wy
opmerking: zie boven
779 Toen jullie gingen, gingen wij niet. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: gienen wy
opmerking: zie boven
780 Toen ze gingen, gingen ze. (VERTAAL) Vormen van gaan invullen bij VORM vorm: ??
opmerking: zie boven
781 Vertel mij eens wie er aan de deur was? Doel vraag: a=j betekent hier dat de zin zonder voegwoord voorkomt. komt voor : n
vorm: sis ris wa wie der oan e doar
opmerking: voegwoord-clitic verplicht
781 Vertel mij eens wie er aan de deur was? Doel vraag: a=j betekent hier dat de zin zonder voegwoord voorkomt. komt voor : n
vorm: wa-t der oan e doar wie
opmerking: voegwoord-clitic verplicht
782 Dat is de man wie ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
vorm: dat is de man wat se roppen ha
783 Dat is de man dat ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
vorm: dat is de man wa't se roppen ha
opmerking: voegwoord-clitic verplicht.; ; comm: Ja? Uit vertaling blijkt iets anders.
784 Dat is de man die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
vorm: dit is de man dy-t se roppen ha
785 Dat is de man wie het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. opmerking: per ongeluk overgeslagen
786 Dat is de man dat het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
787 Dat is de man die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : j
vorm: dat is de man dy-t it ferhaal ferteld hat
788 Dat is de man die ik denk dat het verhaal verteld heeft. komt voor : n
opmerking: Informant omschrijft deze zin koppig
789 Dat is de man die ik denk die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
vorm: dit is de man wer-t ik fan tink dat dy it ferhaal ferteld hat
790 Dat is de man dat ik denk dat het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
791 Dat is de man dat ik denk die het verhaal verteld heeft. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
792 Dat is de man die ik denk die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
vorm: dat is de man wer-t ik fan tink dat se him roppen ha
793 Dat is de man dat ik denk dat ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
794 Dat is de man dat ik denk die ze geroepen hebben. In gebied met verplichte voegwoorden de zinnen aanbieden met voegwoorden. komt voor : n
798 Iedere vader hoopt z'n kinderen zijn eerlijk. komt voor : n
vorm: elke heit hopet dat syn bern earlik binne
799 Iedere moeder meent haar kinderen moet ze beschermen. komt voor : n
vorm: elke mem mient dat se har bern beskermje moat
804 Ik vind dat iedereen de foto zien moet kunnen. komt voor : n
vorm: ik fyn dat iederien de foto sjen kinne moat
opmerking: informant lijkt even te twijfelen; de eerste zin bevat het antwoord
804 Ik vind dat iedereen de foto zien moet kunnen. komt voor : n
vorm: ik fyn dat iderien moat de foto sjen kinne
opmerking: informant lijkt even te twijfelen; de eerste zin bevat het antwoord
805 Hij is alle kapotte spullen weg aan het smijten. komt voor : n
vorm: alle stikken goed smyt-er fuort
807 Marie zit te stoofpeer schillen. komt voor : j
vorm: marie sit te parkeskilen
808 Marie zit te stoofperen schillen. komt voor : n
809 Marie zit te piano spelen. komt voor : j
vorm: marie sit te pianospyljen
opmerking: "dat kan zo wel"
810 Hij zit weer te voorzeggen. vorm: hy sit him wer yn te stekken
812 Hoe haal je het in je hoofd en gooi met eten? In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : j
vorm: hoe krijst it yn e holle en smyt mei it iten
813 Hoe haal je het in je hoofd en gooien met eten? In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
814 Hij heeft geen zin en voeren die koeien weg. In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
vorm: it hat gjin en bring de kij fuort
815 Hij heeft geen zin en voer die koeien weg. In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : j
vorm: it hat gjin en bring de kij fuort
816 Hij heeft geen zin en wegvoeren die koeien. In Friesland een ww nemen dat niet tot de -je klasse behoort. komt voor : n
817 Jan vindt het prettig om de hele dag te zitten te werken. komt voor : n
vorm: jan mei der graach oer om de hele dei oan it wurk te wezen
opmerking: constructie wordt vermeden.
818 Jan vindt het prettig om de hele dag zitten te werken. komt voor : n
819 Jan vindt het prettig om de hele dag te zitten werken. komt voor : n
820 Hij zal wel weer staan te zeuren. komt voor : j
vorm: hy sil wol wer sitte te eameljen
821 Hij zal wel weer staan zeuren. komt voor : n
822 Ik heb vandaag nog niet gerookt gehad. komt voor : n
823 Ben je met die fiets gevallen geweest? komt voor : n
824 Het huis is verkocht geworden. komt voor : n
825 Het huis is verkocht geweest. komt voor : n
vorm: hit hus is ferkocht west
opmerking: dan is it utskuord; "Dan is het overgegaan" (letterlijk: uitgescheurd)
826 Ik heb hem gisteren tegengekomen. komt voor : n
827 Jan liet zich meedrijven op de golven Vorm zich invullen bij VORM vorm: him
zin: jan liet him op-e golven mei driuwe
828 Toon bekeek zich eens goed in de spiegel Vorm zich invullen bij VORM vorm: him
zin: jan beseach him ris goed yn-e spegel
831 Jan trok de deken naar zich toe Ook andere mogelijkheden dan 'zich'?; Vorm zich invullen bij VORM vorm: him
zin: jan luts de tekkens nei him ta