Het rumoer en gepraat in de koffieruimte kwam hem in het trappenhuis tegemoet. Alle stoelen en de bank waren bezet. Hij haalde een kop koffie aan het loket en luisterde staande naar het gepraat en geschreeuw om hem heen, flarden van uitgewisselde ervaringen en standpunten. De klapdeur ging open.

(deel 5, 183)






Fotografie: Cor Mooij