elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: verongelukken 

verongelukken  , verongelökke , verongelukken.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
verongelukken , verongelukken , zwak werkwoord, onovergankelijk , verongelukken Der verongelukt nog wel ies een postdoeve (Wap), Hij is met de motor verongelukt (Erf), De taart is mij verongelukt mislukt (Bei)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
verongelukken , verongelokken , veroongelokken , werkwoord , verongelukken, omkomen door een ongeluk (van personen), vernield raken (van een voertuig) bij een ongeluk
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
verongelukken , verongelukke , werkwoord , verongeluk, verongelukte, verongelukt , niet dodelijk verongelukken
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
verongelukken , veróngelökke , veróngelöktj, veróngelökdje, veróngelöktj , verongelukken
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
verongelukken , verongelukke , zwak werkwoord , onopzettelijk iets beschadigen, breken, kapotmaken; Interview Van den Aker (1978), transcriptie door Hans Hessels (2014) - “…èn as ge dan en tas verongelukte òf ge verongelukt en mès òf ge verongelukt oewe vörrek òf oewe leepel dan koste nòg betaolen ôok!!!” [heeft betrekking op dienstplichtige militairen die de schade aan hun uitrusting zelf moesten vergoeden]
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut