elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: verduren 

verduren , [lijden, duurder worden] , verduren , (werkwoord) , verdragen, lijden.
Bron: Panken, P.N. (1850) Kempensch taaleigen, Idioticon I, A-Z, Idioticon II, H-Z, red. Johan Biemans, 2010, Bergeijk.
verduren , verduren , (werkwoord) , duurder worden.
Bron: Panken, P.N. (1850) Kempensch taaleigen, Idioticon I, A-Z, Idioticon II, H-Z, red. Johan Biemans, 2010, Bergeijk.
verduren  , verdeure , verduren.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
verduren , verdüüren , verduren, lijden
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
verduren , verduren , zwak werkwoord, (on)overgankelijk , 1. verduren, verdragen Ik snap niet, hoou of e die pien verduren kan zunder pillen van dokter (Eex), Het geriedschap hef bij de iene boer wal mèer te verduren as bij de aander (Sle) 2. uithouden (Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe, zuid) Het stinkt door zo, ie kunt er niet bij verduren (Bro)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
verduren , verduren , verduren
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut