elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: stouwen

stouwen , stouwen , voortdrijven
Bron: Boers, B. (1843), [Goerees] ‘Lijst van eenige verouderde, of in de provincie Zuidholland niet gebezigde Nederduitsche woorden, welke op het eiland Goedereede en Overflakkee nog heeden in gebruik zijn’, in: Beschrijving van het eiland Goedereede en Overflakkee, Sommelsdijk, pp. 48-57
stouwen , stouwen , voortdrijven
Bron: Boers, B. (1843), [Overflakkees] ‘Lijst van eenige verouderde, of in de provincie Zuidholland niet gebezigde Nederduitsche woorden, welke op het eiland Goedereede en Overflakkee nog heeden in gebruik zijn’, in: Beschrijving van het eiland Goedereede en Overflakkee, Sommelsdijk, pp. 48-57
stouwen , stouwen , stuiten, bv. bloed stouwen bij een aderlating, neusbloeding, enz. Alzoo: iets (eene vloeistof) tot een zekere ruimte beperken, insluiten; Nederl. stouwen, stuwen = bergen, goederen in het ruim pakken, het werk van stouwers, dus zooveel als: iets (vaste stoffen) zooveel mogelijk, in eene beperkte ruimte besluiten. Zie ook: stouw.
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
stouwen , stougen , (Stad-Groningsch) de turven van het turfschip in de korven gooien, waar ze op den bakwagen gedragen worden. Staat voor: stouwen; vgl. schoug, loag, duch, enz.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
stouwen , stouwe , herhaald aanstooten.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
stouwen , stouwen , zwak werkwoord, overgankelijk , 1. stouwen, bergen Zie kunt er haost niet in. Denk er um, goed stouwen de garven dicht tegen elkander neerleggen (Sle), Alles weur in het roem stouwd (Nsch), Alle törf in dat schip moet stouwd worden (Klv), z. ook stougen 2. stuiten, tegenhouden (wp, wm) Bloed stouwen bij een aderlating (wm)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
stouwen , stouwen , opstapelen
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
stouwen , staauwe , drijven, aandringen , Ge moet de koej nog van de gróóte waoj nô de kléén staauwe, want de groes is óp. Je moet de koeien nog van de grote weide naar de kleine drijven, want het gras is op.
Duu nie zó hôsteg, lig'ter ammel te staauwe, 't zal wél óptiid klaorkomme. Doe niet zo haastig, je moet niet zo aandringen, 't zal wel op tijd klaar zijn.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
stouwen , stouwe , werkwoord , opjagen (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
stouwen , staawe , zwak werkwoord , zich met velen tegelijk voortbewegen (?); BTW stouwen, stuwen, noest doorlopen, zeulen; Kees en Bart - Tilburgsche Post ca. 1930 - er op af staauwen; daor op af staauwen; 'k staaw erop aaf; Kees en Bart - Tilburgsche Post ca. 1930 - op de spoorbrug aon staauwen (er naar toe gaan); Kees en Bart - Tilburgsche Post ca. 1930 - 'tot ze nor huis staawden'; Ik staauwde weg, en op innen siebot kwaamp ik terug... (Naarus; ps. v. Bernard de Pont; in: Groot Tilburg 1941; CuBra); Cees Robben - ôok meej karneval doen de vèèrekesstaawers der bist; Cees Robben - zit ie me daor wir zene kanes vol te stouwe; Dialectenquête 1876 - staauwe - stuwen of stouwen; vèrrekesstaauwer - varkenshoeder; Henk van Rijen - 'Hè staawde oover den èkker' - Hij liep zwoegend over de akker. WBD III.1.2:136 'stouwen' = vlug lopen; WBD III.1.1. 2:150 'stouwen' door een staand gewas lopen. A.P. de Bont, Dialekt van Kempenland, 1962 - sta.wə(n), zw.ww.tr. 'staauwen' - stouwen, drijven, voortdrijven; Cornelissen & Vervliet, Idioticon van het Antwerpsch dialect; 1899 - STOUWEN - drijven, leiden
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut