elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: overste 

overste  , euverste , overste.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
overste , overste , euverste , de, het , oversten, overstes , Ook euverste (Zuidwest-Drenthe, Kop van Drenthe, in bet. 1.) = 1. overste, rang in het leger As de overste der in kwaamp, was iederene wel rustig (Die), Ik mus der nog veur bij de euverste komen (Ruw) 2. leid(st)er van een klooster Zie is jorenlang overste west in Klazienaveen (Bov) 3. kledingstuk (Zuidoost-Drents zandgebied) Het overste kwam over de börstrok en daorover het buisien (Sle, veroud.)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut