elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: Lieve-Heer

Lieve-Heer , leevenhier , onze lieve heer.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
Lieve-Heer , lievvenhieër , kruisbeeld.
Bron: Crompvoets, H. en J. van Schijndel (1991), Mééls Woordeboe:k. Meijel: Medelo.
Lieve-Heer , livven hîër , ózze livven hîër , (onze) lieve heer.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1993), Zò bót ás en hiëp. Plat Hôrster, Horst.
Lieve-Heer , lievenhiér , 1) Onze Lieve Heer, kruisbeeld; 2) raadgever; zuster Prudentiana is hurren Lievenhiér, zij weet overal raad op.
Bron: Zegers, A. (1999), Het dialect van het land van Ravenstein, in het bijzonder van Uden en Zeeland, Uden.
Lieve-Heer , Lieven Hiir , Lieve Heer , T’is krék ónze Lieven Hiir in’t wuld. Het is precies onze Lieve Heer in het wild. Gezegd van een man met lange haren en een onverzorgd uiterlijk.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
Lieve-Heer , lievenhiejer , kruisbeeld
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
Lieve-Heer , lievenjirke , Lieve Heer (God) , na een examen hoorde een leerling van anderen dat hij vele vragen fout had beantwoord en sprak vervolgens in grote vertwijfeling de volgende wens uit: „Lievenjirke mok toch da Lissabon de hoofdstad is van Spanje, want aanders heb ik da ok nog fout-
Bron: Melis, A. van (2011) Bikse Praot. Prinsenbeeks Dialectwoordenboek. Prinsenbeek: Heemkundekring ‘Op de Beek’
Lieve-Heer , Levenhieër , (mannelijk) , Levenhieërke , 1. Onze-Lieve-Heer 2. kruisbeeld, zie ook Slevenhieër, Ooslevenhieër
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut