elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: clown 

clown  , kloon , clown.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
clown , kloun , kloune , hansworst, clown
Bron: Steenhuis, F.H. (1978), Stoere en Olderwetse Grunneger Woorden, Wildervank: Dekker & Huisman
clown , kloon , zelfstandig naamwoord de , Clown, rare sinjeur, grapjas.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
clown , clown , kloon , clowns , Ook kloon (Zuidoost-Drents zandgebied) = clown Dat is mij ook een mooie clown fraai heerschap (Hgv)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
clown , kloon , clown.
Bron: Zegers, A. (1999), Het dialect van het land van Ravenstein, in het bijzonder van Uden en Zeeland, Uden.
clown , kloon , zelfstandig naamwoord , de; clown
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
clown , cloon , kloen , zelfstandig naamwoord , cloons, kloene , cloontjie, kloentjie , clown, komiek Ook kloen; Hij kon wel kloen in een circus worre Hij kon wel clown in een circus worden Piete Kloen Piet de Clown (bekende Zuidbeijerlander)
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
clown , kloon , clown
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
clown , cloon , clown
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
clown , kloon , clown
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut