elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: bulderen 

bulderen , baldern , hard en veel praten. Gron. baldern = met een vloed van woorden, forsche stem, al vloekende eene berisping uitdeelen. (v. Dale: bulderen, fig. = razen, tieren, vloeken.) Noordfr. bullern = donderen.
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
bulderen , bōldern , schreeuwen, van korhoenders. Ook = bulderen: “dat hij in huus spookt dat ’t zoo bāldert.”
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
bulderen , bōldern , zie baldern *.
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)
bulderen  , böldere , bulderen, ook iets b.v. een ijzeren platte plaat die in het midden zich omhoog heft.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
bulderen , bäldern , gezegd van een wagen, die met veel geraas over de straat rijdt.
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
bulderen , buldern , boldern , Ook boldern (Zuidwest-Drenthe, zuid) = bulderen De wiend boldert in de schörstien (Hgv), De meester bulderde deur de klasse (Eco), Hij bulderde der over ging erg tekeer (Row), Hij bulderde van het lachen (Erf), Het water boldert deur de duker (Geb)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
bulderen , bulderen , bulderen
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
bulderen , bulderen , balderen , werkwoord , 1. zodanig gaan, bewegen, werken dat een bulderend, dreunend, denderend of loeiend geluid ontstaat 2. met zware of harde stem uiten, tekeergaan, foeteren, lachen, roepen 3. zie balderen
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
bulderen , bùldere , hoesten , Ik héb d’n hille nâcht ligge bùldere. Ik heb de hele nacht liggen hoesten.
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut