elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: bestevaar

bestevaar , [grootvader] , anneke bestevoar , Tw. overgrootvader. Otfr. anon, voorouders.
Bron: Halbertsma, J.H. (1835), ‘Woordenboekje van het Overijselsch’, in: Overijsselsche Almanak voor Oudheid en Letteren 1836, Deventer: J. de Lange.
bestevaar , bestevoar , (mannelijk) , grootvader.
Bron: Halbertsma, J.H. (1835), ‘Woordenboekje van het Overijselsch’, in: Overijsselsche Almanak voor Oudheid en Letteren 1836, Deventer: J. de Lange.
bestevaar , bessĕ , bessĕvaar , grootvader.
Bron: Ebbinge Wubben, C.H. (1907), ‘Staphorster Woordenlijst’, in: Driemaandelijkse Bladen 6, 61-94
bestevaar , bestevader , grootvader.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
bestevaar , beste vader , beste vajer , grötvader.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1993), Zò bót ás en hiëp. Plat Hôrster, Horst.
bestevaar , besvaer , grootvader.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
bestevaar , besvaar , bessevaar, bestevaar , (Zuidoost-Drents veengebied). Ook bessevaar of bestevaar (wb:Zuid-Drenthe, veroud.) = grootvader Uit bessevaars bos gekaapt hout (wb)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
bestevaar , bessevaar , grootvader (Oldebroek, Wezep).
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op www.meertens.knaw.nl/ewnd/,
gehost door het Meertens Instituut