Piet en Sint - veelgestelde vragen

Datum
23 oktober 2013

In de discussie over Zwarte Piet worden regelmatig vragen opgeworpen over Zwarte Piet en Sinterklaas in heden en verleden. Op een aantal van die vragen wordt hieronder antwoord gegeven.

  • Waarom speelt de Zwarte Piet-kwestie nu zo hoog op?

Al jaren bestaat er discussie over de figuur van Zwarte Piet binnen het Sinterklaasfeest. Het heeft ertoe geleid dat met name zijn uitdossing en opmaak soms werd aangepast (witte of gekleurde Pieten, minder stereotyperende elementen, zoals kroeshaar, dikke lippen, oorringen, page-kleding). Deze kwestie is nog steeds actueel omdat cultuurveranderingen in de regel maar langzaam tot stand komen. Dit jaar is echter het (Nederlandse) dossier Sinterklaasfeest ingediend bij het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE/OCW). VIE moet dit dossier goedkeuren zodat het geplaatst kan worden op de Nationale Inventaris Immaterieel Erfgoed. Deze inventaris is een formeel uitvloeisel van de ratificatie in 2012 door Nederland van het UNESCO verdrag inzake bescherming van het Immateriële erfgoed in de wereld uit 2003. Plaatsing van het Sinterklaasfeest op deze nationale inventaris houdt ook een identificatie en beschrijving in van het feest zoals het vandaag de dag wordt gevierd en op basis waarvan het conform het verdrag zou moeten worden behouden en beschermd. Door de beweging die nu in gang is gezet willen tegenstanders van Zwarte Piet voorkomen dat Zwarte Piet zoals die nu bestaat als zodanig beschreven wordt en als 'beschermd' op de inventaris komt. Overigens is het Sinterklaasfeest inclusief Zwarte Piet al wel op de Belgische nationale inventaris geplaatst.

  • Hoe populair is het Sinterklaasfeest in Nederland?

Volgens een landelijke enquete door het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE), gepubliceerd in 2010, staat het Sinterklaasfeest op nummer 1 van de Top Honderd aan Nederlandse feesten en tradities. Het feest wordt door een groot deel van de bevolking van Nederland zeer gewaardeerd. Niettemin zijn er over de uitvoering – de persoon van Zwarte Piet en zijn uitdossing - van dit populaire gezinsfeest ook al vele jaren kritische geluiden te horen.

  • Hoe typisch Nederlands is het Sinterklaasfeest?

Feesten waarin Sinterklaas een rol speelt komen we ook in het buitenland tegen (Frankrijk, Duitsland, Polen, Oostenrijk, tot en met Santa Claus in de Verenigde Staten), maar de vorm waarin het huidige Sinterklaasfeest gegoten is, komt alleen voor in Nederland en Vlaanderen. Het feest is in de beleving van velen een ‘typisch’ Nederlands feest en maakt voor hen deel uit van de nationale identiteit. Als karakteristiek kinderfeest is het Sinterklaasfeest populair, maar het is tevens een feest voor volwassenen; zij mogen elkaar op pakjesavond via gedichten de maat nemen. Die context maakt ook dat de discussie erover voor vrijwel de gehele samenleving zo gevoelig ligt.

  • Hoe belangrijk is het Sinterklaasfeest?

Sommigen zetten het Sinterklaasfeest weg als iets triviaals (“maak je druk over belangrijker dingen”), een beetje als de rafelige franje van een cultuur. Maar veel mensen hebben juist het gevoel dat hun ‘eigenheid’ en identiteit mede bepaald wordt door deze traditie. Ook omdat de traditie een aanwijsbare hoge ouderdom heeft, wordt die gewaardeerd. Voor veel mensen is het Sinterklaasfeest, naast de kerstviering, het belangrijkste feest in de jaarcyclus. In de beleving van velen is het een familiefeest met een sociale functie die dat van Kerstmis overstijgt.

  • Hoe oud is het Sint Nicolaasfeest?

Sint Nicolaas is een katholieke bisschop die omstreeks 342 in het Turkse Myra is gestorven en die daarna als heilige populair is geworden en in geheel Europa werd vereerd. Binnen die religieuze vereringspraktijk is op een gegeven moment ook de viering van Sint Nicolaas als specifiek kinderfeest ontstaan. De oudste aanwijzingen daarvoor dateren uit de 12e eeuw in Frankrijk. Voor Nederland is er al een mogelijke 14e-eeuwse verwijzing uit Dordrecht. Meer concrete informatie over het geven van cadeaus en het 'zetten van de schoen' is er uit de 16e eeuw. Met andere woorden: de verering van de heilige is al zo’n 1600 jaar oud, maar Sinterklaas als kinderfeest is in Nederland al minstens 500 jaar oud. Omdat tradities dynamisch zijn en constant veranderen, zijn bepaalde onderdelen van de viering – zoals Zwarte Piet - van later datum.

  • Wat heeft de Sint met kinderen?

De Heilige Nicolaaas is in de katholieke traditie onder andere de beschermheilige van kinderen geworden, met name op basis van twee verhalen uit zijn heiligenleven. Sint Nicolaas wekte drie jonge studenten op uit de dood, nadat ze door een herbergier waren vermoord, in stukken gesneden en in een pekelvat waren gestopt. In een ander verhaal kan een arme vader geen bruidsschat betalen voor zijn drie dochters. Sint Nicolaas  heeft toen tot drie keer toe een beurs met gouden munten door het raam naar binnen gegooid , zodat de meisjes toch konden huwen. Sommigen zien in dit strooien met geld de oorsprong van het latere gebruik van het strooigoed en van stille giften in de schoen. Er wordt ook wel beweerd dat de drie kinderen die als heilige-attribuut vaak op afbeeldingen van de H. Nicolaas zijn te zien, oorspronkelijk slaven zouden zijn geweest, die de heilige zou hebben vrijgekocht, maar dit verhaal is in zijn heiligenleven niet terug te vinden.

  • Wat heeft de Sint met Spanje?

De connectie met Spanje is waarschijnlijk pas later aan de traditie toegevoegd. Voor het eerst in de eerste helft van de 19e eeuw lezen we bij de schrijvende onderwijzer Jan Schenkman expliciet dat Sinterklaas in Spanje woont. Sommigen denken dat het land uit rijmelarij is ontstaan. In Sinterklaasliedjes vormen de appeltjes van oranje en Spanje soms een rijmpaar (de Spaanse sinaasappeltjes waren geliefd strooigoed destijds). Een andere mogelijkheid is dat de uitleg aan kinderen voor het jaarlijkse aankomen in en verdwijnen uit Nederland van de Sint al dateert uit de begintijd van het kinderfeest, toen in de 16e eeuw de Nederlanden binnen het Habsburgse rijk één waren met Spanje en onder het gezag van de koning van Spanje vielen. Mocht deze verklaring een zekere grond hebben, dan zou dat misschien ook de toevoeging van een Moor in Oosterse kledij als knecht in de 18e/19e eeuw kunnen verklaren. Immers Spanje kende een langdurige aanwezigheid van Arabieren (Moren). Zwarte Piet werd namelijk ook veelal als Moor aangeduid, waarbij dit woord zowel op een donkere Noord-Afrikaan kan slaan als op een zwarte Afrikaan van bezuiden de Sahara.

  • Sinds wanneer heeft de Sint een knecht?

Sint Nicolaas heeft in de Nederlandse Sinterklaastraditie op een gegeven moment een knecht als hulp gekregen. Uit de 16e en de 17e eeuw bestaan voor diens aanwezigheid geen aanwijzingen. De Sint opereerde alleen, hij kwam niet binnen, en de kinderen zagen hem nooit als hij met zijn paard over het dak reed, en de cadeautjes door de schoorsteen naar binnen gooide.
Op het schilderij Het Sint-Nicolaasfeest van Jan Steen uit de zeventiende eeuw zien we een huilend stout jongetje dat de roe in zijn schoen heeft gevonden, een lief meisje dat mooie cadeautjes krijgt, en een man die aan een jongen het gat van de schoorsteen wijst. In een versje over Sinterklaas uit het einde van de achttiende eeuw is voor het eerst sprake van een 'knecht'. De bijbehorende prent is echter, vanwege de ruiter met paard-afbeelding ('Sint') en dresseur ('knecht') met zweep, uit een ouder rijschoolboek gerecycled en biedt daarom geen informatie over het toenmalige uiterlijk van de knecht. We mogen daarom veronderstellen dat in de loop van de achttiende eeuw – maar mogelijk ook eerder – aan de Sinterklaastraditie een knecht is verbonden geraakt, die Sint helpt bij de uitdeling van de pakjes.

  • Sinds wanneer is die knecht zwart?

Een eerste vermelding van Sint's zwarte knecht betreft het jaar 1828, niet als directe bron uit die tijd, maar als een herinnering uit 1884. Er wordt dan gesproken van 'Pieter me knecht' zijnde een 'kroesharige neger'. De eerste afbeelding van Sint's zwarte knecht is in Jan Schenkman's prentenboek Sint Nicolaas en zijn knecht uit 1850 te vinden. Hierop is de knecht een donkere man die in een volgende druk van het boek van 1858 is getransformeerd in een zwarte man met een stereotype page-uitmonstering met pofbroek en baret. Schenkman heeft de zwarte knecht dus niet zelf uitgevonden, maar wel gecanoniseerd. Tegenwoordig treedt Zwarte Piet niet zozeer meer op als knecht en is (met uitzondering van de oudere Sinterklaasliedjes) ook het begrip ‘knecht’ grotendeels uit het dagelijkse taalgebruik verdwenen. Het is (Zwarte) Piet of Pieterbaas geworden. Er zijn nu een hoeveelheid Pieten bijgekomen met specifieke taken, zoals de Pakjespiet, de Wegwijspiet etcetera.

  • Wat was in 1850 de connectie tussen Zwarte Piet en slavernij?

Rond 1850 bestond de slavernij in de koloniën in de West nog volop. In 1863 werd de slavernij pas afgeschaft. Echter, het houden van slaven was buiten de koloniën, in Nederland, toen reeds lang ongebruikelijk. De zwarte knecht in het boekje van Jan Schenkman uit 1850 is derhalve niet op te vatten als een huisslaaf, maar als een knecht in betrekking. De ouderwetse aankleding van de zwarte knecht kan indirect wel associaties opwekken met de slavernij, maar een directe connectie tussen het Sinterklaasfeest, Zwarte Piet en slavernij in 1850 valt, op basis van de historische bronnen, niet hard te maken. De stereotyperende veranderingen in de afbeeldingen van Zwarte Piet omstreeks 1850 kunnen natuurlijk wel zijn beïnvloed door het toenmalige discours over en de beeldvorming van kolonialisme en slavernij.

  • Heeft Zwarte Piet iets te maken met de raven van Wodan?

De zwarte raven Huginn en Muninn vertelden de Germaanse god Wodan/Odin dagelijks wat er in de wereld gebeurd was. Er bestaat geen wetenschappelijk betrouwbare bron waarmee een connectie tussen Zwarte Piet en de raven van Wodan aannemelijk te maken valt; deze veronderstelling berust op een hoogst twijfelachtige, Germaans-mythologische theorie. Ook de heilige Nicolaas gaat niet terug op de Germaanse mythologie. Dat de Sint met zijn schimmel over de daken kon rijden is slechts een zeer oppervlakkige gelijkenis met Odin/Wodan die door de lucht kon rijden op het achtbenige paard Sleipnir – de overeenkomst heeft verder niets te betekenen.

  • Is Zwarte Piet zwart van de schoorsteen?

Nee, Zwarte Piet is op de boot al zwart en op dat moment is hij nog geen schoorsteen in geweest. Van het kruipen door schoorstenen krijgt men evenmin een afrokapsel, rode lippen en creolen-oorbellen. Het verhaal van de schoorsteen wordt tegenwoordig veelvuldig verteld, niet in de laatste plaats omdat men zich ongemakkelijk begon te voelen bij het beeld van Zwarte Piet als ‘neger’. Dit verhaal zou in de toekomst nog aan betekenis kunnen winnen om het probleem van het uiterlijk van Zwarte Piet op te lossen: witte pieten met roetvegen op het gezicht.

  • Wat is een zwart stereotype?

In oudere prentenboeken en strips is goed te zien welk stereotype er werd gegeven van de Afrikaan: een zwart gezicht, grote (rode) lippen, afrokapsel, gouden oorbellen, wild, onbetrouwbaar, grappen en grollen makend, kinderlijk en krompratend. Deze stereotypering was het meest manifest in de eerste helft van de 20e eeuw. Er bestaan duidelijke iconografische overeenkomsten tussen dit stereotype en Zwarte Piet. De strip Kuifje in Afrika is in de herdrukken inmiddels van zijn meest racistische trekken ontdaan. Sjors en Sjimmie zijn ondertussen enorm gemoderniseerd, en ook Zwarte Piet is van een deel van zijn stereotype kenmerken af. Vroeger praatte hij nog krom Nederlands, gedroeg hij zich vaak als een domkop en als een clown, en was hij soms ook de boeman. De liedregels “Want ook al ben ik zwart als roet / Ik meen het wel goed” suggereren dat je van de goedheid van de zwarte niet voetstoots kon uitgaan. Zoals gezegd is Piet de laatste tijd een serieuzer rol gaan spelen; hij is nu vaak zelfs slimmer, handiger en behendiger dan de bejaarde Sint.

 

  • Ligt de traditie van Sint en Piet vast, of zien we steeds veranderingen optreden?

Feesten en rituelen zijn dynamisch en voortdurend in verandering. Het Sinterklaasfeest is daar evenzeer een voorbeeld van. In het begin van de negentiende eeuw, toen er nog geen duidelijke knecht was, trad de Sint regelmatig zelf op als straffende boeman. Tegenwoordig strooit Piet geen snoepgoed meer over de vloer of de straat (veel te onhygiënisch) maar geeft hij kinderen (zakjes) snoep in de hand. Piet haalt veel minder gevaarlijke kapriolen uit, hij slaat geen stoute kinderen meer met de roe – hij heeft niet eens meer een roe – en hij neemt geen kinderen meer mee in de zak naar Spanje. Zijn rol als boeman is min of meer uitgespeeld. Als karakter heeft Piet zich – net zoals Sinterklaas in de negentiende eeuw – in de afgelopen decennia ontwikkeld van kinderschrik tot kindervriend.

  • Is de claim "Zwarte Piet is racisme" gerechtvaardigd?

Nederland is inmiddels diep verdeeld over deze vraag. Veel Nederlanders hebben het feest altijd als iets moois en gezelligs ervaren, als een sprookje en een prettig familiefeest. Veel Nederlanders zijn ervan overtuigd dat Zwarte Piet nooit is verzonnen om te kwetsen. Maar Zwarte Piet sluit ook aan bij het stereotype dat door de blanken verzonnen is. Er is een groep die zich daardoor gekwetst voelt, en die zich terdege bewust is van de geschiedenis van de stereotype Zwarte Piet al dan niet in relatie tot kolonialisme en slavernij. Op de vraag of Zwarte Piet racistisch is, kan geen eenduidig antwoord gegeven worden, maar men kan niet om het feit heen dat Zwarte Piet zowel door vertegenwoordigers van minderheidsgroepen als door wetenschappers en intellectuelen als racistisch ervaren wordt.
Omdat veel Nederlanders van kinds af aan vertrouwd zijn met de figuur van Zwarte Piet, kunnen ze zich vaak niet goed indenken dat Zwarte Piet met zijn stereotyperende negroïde kenmerken en uitdossing door anderen – ook buitenstaanders - wel als kwetsend en racistisch wordt ervaren. Zwarte Piet is voor die anderen het zwarte stereotype, dat gebaseerd is op een blank perspectief, wortelend in een koloniaal verleden.
Veel van het onderlinge onbegrip nu tussen voor- en tegenstanders is terug te voeren op het feit dat de uitdossing van Piet niet is mee geëvolueerd met de ontwikkeling van zijn rol of karakter. Waar zijn karakter veranderde van boeman in kindervriend, is zijn stereotyperende uitmonstering door de jaren niet mee veranderd. Omdat de Nederlanders Piet kennen als kindervriend en zijn archaïsche en stereotyperende uitdossing niet meer als zodanig onderkennen, begrijpen ze de reacties van buitenstaanders niet. En de buitenstaanders kennen het positieve Piet-karakter weer niet en zien alleen die ‘belachelijke’ of ‘racistische’ uitdossing. De tegengestelde percepties van binnenuit en van buitenaf zijn dus voor de felheid van de discussie sterk bepalend (geweest).

  • Hoe nu verder?

De kwestie Zwarte Piet is in een stroomversnelling geraakt en raakt veel open zenuwen, bij meerdere partijen. De kans dat het Sinterklaasfeest precies zo blijft als het tot nu toe was, die is niet groot. Het feest was al steeds aan verandering onderhevig, en alle tekenen leken erop te wijzen dat Piet vanzelf langzaam maar zeker zou ontkleuren. Voor hetzelfde geld was Zwarte Piet zijn ‘blackface’ inmiddels al kwijtgeraakt – zijn stereotyperende uitmonstering heeft immers duidelijk geen gelijke tred gehouden met zijn positieve karakterontwikkeling. Maar kleurenpieten staat ook niet iedereen aan. Enerzijds wordt het gezien als een verlies aan traditie (“Piet hoort zwart te zijn”), anderzijds als een klein compromis dat niet voldoet. Velen zien wel heil in een blanke Piet, ontdaan van de huidige stereotype uitdossing maar wel met wat roetstrepen van de schoorsteen op zijn gezicht. Blokker en het Kruidvat adverteren al met zulke Pieten. Het verhaal rond Piet moet dan wel aangepast worden. Of een dergelijke aanpassing voldoende is, moet worden afgewacht.