Variatielinguïstiek

Inleidende tekst Variatielinguïstiek
  • Activiteiten Variatielinguïstiek



    In 2011 gingen zes nieuwe projecten van start. Taalportaal (NWO-groot) brengt de grammatica van het Nederlands en het Fries (klankleer, vormleer en zinsleer) op een toegankelijke en wetenschappelijk verantwoorde manier bij elkaar. Het vrijwilligersproject Gekaapte Brieven (Prins Bernhard Cultuurfonds) betreft de ontsluiting en transcriptie van 17e- en 18e- eeuwse Nederlandstalige brieven. Daarnaast gingen twee CLARIN-projecten van start. Het project Cognition, Acquisition and Variation Tool beoogt de integratie en het analyseerbaar maken van gegevensverzamelingen op het terrein van kindertaal en dialectwoordenschat. In het project International Parser of Historical Dutch in Retrospect wordt een tagger/parser voor oudere Nederlandse teksten ontwikkeld. Tenslotte werd er een aanvang gemaakt met twee kennisbenuttingsprojecten in het kader van NWO-programma Meerwaarde: Kennisbenutting Taalportaal en de Taaldetector. De Taaldetector is een website / smartphone-app die een breed publiek kennis laat maken met de rijkdom van de taalvariatie in het Nederlandse taalgebied.

    In de eerste competitie voor intern gefinancierde projecten werd het project Het Leven der Liquidae gehonoreerd waarin veranderingen in de eigenschappen van /l/ en /r/ bestudeerd worden vanuit fonologisch, experimenteel en sociolinguïstisch perspectief (aanvang in 2012). Een Rubicon (NWO-subsidie) werd toegekend aan Anna Strycharz voor het project Immigratie en Moedertaal (aanvang in 2012). Nieuwe projectaanvragen zijn Nederlab (NWO-groot; ontwikkeling van een gebruikersvriendelijke webinterface van waaruit onderzoekers digitale historische teksten kunnen doorzoeken) en Maps and Grammar (NWO-programma; onderzoek naar de relatie tussen geografische patronen en grammaticale systemen).

    Björn Köhnlein promoveerde op het proefschrift Rule Reversal Revisited (promotores Van Oostendorp/Boersma, co-promotor Hermans). Leonie Cornips werd benoemd tot bijzonder hoogleraar Taalcultuur in Limburg aan de Universiteit Maastricht. Sjef Barbiers werd herbenoemd tot bijzonder hoogleraar Variatielinguïstiek van het Nederlands aan de Universiteit Utrecht. Nicoline van der Sijs trad toe tot de onderzoeksgroep om te werken aan de projecten Nederlab en Gekaapte Brieven. Zij werd benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau voor haar verdiensten als onderzoeker taalverandering. Wilbert Heeringa voltooide zijn VENI-project From Dialect to Regiolect (NWO) en werd postdoc aan de Universiteit Groningen.

    Medewerkers van de onderzoeksgroep organiseerden diverse congressen en workshops waaronder de Comparative Germanic Syntax Workshop (UvA), European Dialect Syntax Workshop 5 (UvA) en Dialects in Contact, Changes in Transitional Zones (Taal & Tongval Colloquium, Gent). Met de afdeling Nederlandse Etnologie werd een driedaagse internationale NIAS-workshop The Construction of Local Identities through Culture and Language in the Dutch Province of Limburg georganiseerd.

    Opvallend was het grote aantal publicaties en lezingen voor het grotere publiek. Veel aandacht was er voor het verschijnen van de Dialectatlas van het Nederlands (red. van der Sijs) waaraan diverse medewerkers van de onderzoeksgroep een bijdrage hebben geleverd. De atlas, winnaar van de LOT-populariseringsprijs 2012, is o.a. gebaseerd op de grote syntactische en morfologische atlassen die de afgelopen jaren aan het Meertens Instituut zijn gemaakt.

    Vermeldenswaardig is tenslotte het verschijnen van de vijfdelige Blackwell Companion to Phonology (red. Van Oostendorp et al) met 124 state-of-the art artikelen die gezamenlijk het hele veld van fonologisch onderzoek bestrijken.

    Publikaties

    Wetenschappelijke artikelen in tijdschriften

    • Bloothooft, G. & Onland, D. (2011). Socioeconomic determinants of first names. Names, 59(1), 25-41.
    • Bloothooft, G. (2011). Voornamen kiezen. STAtOR, 13-19.
    • Broekhuis, H. (2011). A typology of clause structure. Linguistic Variation Yearbook, 10, 1-31.
    • Brok, H.J.T.M. (2011). Publicaties over plantennamen in Nederland, Nederlandstalig België en Frans-Vlaanderen. Aanvulling 2003-2011. Handelingen van de Koninklijke Commissie voor Toponymie & Dialectologie, 49-94.
    • Brok, H.J.T.M. (2011). Publicaties over plantennamen in Nederland, Nederlandstalig België en Frans-Vlaanderen. Aanvulling 2003-2011. Reeks Koninklijke Commissie voor Toponymie en Dialectologie. Vlaamse afdeling, 14.
    • Foolen, A. & Wouden, T. van der (2011). Van geschreven naar gesproken taal. Nederlandse Taalkunde, 16(3), 326-332.
    • Heeringa, W.J. & Hinskens, F.L.M.P. (2011). The Measurement of Dutch Dialect Change: Lexicon versus Morphology versus Sound Components. Taal en tongval. Themanummer, 2011("The Formation of Regiolects in the Low Countries").
    • Hinskens, F.L.M.P. (2011). Koineization in the present-day Dutch dialect landscape: postvocalic /r/ and more. Taal en tongval. Themanummer.
    • Jurgec, P. (2011). Slovenian has nine vowels. Slavisticna Revija/Slavic Review Ljubljana, 59(3), 243-268.
    • Koeneman, O.N.C.J., Lekakou, M. & Barbiers, S. (2011). Perfect Doubling. Linguistic Variation, 11(1), 35-75.
    • Kruijsen, T.J.W.M. (2011). De "Nijmeegse vragenlijsten" voor het WLD digitaal beschikbaar. Veldeke Jaarboek 2010, 103-118.
    • Kruijsen, T.J.W.M. & Brok, H.J.T.M. (2011). Limburgse volksnamen van planten. Jaarboek van de Vereniging voor Limburgse Dialect- en Naamkunde, 13, 65-84.
    • Kruijsen, T.J.W.M. (2011). Sur l’histoire de l’ALE. Fonetica si Dialectologie, 193-205.
    • Kunst, J.P. & Wesseling, F. (2011). The Edisyn search engine. Oslo Studies in Language, 3(2: J. B. Johannessen (ed.), Language Variation Infrastructure), 63-74.
    • Postma, G.J. (2011). Het verval van het pronomen du - dialect geografie en historische syntaxis. Nederlandse Taalkunde, 16, 56-87.
    • Wouden, T. van der (2011). Collocaties in online woordenboeken. Nederlandse Taalkunde, 16(2), 180-192.
    • Wouden, T. van der & Foolen, A. (2011). Pragmatische partikels in de rechterperiferie. Nederlandse Taalkunde, 16(3), 307-322.
       

    Wetenschappelijke hoofdstukken in boeken

    • Bennis, H.J. & Oostendorp, M. van (2012). Grammar & Geography or vice versa. Language and Space.
    • Bennis, H.J. & Hermans, B.J.H. (2012). Supraregional patterns and language change. Language and Space.
    • Bloothooft, G. & Mandemakers, K. (2011). Exploring co-variates with names in the (historic) Dutch civil registration. Proceedings of the XXIV-International Conference of Onomastic Sciences. Barcelona.
    • Bloothooft, G. & Schraagen, M. (2011). Name fashion dynamics and social class. Proceedings of the XXIV-International Conference of Onomastic Sciences. Barcelona.
    • Hall, D.C. (2011). Contrast. In M. van Oostendorp, C.J. Ewen, E. Hume & K.D. Rice (Eds.), The Blackwell Companion to Phonology. Oxford: Blackwell.
    • Hermans, B.J.H. (2011). The representation of stress. In M. Van Oostendorp, C.J. Ewen, E. Hume & K. Rice (Eds.), The Blackwell Companion to Phonology, Volume II (pp. 980-1002). Oxford: Blackwell.
    • Hermans, B.J.H. & Oostendorp, M. van (2011). Een oude kwestie in een nieuw licht; het contrast tussen stemloze en stemhebbende fricatieven. Willy Dols 1911-1944; Een verwachting die niet in vervuling mocht gaan. Euregionaal Historisch Centrum Sittard-Geleen.
    • Hinskens, F.L.M.P. (2011). Emerging Moroccan and Turkish varieties of Dutch: ethnolects or ethnic styles? In Fr. Kern & M. Selting (Eds.), Ethnic Styles of Speaking in European Metropolitan Areas (SiLV, 8) (pp. 103-131). Amsterdam/Philadelphia: Benjamins.
    • Hinskens, F.L.M.P. (2011). Lexicon, phonology and phonetics. Or: Rule- ­based and usage- ­based approaches to phonological variation. In P. Siemund (Ed.), Linguistic Universals and Language Variation (pp. 416-456). Berlijn: Mouton de Gruyter.
    • Jongkind, A. & Reenen, P. van (2011). The vocalization of /l/ in standard Dutch. In A Timuska (Ed.), Proceedings of the IVth International Conference of Dialectologists and Geolinguists: University of Latvia Riga, 28 July 2003 (pp. 255-259). Riga: Latvian Language Institute University of Latvia.
    • Kruijsen, T.J.W.M. (2011). La mésange limbourgeoise. In M. Nevaci (Ed.), Studia Linguistica et philologica. Omagiu profesorului Nicolae Saramandu (pp. 449-454). Bucuresti: Editura Universitatii.
    • Oostendorp, M. van & Naderi, N. (2011). Reducing the Number of Farsi Epenthetic Consonants. In A. Korn (Ed.), Topics in Iranian Linguistics (Beträge zur Iranistik, 34). Wiesbaden: Reichert.
    • Postma, G.J. (2011). Language Contact and Linguistic Complexity - The Rise of the Reflexive Pronoun zich in a 15th Century Netherlands' Border Dialect. Grammatical Change - Origins, Nature, Outcomes. Oxford: Oxford University Press.
    • Unsworth, S., Argyri, F., Cornips, L., Hulk, A., Sorace, A. & Tsimpli, I. (2011). Bilingual acquisition of Greek voice morphology and Dutch gender: What do they have in common? In Nick Danis, Kate Mesh & Hyunsuk Sung (Eds.), BUCLD 35 Proceedings of the 35th annual Boston University Conference on Language Development (pp. 590-602). Cascadilla Press.
    • Unsworth, S., Argyri, F., Cornips, L., Hulk, A., Sorace, A. & Tsimpli, I. (2011). On the role of onset and input in early child bilingualism in Greek and Dutch. In M. Pirvulescu, M..C. Cuervo, A.T. Pérez-Leroux, J. Steele & N. Strik (Eds.), Selected Proceedings of the 4th Conference on Generative Approaches to Language Acquisition North America (GALANA 2010) (pp. 249-265). Somerville: Cascadilla Proceedings Project.

    Boeken en boekredactie

    • Oostendorp, M. van, Ewen, C.J., Hume, B. & Rice, K. (Eds.). (2011). The Blackwell Companion to Phonology. Hoboken, NJ [etc.]: John Wiley and Sons.
    • Sijs, N. van der, Beelen, H. & Biesheuvel, I. (2011). Seeman. Maritiem woordenboek van Wigardus à Winschooten, met een cd-rom met diverse zeemanswoordenboeken. Zutphen: Walburg Pers.
       

    Congressen en workshops

    In 2011 zijn de volgende bijeenkomsten (mede-)georganiseerd door de onderzoeksgroep Variatielinguïstiek:

    • Workshop on Dutch Linguistics: Amsterdam (2011, maart 18).
    • Workshop voor subsidie-aanvraag bij NWO-Groot t.b.v. Nederlab in samenwerking met Huygens ING, INL, RUN: Den Haag (2011, maart 30).
    • Workshop on Greek Linguistics IV: Universiteit van Amsterdam (2011, april 4).
    • Historisch-morfologische workshop i.s.m. INL (2011, mei 27).
    • Workshop "Early Child Bilingualism: What we can learn from cross-linguistic investigations". International Symposium on Bilingualism *: Oslo, Norway (2011, juni 17).
    • CGSW. Comparative Germanic Syntax Workshop: Amsterdam (2011, juni 23 - 2011, juni 24).
    • European Dialect Syntax Workshop 5: Amsterdam (2011, juni 25).
    • Representations in Phonology: hierarchical vs. linear model. Societas Linguistica Europaea, 43rd annual meeting: Logroño / Spain (2011, september 10 - 2011, september 10).
    • The construction of local identities through culture and language in the Dutch province of Limburg. NIAS Exploratory Workshop: (2011, december 01 - 2011, december 03).
    • Workshop Syntactic Variation, Going Romance, Universiteit Utrecht (2011, december 10).
    • Syntax Circle Lecture Series.

    Onderwijs

    BA/MA of PhD cursus

    • Barbiers, S. (2011). (Micro-)comparative Syntax. MA cursus research master: Universiteit Utrecht.
    • Barbiers, S. (2011). Research MA course Comparative Syntax, Universiteit Utrecht.
    • Barbiers, S. (2011). Taaldiagnostiek. MA cursus: Universiteit Utrecht.
    • Bennis, H.J. (2011). Het Nederlands: een dynamische taal: Universiteit van Amsterdam
    • Jurgec, P. (2011). Introduction to Optimality Theory. Eastern European Generative Grammar School (EGG).
    • Jurgec, P. (2011). Ph.D. cursus Assimilation. Eastern European Generative Grammar School (EGG)
    • Jurgec, P. (2011). Ph.D. cursus Introduction to Optimality Theory. Eastern European Generative Grammar School (EGG)
    • Oostendorp, M. van & D'Alessandro, R.A.G. (2011). Microvariation. Research MA-cursus: Leiden University.
    • Oostendorp, M. van (2011). Ph.D. cursus Phonological microvariation.
    • Oostendorp, M. van (2011). Ph.D. cursus Phonology: The Key Ideas. LOT Summer School 2011: Leuven.
       

    Gastlezing in BA/MA of PhD cursus

    • Barbiers, S. Guest lecture in Research MA Linguistics UU: Comparative Syntax - Microvariation.
    • Cornips, L. College Taaldiagnostiek. MA cursus Taaldiagnostiek, Universiteit Utrecht.
    • Cornips, L. Sociolinguistic, syntactic variation. Albert-Ludwigs-Universitaet Freiburg.
    • Oostendorp, M. van. Jalla jalla! En ander modern Germaans. Duitse taalkunde en Scandinavische taalkunde: Universiteit van Amsterdam.
    • Wesseling, F.  Gastcollege. Gastcollege in module Nederlands: een dynamische taal: Amsterdam.

    Redacties

    Onderzoekers van Variatielinguïstiek waren betrokken als (gast)-redacteur bij de volgende tijdschriften:
    • Biolinguistics
    • Digitale Bibliotheek der Nederlandse Letteren, elektronisch tijdschrift
    • Language Problems and Language Planning
    • Linguistic Variation Yearbook
    • Naamkunde
    • Neder-L
    • Neerlandistiek.nl
    • Onoma
    • Taalpost, elektronisch tijdschrift
    • Taal en Tongval
    • The Journal of Comparative Germanic Linguistics
    • Tijdschrift voor Nederlands Taal- en Letterkunde (TNTL)
    • Trefwoord
       
  • Projecten Variatielinguïstiek

    De onderzoeksgroep Variatielinguïstiek beschrijft en onderzoekt de taalkundige variatie in het Nederlandse taalgebied, allereerst in Nederland. Het gaat daarbij niet alleen om geografische variatie (o.a. dialecten), maar ook om sociaal en cultureel bepaalde variatie. Het belangrijkste doel van dit onderzoek is om inzicht te verwerven in de aard van taalvariatie, de taalkundige factoren die daarbij een rol spelen en de buitentalige factoren (o.a. leeftijd, gender, etniciteit) die variatie in Nederland veroorzaken of beïnvloeden. Het onderzoek is gericht op inzicht in de hedendaagse situatie. Diachroon onderzoek naar taalverandering speelt daarbij een rol, naast sociolinguïstisch en formeel taalkundig onderzoek; wezenlijk is ook de wisselwerking tussen deze drie benaderingen. De onderzoeksgroep concentreert zich op variatie in de grammatica (klanken, woordvorming en zinsbouw).

    Afbeelding uit de Dialectatlas van het Nederlands, Spijkerbroek (p. 88).


    Fonologische variatie

    Fonologische variatie van Nederlandse dialecten (2005-...)

    Het onderzoek strekt zich uit tot segmentele variatie binnen het Nederlandse taalgebied. De nadruk ligt enerzijds op de bijdrage die de studie van deze variatie kan leveren in het inzicht in segmentele representatie en anderzijds op een verruiming en verscherping van het concept 'dialectafstand'.
    Resultaten in 2011: B. Hermans: 1 publicatie in wetenschappelijk tijdschrift (reviewed), 1 publicatie in wetenschappelijk tijdschrift (not reviewed), 5 lezingen. M. van Oostendorp: 1 publicatie in wetenschappelijk tijdschrift (reviewed), 1 bundel (Blackwell Companion to Phonology), 9 lezingen als keynote spreker, 5 overige lezingen, 3 workshops/bijeenkomsten, 1 boekreview, onderwijs, 2 begeleidingen masterscriptie, 19 niet wetenschappelijke publicaties. F. Hinskens: 1 lezing als keynote spreker, 2 overige lezingen, 2 reviews grant application, 1 promotiebegeleiding. P. Jurgec: 2 lezingen als keynote spreker, 1 overige lezing, onderwijs.
    Medewerkers: B. Hermans (uitvoerder), F.L.M.P. Hinskens (uitvoerder), P. Jurgec (onderzoeker), M. van Oostendorp (uitvoerder).

    Van dialect naar regiolect: hoe deze verandering weerspiegeld wordt in productie en perceptie van de sprekers (2007-2011)

    In het taalgebruik op radio en televisie wordt het standaard Nederlands hoe langer hoe gedifferentieerder, dat wil zeggen regionaal gekleurd. Hoppenbrouwers (1990) heeft de omgekeerde tendens laten zien voor dialecten. Doordat ze zowel worden beïnvloed door de standaardtaal als door elkaar, worden ze in het algemeen juist minder gedifferentieerd en klonteren ze samen tot grotere eenheden: regiolecten (vlg. ook Hinskens (1993), Auer & Hinskens (1996), en Hinskens, Auer & Kerswill (2005)). Waar dit type verandering tot nog toe voornamelijk werd beschreven in termen van afzonderlijke talige verschijnselen, wordt het in dit project onderzocht met behulp van moderne web-gebaseerde en computationele technieken; deze geven een breed panoramisch beeld van dit type verandering. Het doel van dit project is, te onderzoeken hoe de verandering van dialecten naar regiolecten weerspiegeld wordt in productie en perceptie van de sprekers. De resultaten van dit onderzoek geven inzicht in de aard van taalverandering en dialectnivellering. Het onderzoek is van belang voor historisch taalkundigen omdat het inzicht biedt in richting en tempo van klankverandering. Het onderzoek is gebaseerd op representatieve Nederlandse dialecten van meer dan 80 verschillende plaatsen in Nederland en Vlaanderen. Perceptieve afstanden worden verkregen op basis van een web survey waarin dialectsprekers naar dialectopnames luisteren. Computationele afstanden worden bepaald op basis van de transcripties van de opnames. In de experimenten worden twee groepen onderscheiden: conservatieve dialectsprekers (oudere mannen) en innovatieve dialectsprekers (jongere vrouwen). Er worden drie hypotheses getoetst. Ten eerste, perceptieve afstanden die gebaseerd zijn op opnames van innovatieve sprekers suggereren grotere dialectgebieden dan afstanden die gebaseerd zijn op opnames van conservatieve sprekers. Ten tweede, de verandering van dialect naar regiolect betreft het lexicale niveau ('kopstubber' wordt 'roagebol') sterker dan de klankcomponenten fonologie ('hoes' wordt 'huus') en fonetiek. Ten derde, deze verandering betreft ook de perceptie van de sprekers, maar de perceptie loopt achter bij de productie. Project in samenwerking met de Rijksuniversiteit Groningen, Universitaet Wien, Ohio State University, Forschungszentrum Deutscher Sprachatlas Marburg.
    Resultaten in 2011: 3 lezingen (waarvan 1 invited).  Veldwerk in drie plaatsen, sprekers vertellen verhaal, vertalen tekst en lezen die voor, en beantwoorden diverse vragen. Het resultaat is een opname die in lengte kan varieren van een half uur tot ongeveer twee uur. Daarnaast opname standaard Duits op het instituut. IPA/X-SAMPA transcripties van 2 x 86 dialectfragmenten plus 3 standaardtalen, totaal 175 fragmenten, maximaal 125 woorden per fragment en lexicale/morfologische codering aangebracht.
    Medewerkers: W.J. Heeringa (onderzoeker), F.L.M.P. Hinskens (begeleider).
     

    Syntactische variatie

    Agreementrelaties (2001-...)

    Het verschijnsel 'agreement' is een centraal thema in de theoretische taalkunde. Bekend is dat agreementrelaties, zoals congruentie tussen subject en persoonsvorm of tussen nomen en adjectief, een grote mate van variatie vertonen. Doel van dit project is inzicht te verkrijgen in de mate en de aard van variatie op dit terrein en de theoretische consequenties daarvan.
    Resultaten 2011: 2 hoofdstukken in bundel, 3 lezingen
    Medewerker: H.J. Bennis (projectleider/uitvoerder).

    Dynamica van Syntactische Taalveranderingen (2009-...)

    In dit project leggen we een verband tussen geografische en temporele patronen (E-taal), verkregen via een kwantitatieve analyse van een taalverandering, en de aard van de taal-interne verandering (I-taal). De bedoeling is kwantitatieve modellen op te stellen en deze te testen met behulp van diachrone corpora.
    Resultaten 2011: 1 artikel in tijdschrift, 1 hoofdstuk in bundel, 1 lezing als keynote spreker, 4 overige lezingen.
    Medewerkers: G. Postma (uitvoerder).

    European Dialect Syntax (2005-2012)

    (i) Documentatie en analyse van syntactische verdubbelingsverschijnselen in Europese dialecten (ii) Opbouwen van Europees netwerk van dialectsyntactici. Standaardiseren van methodologie, opslag en retrieval van syntactische data.
    Resultaten in 2011: technologische infrastructuur: Database Freiburgs Engels corpus (FRED) toegevoegd. Data van het Italiaans (ASIt) geupdate met POS tagging van de testzinnen. User interface Edisyn aangepast en verfijnd. Google Translate-optie toegevoegd voor corpora zonder glossen. Begonnen met verwerking Nordic Syntactic Judgments Database. Nieuw ontwerp voor de Edisyn sites (zoekmachine en dialectsyntax.org). Dialectsyntax.org is getransformeerd naar WIKI. 18 internationale lezingen 2 internationale publicaties 1 workshop.
    Medewerkers: S. Barbiers (projectleider), E. Boef (medewerker onderzoek), F. Wesseling (medewerker onderzoek).

    Sociolinguïstisch/Syntactisch onderzoek: Limburg (2000-...)

    Onderzoek gericht op syntactische variatie en verandering in de Limburgse dialecten en het Limburgse Nederlands; parameters en sociale distributie.
    Resultaten in 2011: 4 lezingen (als keynote spreker)
    Medewerkers: L. Cornips (onderzoeker).

    Naamkunde

    LINKS: koppelingssysteem voor historische familiereconstructie (2009-2013)

    LINKS heeft tot doel om alle families in Nederland in de 19e en 20ste eeuw te reconstrueren. Deze reconstructie zal gebaseerd worden op GENLIAS, de digitale index van alle registers van de burgerlijke stand uit die periode. Al vijftien jaar lang zijn talrijke vrijwilligers bezig geweest om de index te bouwen, en ze hebben nog vele jaren te gaan. Deze index bevat niet alleen de namen van de geborenen, gehuwden en overledenen maar ook de namen van hun ouders en partners, geboorteplaats, geboortedatum en soms ook beroepen. De beschikbaarheid van deze gegevensverzameling heeft een groot potentieel voor wetenschappelijk onderzoek dat gericht is op individuen in familieverband. Dit is niet alleen van het grootste belang voor historische demografie en sociale- en economische geschiedenis, maar ook voor naamkunde, epidemiologie, antropologie, historische sociologie en genetica. Als gevolg van de hoge mate van onzekerheid in de spelling van voor- en achternaam (door lees- en typfouten, verkeerde notaties en inconsistenties bij de registratie, regionale verschillen, etc.) en inconsistenties tussen archieven bij de lokale gegevensopslag, is gegevenskoppeling een gecompliceerde taak. Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met het IISG (KNAW), LIACS (Universiteit Leiden), UiL-OTS (Universiteit Utrecht).
    Resultaten in 2011: 1 artikel in bundel, 4 lezingen en publiciteit in het kader van 200 jaar Burgerlijke Stand (jeugdjournaal, radiouitzendingen, Volkskrant, Spits, ANP)
    Medewerkers: G. Bloothooft (onderzoeker / mede-projectleider Meertens Instituut / UiL-OTS UU), K. Mandenmakers (onderzoeker / projectleider IISG).

    Overige projecten

    Cognition, Acquisition and Variation tool (Clarin project) (2011-2012)

    In dit project wordt digitaal gereedschap ontwikkeld ten behoeve van innovatief interdisciplinair onderzoek waarbij gekeken wordt naar de talige eigenschappen van lexicale items, zowel binnen eerste taalverwerving als binnen dialectvariatie. Gereedschap dat in een eerder onderzoeksproject ontwikkeld werd om omvangrijke lexicale dialectdatabanken te ontsluiten, dient daarbij als uitgangspunt. De databanken die in dit project naast elkaar gelegd worden, zijn CHILDES en de digitale woordenboeken van de Limburgse en Brabantse dialecten. Het project laat zien hoe je met de CLARIN-infrastructuur sterk verschillende taalkundige disciplines, namelijk eerste kindertaalverwerving en (historische) dialectologie met elkaar in verband kunt brengen en de informatie uit dataverzamelingen van verschillende disciplines kunt laten overeenstemmen. Dit maakt het bijvoorbeeld mogelijk om te kijken welke variatie basisbegrippen, zoals zon, neus, boom en vis, vertonen in de woordenschat van dialecten en hoe ze als woorden worden geleerd door kinderen. Project in samenwerking met: Prof. J. Swanenberg; Universiteit van Tilburg.
    Resultaten in 2011: 1 internationale, geselecteerde lezing (SDH 2011, Copenhagen).
    Medewerkers: L. Cornips (onderzoeker), M. Kemps-Snijders (coordinator ICT), F. de Vriend (medewerker), W.J. Heeringa (onderzoeker), M.H.M. Snijders (ontwikkelaar ICT).

    Diachrone corpora (2010-2012)

    Coördinerende en inhoudelijke werkzaamheden om diachrone corpora voor onderzoek samen te stellen en te ontsluiten. Project in samenwerking met het Prize Papers Consortium, Huygens ING en de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren.
    Resultaten in 2011: Op 1 november is een NWO-Groot aanvraag ingediend voor 'Nederlab - Laboratory for research on the patterns of change in the Dutch language and culture' (29 pagina's plus 3 appendices). Alle corpus-, tools- en infrastructuuraanbieders zijn betrokken bij de aanvraag, en de meeste universiteiten en onderzoeksinstellingen steunen de aanvraag. Op 30-3-2011 en 27-5-2011 zijn worskhops georganiseerd. Ter voorbereiding van de aanvraag is het open gedeelte van het Netwerk Diachronie (diachronie.nl) uitgebreid met een nieuwsrubriek en met allerlei voorheen niet toegankelijke corpora. Als testcase is gewerkt aan de samenstelling van een Amerikaans-Nederlands corpus van de 17e eeuw tot heden, waarvoor stagiaire G. Bruining van de VU het grootste gedeelte van de getikte of handgeschreven enquêtes van Jo Daan gedigitaliseerd heeft. Er zijn Amerikaans-Nederlandse teksten uit diverse periodes verzameld en er is contact gelegd met allerlei personen en instellingen die materiaal bezitten, waaronder het New Netherland Project. In november 2011 is, met steun van het Prins Bernhard Cultuurfonds, een vrijwilligersproject gestart t.b.v. de ontsluiting en transcriptie van gekaapte documenten uit de 17e- en 18e- eeuw. Er zijn ca. 150 vrijwilligers geworven. Technici van het Meertens Instituut hebben een applicatie gemaakt voor het invoeren van metadata bij de gekaapte brieven. Bij het project wordt samengewerkt met een groot aantal instellingen (Huygens ING, Koninklijke Bibliotheek, Nationaal Archief, Fryske Akademie, UL/M. van der Wal, Brill, UvA), die tezamen in 2011 het Prize Papers Consortium hebben opgericht.
    Medewerker: N. van der Sijs (onderzoeker).

    Jongerentaal en straattaal (2003-...)

    Doel van het project is om straattaal zowel taalkundig als antropologisch in kaart te brengen, op basis van onderzoek naar de taalkundige diversiteit van jongeren met een verschillende etnische achtergrond in de grote steden in Nederland. Project in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam.
    Resultaten in 2011: 1 BA-scriptie, 1 MA-scriptie.
    Medewerker: L. Cornips

    Taalportaal (2011-2015)

    Het project "Taalportaal" richt zich op het ontwerp, de ontwikkeling en de implementatie van een virtueel taalinstituut, een digitale gedistribueerde bron van kennis over de grammaticale eigenschappen van het Nederlands en het Fries. Zie http://www.taalportaal.org. Project in samenwerking met de Universiteit Leiden, Fryske Akademy, Instituut voor Nederlandse Lexicologie, Universiteit Utrecht.
    Resultaten in 2011: In 2011 bevond het project zich in de opstartfase. H. Broekhuis heeft een eerste conceptversie van de eerste drie hoofdstukken van het werkwoord-hoofdstuk afgerond en een opzet gemaakt voor de overige hoofdstukken. Tevens heeft H. Broekhuis het nonimina-deel (1200pp.) klaargemaakt voor publicatie (voorjaar 2012). M. van Oostendorp en B. Köhnlein hielden een lezing op de Old World Conference in Phonology 8.
    Medewerkers vanuit Meertens Instituut: H. Broekhuis (onderzoeker syntaxis), B. Köhnlein (onderzoeker fonologie), M. van Oostendorp (supervisor/onderzoeker fonologie), K. Sebregts (onderzoeker fonologie), T. van der Wouden (onderzoeker morfologie).

    Meertensvragen in de Talenquiz (2007-2011)

    Maandelijks levert het Meertens Instituut een vraag over taalvariatie aan de Talenquiz. De Talenquiz (Taalstudio/de Praktijk) laat leerlingen van de bovenbouw op een aansprekende manier kennismaken met de breedte van het taalwetenschappelijk vakgebied. Project in samenwerking met De Taalstudio.
    Resultaten in 2011: 6 taalvragen in 2011.
    Medewerkers: M.M. Jansen (webredacteur).

    Spellingsvariatie in oudere Nederlandstalige teksten (2010-2012)

    De doelstelling van dit project is om een 'tool' te ontwikkelen die automatisch spellingsvariatie kan interpreteren in termen van zijn linguistische status (wordt de variatie bepaald door het dialect, door de schrijfschool, door de scribent, etc.). Het is de bedoeling dat deze 'tool' een intermediair transcriptieniveau produceert tussen de originele tekst en de vertaling daarvan. De 'tool' wordt online voor iedereen beschikbaar gesteld. Iedere geinteresseerde kan derhalve zijn/haar data ermee verrijken. Uiteindelijk zal de 'tool' deel uitmaken van de CLARIN-infrastructuur.
    Resultaten in 2011: Voor de CRM-database (Corpus-Reenen-Mulder) is een syllabificeerder ontwikkeld, zodat gemakkelijker gezocht kan worden op complexere fonologische omgevingen. Ieder lemma van de CRM-database is voorzien van alle geattesteerde realisaties, compleet met geografische gegevens.
    Medewerkers: B. Hermans (fonoloog), G. Postma (morfosyntacticus), M. Rem (Radboud Universiteit).

    The roots of ethnolects (2005-2012)

    Naast het Indisch Nederlands en het Surinaams Nederlands ontstaan er heden ten dage andere etnisch gekleurde variëteiten (oftewel etnolecten) van het Nederlands. In dit project gaat het erom de wortels van deze etnolecten bloot te leggen. Putten etnolecten uit de lokale stadsdialecten, of staan ze daar los van? Vinden we in een etnolect de sporen terug van de tweede-taalverwervingsprocessen van de eerste generatie? Komen er elementen uit de oorspronkelijke moedertaal van de etnische groep in voor, en zo ja, welke? Wat is het verband tussen het meer stabiele etnolect en de meer vluchtige jeugdtalen en straattalen? Verbreid het etnolect zich ook voorbij de eigen etnische groep ('crossing')? Hoe raakt een jongere ingevoerd in het etnolect? Om deze en verwante vragen te beantwoorden worden groepjes Marokkaanse en Turkse jongeren van 12 en 20 jaar opgenomen in Amsterdam en Nijmegen, in interactie met elkaar en met van oorsprong Nederlandse jongeren. Project in samenwerking met Algemene Taalwetenschap, Radboud Universiteit Nijmegen.
    Resultaten in 2011: 2 lezingen (beide keynote), 1 artikel in internationale bundel (reviewed).
    Medewerker: F.L.M.P. Hinskens (onderzoeker Variatielinguïstiek).

    Constructie van regionale identiteit in Limburg: een onderzoek naar taalcultuur (2011-...)

    Dit project onderzoekt a) de inzet van taal (dialect, regiolect, Nederlands, hybride vormen) en cultuur (ritueel, feesten) in de constructie van lokale identiteit(en) in Limburg, b) de contexten waarin lokale identiteit(en) worden beleefd en uitgedragen, en c) de betrokken actoren en hun publiek. Hierbij is het niet zozeer de vraag of er - zoals het begrip dialectrenaissance suggereert - sprake is van een opleving van dialectgebruik in kwantitatieve zin: het gaat om de betekenissen die aan taalgebruik worden toegekend. Een belangrijk theoretisch uitgangspunt is dat 'de plaats', 'de regio' of 'de streek' geen geografisch afgebakende gebieden zijn met vastomlijnde culturele, linguïstische en historische eigenschappen, maar tijdsgebonden dynamische producten van collectief handelen en sociale verbeelding. Het onderzoek zal daarom zowel gericht zijn op de discursieve aspecten van de uitdrukking en vormgeving van lokale identiteit(en) als op de praxis waarbinnen deze identiteit(en) (in de zin van performance) vorm krijgen en worden beleefd (vgl. Bell 1997; Bourdieu 1984, 1991; Eckert 2000; Eckert & McConnell-Ginet 1999; Lave & Wenger 1991; Meinhof & Galasinski 2005). Project in samenwerking met: Universiteit van Amsterdam (dr. V. de Rooij en Prof. dr. J. Leerssen), Maastricht University (Prof. dr. W. Kusters en drs L. Thissen) en Radboud Universiteit (Prof. dr. E. Venbrux).
    Resultaten in 2011: Gehonoreerde internationale NIAS-Exploratory Workshop, 2 nationale en 1 internationale lezingen, 1 MA-scriptie, 1 stageverslag.
    Medewerkers: L. Cornips (onderzoeker Variatielinguïstiek), I. Stengs (onderzoeker Nederlandse Etnologie).

  • Variatielinguïstiek

    De onderzoeksgroep Variatielinguïstiek beschrijft en onderzoekt de taalkundige variatie in het Nederlandse taalgebied, allereerst in Nederland. Het gaat daarbij niet alleen om geografische variatie (o.a. dialecten), maar ook om sociaal en cultureel bepaalde variatie. Het belangrijkste doel van dit onderzoek is om inzicht te verwerven in de aard van taalvariatie, de taalkundige factoren die daarbij een rol spelen en de buitentalige factoren (o.a. leeftijd, gender, etniciteit) die variatie in Nederland veroorzaken of beïnvloeden. Het onderzoek is gericht op inzicht in de hedendaagse situatie. Diachroon onderzoek naar taalverandering speelt daarbij een rol, naast sociolinguïstisch en formeel taalkundig onderzoek; wezenlijk is ook de wisselwerking tussen deze drie benaderingen. De onderzoeksgroep concentreert zich op variatie in de grammatica (klanken, woordvorming en zinsbouw).

     Onder 'Activiteiten' staat een overzicht van de belangrijkste activiteiten die plaats hebben gevonden in de onderzoeksgroep in 2011. Bij 'Onderzoeksgroep' is de output per onderzoeker terug te vinden en bij 'Projecten' staan de lopende projecten en resultaten over 2011.