Achtmaal, H. Cornelius

Cultusobject: H. Cornelius
Datum: 16 september (+ weekeinde na)
Periode: 1863 - heden
Locatie: Parochiekerk van Sint Cornelius
Adres: Pastoor de Bakkerstraat 8, 4885 AM Achtmaal
Gemeente: Zundert
Provincie: Noord-Brabant
Bisdom: Breda
Samenvatting: Als patroonheilige van de nieuwe parochiekerk te Achtmaal werd in 1863 de in Brabant populaire heilige Cornelius gekozen. De cultus van deze heilige, vooral aangeroepen bij zenuwkwalen en veeziekten, groeide al snel uit tot een kleine regionale bedevaart die tot heden een zekere uitstraling heeft, tot in België toe.
Auteur: Hans de Jong
Illustraties:
Topografie - Het West-Brabantse dorp Achtmaal is gelegen ten zuidwesten van Zundert, nabij de grens met België. Het grondgebied van de parochie Achtmaal, met daarop enkele verspreid liggende gehuchten, behoorde vroeger tot de parochie van Groot-Zundert. In 1862 vormden de bewoners van de buurtschappen een commissie om te komen tot de oprichting van een eigen parochie. De Antwerpse koopman J.B. van den Bergh schonk een perceel mastbos, iets ten zuiden van het gehucht Achtmaal gelegen, om een kerk te bouwen. Bisschop J. van Hooydonk van Breda benoemde Martinus de Bakker, kapelaan te Zundert, tot bouwpastoor van deze parochie.
- Aan de huidige Pastoor De Bakkerstraat is in 1862-1863 een driebeukige zaalkerk in classicistische stijl gebouwd naar een ontwerp van P. Soffers. Op 16 september 1863 werd de kerk ingewijd. In 1966 is de kerk vergroot.
Cultusobject - De paus en martelaar Cornelius († 253) had tijdens zijn pontificaat te maken met verscheurdheid van de christelijke gemeenschap. In tegenstelling tot de tegenpaus Novatianus stond hij voor een milde boetepraktijk bij christenen die vanwege de vervolging tijdelijk van hun geloof waren gevallen.
De verering van Cornelius (14 september; later 16 september), groeide in West-Europa gedurende de 7e tot in de 10e eeuw door middel van de verspreiding van diens relieken. Kornelimünster, nabij Aken, is vanwege de aanwezigheid van enkele belangrijke relieken (het grootste deel van het hoofd, rechterarm en drinkhoorn) thans nog een van de drukst bezochte bedevaartplaatsen in Duitsland. Cornelius is een van de vier heilige maarschalken (de overige drie zijn Quirinus, Antonius Abt en Hubertus). Hij is patroon van de boeren en het (hoorn-)vee. Iconografisch wordt Cornelius afgebeeld als paus met een hoorn in de hand.
Met name in Brabant was Cornelius een populaire heilige die in de 19e en 20e eeuw in tal van plaatsen met behulp van relieken en broederschappen als nieuwe cultus is geïntroduceerd.
- De parochie beschikt over een reliek 'ex ossibus' ('uit het gebeente') van Cornelius, gevat in een theca samen met een reliek van Maria, die in 1863 werd verkregen dankzij de bemiddeling van de bisschop van Breda.
- Het bijna levensgrote beeld van Cornelius, met pausstaf in de hand, staat rechts van het altaar op een console tegen de achtermuur. In 1968 werd het eikenhouten beeld wit geverfd.
Verering - De afscheiding van de nieuwe parochie Achtmaal van de moederparochie Zundert werd mede voorbereid door de pastoor van Zundert, Cornelis Beekman. Hij stelde daartoe een plan op waarin hij voorstelde om als patroonheilige een heilige te nemen die veel devotie in de kerk zou brengen en koos zijn naamgenoot, de heilige Cornelius, daartoe uit. Na de oprichting van de parochie verkreeg deze, dankzij de bisschop van Breda, J. van Hooydonk, een reliek van de heilige. Aan de verering van de reliek verbond Paus Pius IX op 7 juni 1863 een volle aflaat. Het feest van St. Cornelius, tevens de dag van de kerkwijding, werd sindsdien uitvoerig gevierd. Op 29 december 1867 vroeg pastoor De Bakker toestemming om op deze feestdag met twee priesters de mis te mogen opdragen.
- In 1911 schreef pastoor J. van den Biezen dat het aantal vreemdelingen dat op 16 september de kerk bezocht, was toegenomen ten opzichte van vorige jaren. Een jaar later, bij de viering van het vijftigjarig jubileum van de parochie, werd er zelfs zoveel geld opgehaald dat de pastoor verzocht zijn inkomen met deze opbrengsten te mogen vergroten. In datzelfde jaar werd uit deze opbrengsten ook een nieuw Corneliusaltaar aangeschaft. In 1918 schreef Van Rooijen dat vooral op de zondag in het feestoctaaf uit de omstreken de gelovigen 'in menigte' toestromen. Ook worden in grote getale kinderen (tot aan de kleinste toe) meegenomen om de Corneliuszegen te ontvangen en de reliek te vereren.
- Op 28 augustus 1923 vroeg de pastoor aan bisschop J. van Genk van Breda toestemming om een broederschap ter ere van Cornelius op te richten. Hij hoopte met de bevordering van de devotie de offergaven te vergroten om de kerk te kunnen restaureren.
Het merendeel van de leden van deze broederschap (die een maximale grootte heeft gekend van circa 1000 leden) was uit België afkomstig. Er waren circa 20 zelatrices voor de broederschap werkzaam, onder meer in Belgische grensplaatsen als Essen, Horendonk, Nieuwmoer, de Wildert en Wuustwezel. In Nederland woonden veel leden in de plaatsen Zundert, Wernhout, Rijsbergen en Achtmaal zelf. Aan het begin van de jaren zeventig van de 20e eeuw stierf de broederschap een stille dood.
- De verering heeft in zijn bestaan niet zoveel schriftelijke sporen achtergelaten. Het parochiememoriaal vermeldt dat er op 16 september 1937, bij het 75-jarig bestaan van de parochie, nog nooit zoveel bezoekers het Corneliusoctaaf hadden bijgewoond. Ook de fanfare uit het nabijgelegen Schijf was de viering komen opluisteren. Gedurende de Tweede Wereldoorlog kon de verering gewoon worden voortgezet.
- Cornelius werd, net als in andere Corneliusplaatsen, aangeroepen bij zenuwziekten en in het bijzonder vallende ziekte. Ook gold hij als patroon tegen kinder- en veeziekten. Er is een 'wonder' bekend uit de jaren vijftig toen een man, afkomstig uit Wildert, op voorspraak van Cornelius genas. In de Volkskunde-Atlas (1965) wordt het gebruik van Belgische bedevaartgangers naar Achtmaal genoemd om ter genezing van stuipen een zilveren frank tegen het voorhoofd te houden en zuurdesem aan de voeten van de patiënt te houden. De frank werd vervolgens geofferd.
Sinds enkele decennia wordt Cornelius' patronaat algemener geformuleerd: de bevrijding van geestelijke en lichamelijke ziekten. Tijdens de viering is er echter speciale aandacht voor kinderen blijven bestaan. De kinderzegening - tot 1981 tijdens de gehele feestweek - na elke mis en elk lof werd als bijzonder ervaren. Pastoor J. Verdurmen vertelde in 1981 dat de zegening mensen trok die anders nooit naar de kerk kwamen. Het Corneliuslied is ook een van de vaste rituelen tijdens het Corneliusfeest, al is dat sinds de jaren zeventig niet meer onder begeleiding van de zangeres Toos Sio uit Bergen op Zoom. Zij was indertijd een jong Brabants tv-sterretje met een grote devotie voor Cornelius en kwam jaarlijks het devotielied bij de missen voorzingen.
- In 1981 kende Achtmaal geen feestweek meer. Er waren toen enkel nog missen ter ere van Cornelius op 16 september en op de zaterdag en de zondag na die dag. Bij de verschillende missen en loven kwamen in totaal zo'n 1200 bezoekers, van wie ongeveer een derde van buiten het dorp op bedevaart kwam. Ondanks de kinderzegeningen was het een voornamelijk vergrijsd en uit agrarische kringen afkomstig publiek. Na afloop van elke mis werd de Corneliusreliek vereerd. Een speciale processie ter ere van Cornelius heeft men in Achtmaal nooit gekend. Sinds 1981 is de verering van Cornelius verder teruggelopen, al komen er nog steeds bezoekers uit België.
- Devotionalia zijn er niet (meer?) verkrijgbaar, wel worden er nog veel kaarsen bij Cornelius opgestoken.



Bronnen en literatuur Archivalia: Achtmaal, parochiearchief: Registrum memoriale. Breda, bisdomarchief: parochiedossier Achtmaal.
Literatuur: J.B. Krüger, Kerkelijke geschiedenis van het bisdom van Breda, dl. 3 (Roosendaal: Van Leeuwen, 1875) p. 29-30); A. Scheepers, St. Cornelius-Boekje. Beknopte schets van het leven, den marteldood en de vereering van den H. Cornelius etc. (Gulpen: M. Alberts en Zonen, 1888) p. 27, vermelding verering; Jan Kalf, De katholieke kerken in Nederland (Amsterdam: Van Holkema & Warendorf, 1906) p. 479-480; Alb. van Rooijen, Vereering van den H. Cornelius (Bijzonderen Patroon tegen Zenuwziekten) in Nederlandsche kerken en kapellen (Leiden: Futura, 1918) p. 3, 5-6; G.C.A. Juten, De parochiën in het bisdom Breda, dl. 2 (Bergen op Zoom: Gebr. Juten, 1935) p. 342-344, over oprichting parochie; J.P. Bik, Feest- en vierdagen in kerk- en volksgebruik, dl. 3 (Velsen: Th.F. Wolfs, 1958) p. 113; Matthias Zender, Räume und Schichten mittelalterlicher Heiligenverehrung in ihrer Bedeutung für die Volkskunde. Die Heiligen des mittleren Maaslandes und der Rheinlande in Kultgeschichte und Kultverbreitung (Düsseldorf: Rheinland Verlag, 1959) p. 149, 159, vermelding patrocinium en inroepen bij vallende ziekte; P.J. Meertens & M. de Meyer ed., Volkskunde-Atlas voor Nederland en Vlaams-België. Commentaar Aflevering II (Antwerpen: Standaard, 1965) p. 19, houden van een frank tegen het hoofd; A. Delahaye, De gouden kerken van Zundert en Wernhout (Zundert: Vorsselmans, 1977) p. 31-32; J. van Laarhoven ed., 'Naar gothieken kunstzin'. Kerkelijke kunst en cultuur in Noord-Brabant in de negentiende eeuw ('s-Hertogenbosch: Noordbrabants Museum, 1979) p. 106, kerk van Soffers; J. Verdurmen [pastoor Achtmaal], 'Gedachten rond feestdag van H. Cornelius 16 september, in: Weekblad voor Zundert en Rijsbergen nr. 36, 10 september 1981; P.J. Margry, Bedevaartplaatsen in Noord-Brabant (Eindhoven: Bura Boeken, 1982) p. 46-50, 329; L.C.B.M. van Liebergen & W.P.C. Prins ed., Sanctus. Met heiligen het jaar rond (Uden: Museum voor Religieuze Kunst, 1997) p. 53-56.
Overige bronnen: Meertens Instituut BiN-dossier Achtmaal; Meertens Instituut volkskundige vragenlijst 23 (1959) en 64a (1993); Nijmegen: Katholiek Documentatie Centrum-KLiB, bedevaartfoto's Margry (1981).

  Mail voor aanvullingen en commentaar.
 
<<