HomeDatabankenBedevaarten

Straten, H. Antonius Abt

Mail voor aanvullingen en commentaar
Cultusobject: H. Antonius Abt
Datum: 17 januari
Periode: Ca. 1400 (?) - heden
Locatie: Kapel van St. Antonius Abt behorende tot de St. Petrusparochie
Adres: Straten 12, 5688 NJ Oirschot
Gemeente: Oirschot
Provincie: Noord-Brabant
Bisdom: 's-Hertogenbosch
Samenvatting: Volgens de plaatselijke overlevering is er vanaf circa 1400 in Straten een verering van St. Antonius Abt geweest. Deze verering heeft gestalte gekregen in de opeenvolgende bouw van verschillende kapellen op dezelfde plaats. In de loop der eeuwen duiken telkens aanwijzingen op die duiden op een meer dan lokale functie van de kapel. Thans trekt de kapel, die beheerd wordt door inwoners uit Straten, nog bezoekers uit Oirschot en omgeving.
Auteur: J. Lijten
Illustraties:
(Klik op afbeelding voor vergroting)
Topografie - De kapel is gelegen in Straten op een driehoekig pleintje omgeven met bomen, ongeveer drie kilometer ten oosten van de kom van Oirschot, aan de oude weg van Oirschot (over Straten en Aarle) naar Best, ten noorden van de thans gebruikte weg Oirschot-Best. De kapel is de vierde of vijfde van de elkaar opvolgende aan Antonius Abt gewijde kapellen, die alle op dezelfde plek hebben gestaan.
- Van de eerste (houten) kapel, die volgens de overlevering gebouwd zou zijn omstreeks 1400, is enkel een schriftelijke vermelding achteraf bekend in een zoenakkoord van 1480, waarin gesproken wordt over het plaatsen van een kruis bij de plaats waar eens de kapel stond.
- In 1481 machtigden twintig inwoners van Straten 'met meer andere' een commissie van drie mannen om weer een kapel te bouwen onder Straten en alle financiële en rechtelijke handelingen daartoe te verrichten. Deze kapel is zeker gebouwd, want zij wordt in 1507 en 1511 genoemd in stukken betreffende onroerend goed.
- Er zullen echter na 1500 moeilijkheden zijn ontstaan over de rentebetaling en aflossing der leningen, zodat de kapel verkocht werd en omgebouwd tot een woonhuis, dat in 1528 en 1588 vermeld wordt als 'de aude capelle'.
- De devotie tot Antonius bleef echter levend en in 1626 richtten de geburen van Straten zich tot het kapittel van Oirschot om in hun buurtschap opnieuw een kapel te mogen bouwen ter ere van de H. Antonius, waartoe het kapittel verlof gaf. Van de bouw van deze derde kapel is een rekening bewaard, gedaan door 'de capelmeesteren', die in 1643 aan de schepenen werd gepresenteerd. In 1649 werd de kapel op last van de Staten-Generaal afgebroken.
- In 1853 is de kapel op de oude fundamenten in steen herbouwd nadat er volgens de plaatselijke overlevering eerst een primitieve kapel van leem en zoden was opgericht. Nadat in 1953 een ingrijpende restauratie was uitgevoerd, is een stichting opgericht tot beheer van de kapel. Deze stichting telde anno 1997 64 leden uit de buurtschap of de iets verdere omgeving die jaarlijks ⨍1,50 of meer bijdroegen. In 1992 is de kapel opnieuw grondig gerestaureerd.
- Het vooraanzicht van de huidige kapel wordt gevormd door een klokgevel met een rondbogige toegangsdeur, waarboven een spitsboognis met een beeld van Antonius. Het beeld van gepolychromeerde gebakken klei is omstreeks 1995 vervaardigd door E. Coppens in Den Dungen. De kapel wordt bekroond door een simpel houten klokkentorentje met een klokje, vermoedelijk uit het bouwjaar 1853, en een weerhaan. De kapel meet circa 4 bij 7 meter, en heeft een driezijdige koorsluiting. Nabij het Antoniusbeeld staan een Maria-beeld (aangklede 'staakmadonna') en een gipsen H. Hartbeeld. Voor het beeld van Antonius is een vrijstaande houten altaartafel opgesteld. Aan de zijwanden hangen kleine kruiswegstaties en in een spitsboognis boven de deur aan de binnenzijde is een gepolychromeerd gipsen beeld van St. Joris geplaatst. Daarnaast hangen kruisbeelden, een met een corpus en een met lijdenssymbolen. Er staan 15 bankjes in de kapel. De kapel en de directe omgeving zijn beschermd dorpsgezicht. In 1966 is de kapel op de landelijke monumentenlijst geplaatst.
Cultusobject - Zie voor St. Antonius Abt ⟶ Borkel.
- In het koor van de kapel staat in het midden van de koorsluiting een gepolychromeerd houten beeld (hoogte ca. 1,20 m) van Antonius Abt uit het midden van de 18e eeuw, vermoedelijk vervaardigd door Walter Pompe. Antonius heeft een opengeslagen boek in zijn linkerhand; met zijn rechterhand houdt hij een (later aangebrachte) staf vast. Tegen zijn rechter scheenbeen, tussen kleed en mantel, schurkt zich een klein varken.
Verering Oorsprong
- Over de verering van Antonius in de middeleeuwen zijn slechts fragmentarische gegevens bekend. Omtrent de oorsprong van de kapel en de verering bestaat in Oirschot een legende die onder meer door Van den Akker (1947) wordt verteld. Omstreeks 1400 heerste in de streek een pestepidemie. Dankzij het vurig smeken van een kluizenaar die in Straten woonde en zich Antonius Abt als patroon had gekozen, verscheen er plots een wit paard, waarvan niemand wist van wie het was of waar het vandaan kwam. Een boer spande het paard in om de lijken der pestlijders naar het kerkhof te brengen. Waar zo een overledene was weggebracht, week de pest. Na de pestepidemie was ook het witte paard spoorloos verdwenen. De redding werd toegeschreven aan Antonius, ter ere van wie toen de kapel gebouwd werd.
- Dat de verering een hoge ouderdom heeft kan worden afgeleid uit de omschrijving van een van de oudste jaarmarkten van Oirschot: 'De Sint-Anthonis-merckt dynsdaechs omtrent nae Sint-Anthonis-dach in januario'. De oudste jaarmarkten zijn ontstaan op tijden dat veel mensen ter plaatse waren. Wij kunnen veronderstellen dat er ook met St. Antonius een grote toeloop van mensen was.
- Omdat St. Antonius Abt onder meer werd aangeroepen tegen epidemieën onder mensen en dieren, kan worden aangenomen dat het verloop van de bedevaart - evenals de epidemieën - hoogte- en dieptepunten zal hebben gekend. Zo wordt het einde van een grote pestepidemie die in 1557 Oirschot en omgeving teisterde, toegeschreven aan de voorspraak van Antonius. De bedevaart naar de kapel (op dat moment waarschijnlijk een woonhuis, zie onder Topografie) schijnt in dat jaar groot te zijn geweest.
- In 1643 of kort daarvoor is een nieuwe Antoniuskapel opgeleverd. De rekening werd althans in 1643 opgemaakt. Hierin is sprake van het offeren van 'halfhoofden' (halve varkenskoppen) en 'vlasch'. Er blijkt echter ook uit dat er minstens zestien maal door een kanunnik of een andere priester in de kapel een mis werd opgedragen. Dit zal een gevolg zijn geweest van de sluiting van de Oirschotse St. Pieterskerk na de bezetting van de Meierij - waartoe Oirschot behoorde - door Staatse troepen vanaf 1629. In de jaren tot aan de Vrede van Munster (1648) moest worden afgewacht wat er op politiek en religieus terrein zou worden besloten over de Brabantse gebieden die door de Staten-Generaal waren bezet. In Oirschot verwachtte men dat de parochiekerk in gereformeerde handen zou blijven, maar hoopte men tegelijkertijd dat de katholieke godsdienst tenminste in een afgelegen kapel zou worden gedoogd (vgl. ⟶ Oirschot, O.L. Vrouw van de H. Eik). Met dit doel voor ogen werd er in Straten een nieuwe kapel gebouwd. De hoop bleek ijdel en in 1649 werd de kapel (evenals die van de H. Eik) op last van de Staten-Generaal afgebroken.

Na de afbraak van de kapel in 1649
- Ofschoon na de Vrede van Munster (1648) in Staats-Brabant de publieke uitoefening van het katholieke geloof verboden was en de kapel in 1649 was afgebroken, bleven groepen katholieken deze plek bezoeken om Antonius te vereren. Zo staat in een visitatieverslag uit 1686 van de classis Oirschot-Best vermeld:

'De paapse diensten sijn ook aldaar publijck als overal maar daarenboven is aldaar extraordinaris processie ende een seer groot besoek van St. Anna capel [⟶ Aarle] ende soo men abusivelijck seght van onse L. Vrouwe aan den Eijck [⟶ Oirschot], alsmede van St. Odulph [⟶ Best], ende St. Anthonis [Straten]'.
- Dat de verering ook in de 18e eeuw nog een taai bestaan leidde, kan onder meer worden afgeleid uit een anonieme bedreiging op 30 juli 1719 aan het adres van de Oirschotse dominee Van de Burgt. Op die dag trof de dominee, die tegen het bezoek aan de kapel (en andere roomse gebruiken) had geageerd, voor zijn huis kippenveren aan. Op zijn huisdeur las hij: 'Als gij de kapel hier weg wilt doen, zullen wij U plukken gelijk een hoen'. De vermeldingen uit 1686 en 1719 onderbouwen de plaatselijke overlevering dat reeds voor de herbouw van de huidige kapel in 1853 een kapel van leem en zoden was opgericht.

Vanaf de herbouw in 1853 tot heden
- Vanaf 1853 tot heden heeft de kapel bezoekers aangetrokken uit Oirschot en de nabije regio, maar er werden geen missen meer opgedragen. Thans worden wel weer missen gevierd in de kapel: op de feestdag van St. Antonius, 17 januari, door de buurtschap, en op maandag na de Pinksterweek vanwege het Stratense gilde van St. Joris, dat dan zijn teerdag houdt. Na de mis wordt het St. Antoniuslied gezongen. Op 17 januari wordt er 's middags om 13.00 uur een rozenhoedje gebeden.
- Tot 1986 werd op elke zondagmiddag, eerst om 13.00 uur en later om 15.00 uur, een rozenhoedje gebeden. Wanneer er iemand uit de buurtschap bediend of overleden is, wordt er in de kapel gedurende twee avonden de rozenkrans gebeden.
- Sinds de restauratie in 1992 ligt de kapel aan de route van 'oriëntatiereizen' (bustochten) die georganiseerd worden door de Oirschotse VVV.
Materiële cultuur Devotioneel drukwerk
- 1 In de kapel is à ⨍5,00 een boekje te koop: Sint Antoniuskapel (Oirschot: Stichting tot instand-hou-ding van de Sint-Antoniuskapel, 1993) en 2 een viertal kleurenfoto's à ⨍1,00: het Mariabeeld in de kapel; het Antoniusbeeld; de kapel voor de restauratie in 1992; de kapel na de restauratie.

Bronnen en literatuur Archivalia: Oirschot, archief van de Stichting Sint-Antoniuskapel (Straten 13 C); kopieën van een groot deel van het bestand van dit archief bevinden zich in het gemeentearchief van Oirschot. Oirschot, streekarchief Eindhoven-Kempenland, rayondepot Oirschot: schepenresolutieboek van 1643, rekening van de kapel; schepenprotocol van de jaren 1480, 1481, 1507, 1511, 1528, 1588. 's-Hertogenbosch, Rijksarchief in Noord-Brabant: archief van het kapittel van Oirschot, inv. nr. 3.
Literatuur: L.H.C. Schutjes, Geschiedenis van het bisdom 's Hertogenbosch, dl. 5 (Sint-Michielsgestel: Instituut voor Doofstommen, 1876) p. 372; W.L. van den Akker, Oirschot-Best 806-1945 (Barneveld: Barneveldsche Boek-, Courant- en Handelsdrukkerij, 1947) p. 19, pestepidemie 1557, 25, bedreiging van dominee Van de Burgt, 1719, 65-66, legende; J. Lijten, 'Kermis en markt', in: H.J.M. Mijland, L.M. van Hout & J.P.J. Lijten, Oog op Oirschot (Oirschot: Stichting Gerard Goossens Fonds, 1991) p. 190-199; M. Roscam-Abbing & E. Vink, '"De dominee, de drossaard en de paapse stoutigheden". Over een richtingenstrijd in Oirschot en Best', in: Noordbrabants historisch jaarboek 10 (1993) p. 104, visitatieverslag 1686; Peter Vermeulen, 'Langs 's-Heren wegen (7). Kleine religieuze monumenten in Oirschot (vervolg)', in: Devotionalia 13 (1994) nr. 76, p. 149-153; J. Lijten, 'De vroegere kapellen van Straten', in: Campinia 25 (1995) p. 96-99; Peter Vermeulen, Langs 's-Heren wegen. Veldkapellengids voor Noord-Brabant (Eindhoven: Kempen Uitgevers, 1996) p. 112-114.
Overige bronnen: Meertens Instituut BiN-dossier Straten; mondelinge informatie van J. van Haaren, Straten.

  Mail voor aanvullingen en commentaar.
 
<<