HomeDatabankenBedevaarten

Beek, O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille

Mail voor aanvullingen en commentaar
Cultusobject: O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille
Datum: Gehele jaar
Periode: 1955 - heden
Locatie: Molenbergkapel van O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille binnen de parochie van St. Martinus
Adres: Molenbergkapel aan de Counelaan te Beek; O.L. Vrouwekerk, O.L. Vrouweplein 2, 6191 CG Beek
Gemeente: Beek
Provincie: Limburg
Bisdom: Roermond
Samenvatting: Dankzij kapelaan J. Willems die in 1954 een Mariakapel bouwde, kreeg de verering van O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille in Beek op bijzondere wijze gestalte. Een vervolg daarop kwam in 1962 met de bouw van parochiekerk O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille. De Molenbergkapel wordt tot op heden bezocht door Mariavereerders uit de regio.
Auteur: Lambertus Moonen
Illustraties:
(Klik op afbeelding voor vergroting)
Topografie Molenbergkapel
- Ten zuiden van het dorp Beek, tussen de nieuwbouw van Beek en het gehucht Geverik stroomt de Keutelbeek langs het kasteel Huis Genbroek. Vroeger bevond zich in het bos van Huis Genbroek een boomkapelletje met een Mariabeeldje. Iets ten noorden van het kasteel, tegen de rand van Beek, staat sinds enige decennia op een heuvel en nog in het bos de Molenbergkapel.
- In de maand mei van het Mariajaar 1954 startte de Beekse geestelijkheid, met kapelaan Willems als promotor, een actie om een Mariamonument te realiseren in het bos aan de Molenberg, op een locatie die gratis was afgestaan door het gemeentebestuur. Een werkcomité onder voorzitterschap van burgemeester P. Minkenberg werd gevormd. Een honderdtal vrijwilligers bood zich aan om de kapel te bouwen en veel materiaal werd door bedrijven kosteloos ter beschikking gesteld. Op 15 mei 1955 werd de kapel ingezegend door pastoor J. Schoolmeesters. De kapel is ontworpen door architect J. Huismans uit Maastricht.
- Op de beboste heuvel leiden een slingerweg en een paar trappen naar een platform belegd met flagstones waarop de kapel is gebouwd. Bij de kapel zijn enige banken geplaatst. Op een twaalfhoekig grondvlak (⊘ 7 meter) staan twaalf zuilen uit beton (4,5 meter hoog). In elf van de twaalf zijden zijn boogvormige stalen ramen geplaatst. Bij grote drukte kunnen de glasdeuren in die ramen geopend worden, zodat een soort openluchtkapel ontstaat. De twaalfde zijde, de achterzijde, is sinds de restauratie van de kapel in 1992 van natuursteen. Daarin bevindt zich de deur naar de kleine sacristie in de voet van de klokkentoren. Deze toren van negen meter hoog is uit donkere breuksteen opgetrokken en vormt een contrast met de lichte glaswanden van de kapel. Tussen de breuksteen bevindt zich een blauwe steen, waarop gebeiteld staat 'Mariajaar 1954'. De twaalf zuilen corresponderen met de gepleisterde ribben van het gewelf, die samen een ster vormen. De kapel is 8,5 meter hoog en wordt gedekt door een met leien belegd twaalfdelig tentdak met daarop een metalen kruisje. De zuilen zijn aan de buitenkant voorzien van betonnen kapitelen met afbeeldingen, vervaardigd door H. Bröls uit Beek. Aan de rechterzijde van de ingang van de bidplaats stellen zij de plaatselijke bevolking voor (zoals kinderen, een gezin, een boer, een mijnwerker); aan de linkerzijde het ontvangen van de sacramenten. Naast de ingang zijn de twee zijden van de wonderdadige medaille weergegeven.

Parochiekerk
- De grondvorm van deze in 1962 naar een ontwerp van architect H. Koene (Maastricht) gebouwde kerk bestaat uit een rechthoek (38 x 53 m). Binnen de 4 meter hoge rechthoek verheft zich een 13 meter hoge ellipsvormige (medaillevormige) middenbeuk. De beuk wordt ondersteund door kolommen. Rondom de middenbeuk en achter het hoofdaltaar om loopt een processiegang. Voorin de middenbeuk staat het verhoogde priesterkoor, achterin het oksaal; tegen het plafond zijn de sterren aangebracht, die op de wonderdadige medaille voorkomen. In de lage onderbouw bevindt zich aan de ingangszijde rechts, voor de klokkentoren, de devotiekapel van O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille. Deze is overdag toegankelijk. Buiten staat op de voorkant van het dak een gegoten voorstelling van de achterzijde van de medaille. Naast het O.L. Vrouweplein voor de kerk ligt nog een parkeerterrein. Volgens de overlevering veronderstelde bouwpastoor Willems dat de devotie tot O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille zo zou toenemen, dat de kerk een bedevaartkerk zou worden. Vanwege een fusie met de St. Martinusparochie, is de Mariakerk op 1 januari 2000 aan de eredienst onttrokken.
- In de kerk bevonden zich enkele kunstwerken van de hand van J. Hermans (Vaesrade), onder meer een reliëf in koper dat O.L. Vrouw en zuster Catharina Labouré voorstelt (1,35 m hoog; 1963); twee glas-in-loodramen waarop de beide zijden van de medaille zijn afgebeeld (1,40 m hoog en 1,55 m breed; 1963); enige andere glas-in-loodramen met voorstellingen van de H. Catharina Labouré (heilig verklaard in 1947).
- In de Mariakapel van de parochiekerk staat een zandstenen beeld van de kerkpatrones: O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille. Er wordt getracht deze devotiekapel te behouden. In 1999 werden vanuit de St. Josephkerk van Stadbroek nog een ovaal reliëf (110 x 85 cm) van O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille en twee engelen (40 x 30 cm) van gebakken keramiek naar deze kapel overgebracht. Reliëf en engelen zijn gemaakt door Frans Timmermans uit Maastricht in 1957.
Cultusobject - Zie voor de verering van de wonderdadige medaille ⟶ Mariaveld.
- Centraal in de Molenbergkapel staat een groot stenen altaar. Het beeld van O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille (120 cm hoog; euviller kalksteen) staat op een kolom vlak achter het altaar en is van de hand van P. Killaars (Maastricht). De Mariavoorstelling verwijst naar de verschijning van de H. Maagd te Parijs aan zuster Catharina Labouré op 27 november 1830. Maria houdt de armen uitgestrekt naar beneden; de stralen die uit de handen van O.L. Vrouw naar beneden schieten, stellen de genaden voor die de H. Maagd beloofde aan allen die erom vragen. In de natuurstenen vloer is voor het altaar een ster weergegeven waaruit naar verschillende kanten stralen schieten.
Verering - Sinds 1951 wordt te Beek O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille vereerd door het bidden van de zogenaamde maandagse noveen, eerst in de St. Martinuskerk, later in de kerk van O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille. Deze noveen werd op meerdere plaatsen in Limburg gehouden, dankzij de mariale missies van de lazaristen. Na de oorlog ontstond de prediking van deze missies naar Amerikaans voorbeeld. Normaliter begon zo'n missie op zondagmorgen en eindigde negen dagen later op maandag. Deze missie heeft zijn voortzetting gekregen in de maandagse 'noveen', die iedere maandag wordt gebeden tijdens de eucharistieviering. Na het evangelie wordt het noveengebed van de wonderdadige medaille gebeden, gevolgd door het vermelden van de opgegeven intenties. De lazaristen verspreiden vanuit het klooster te ⟶ Mariaveld allerlei devotionalia met betrekking tot O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille zoals prentjes, gebedsteksten en medailles. Zulke devotionalia zijn ook in de dagkapel van de Beekse kerk te koop.
- In 1960 deed de Limburgse wielerbedevaart Beek aan (vgl. ⟶ Stein; ⟶ Thorn). Vanaf de Markt trokken de renners biddend naar de Molenbergkapel. Op deze tocht werden ze begeleid door de fanfares St. Alistus en St. Antonius uit Neerbeek en Genhout en de Beeker drumband. Bij de kapel zegende P. Moors, bisschop van Roermond, de fietsen van de renners.
- In de kapel op de Molenberg wordt op donderdagnamiddag de rozenkrans gebeden met aansluitend het noveengebed. Het accent van de verering ligt hier op het houden van een noveen die mensen particulier voor een bepaalde intentie in de kapel bidden, negen dagen achter elkaar. De kapel wordt vooral bezocht door mensen uit Beek, maar trekt ook gelovigen uit de regio, zoals Neerbeek, Elsloo, Spaubeek, Geleen, Schimmert en Ulestraten.
- Tot 1962 was er op de eerste zondag van de meimaand een processie vanuit de St. Martinuskerk naar de kapel. Bij de jaarlijkse sacramentsprocessie diende de kapel tot rustaltaar, maar tegenwoordig trekt deze van de St. Martinuskerk naar de kerk van O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille. In 1955 werd door het bisdom bepaald dat ten hoogste twee keer per jaar een mis in de kapel opgedragen mocht worden; zodoende vindt er ook nu nog slechts bij uitzondering een viering plaats. Sinds 1992 opent de folkloristische Nachtwacht 'De Baeker Kleppermen' haar nachtwachtseizoen jaarlijks in november met een nachtwachtersmis in de kapel, welke bij die gelegenheid verlicht wordt met fakkels en kaarsenlantaarns.

Materiële cultuur - De voormalige huishoudwinkel J.H. Janssen-Voncxen te Beek verkocht een Hollands Delfts blauw bord met een afbeelding van de 'Kerk O.L.Vrouwe v.d. Wonderdadige Medaille Beek (L)' (⊘ 23 cm).
Bronnen en literatuur Archivalia: Beek, parochiearchief: St. Martinus. Beek, parochiearchief: O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille.
Literatuur: Fred van Leeuwen, 'Devotie in kapellen. Architectuur rond beeld en offerblok', in: Katholiek Bouwblad 22 (1954-1955) p. 372-374; 'Wielrenners trokken maandag biddend door Beek', in: De Nieuwe Limburger, 16 augustus 1960, p. 4; Heemkalender - Limburg, 1963 - februari; M.J.A.H. Schrijnemakers, J.M.G. Aussems & H.G. Wouters, Proosdijveld Beek, woonwijk aan eeuwenoude wegen (Beek: Heemkundevereniging Beek, 1984) p. 132-141; Godfried C.M. Egelie & Theo B.M. van Winkel, Wegkruisen - Veldkapellen en andere uitingen van volksvroomheid in de gemeente Beek (Beek: Drukkerij Econoom, 1986) p. 41-42; M. Lahay-Leenen, 'Wandelen', in: Becha 8 (1994) p. 26-28.
De St. Martinusparochie geeft sinds 1963 Parochieblad St. Martinus uit; de andere Beekse parochie verspreid sinds 1965 het Parochieblad van de parochie O.L. Vrouw van de Wond. Medaille - Beek, 1 (1963) - heden.
Overige bronnen: Meertens Instituut BiN-dossier Beek-O.L. Vrouw van de Wonderdadige Medaille; Heemkunde-museum Beek.

  Mail voor aanvullingen en commentaar.
 
<<