Groede, O.L. Vrouw van Lourdes

Cultusobject: O.L. Vrouw van Lourdes
Datum: 7 - 21 augustus
Periode: 1890 - ca. 1965
Locatie: Lourdesgrot in de parochiekerk van St. Bavo
Adres: Schuitvlotstraat 15, 4503 AK Groede
Gemeente: Oostburg
Provincie: Zeeland
Bisdom: Breda
Samenvatting: Op het einde van de 19e eeuw ontstond een bedevaart naar de kopie van de grot van O.L. Vrouw van Lourdes in Groede. Groede was in de eerste helft van de 20e eeuw de belangrijkste bedevaartplaats van West Zeeuws-Vlaanderen. Vanwege de ontkerkelijking werd de kerk gesloten en in een woning veranderd
Auteur: Huub de Jonge
Illustraties:
Topografie - Het dorp Groede in West Zeeuws-Vlaanderen ontstond in de 12e eeuw op nieuw bedijkt land. De eerste verwijzing naar de parochie, die St. Bavo als patroonheilige heeft, dateert uit 1364. In 1604 kwam er een eind aan de openbare uitoefening van de katholieke godsdienst in het door de Staatsen beheerste westen van Zeeuws-Vlaanderen. De katholieke inwoners van Groede waren in de 17e eeuw voor het volgen van erediensten aangewezen op kerken op het Vlaamse platteland en in de 18e eeuw op r.k. kerken in Sluis en IJzendijke die met toestemming van de wereldlijke autoriteiten waren gesticht. Dat er in die jaren een Mariaverering in het dorp bestond, blijkt uit de oprichting van een O.L. Vrouwebroederschap in de 17e eeuw.
- Op 1 oktober 1841 werd de parochie Groede weer opgericht. Vanaf 12 februari 1842 werd de mis opgedragen in een schuur waarop een klokje was geplaatst. De noodkerk deed dienst tot 1860, het jaar waarin de nieuwe St. Bavokerk, ontworpen door de architect P. Soffers, werd ingewijd. Aan het einde van de 20e eeuw is de kerk gesloten en veranderd in een woning.
Cultusobject - In 1858 zou Maria te Lourdes verschenen zijn aan de 14-jarige Bernadette Soubirous. Dit gebeurde tot achttien maal toe in een grot langs het riviertje de Gave.
- In 1890 werd achterin de kerk een grot naar het model van het inmiddels zeer populaire bedevaartoord Lourdes (F) nagebouwd. Een kopiebeeld van O.L. Vrouw van Lourdes werd daarin geplaatst. Aan de grot bevestigde danktegeltjes getuigen van gebedsverhoringen. Later toen de kerk werd gesloten, kreeg het Mariabeeld een plaats op het terras van een lokaal restaurant.
Verering - In 1890 werd op initiatief van pastoor Kanters een broederschap van O.L. Vrouw van Lourdes opgericht. Nog hetzelfde jaar werd een grot met beeld van O.L. Vrouw van Lourdes achter in de kerk geplaatst. Met dit initiatief wilde de pastoor niet alleen de verering van de H. Maagd stimuleren, maar ook de inkomsten van de parochie vergroten. Zijn initiatief had succes. Binnen enkele jaren groeide Groede uit tot de belangrijkste bedevaartplaats van West Zeeuws-Vlaanderen.
- Hoogtijdagen waren de dagen rond Maria Tenhemelopneming of 'half-oest' (half augustus; 15 augustus). Gedurende de week voor en na deze feestdag kwamen elke dag enkele honderden pelgrims naar Groede uit dorpen in de buurt, zoals Breskens, Aardenburg, IJzendijke en Schoondijke. Sommige parochies hadden een eigen dag. Bedevaartgangers uit Hoofdplaat kwamen tussen 1917 en 1920 op boerenwagens; later kwam men groepsgewijs op de fiets. De inwoners van Schoondijke, verbonden in de congregatie van de H. Familie, kwamen veelal te voet. Naast parochies, organiseerden ook vakbonden en maatschappelijke organisaties, zoals de afdeling West Zeeuws-Vlaanderen van de Katholieke Arbeidersbeweging (KAB) en regionale vrouwen- en ouderenbonden bedevaarten naar Groede. De bedevaart van de KAB ging gewoonlijk gepaard met een informatiemarkt op het plein van de naast de kerk gelegen katholieke school (1931).
- De bedevaart vond altijd in de namiddag plaats. Na aankomst staken pelgrims kaarsen aan bij de voor de gelegenheid versierde grot, waarna ze in de kerk plaatsnamen om het plechtig lof bij te wonen. In 1901 liepen de bedevaartgangers na deze plechtigheid bij wijze van experiment voor het eerst in processie over de nabijgelegen begraafplaats en de tuin van de pastorie. Omdat deze ommegang 'door allen gewaardeerd werd en ook den andersdenkenden dezer gemeente geen aanstoot heeft gegeven' werd ze voortaan elk jaar op alle bedevaartdagen herhaald. In de stoet liepen naast koorzangers, misdienaars en vaandeldragers, kinderen mee, die als bijbelse figuren waren verkleed. Tijdens de tocht werden allerlei liederen gezongen. In de tuin stond een noodaltaar waarop het Allerheiligste werd uitgesteld.
De hoogmis op 15 augustus werd steevast bijgewoond door de leden van de broederschap. Tijdens de mis werd gewoonlijk gepreekt door een pater uit Sluis. Na de mis werden de zelatrices door de pastoor op de pastorie ontvangen.
- Onder de deelnemers aan de bedevaart waren veel afstammelingen van Vlaamse landarbeiders en pachters die zich in de 18e en 19e eeuw in West Zeeuws-Vlaanderen hadden gevestigd. Binnen de geloofsbeleving van deze immigrantengroep nam 'beewegen', het op bedevaart gaan, een belangrijke plaats in. Naast Groede ging men onder andere naar nabijgelegen Vlaamse bedevaartplaatsen als Sint-Laureins (Blasius), Sint-Jan-in-Eremo, Kaprijke (Maria), Oostakker (Maria), en het Zeeuws-Vlaamse ⟶ Schoondijke (Cornelius). De broederschap van O.L. Vrouw in Groede organiseerde regelmatig op Hemelvaartdag bedevaarten naar Oostakker voor heel West Zeeuws-Vlaanderen.
- Groede maakte in 1950 en 1951, samen met onder meer ⟶ Kapellebrug, ⟶ St. Willebrord en ⟶ Zegge, nog deel uit van een net van Mariabedevaartplaatsen in het bisdom Breda waarnaar jeugdbedevaarten voor de vrede werden georganiseerd. De devotie liep daarna terug. De broederschap heeft nog tot 1965 bestaan.

Bronnen en literatuur Archivalia: Groede, parochiearchief: stukken broederschap O.L. Vrouw, 1913-1965. Middelburg, Rijksarchief in Zeeland: collectie Zelandia Illustrata.
Literatuur: A.J. Van der Aa, Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden, dl. 4 (Gorinchem: Jacobus Noorduyn, 1843) p. 873-879; H.Q. Janssen, 'Groede', in: H.Q. Janssen en J.H. Van Dale ed., Bijdragen tot de oudheidkunde en geschiedenis, inzonderheid van Zeeuwsch-Vlaanderen, dl. 3 (Middelburg: J.C.& W. Altorffer, 1858), p. 313-378; J.B. Krüger, Kerkelijke geschiedenis van het bisdom Breda, dl. 3 (Bergen op Zoom, 1872-1878) p. 443; F. Nagtglas, Zelandia Illustrata, dl. 2 (Middelburg: J.C. & W. Altorffer, 1880) p. 531-539; J.A.F. Kronenburg, Maria's heerlijkheid in Nederland (Amsterdam: F.H.J. Bekker, 1904-1914) dl. 2, p. 115, 319, dl. 7, p. 308; 'Jeugdbedevaarten voor de Vrede in Mei. Voor het gehele Bisdom Breda', in: Sancta Maria 25 (3 mei 1951) p. 69-70; H. en L., 'IJzendijke rond 1900', in: Bijdragen tot de geschiedenis van West Zeeuws-Vlaanderen 12 (1983) p. 69-80; Georges van Vooren, 'De diaspora van het bisdom Brugge. De katholieken in westelijk Staats-Vlaanderen (17de-18de eeuw)', in: M. Cloet ed., Het bisdom Brugge (1559-1984). Bisschoppen, priesters, gelovigen (Brugge: Westvlaams Verbond van Kringen voor Heemkunde, 1985) p. 281-287; G.J. Lepoeter, 'Groede', in: Bulletin Stichting Oude Zeeuwse Kerken (1985) nr. 15, p. 6-10; Johan Verstraeten en Georges van Vooren, Parochie Hoofdplaat 1795-1995. Een terugblik (Hoofdplaat 1995).
Overige bronnen: Meertens Instituut BiN-dossier Groede; Zeeuwse Bibliotheek en Zeeuws Documentatiecentrum te Middelburg

  Mail voor aanvullingen en commentaar.
 
<<