Rijkevoort, H. Rochus

Cultusobject: H. Rochus
Datum: 16 augustus (+ octaaf)
Periode: 18e eeuw - begin 20e eeuw
Locatie: Parochiekerk van de H. Rochus
Adres: Meester van de Bergplein 8, 5447 AW Rijkevoort
Gemeente: Boxmeer
Provincie: Noord-Brabant
Bisdom: 's-Hertogenbosch
Samenvatting: Een waarschijnlijk lokale middeleeuwse Rochusdevotie bloeide in de 17e of de 18e eeuw op tot een verering met een regionale uitstraling. Votiefgeschenken getuigen nog van de werkzaamheid van de heilige bij besmettelijke ziekten. In 1886 werd de inmiddels weer geluwde Rochusdevotie door de pastoor aangegrepen om door middel van een Rochusbroederschap de moeilijke financiële positie van zijn parochie te verbeteren.
Auteur: Peter Jan Margry
Illustraties:
Topografie - Het dorp Rijkevoort ligt circa 4 kilometer ten westen van Boxmeer. In de 17e en 18e eeuw maakte Rijkevoort deel uit van de autonome, katholieke heerlijkheid Boxmeer.
- Voor 1532 is er een Rochuskapel te Rijkevoort gebouwd die behoorde tot de parochie Beugen. De kapel werd gebouwd om, vanwege de grote afstand naar de moederkerk, dichter bij het dorp de mis te kunnen lezen. In de 17e eeuw werd er een eigen rector aan de kapel verbonden. In 1722 werd Rijkevoort een zelfstandige parochie.
- In 1819-1820 werd de kapel, met uitzondering van het koor, vervangen door een parochiekerk die eveneens aan St. Rochus was gewijd. Deze kerk werd later weer vervangen door de neogotische kerk die in 1887-1888 werd gebouwd (architect J. Kayser) en op 9 september van dat jaar werd geconsacreerd door bisschop Godschalk van 's-Hertogenbosch. Boven de ingang van de kerk werd tegen de voorgevel een witstenen beeld (hoogte ca. 2 m) van Rochus geplaatst. Het transept en het koor werden in 1927-1928 naar een ontwerp van C. en J. Franssen aanmerkelijk vergroot. In de jaren zestig is de kerk 'gemoderniseerd' en tegelijk ontdaan van zijn neogotische beschildering.
Cultusobject - Zie voor St. Rochus ⟶ Boxmeer.
- De kerk beschikt over een botpartikel van Rochus welke is gevat in een ronde theca (Ø ca. 4 cm). Deze theca is, tezamen met zes andere reliektheca's, sinds enkele jaren achter een glasvenster tegen de voet van het huidige hoogaltaar (ca. 1985 verworven van een nonnenklooster uit Helmond) bevestigd.
- Het 17e-eeuwse eikenhouten beeld van Rochus (1 m hoog) is geloogd en heeft een wat grijzige kleur. Aanvankelijk stond het Rochusbeeld op een console tegen de oostmuur in het linkertransept. Momenteel is het beeld op een console geplaatst aan de rechterzijde in het koor.
Verering - Het bestaan van de devotiekapel ter ere van de H. Rochus in de 16e eeuw duidt minstens op een lokale verering in die tijd. Of de kapel ook toen al doel was van individuele bedevaarten, is niet bekend. Dit was wel het geval in de 18e en de 19e eeuw.
- De kermis van Rijkevoort (op zondag na 8 september) viel niet samen met de Rochusfeestdag. Niettemin gold zijn feest als een verplichte feestdag. Met zekerheid vanaf 1680 tot aan het begin van de 18e eeuw moest 'op den feestdagh van St. Rochus welcke aldaer moet geviert worden' de pastoor met de kar in Beugen worden opgehaald. Sinds 1722 had Rijkevoort een eigen geestelijke.
- Op 28 juli 1784 verleende Pius VI een volle aflaat aan de parochiekerk voor allen die op de feestdag van Rochus aan de daartoe geëigende voorwaarden voldeden. Er was geen sprake van georganiseerde bedevaarten, maar wel van een individuele devotie die zich tot de regio uitstrekte. De aanwezigheid van zo'n 20 votiefgeschenken uit de 18e en het begin van de 19e eeuw, afkomstig uit de omgeving van Rijkevoort, zijn een aanwijzing voor dit laatste.
- De verering liep in de eerste helft van de 19e eeuw terug maar kreeg aan het einde van de eeuw nieuwe impulsen toen in 1886 J.F. Bijnen, kapelaan te Veghel, in Rijkevoort als (bouw-) pastoor (1886-1910) werd benoemd. Hij stak zijn energie in de opbouw van de parochie en de verwerving van fondsen en materialen voor een nieuwe kerk. Tegelijk revitaliseerde hij de Rochusdevotie. In die jaren werd de octaafweek gevierd met een hoogmis op 16 augustus, dagelijkse missen en een gezongen plechtige mis bij het afsluiten van het octaaf op 23 augustus.
- Per brief van 9 augustus 1886 verzocht Bijnen de bisschop om een broederschap te mogen oprichten 'aangezien er in de parochie Rijkevoort veel devotie bestaat voor den H. Rochus'. Dit was niet zijn enige argument, want uit zijn brief komt tevens naar voren dat 'den benarden & armoedigen toestand onzer kerk' een rol speelde. Reeds op 10 augustus 1886, dus per kerende post, liet bisschop Godschalk weten dat hij de broederschap zou goedkeuren. De broederschap werd opgericht om 'tegen besmettelijke ziekten bewaard te blijven' en als een middel om eerbied en vertrouwen tot de H. Rochus te betonen. In het ledenregister dat gedurende ruim 50 jaar is bijgehouden, staan ongeveer 2500 leden geregistreerd (waarvan in 1887 reeds ca. 1600 genoteerd). Een relatief groot aantal hiervan zou uit Veghel en Helmond afkomstig zijn, vanwege het feit dat Bijnen daar kapelaan was geweest. De leden leverden een belangrijke bijdrage ten behoeve van de kerkbouw die in het jaar na de oprichting van de broederschap begon.
- In 1886 werden ter ondersteuning van de nieuwe broederschap enkele zelatrices 'overgeschreven' van de ⟶ Orthense naar de Rijkevoortse Rochusbroederschap. Voor Rijkevoort waren zelatrices actief in Veghel (3), Zijtaart (2), Waspik (2), Stratum (2), Geldrop, Beugen, Mill, Veldhoven, Boekel, Broekhuizervorst, Cuijk, Waalwijk, Tilburg en Helmond.
- Aan het gebed tot Rochus - niet het door Bijnen voorgestelde, maar dat uit het brevier - werden in 1886 nog eens 40 dagen aflaat verbonden. Verder dateert uit het begin van de 20e eeuw nog een lied dat Rijkevoort als onderwerp heeft en waarin de heilige ook met een regel wordt bedacht: 'Sint Rochus beê mij sterkt'. De broederschap had eveneens een apart Rochuslied laten maken. De verering heeft sinds het begin van de 20e eeuw een strikt parochieel karakter gekregen.
- Apollonia was de tweede patrones van de parochie. In 1880 werd een 18e-eeuws beeld van deze heilige via een schenking van een parochiaan verworven. Voor haar werd omstreeks dezelfde tijd een vaandel gemaakt dat lijkt op dat voor Rochus (zie onder Materiële cultuur). Ook Apollonia kende haar eigen lied. Zij werd binnen de parochie tegen tandpijn aangeroepen.
Materiële cultuur - Ex-voto's: 20 stuks zilveren ex-voto's zijn bewaard gebleven: menselijke lichaamsdelen (armen, ogen, benen), harten en vee (paarden, koeien, varkens). Een aantal draagt meestertekens: drie lichaamsdelen en een hart, het teken van Christiaan Rijke (CR; 1727-1811) en twee harten, het teken van Mathieu Delfosse (MD; 1758-1838), beide uit Boxmeer. Het hart van Rijke heeft ook het cijfer 10, wat duidt op een vervaardiging in 1807-1809; de twee harten van Delfosse zijn tussen 1800 en 1810 gemaakt. De votiefgeschenken zijn bevestigd op twee pyramidevormige tableau's (90 cm hoog).
- Diversen: 1 de parochie bezit een processievaandel uit het einde van de 19e eeuw met in het midden een ovale schildering van de H. Rochus; 2 op het voorplat van een folio-uitgave van het Missale Romanum uit 1855 is een ovaal-zilveren afbeelding (votiefzilver?) van Rochus aangebracht; 3 zilveren stralenmonstrans, in 1775 door Rabanus Raab (meesterteken R.R.) vervaardigd (h. 59 cm, Ø voet 21 x 16.5 cm). Boven de voet is in zilver een knielende H. Rochus op een wolk uitgebeeld; 4 bij een vergulde kerk uit het eerste kwart van de 20e eeuw, door J. Jonkergouw te 's-Hertogenbosch vervaardigd, is op een van de lobben Rochus afgebeeld.

Devotioneel drukwerk
- Broederschapsstatuten (13,5 x 8,5 cm) met gebed (impr.: A. Godschalk, 's-Hertogenbosch 10 augustus 1886; 4 p.) coll. D. Gooren.
Bronnen en literatuur Archivalia: Rijkevoort, parochiearchief: broederschapsboek 1886-ca. 1940; parochiememoriaal en de inventaris kerkelijk kunstbezit uit 1983. 's-Hertogenbosch, gemeentearchief: parochiearchief Orthen, inv.nr. 161, sub 1886 zelatrices van Orthen naar Rijkevoort. 's-Hertogenbosch, bisdomarchief: parochiedossier Rijkevoort.
Literatuur: L.H.C. Schutjes, Kerkelijke geschiedenis van het bisdom 's Hertogenbosch, dl. 5 ('s-Hertogenbosch: Instituut voor Doofstommen, 1876) p. 614-616; Br. Cyprianus, Het leven van den H. Rochus. Uit verschillende werken zoo nauwkeurig mogelijk samengesteld, gevolgd door een litanie en verschillende gebeden te eere van den heilige (Leiden: J.W. van Leeuwen, 1921) p. 78-79, kapel en oprichting broederschap in 1886; L.G.W. Roosen en W.H.Th. Knippenberg, Brabants zilver (tent. cat., 's-Hertogenbosch: Centraal Noordbrabants Museum, 1965) p. 9, stralenmonstrans; Brabantia 17 (1968) p. 275-276, over stralenmonstrans; W.H.Th. Knippenberg, Kultuurhistorische verkenningen in de Kempen III. Oude pelgrimages vanuit Noord-Brabant (Oisterwijk: Stichting Brabants Heem, 1968) p. 83-84; B. Spronk, 'Johannes Franciscus Bijnen, pastoor te Rykevoort van 1886 tot 1910', in: Bisdomblad, 27 april 1973, p. 6; C. Gerrits e.a. ed., H. Rochus Rijkevoort 1887-1987 (Rijkevoort: comité 100 jaar parochiekerk, 1987) p. 2-3, 13, 52-54, 61-64; H. Maria ten Hemelopneming 700 jaar 1294-1994 Beugen (Beugen: parochiebestuur, 1994) p. 6; H.J. van Cuijk, Boxmeers zilver in de 18e en 19e eeuw. Edelsmeedkunst in een vrije heerlijkheid (Boxmeer: eigen beheer, 1997).
Overige bronnen: Meertens Instituut BiN-dossier Rijkevoort; informatie van pastoor H.A. Vonk c.i.c.m. te Rijkevoort en H.J. van Cuijk te Boxmeer in 1998.

  Mail voor aanvullingen en commentaar.
 
<<