HomeDatabankenBedevaarten

Culemborg, H. Nicolaas van Tolentijn (Tolentino)

Mail voor aanvullingen en commentaar
Cultusobject: H. Nicolaas van Tolentijn (Tolentino)
Datum: 10 september (dinsdag voor of na)
Periode: 1946 - 1968
Locatie: Kapel van het augustijnerklooster
Adres: Ridderstraat 200 (voorheen 42), 4101 BK Culemborg
Gemeente: Culemborg
Provincie: Gelderland
Bisdom: Utrecht
Samenvatting: Het augustijnerklooster van Culemborg heeft slechts korte tijd bestaan van 1937 tot 1973. Naar het voorbeeld van � ⟶ Eindhoven (dl. 2) werd in 1946 een begin gemaakt met de bedevaart van de augustijnse heilige Nicolaas van Tolentijn waaraan de katholieken uit de stad en omgeving en het zuidelijk deel van de provincie Utrecht deelnamen. Tot 1960 gingen er jaarlijks zo'n 250 mensen op bedevaart, daarna zakte de belangstelling weg.
Auteur: Albericus de Meijer
Illustraties:
(Klik op afbeelding voor vergroting)
Topografie - Het voormalig kleinseminarie Culemborg, opgericht in 1818 door de jezuïeten en in 1908 overgenomen door het aartsbisdom, verhuisde in 1935 naar Apeldoorn. De gebouwen werden het jaar daarop te koop aangeboden aan de augustijnen. Via mgr. J. de Jong en de provinciaal van de Augustijnen kwam de transactie in december 1936 tot stand. De seminariegebouwen werden in 1937 betrokken. De gebouwen lagen midden in het centrum van het stadje, in hetzelfde bouwblok met de parochiekerk van de H. Barbara.
- Het klooster werd onder de bescherming gesteld van O.L. Vrouw van Goede Raad. De eerste tien jaar mocht er op verzoek van de aartsbisschop niets aan het seminarie verbouwd worden, 'opdat de pastoors, wanneer zij hun oude seminarie nog eens wilden bezoeken, alles nog zouden aantreffen zoals het in hun studietijd was'. Het klooster werd bestemd tot opleidinghuis voor de eerstejaars theologanten. Dat bleef zo tot 1954. In 1946 waren de tien jaren van stilstand voorbij en kon het klooster aan de moderne tijd aangepast en verbouwd worden. In 1972 verhuisde het instituut naar Arnhem. De gebouwen werden in 1973 verkocht aan een beleggingsmaatschappij en de overgebleven augustijnen zijn toen naar andere kloosters overgeplaatst. In het voormalige klooster werden voor korte tijd een sociale academie, een bioscoop en enkele sport- en culturele verenigingen gevestigd. In 1976 brandde het geheel uit.
Cultusobject - De augustijn Nicolaas Tolentino, of, vertaald, Nicolaas van Tolentijn, leefde in de tweede helft van de 13e eeuw in Italië en werd al tijdens zijn leven als heilig beschouwd. Volgens de legende verscheen Maria hem op zijn sterfbed. Zij gaf hem de opdracht om aan zijn buurvrouw een brood als aalmoes te vragen en ervan te eten. Hij gehoorzaamde, en genas onmiddellijk. Er worden vele wonderen aan hem toegeschreven, in Zuid-Europa, maar ook in België, vooral door het brood dat ter ere van hem gewijd wordt. De heilige wordt aangeroepen voor alle denkbare kwalen en noden, geestelijk zowel als lichamelijk, bij mens en dier. Ook voor verlossing van de zielen uit het vagevuur kan men zich tot hem wenden. Zijn feestdag is 10 september.
- In 1946 kreeg de Utrechtse beeldhouwer Stef Uijterwaal de opdracht een houten beeld van Nicolaas te vervaardigen. Dit beeld werd in de voorhal van de kloosterkapel opgesteld. Omdat men in het Eindhovense augustijnerklooster (⟶ Eindhoven (dl. 2), H. Nicolaas van Tolentijn) na de brand van de Nicolaaskapel (1959) om een nieuw beeld verlegen zat en in Culemborg de belangstelling voor de bedevaart begon te verminderen, ging het Nicolaasbeeld omstreeks 1960 naar de Eindhovense Paterskerk en kreeg er een plaats in de vernieuwde Nicolaaskapel.
Verering - Naar het voorbeeld van Eindhoven werd in 1946 een begin gemaakt met een bedevaart van Nicolaas van Tolentino, waarvoor de katholieke bevolking uit de stad en omgeving en het zuidelijk deel van de provincie Utrecht tussen Vreeswijk (Nieuwegein) en Wijk bij Duurstede voor deelname werd uitgenodigd. In dat jaar, de 500e verjaardag van de heiligverklaring van Nicolaas van Tolentino, werd de eerste bedevaart georganiseerd op 10 september door de toenmalige prior Pacificus Schulingkamp (1908-1989). Aangezien bij de eerste bedevaart het aantal opgekomen vereerders van Nicolaas (ongeveer 400) te groot was om allen in de kloosterkapel toe te laten, werd de hoogmis gecelebreerd in de parochiekerk van St. Barbara. De gebruikelijke processie werd door de tuinen van het klooster naar een speciaal daarvoor opgericht rustaltaar gehouden. Bij de sluiting van het jubeljaar op 10 september 1947 was de parochiekerk overvol. De hoogmis werd gecelebreerd door provinciaal Sebastianus van Nuenen. Voor het plechtig danklof 's middags was kardinaal J. de Jong uitgenodigd, op zijn verjaardag.
- Het jaar daarop waren de ochtendplechtigheden voor het laatst in de parochiekerk en celebreerde mgr. W. Bouter, bisschop van Nellore (India) het plechtig lof na de processie. Vanaf 1950 tot 1960 was de kloosterkapel jaarlijks het centrum voor ongeveer 250 bedevaartgangers. Het waren voornamelijk boeren uit de omgeving. Nicolaas was immers in het algemeen de schutspatroon voor het vee. Tevens werd besloten de bedevaart voortaan op de dinsdag voor of na 10 September te houden. In Culemborg is namelijk de wekelijkse marktdag op dinsdag.
- Het dagboek van het convent vermeldt 1968 als laatste bedevaartjaar. Toen werden er geen uitnodigingen meer verstuurd en kwamen er nog slechts drie mensen naar de hoogmis.
- De verkochte devotionalia betrok men vanuit het klooster te Eindhoven.
Bronnen en literatuur Archivalia: Eindhoven, provinciaal archief van de augustijnen: gedeponeerde archieven Culemborg, dagboeken van het klooster O.L. Vrouw van Goede Raad.
Literatuur: Analecta Augustiniana Provinciae Neerlandicae 10 (1947), nr. 4, p. 34 en 11 (1948) nr. 3, p. 25.
Overige bronnen: Meertens Instituut BiN-dossier Culemborg-Nicolaas van Tolentijn; Meertens Instituut volkskundige vragenlijst 23 (1959); luchtfoto complex in: Katholieke Illustratie 1931-1932, p. 703
  Mail voor aanvullingen en commentaar.
 
<<