Mariarade, O.L. Vrouw van Lourdes

Cultusobject: O.L. Vrouw van Lourdes
Datum: Mei; oktober
Periode: 1929 - ca. 1965
Locatie: Parochie van het H. Hart van Jezus, Mariagrot bij de H. Hartkerk
Adres: Hommerterweg 167, 6431 EV Hoensbroek
Gemeente: Heerlen
Provincie: Limburg
Bisdom: Roermond
Samenvatting: Naar aanleiding van een actie van de vrijdenkersvereniging 'De Dageraad' werd als teken van eerherstel in 1929 een Lourdesgrot gebouwd in het sacramentspark bij de H. Hartkerk te Mariarade/Hoensbroek. Weldra werd een gebedsverhoring gemeld. Vanuit Hoensbroek en verre omgeving pelgrimeerden de gelovigen individueel of in groepen naar de Lourdesgrot. In de jaren zestig verdween het bedevaartkarakter vrijwel geheel. In 1999 was er hooguit nog sprake van lokale verering door individuele personen.
Auteur: Antoine Jacobs
Illustraties:
Topografie - Mariarade is ontstaan uit het voormalige gehucht Kouvenrade, gelegen op minder dan een kilometer ten noordoosten van de oude kern van Hoensbroek (zie voor een kaartje ⟶ Hoensbroek, Antonius). Kerk en grot zijn gebouwd aan de rand (Randweg/Patersweg) van het stedelijk gebied van Heerlen-Hoensbroek-Brunssum, tegen de grens met Amstenrade, gemeente Schinnen.
- De vestiging van de staatsmijn Emma (1913 geopend) aan de grens met Hoensbroek had grote gevolgen voor gemeente en parochie. Veel mijnwerkers vestigden zich te Hoensbroek, dat in enige jaren tijd van agrarische dorpsgemeenschap uitgroeide tot een mijnstadje. De mijnwerkers werden veelal gehuisvest in speciaal voor hen gebouwde woonwijken, de zogenoemde mijnwerkerskolonies. In de omgeving van het gehucht Kouvenrade, dat sinds 1930, na de bouw van de Mariagrot, Mariarade werd genoemd, verrees eveneens zo'n woongemeenschap, die in de volksmond de naam kreeg van 'Kloosterkolonie'. In overleg met de pastoor van Hoensbroek werd de zielzorg overgenomen door de minderbroeders-conventuelen, die daar in 1915 een rectoraat vestigden. Zij bouwden een kloostertje en een noodkerk. In 1920 werd aan het rectoraat Kouvenrade, na moeilijkheden met de pastoor van Hoensbroek, de rectoraatstitel ontnomen. De kerk degradeerde tot openbare kapel. De conventuelen bleven echter actief in de zielzorg.
- De uit ruw bewerkte blokken natuursteen opgetrokken Lourdesgrot van Mariarade is in 1929 gebouwd naar een ontwerp van mijnbouwingenieur L. Schlösser. In de grot staat een altaar. Rechts van het altaar staat een eveneens van natuursteen gemaakte preekstoel. Het beeld van O.L. Vrouw van Lourdes staat in een nis op circa twee meter hoogte rechtsachter het altaar.
- Tot 1960 lag de grot in een sacramentspark op circa 50 meter ter rechterzijde van de oude H. Hartkerk. Aanvankelijk stond voor de grot ook nog een beeld van een knielende Bernadette van Soubirous, maar dit beeld is al geruime tijd geleden verwijderd. Voor de grot waren in een halve cirkel banken geplaatst voor de gelovigen.
- Ten behoeve van de bouw van de nieuwe H. Hartkerk en bijbehorende pastorie naar een ontwerp van architect Harry Koene in 1960 werd het sacramentspark vrijwel helemaal opgeofferd. De oude kerk werd toen gesloopt. De grot ligt momenteel tussen de pastorie en het kerkhof. Een ijzeren poort geeft toegang tot het terrein van de grot, waar nog altijd een paar banken staan.
- In 1955 werden bij de grot zeven terracotta reliëfs geplaatst naar ontwerp van beeldend kunstenaar Eugène Quanjel. De reliëfs beelden de Zeven Blijdschappen van Maria uit. Voor Limburg is de uitbeelding van de Zeven Blijdschappen uniek.
Cultusobject - Zie voor O.L. Vrouw van Lourdes ⟶ Cadier en Keer, O.L. Vrouw van Lourdes.
- Het beeld van O.L. Vrouw van Lourdes is gemaakt van steen en naar het voorbeeld in het Franse Lourdes gepolychromeerd. Maria draagt een wit kleed met een blauwe sjerp.
Verering - Omstreeks 1928 nam de toenmalige rector van het klooster, pater Fortunatus Delgijer (1921-1932), het besluit om in Kouvenrade voortaan een sacramentsprocessie te houden. Een weiland grenzend aan het klooster werd tot sacramentspark bestemd. Op 12 augustus 1928 werd met toestemming van de pastoor en de bisschop van Roermond de eerste processie gehouden, die een groot succes werd. Toen reeds gingen stemmen op om in het park een Lourdesgrot te bouwen.
- Een actie van de vrijdenkersvereniging 'De Dageraad', die bij de staatsmijn Emma pamfletten had uitgedeeld waarin Maria belasterd werd, fungeerde als aanleiding en katalysator voor de bouw van de Lourdesgrot. In Treebeek en Heerlen werden protestbijeenkomsten gehouden, waarin ook pater Fortunatus het woord voerde. Dit was hem echter niet genoeg; hij wenste een groter eerherstel. Op 20 januari 1929 maakte hij vanaf de kansel bekend dat in het sacramentspark een Lourdesgrot zou verrijzen. Schlösser leverde het ontwerp en hield tijdens de bouw toezicht. De inwoners van Kouvenrade leverden uit hun midden de benodigde arbeidskrachten. De werkzaamheden verliepen voorspoedig. Op 12 mei 1929 werd een door de gelovigen geschonken gedenksteen geplaatst. Op 7 juli 1929 - op die dag was 75 jaar eerder het dogma van de Onbevlekte Ontvangenis afgekondigd - werd de Lourdesgrot ingezegend. Tijdens een plechtige hoogmis werd 's morgens het Mariabeeld gewijd. Omstreeks 17.00 uur verzamelden de gelovigen zich in de kerk, waarna het Mariabeeld in processie door Kouvenrade naar de grot werd gedragen. Bij de grot hield pater Perpetuus Palant een Mariapreek. Daarna zegende pastoor Röselaers de grot in. Onder het zingen van een speciaal voor deze gelegenheid geschreven feestlied werd het beeld in zijn nis geplaatst. De plechtigheid werd opgeluisterd door het muziekkorps van de staatsmijn Emma. Het gemeentebestuur en de katholieke raadsleden van Hoensbroek gaven acte-de-présence, alsmede een deputatie van de staatsmijn Emma. De eerste mis werd op 18 mei 1930 opgedragen. Het is niet uitgesloten dat het idee om een Lourdesgrot te bouwen beïnvloed werd door het feit dat in de tuin van het klooster te Wijnandsrade, dat in 1928 door de conventuelen was gekocht, ook een Lourdesgrot lag. Deze grot was omstreeks 1875 door jezuïeten gebouwd.
- Vlak na de totstandkoming van de grot werd de eerste gebedsverhoring gemeld. Het is niet bekend waarop deze betrekking had. Nadat dit nieuws bekend was geraakt, werd de Lourdesgrot een bedevaartoord voor velen uit Hoensbroek en verre omgeving. Vooral in de meimaand trokken honderden individueel of in groepsverband naar de grot. Het sacramentspark was inmiddels omgedoopt tot Mariapark en Kouvenrade/Kloosterkolonie tot Mariarade. Vanuit Kerkrade-Kaalheide, waar de conventuelen sedert 1920 eveneens een rectoraat bestuurden, reden in de jaren dertig extra trams met honderden bedevaartgangers naar Hoensbroek. De wanden van de grot gingen spoedig schuil achter vele geëmailleerde plaatjes met dankbetuigingen. In geval van ziekte trokken de buren naar de grot om daar de noveen te houden. Intenties konden opgegeven worden bij het klooster. Er werd ook een 'Eerewacht van O.L. Vrouw van de Grot' geformeerd uit jongens en meisjes. Jaarlijks werd een Lourdesnoveen gehouden bij de grot.
- Na de Tweede Wereldoorlog werden jaarlijks, tijdens de Limburgse Bedevaart naar Lourdes, bij de grot 'Lourdesziekendagen' met noveen en ziekenzegeningen georganiseerd. In de jaren vijftig en begin jaren zestig namen daaraan zo'n 200 à 300 personen uit Zuid-Limburg deel. De zieken en invaliden werden met personenauto's opgehaald. De Lourdesziekendagen werden georganiseerd door het Limburgs Lourdes-ziekenfonds in samenwerking met K.A.B. (Katholieke Arbeiders Bond), K.A.V. (Katholieke Arbeiders Vrouwen) en het plaatselijke Rode Kruis. Meestal was een missiebisschop aanwezig om de plechtigheid luister bij te zetten. In september/oktober was er de 'Rozenkransbedestonde', waartoe groepen uit diverse parochies uit Hoensbroek en omgeving zich in Mariarade verzamelden om vervolgens in een kaarsenprocessie naar de grot te gaan.
- Het 25-jarig jubileum van de grot werd op 7 juli 1954 plechtig gevierd. Een 'groot aantal' pelgrims trok mee in de 'indrukwekkende stoet' die zich naar de grot begaf. Missiebisschop mgr. Bruls ofm conv. celebreerde een plechtig lof en de stichter van de grot, pater Fortunatus, hield de feestpredikatie. De pelgrims en bewoners van het rectoraat brachten een grootse bloemenhulde. Invaliden waren eveneens ruim vertegenwoordigd bij de grot. Bisschop Lemmens zegende en ontstak de herdenkingskaars die door het rectoraat was geschonken, waarna de plechtigheden werden besloten met het zingen van Marialiederen. Het feestgeschenk bestond uit zeven kapelletjes die de blijdschappen van Maria zouden uitbeelden. De kapellen waren in 1955 gereed en werden bij de aanvang van de Lourdesnoveen op 30 mei van dat jaar ingezegend.
- In de jaren zestig nam de belangstelling voor de grot allengs af. Het Mariapark werd grotendeels opgeofferd aan de bouw van de nieuwe kerk. De grot kwam een beetje achteraf te liggen. Georganiseerde bedevaarten worden niet meer gehouden, wel komen er nog bezoekers op eigen gelegenheid naar de grot. Ook worden er nog boeketten en kaarsen geplaatst.
- Op zaterdag 8 mei 1999 werd het 70-jarig bestaan van de grot onder grote publieke belangstelling gevierd. Na de avondmis van 19.00 uur trokken pastoor Gielen en de circa 400 kerkgangers, in hoofdzaak parochianen, in processie met brandende kaarsen naar de grot, waar de menigte zich verzamelde. Het jongerenkoor en het kinderkoor zongen liederen. Er werden enige weesgegroeten gebeden, waarna de zegen gegeven werd. Om 20.30 was de plechtigheid voorbij.
Materiële cultuur - Votiefplaquettes: van de vele geëmailleerde platen met dankbetuigingen die in de loop der jaren in de grot zijn aangebracht, zijn er momenteel nog circa 35 overgebleven. Acht maal wordt expliciet bedankt voor genezing. Op één plaat wordt dank gebracht 'voor de bekering van mijn echtgenoot'. De platen zijn ongedateerd, op twee na, beide uit 1964.

Devotioneel drukwerk
- Boekje: 6e Lourdesziekendag 29 augustus 1965 Hoensbroek-Mariarade (Hoensbroek 1965; parochiearchief Mariarade).
- Ansichtkaarten: 1 kaart met een foto van het Mariabeeld in de grot. Het onderschrift luidt: 'O.L. Vrouw van de Lourdesgrot Hoensbroek der Paters Minderbroeders Conventueelen bij Staatsmijn "Emma"' (Hoensbroek, Foto Sohl, z.j., 14 x 9 cm); 2 kaart met een foto van de eerste mis bij de grot met op de voorgrond een auto. Opschrift aan de achterzijde: 'De eerste H. Mis aan de Lourdesgrot bij de Paters Minderbroeders-Conventueelen 18 mei 1930. Kloosterkolonie Hoensbroek bij Staatsmijn "Emma". In de auto bevindt zich een herstellende' (Den Haag: NV Handelsmij. MUVA, [ca. 1930] 14 x 9 cm).
- Affiches: 1 aankondiging Lourdesnoveen in september 1949 (27 x 17,5 cm); 2 aankondiging van een bede- en boetedag bij de grot op 14 mei 1950 met een foto van het genadebeeld (21,5 x 13 cm, 1950); 3 aankondiging Lourdesnoveen van 9 tot en met 17 juni 1953 met een foto van het genadebeeld (20 x 13,5 cm, 1953); 4 aankondiging van de Lourdesnoveen van 2 tot en met 11 februari 1954 (12,5 x 17 cm, 1954).
Bronnen en literatuur Archivalia: Mariarade, parochiearchief. Beek, archief provincialaat Minderbroeders Conventuelen: 'Liber chronicae rectoratus Mariarade'.
Literatuur: M. Luppes, Schets van de geschiedenis der Minderbroeders-Conventuelen in beide Nederlanden van 1220 tot 1953 (Hoensbroek: z.n., 1954); J.H. Salimans,Wandeling door Oud-Gebrook met een terugblik op Staatsmijn Emma (Zaltbommel: Europese Bibliotheek, 1980); Han Ruijters, Mijn-dorp Hoensbroek (Capelle aan den IJssel: eigen beheer, 1990); F. Cammaert, J. Stuurman & R. Braad, Mariarade vroeger, de geschiedenis van een spraakmakende Hoensbroekse buurt (Hoensbroek/ Heerlen: Stadsarchief, 1997); Antoine Jacobs, 'Atheïstische agitatie in Limburg: het optreden van vrijdenkersvereniging "De Dageraad"', in: De Maasgouw (1999).
Overige bronnen: Meertens Instituut BiN-dossier Mariarade-O.L. Vrouw; mondelinge informatie in 1999 van pastoor Th. Gielen.

  Mail voor aanvullingen en commentaar.
 
<<